'We gaan ons geen vierde keer aan dezelfde steen stoten.' Het was een zelfzekere Els Ampe (Open VLD) die halfweg juni de rode lijn probeerde te trekken in de Brusselse regeringsvorming. De Brusselse Ampe, die kort voordien gesuggereerd had om het Brusselse leiderschap van oudgediende Guy Vanhengel over te nemen, bleef mordicus vasthouden aan wat het partijbureau had beslist.

'Het partijbureau heeft heel duidelijk aangegeven dat we MR erbij willen. Bovendien hebben we al drie regeringen op rij de fout gemaakt om niet met de volledige liberale familie te besturen', dixit Ampe.

Maar de vierde stoot is er dus. Door enerzijds het verlies van CD&V en anderzijds de onwrikbare houding van de progressieve partijen, zit Open VLD haast als een vreemde eend in de bijt in een coalitie met Groen-Ecolo, SP.A-PS en Défi.

De gefaalde demarche van Gwendolyn Rutten is relevant in een systeem waarin regeringsonderhandelingen meer dan ooit aan elkaar zijn gekoppeld.

Sinds het ontstaan van het Brusselse Hoofdstedelijke Regering in 1989 is dat een onuitgegeven regeringsploeg, aangezien de christendemocraten steevast van de partij waren.

Niet dat Open VLD-voorzitter Gwendolyn Rutten het niet heeft geprobeerd. Dinsdag beoefende ze zelfs een korte tijd de politiek van de lege stoel. Zo moest ze aan de wereld (maar vooral aan de MR) tonen dat het haar menens was. De MR, die zich nu een weg lijkt te banen richting de Waalse regering, moest en zou een plaatsje krijgen in de Brusselse ploeg.

Quod non. De andere partijen bleven logischerwijs onwrikbaar. Stiekem hoopten zij dat Brusselse onderhandelaars Sven Gatz en Guy Vanhengel uiteindelijk wel eieren voor hun geld zouden kiezen. Van Vanhengel is bijvoorbeeld geweten dat hij zich niet bepaald onwennig voelt in progressieve constellaties. Zo ging hij in 2018 nog in kartel met de PS in Evere. Nachtelijke onderhandelingen baarden een regeerakkoord in de vroege uurtjes van 17 juli.

De zet van Rutten in 2014, toen ze last minute in de Vlaamse regering werd gehesen door de koppeling met de federale formatie, kan ze anno 2019 dus niet herhalen.

Wat met de federale regering?

In Franstalig België komt de felste reactie - weinig verrassend - van de MR. Brussels boegbeeld Françoise Schepmans verwijst openlijk naar de nog lopende formaties. 'De onderhandelingen gaan door, maar de omstandigheden en de manier waarop zullen veel ruwer worden dan normaal, want de houding van PS en Ecolo hebben ons diep gechoqueerd.'

In Vlaanderen klinkt er dan weer hoongelach bij de N-VA. Die partij, goed voor drie zitjes in het Brussels Parlement, werd op voorhand uitgesloten door de Franstalige partijen. 'Ik vind het vreemd dat de liberalen oh zo graag in die heel erg linkse Brusselse regering willen', schrijft Theo Francken op Twitter. 'Altijd en kost wat kost mee willen besturen is niet altijd de beste houding. Oppositie kan eervolle keuze zijn.'

Binnen Open VLD blijven de rangen (voorlopig) gesloten. Grote kanonnen willen liever niet reageren en verwijzen naar de voorzitter voor commentaar. Els Ampe wacht op haar beurt op de concrete teksten.

Hoe dan ook is de gefaalde demarche van Rutten relevant in een systeem waarin regeringsonderhandelingen meer dan ooit aan elkaar zijn gekoppeld.

Wat de specifieke gevolgen zullen zijn, is evenwel niet duidelijk. Sommige waarnemers (vooral ter rechterzijde) zien er de voorbode in van een federale paarsgroene coalitie van SP.A-PS, Groen-Ecolo en Open VLD-MR, eventueel aangevuld met Défi. De Vlaamse liberalen schuwen de samenwerking links-progressieve partijen niet, én sloten eerder al een regering met minderheid aan Vlaamse kant niet uit, zo luidt de redenering.

Anderen zien dan weer een hobbeliger parcours opdoemen, nu MR is gebotst op een taaie tandem PS-Ecolo. Tegelijkertijd denken sommige Vlaamse liberalen dat een gelijkaardige coalitie op federaal niveau wel eens zou kunnen uitdraaien op een kamikazemissie.

Langs beide kanten van de taalgrens zal er in ieder geval heel wat massagewerk nodig zijn om de Brusselse episode te verwerken.