Tussen 11 mei en 24 mei 2020 vinden sociale verkiezingen plaats in 7.000 bedrijven. Ruim 1,8 miljoen werknemers mogen dan hun afgevaardigden kiezen voor de komende vier jaar. Het is een topmoment voor de democratie op de werkvloer. Zo'n 130.000 kandidaat-afgevaardigden nemen deel aan de verkiezingen en verdedigen zo de kleuren van hun vakbonden ACV, ABVV en ACLVB.

De kandidaten zullen op democratische manier verkozen worden door hun collega's. Die collega werknemers weten best waar de kandidaat voor staat en op welke manier hij of zij de werknemers verdedigt. Ze zien hun afgevaardigde dagelijks aan het werk en kunnen dus van dichtbij oordelen over diens inzet en resultaten. Het is geen ver van mijn bed show, het is dichtbij-democratie.

Engagement beschermen

De verkozenen zouden geen enkel nadeel mogen ondervinden van hun kandidatuur. Toch is dat in de praktijk vaak wél zo. Denk maar aan het verplaatsen naar een andere afdeling en het beknotten van promoties. Je moet sterk in je schoenen staan om je collega's te verdedigen, allemaal samen of individueel. Om het op te nemen tegen wanpraktijken van de directie of een managemer. En om zowel kritisch te zijn als oplossingen af te dwingen.

Syndicalisten verdienen betere bescherming.

Natuurlijk neemt niet iedereen je dat in dank af. Ik kan er van zelf meespreken. Op een dag belde de Flightcare-directie mij met de boodschap dat mijn badge was ingetrokken door luchthavenuitbater BAC. Ze gebruikte dat als aanleiding om mij op staande voet te ontslaan wegens 'overmacht'. Achteraf bleek dat de directie zelf aan BAC was gaan vragen om de badge te blokkeren. Ik was plotsklaps mijn job kwijt. En de collega's waren hun personeelsafgevaardigde definitief kwijt.

Wat volgde toont perfect aan waar vandaag het probleem zit in België. Tot twee maal toe verklaarde een rechter het ontslag ongegrond. Maar veel haalde dat niet uit. De rechter kon geen terugkeer afdwingen. De werkgever keerde nog netjes de 'beschermingsvergoeding' uit, waar minister van Werk, Nathalie Muylle, zo veel naar verwijst. Die vergoeding had duidelijk weinig indruk gemaakt. Ik bleef ontslagen. De syndicale bescherming op het werk kreeg zo een stevige klap. Iedereen had de boodschap begrepen: engagement werd bestraft.

Overbeschermd?

Natuurlijk is dit niet het enige geval van een onterecht ontslag. Recent nog werden meerdere personeelsafgevaardigden aan de deur gezet, onder meer bij de Finse liftenmultinational Kone, het ICT-bedrijf Econocom en de parfumgigant Firmenich. Elk jaar zijn er tientallen gevallen met eenzelfde antivakbondsgeurtje. Net daarom ben ik bij de PVDA mede-indiener van een wetsvoorstel dat de ontslagbescherming van syndicalisten verbetert.

Ook de timing, zo net voor de syndicale verkiezingen, is van belang. Vandaag kunnen werkgevers mondige syndicalisten zomaar ontslaan, zelfs als die geen enkele fout begingen. Vooral de periode op het einde van het mandaat, van nu tot half januari 2020, is gevaarlijk voor syndicalisten. De ontslagvergoeding, het enige obstakel om syndicalisten op straat te zetten, is in die periode op z'n laagst. De werkgevers noemen dit niet voor niets de 'soldenperiode'.

Het VBO reageerde eerder deze maand op het wetsvoorstel van de PVDA. Zoals te verwachten beweren ze dat syndicalisten al 'overbeschermd' zijn. De feiten geven hen ongelijk. Zolang onterecht ontslagen syndicalisten (afgevaardigden of kandidaten) niet gewoon kunnen terugkeren naar de werkvloer, is het evenwicht totaal zoek. Want niet iedereen is gelijk op de werkvloer, en wie opkomt voor zijn of haar collega's, ook de vele kandidaat-afgevaardigden, steekt natuurlijk de nek uit. De bestaande bescherming voor syndicalisten trekt dat een beetje recht, maar nog lang niet voldoende.

In het parlement treden nogal wat het VBO bij. Vooral donderblauwe liberalen, zoals Vincent Van Quickenborne, staan graag ook zelf in de krant met anti-syndicale standpunten. Recent nog met de zoveelste aanval op de premies van de honderdduizenden vakbondsleden in ons land. De pluche democratie die de democratie op de werkvloer bekritiseert. Nochtans zijn zijzelf pas echt overbeschermd. Ze genieten van parlementaire onschendbaarheid, hebben een waaier aan voorrechten en profiteren van riante uittredingsvergoedingen. We horen het VBO daarover niet klagen...

Gewoon zoals in Frankrijk

Terug naar de werkvloer. De wet die nu voorligt doet alle bestaande achterpoortjes dicht. Werkgevers die iemand willen ontslaan wegens 'overmacht' zullen dat binnen een duidelijke procedure moeten bewijzen. Geen trucjes meer.

Voor het belangrijkste element in de nieuwe wet hebben we ons laten inspireren door de bescherming die bijvoorbeeld in Frankrijk wél bestaat. Zo zal de arbeidsrechter, bij een onrecht ontslag, de hertewerkstelling van een personeelsafgevaardigde of kandidaat kunnen opleggen op straffe van een dwangsom. Zoiets zal wél indruk maken op directies. Gedaan dus met het wegkopen van syndicale stemmen op de werkvloer. Zo wordt iedereen weer een beetje meer gelijk op de werkvloer.

Tussen 11 mei en 24 mei 2020 vinden sociale verkiezingen plaats in 7.000 bedrijven. Ruim 1,8 miljoen werknemers mogen dan hun afgevaardigden kiezen voor de komende vier jaar. Het is een topmoment voor de democratie op de werkvloer. Zo'n 130.000 kandidaat-afgevaardigden nemen deel aan de verkiezingen en verdedigen zo de kleuren van hun vakbonden ACV, ABVV en ACLVB.De kandidaten zullen op democratische manier verkozen worden door hun collega's. Die collega werknemers weten best waar de kandidaat voor staat en op welke manier hij of zij de werknemers verdedigt. Ze zien hun afgevaardigde dagelijks aan het werk en kunnen dus van dichtbij oordelen over diens inzet en resultaten. Het is geen ver van mijn bed show, het is dichtbij-democratie.De verkozenen zouden geen enkel nadeel mogen ondervinden van hun kandidatuur. Toch is dat in de praktijk vaak wél zo. Denk maar aan het verplaatsen naar een andere afdeling en het beknotten van promoties. Je moet sterk in je schoenen staan om je collega's te verdedigen, allemaal samen of individueel. Om het op te nemen tegen wanpraktijken van de directie of een managemer. En om zowel kritisch te zijn als oplossingen af te dwingen.Natuurlijk neemt niet iedereen je dat in dank af. Ik kan er van zelf meespreken. Op een dag belde de Flightcare-directie mij met de boodschap dat mijn badge was ingetrokken door luchthavenuitbater BAC. Ze gebruikte dat als aanleiding om mij op staande voet te ontslaan wegens 'overmacht'. Achteraf bleek dat de directie zelf aan BAC was gaan vragen om de badge te blokkeren. Ik was plotsklaps mijn job kwijt. En de collega's waren hun personeelsafgevaardigde definitief kwijt.Wat volgde toont perfect aan waar vandaag het probleem zit in België. Tot twee maal toe verklaarde een rechter het ontslag ongegrond. Maar veel haalde dat niet uit. De rechter kon geen terugkeer afdwingen. De werkgever keerde nog netjes de 'beschermingsvergoeding' uit, waar minister van Werk, Nathalie Muylle, zo veel naar verwijst. Die vergoeding had duidelijk weinig indruk gemaakt. Ik bleef ontslagen. De syndicale bescherming op het werk kreeg zo een stevige klap. Iedereen had de boodschap begrepen: engagement werd bestraft.Natuurlijk is dit niet het enige geval van een onterecht ontslag. Recent nog werden meerdere personeelsafgevaardigden aan de deur gezet, onder meer bij de Finse liftenmultinational Kone, het ICT-bedrijf Econocom en de parfumgigant Firmenich. Elk jaar zijn er tientallen gevallen met eenzelfde antivakbondsgeurtje. Net daarom ben ik bij de PVDA mede-indiener van een wetsvoorstel dat de ontslagbescherming van syndicalisten verbetert.Ook de timing, zo net voor de syndicale verkiezingen, is van belang. Vandaag kunnen werkgevers mondige syndicalisten zomaar ontslaan, zelfs als die geen enkele fout begingen. Vooral de periode op het einde van het mandaat, van nu tot half januari 2020, is gevaarlijk voor syndicalisten. De ontslagvergoeding, het enige obstakel om syndicalisten op straat te zetten, is in die periode op z'n laagst. De werkgevers noemen dit niet voor niets de 'soldenperiode'.Het VBO reageerde eerder deze maand op het wetsvoorstel van de PVDA. Zoals te verwachten beweren ze dat syndicalisten al 'overbeschermd' zijn. De feiten geven hen ongelijk. Zolang onterecht ontslagen syndicalisten (afgevaardigden of kandidaten) niet gewoon kunnen terugkeren naar de werkvloer, is het evenwicht totaal zoek. Want niet iedereen is gelijk op de werkvloer, en wie opkomt voor zijn of haar collega's, ook de vele kandidaat-afgevaardigden, steekt natuurlijk de nek uit. De bestaande bescherming voor syndicalisten trekt dat een beetje recht, maar nog lang niet voldoende.In het parlement treden nogal wat het VBO bij. Vooral donderblauwe liberalen, zoals Vincent Van Quickenborne, staan graag ook zelf in de krant met anti-syndicale standpunten. Recent nog met de zoveelste aanval op de premies van de honderdduizenden vakbondsleden in ons land. De pluche democratie die de democratie op de werkvloer bekritiseert. Nochtans zijn zijzelf pas echt overbeschermd. Ze genieten van parlementaire onschendbaarheid, hebben een waaier aan voorrechten en profiteren van riante uittredingsvergoedingen. We horen het VBO daarover niet klagen...Terug naar de werkvloer. De wet die nu voorligt doet alle bestaande achterpoortjes dicht. Werkgevers die iemand willen ontslaan wegens 'overmacht' zullen dat binnen een duidelijke procedure moeten bewijzen. Geen trucjes meer.Voor het belangrijkste element in de nieuwe wet hebben we ons laten inspireren door de bescherming die bijvoorbeeld in Frankrijk wél bestaat. Zo zal de arbeidsrechter, bij een onrecht ontslag, de hertewerkstelling van een personeelsafgevaardigde of kandidaat kunnen opleggen op straffe van een dwangsom. Zoiets zal wél indruk maken op directies. Gedaan dus met het wegkopen van syndicale stemmen op de werkvloer. Zo wordt iedereen weer een beetje meer gelijk op de werkvloer.