De Spaanse socialisten PSOE vieren. De partij van premier Pedro Sánchez behaalde bij de vervroegde nationale verkiezingen net geen 29 procent van de stemmen en heeft bijna dubbel zoveel zetels als haar eerste achtervolger, de Partido Popular (PP).

Bij het bekendraken van de resultaten op zondagavond struikelden de Europese socialisten over elkaar om Sánchez te feliciteren. Jeremy Corbyn, Frans Timmermans en John Crombez: allen trokken ze zich op aan het puike resultaat van de geestverwanten in het Zuiden.

Dat is niet verwonderlijk. In West-Europese landen als Nederland, Frankrijk en ook België zitten de sociaaldemocraten in het slop. Sinds jaar en dag kijken ze met grote ogen naar Portugal, dat de gevolgen van crisisjaren vrij goed bestiert onder leiding van een linkse regering. Nu mogen ze die bewonderende blik lichtjes opschuiven naar het grotere en meer invloedrijke Spanje.

Maar in welke mate kan bijvoorbeeld SP.A zich optrekken aan de goede uitslag van de PSOE? Historicus en Spanjekenner Vincent Scheltiens (Universiteit Antwerpen) plaats alles eerst en vooral in de Spaanse context.

'Er zijn veel verschillen met de Vlaamse omstandigheden', zegt hij.

'In de aanloop naar de verkiezingen dreigde een rechtse "herovering" door een verbond van de PP, het centrumrechtse Ciudadanos en het extreemrechtse Vox, die in een onderling opbod verzeild waren geraakt. Dat heeft de opkomst doen stijgen. Velen brachten een "nuttige stem" uit tégen een rechtse overwinning.'

Leemte in het centrum

Daarnaast ziet Scheltiens de invloed van het Catalaanse vraagstuk. 'De drie rechtse partijen zijn echt doorgeslagen in het Spaans-nationalisme. Daardoor is een grote leemte ontstaan in het centrum. Mensen die rust en stabiliteit wensen, zijn daarom gevallen voor het gematigd profiel van Pedro Sánchez.'

Een derde element heeft te maken met de grootste uitdager ter linkerzijde: Unidas Podemos. 'Die partij heeft een interne leiderschapscrisis meegemaakt en werd geplaagd door een beschadigingsoperatie. Daardoor zijn vele mogelijke Podemos-kiezers overgestapt naar de PSOE.'

Bovendien genoot Sánchez duidelijk een premierbonus - een soort voordeel dat er voor SP.A niet snel lijkt aan te komen. 'Je mag ook niet onderschatten welke gevolgen de recente verhoging van het minimumloon, doorgevoerd onder leiding van Sánchez, heeft teweeggebracht', dixit Scheltiens.

Die typisch Spaanse context zorgt ervoor dat Europese socialisten zich maar moeilijk kunnen vastklampen aan de goede resultaten. 'Een aantal problemen in de Europese sociaaldemocratie zijn volgens mij overigens structureel. Er is een soort identiteitscrisis', zegt Scheltiens. 'De situatie kan trouwens snel omslaan. Wat als Sánchez geen werkbare steun vindt in het parlement en er niets van bakt?'

Coalitie met N-VA

Dat laatste is een grote uitdaging, omdat Sánchez vermoedelijk zal moeten hengelen naar de steun van de Catalaanse separatisten, die harde garanties zullen eisen voor hun regio.

En toch denkt Scheltiens dat John Crombez kan leren van Sánchez. 'Het succes van de PSOE leert dat een links sociaal profiel de achterban hoop en vertrouwen kan geven. Zeker wanneer er dreiging is van een gespierde rechterzijde.'

Dat uitte zich tijdens de overwinningsspeech van Sánchez. Het publiek scandeerde 'con Rivera no!', of 'niet met Rivera!', een verwijzing naar de leider van het rechtse Ciudadanos, Albert Rivera. Een coalitie tussen PSOE en Ciudadanos zou nochtans vlotjes aan een parlementaire meerderheid geraken.

De SP.A zou zich op dezelfde manier kunnen distantiëren van rechtse partijen hier, zoals de N-VA. Scheltiens, zelf Antwerpenaar, denkt dat de samenwerking tussen SP.A en N-VA in de Scheldestad niet voordelig is voor het imago van de partij. 'Het zou beter zijn dat Crombez vanaf het begin zegt dat hij graag met Groen een roodgroen verbond zou aangaan', zegt hij. 'En niet de "omwille van het minste kwaad" met N-VA in zee zou gaan.'