In de Commissie Binnenlands Bestuur, Gelijke Kansen en Inburgering kreeg gisteren het Hannah Arendt Instituut, naast veel lof, het hard te verduren door Vlaams volksvertegenwoordigers Nadia Sminate (N-VA) en Sam Van Rooy (Vlaams Belang). Nog tijdens de voorstelling van de werking van het instituut werd er een persbericht uitgestuurd waarin Nadia Sminate (N-VA) het instituut omschreef als "een veredeld communicatiebureau van de links-liberale visie op stedelijkheid en burgerschap" en opriep om subsidies stop te zetten. Als rectoren van de vier bij het Hannah Arendt Instituut betrokken universiteiten (VUB, UAntwerpen, UGent & KU Leuven) betreuren wij deze tendentieuze omschrijving van het Hannah Arendt Instituut en vinden wij het van groot belang te verduidelijken waar het Instituut voor staat.

Academisch burgerschap

Wetenschap is er niet voor wetenschappers, maar voor de wereld. Daarom proberen universiteiten hun kennis en inzichten actief uit te dragen. Zo willen we met het Hannah Arendt Instituut professionals, beleidsmakers en burgers inspireren om aan de slag te gaan met wetenschappelijke inzichten rond diversiteit, stedelijkheid en burgerschap. Ook bij zulke thema's draagt een stevige wetenschappelijke basis bij aan een gedegen dialoog.

Wetenschap is er niet voor wetenschappers, maar voor de wereld.

Nieuwe wetenschappelijke inzichten kunnen een grote maatschappelijke meerwaarde bieden. In de gedrags- en maatschappijwetenschappen is de weg van wetenschap naar beleidsontwikkeling en de concrete praktijk vaak lastig en lang. Kennis in zulke disciplines blijft te vaak onderbenut, wellicht omdat de aanwending ervan al eens op ideologische muren, voorafnames of zelfs vooroordelen botst. We vinden het onze taak om die kennis onder de aandacht te brengen. Het Hannah Arendt Instituut heeft die ambitie om kennis buiten de universiteitsmuren te verspreiden, meer bepaald rond thema's als diversiteit, stedelijkheid en burgerschap. Omdat die kennis ertoe doet. Omdat ze belangrijk is.

Nood aan voortschrijdend inzicht

Net bij 'moeilijke' maatschappelijke thema's is er een grote nood aan voortschrijdend inzicht. In gesprekken over complexe thema's zoals migratie of vrije meningsuiting verhinderen desinformatie en ideologische vooringenomenheid al te vaak de mogelijkheid om tot een werkbare oplossing te komen. Gedegen empirische vaststellingen zijn in dat geval een goede basis en een mogelijkheid om elkaar te vinden. Ook het tegenovergestelde is waar. Een gebrek aan wetenschappelijke zorgvuldigheid en verdieping is een voedingsbodem voor toxische polarisatie. Hannah Arendt besteedde haar hele leven aan het 'proberen verstaan': verstaan wat niet begrijpelijk is, omdat we er 'met onze neus opzitten'. Ze vraagt ons te bedenken wat we 'aan het doen zijn'. Ze pleitte daarbij hartstochtelijk voor het 'denken voor zichzelf', soms tegen vrienden en vooroordelen in. Voortschrijdend wetenschappelijk inzicht en permanente dialoog helpen ons daarbij.

De maatschappelijke nood is er. De wetenschappelijke onderzoeksresultaten zijn er eveneens. Met het Hannah Arendt Instituut werken we aan de valorisatie daarvan: wetenschappelijke inzichten waardevol maken voor de samenleving. In het Hannah Arendt Instituut reiken we burgers kennis en onderzoeksresultaten aan via podcasts, video's en events. Met gerichte vormingen bereiken we professionals. Via rapporten en rondetafelgesprekken spreken we beleidsmakers aan, altijd met openheid voor dialoog en respectvol debat. Want vooral in handen van die groepen, wordt de kennis impactvol.

We reiken met het Instituut nadrukkelijk de hand aan het middenveld en aan burgers die 'in de praktijk staan' en een constructieve bijdrage willen leveren aan de samenlevingsopbouw. We kunnen leren uit hun bevindingen en zo inspelen op hun vragen naar verder onderzoek.

Het Hannah Arendt Instituut is een schakel tussen universiteit en samenleving. De medewerkers van het Instituut onderzoeken hoe je het sociaal weefsel kan versterken in de sportbeoefening. Ze onderzoeken hoe polarisatie, desinformatie en haatspraak ons referentie- en handelingskader beïnvloeden en adviseren lokalen besturen en andere overheidsdiensten om daar gepast op te reageren. Ze bundelen kennis over hoe steden en gemeenten omgaan met de complexe uitdagingen van vandaag en bouwen mee praktijkgemeenschappen uit om andere steden te inspireren en ze te laten leren van elkaar.

Buikgevoel of wetenschap

Doet de confrontatie met een nieuw inzicht soms pijn? Jazeker, en van mening veranderen is niet altijd makkelijk. Het schuurt en het trekt soms om jezelf een nieuw denkbeeld eigen te maken, het beleid te veranderen of een nieuwe methode uit te proberen. In tijden van snel toenemende polarisatie is het extra belangrijk om niet voort te gaan op 'buikgevoel', maar je in de mate van het mogelijke te baseren op vaststellingen uit kwaliteitsvol onderzoek. Universiteiten mogen niet achteroverleunen en moeten de desinformatie tegengaan en de samenleving voeden met de eveneens voortdurend evoluerende inzichten uit wetenschappelijk onderzoek.

Met een organisatie als het Hannah Arendt Instituut nemen we die verantwoordelijkheid op om onze kennis in de wereld te brengen, voor iedereen die ermee aan de slag wil. Die kennis is natuurlijk niet te nemen of te laten. Ze is basis voor dialoog, debat en praktijkvorming. Het Instituut is, als het ware, een academische vorm van burgerschap. We willen over ideologische grenzen heen kijken en samen met andere maatschappelijke actoren tot oplossingen komen. Daar heeft de wereld meer nood aan. Niet minder.

In de Commissie Binnenlands Bestuur, Gelijke Kansen en Inburgering kreeg gisteren het Hannah Arendt Instituut, naast veel lof, het hard te verduren door Vlaams volksvertegenwoordigers Nadia Sminate (N-VA) en Sam Van Rooy (Vlaams Belang). Nog tijdens de voorstelling van de werking van het instituut werd er een persbericht uitgestuurd waarin Nadia Sminate (N-VA) het instituut omschreef als "een veredeld communicatiebureau van de links-liberale visie op stedelijkheid en burgerschap" en opriep om subsidies stop te zetten. Als rectoren van de vier bij het Hannah Arendt Instituut betrokken universiteiten (VUB, UAntwerpen, UGent & KU Leuven) betreuren wij deze tendentieuze omschrijving van het Hannah Arendt Instituut en vinden wij het van groot belang te verduidelijken waar het Instituut voor staat. Wetenschap is er niet voor wetenschappers, maar voor de wereld. Daarom proberen universiteiten hun kennis en inzichten actief uit te dragen. Zo willen we met het Hannah Arendt Instituut professionals, beleidsmakers en burgers inspireren om aan de slag te gaan met wetenschappelijke inzichten rond diversiteit, stedelijkheid en burgerschap. Ook bij zulke thema's draagt een stevige wetenschappelijke basis bij aan een gedegen dialoog. Nieuwe wetenschappelijke inzichten kunnen een grote maatschappelijke meerwaarde bieden. In de gedrags- en maatschappijwetenschappen is de weg van wetenschap naar beleidsontwikkeling en de concrete praktijk vaak lastig en lang. Kennis in zulke disciplines blijft te vaak onderbenut, wellicht omdat de aanwending ervan al eens op ideologische muren, voorafnames of zelfs vooroordelen botst. We vinden het onze taak om die kennis onder de aandacht te brengen. Het Hannah Arendt Instituut heeft die ambitie om kennis buiten de universiteitsmuren te verspreiden, meer bepaald rond thema's als diversiteit, stedelijkheid en burgerschap. Omdat die kennis ertoe doet. Omdat ze belangrijk is.Net bij 'moeilijke' maatschappelijke thema's is er een grote nood aan voortschrijdend inzicht. In gesprekken over complexe thema's zoals migratie of vrije meningsuiting verhinderen desinformatie en ideologische vooringenomenheid al te vaak de mogelijkheid om tot een werkbare oplossing te komen. Gedegen empirische vaststellingen zijn in dat geval een goede basis en een mogelijkheid om elkaar te vinden. Ook het tegenovergestelde is waar. Een gebrek aan wetenschappelijke zorgvuldigheid en verdieping is een voedingsbodem voor toxische polarisatie. Hannah Arendt besteedde haar hele leven aan het 'proberen verstaan': verstaan wat niet begrijpelijk is, omdat we er 'met onze neus opzitten'. Ze vraagt ons te bedenken wat we 'aan het doen zijn'. Ze pleitte daarbij hartstochtelijk voor het 'denken voor zichzelf', soms tegen vrienden en vooroordelen in. Voortschrijdend wetenschappelijk inzicht en permanente dialoog helpen ons daarbij.De maatschappelijke nood is er. De wetenschappelijke onderzoeksresultaten zijn er eveneens. Met het Hannah Arendt Instituut werken we aan de valorisatie daarvan: wetenschappelijke inzichten waardevol maken voor de samenleving. In het Hannah Arendt Instituut reiken we burgers kennis en onderzoeksresultaten aan via podcasts, video's en events. Met gerichte vormingen bereiken we professionals. Via rapporten en rondetafelgesprekken spreken we beleidsmakers aan, altijd met openheid voor dialoog en respectvol debat. Want vooral in handen van die groepen, wordt de kennis impactvol. We reiken met het Instituut nadrukkelijk de hand aan het middenveld en aan burgers die 'in de praktijk staan' en een constructieve bijdrage willen leveren aan de samenlevingsopbouw. We kunnen leren uit hun bevindingen en zo inspelen op hun vragen naar verder onderzoek. Het Hannah Arendt Instituut is een schakel tussen universiteit en samenleving. De medewerkers van het Instituut onderzoeken hoe je het sociaal weefsel kan versterken in de sportbeoefening. Ze onderzoeken hoe polarisatie, desinformatie en haatspraak ons referentie- en handelingskader beïnvloeden en adviseren lokalen besturen en andere overheidsdiensten om daar gepast op te reageren. Ze bundelen kennis over hoe steden en gemeenten omgaan met de complexe uitdagingen van vandaag en bouwen mee praktijkgemeenschappen uit om andere steden te inspireren en ze te laten leren van elkaar.Doet de confrontatie met een nieuw inzicht soms pijn? Jazeker, en van mening veranderen is niet altijd makkelijk. Het schuurt en het trekt soms om jezelf een nieuw denkbeeld eigen te maken, het beleid te veranderen of een nieuwe methode uit te proberen. In tijden van snel toenemende polarisatie is het extra belangrijk om niet voort te gaan op 'buikgevoel', maar je in de mate van het mogelijke te baseren op vaststellingen uit kwaliteitsvol onderzoek. Universiteiten mogen niet achteroverleunen en moeten de desinformatie tegengaan en de samenleving voeden met de eveneens voortdurend evoluerende inzichten uit wetenschappelijk onderzoek. Met een organisatie als het Hannah Arendt Instituut nemen we die verantwoordelijkheid op om onze kennis in de wereld te brengen, voor iedereen die ermee aan de slag wil. Die kennis is natuurlijk niet te nemen of te laten. Ze is basis voor dialoog, debat en praktijkvorming. Het Instituut is, als het ware, een academische vorm van burgerschap. We willen over ideologische grenzen heen kijken en samen met andere maatschappelijke actoren tot oplossingen komen. Daar heeft de wereld meer nood aan. Niet minder.