U hebt zes jaar geleden een verbod ingesteld op religieuze tekens zoals een hoofddoek. Werkt dat?

Verdyck: We stellen vast dat er door het wegnemen van dat symbool opnieuw dialoog mogelijk is. Dus ja, dat werkt. We stellen ook vast dat dat geen effect heeft op de instroom van leerlingen in onze scholen.

Boeve: Ik geloof niet in een algemeen verbod. Onze scholen mogen zelf bepalen welk beleid ze voeren. Wij geven vooral het advies de regels duidelijk neer te schrijven in het reglement en ze consequent toe te passen.

Onderzoek toont wel aan dat de integratie van allochtone kinderen in ons onderwijs moeizaam loopt. Wat moet beter?

Verdyck: De verlaging van de leerplicht naar vijf jaar is een belangrijke stap (vanaf 2020, red). Dat mag van mij zelfs drie jaar zijn. Wie vroeg naar school gaat, bouwt een voorsprong op. Ik denk aan de taalverwerving, maar ook de verwerving van onze cultuur. Je moet ook weten wat dat betekent, naar school gaan. De kinderen, maar ook de ouders. Een ander pijnpunt is het gebrek aan diversiteit onder leerkrachten. In de lerarenopleiding zitten vooral 'witte middenklasse-jongeren' die nauwelijks in aanraking komen met diversiteit. Als zij voor een klas in Brussel komen te staan, zorgt dat vaak voor een cultuurshock. Wij hebben meer kleur nodig vooraan in de klas.

Boeve: We hebben volgens mij nood aan een tweede democratisering van het onderwijs, gericht op die doelgroep. De eerste heeft ervoor gezorgd dat kinderen van arbeiders en boeren, zoals ikzelf, naar school konden. De samenleving wou daarin mee, weliswaar na uitgebreid debat. Economische motieven speelden ook een rol. De arbeidsmarkt wou meer geschoolde mensen. Vandaag zijn er ook economische motieven, maar ik weet niet of de samenleving dit even sterk ondersteunt als toen. Willen wij nieuwkomers wel alle kansen geven? Willen wij hen volwaardig opnemen in onze samenleving? (even stil) Ik denk dat dat het debat moet zijn.

De onderhandelingen voor een nieuw Vlaams regeerakkoord zijn volop bezig. Als daar één iets moet instaan, wat zou dat dan zijn?

Boeve(resoluut): De grootste bedreiging voor de kwaliteit van het onderwijs is het tekort aan leerkrachten. We spreken over duizenden vacatures de komende jaren. Dat moet aangepakt worden.

Verdyck: Deze keer zijn we het grondig eens. Als we nu niets doen, dan moeten we al die andere debatten niet meer voeren. Geen leerkrachten, geen kwaliteit. De dalende instroom, gekoppeld aan de stijgende uitstroom, is écht een grote dreiging.

Boeve: Wij pleiten voor de invoering van een masteropleiding basisonderwijs en voor de inzet van onderwijsassistenten om leerkrachten bij te staan op de klasvloer. Dat kunnen bijvoorbeeld mensen met een pedagogisch diploma zijn.

Verdyck: Ik kijk ook naar de zij-instromers. We moeten meer mensen van andere sectoren aantrekken. Laat hen hun anciënniteit meenemen. Dat zou een overstap aantrekkelijker maken.

Minister van Onderwijs Theo Francken (N-VA), wie vindt dat goed klinken?

Boeve: Gelukkig moeten wij dat niet beslissen. Dat is een zorg voor de politiek. (knipoogt) Kijk: wij hebben in het verleden met ministers van liberale, socialistische en christendemocratische signatuur gewerkt. Dat is gelukt. Dat moet ook lukken met een minister van N-VA-signatuur. Als die minister werkelijk ambitieus en excellent onderwijs wil voor elke leerling, dan zal hij in mij een partner vinden.

Verdyck: Wie ook minister wordt, ik hoop vooral dat die het gesprek wil aangaan. Met de huidige minister Hilde Crevits (CD&V) hebben we altijd open en constructief kunnen samenwerken, ook al waren we het niet altijd eens met de beleidskeuzes.

(Paul Cobbaert / De Zondag)