Elke tijd kent zo zijn eigen diskwalificerende termen en in de huidige tijd is dat "populisme". Maar is het wel zo erg, dat populisme? Wie daar iets langer over nadenkt kan daar vraagtekens bij plaatsen. Gelukkig gebeurt dat steeds meer de laatste tijd.

Juliaan van den Acker houdt in zijn boek Het landverraad van de EU (2016) terecht een pleidooi voor een open debat en verstaat daaronder een debat waarin we ons laten leiden door de rede. Hij geeft ook aan wat een dergelijk debat frustreert en wijst dan op het volgende voorbeeld:

Een concreet voorbeeld van gebrek aan openheid is de ander verwijten populistisch te zijn. Dit is geen geldig tegenargument. Het is beter eerst te definiëren wat met populisme wordt bedoeld en daarna met feiten aan te tonen waarom een "populaire" opvatting onjuist zou kunnen zijn. Doe je dat niet, dan zeg je in feite dat niemand van het gewone volk recht van spreken heeft. Hoogmoed ten top (p. 21).

Laten we dat eens proberen, dat definiëren van populisme.

De Oxford Advanced Learner's Dictionary geeft de volgende omschrijving: "?a type of politics that claims to represent the opinions and wishes of ordinary people". De Oxford Advanced Learner's Dictionary blijft nog een beetje op de vlakte. Men stelt alleen dat populisme beweert ("claims") de meningen van het gewone volk te vertegenwoordigen. Maar men lijkt te suggereren dat het hierbij om een valse claim gaat. De populistische politicus misleidt dus het volk.

Cambridge Dictionary omschrijft "populisme" als: "political ideas and activities that are intended to get the support of ordinary people by giving them what they want".Het publiek krijgt wat het wil van de populistische politicus die daarmee de verdenking op zich laadt dat hij een opportunist is die zonder eigen overtuigingen maar voorlegt wat het publiek wil horen.

Met populisme is niets mis.

En hier volgt Collins English Dictionary waarmee het alleen maar erger wordt voor het populisme immers het is "a political strategy based on a calculated appeal to the interests or prejudices of ordinary people". De populist hanteert een bewuste "strategie". Hij is "berekenend" ("calculated"). En hij vertegenwoordigt niet alleen de belangen ("interests") van het gewone volk, maar maakt ook gebruik van hun vooroordelen ("prejudices"). De populist is hier een soort democratisch roofdier.

Maar zie dan Marrian-Webster en het begint er beter uit te zien voor de populist. Een "populist" is "a member of a political party claiming to represent the common people". Marrian-Webster verduidelijkt het met: "a believer in the rights, wisdom, or virtues of the common people".

Hey, zo gek is dat nog niet, populisme. Valt namelijk niet op goede gronden te verdedigen dat gewone mensen sommige dingen veel scherper zien dan de "professionals"? Waarom daar alleen maar neerbuigend over doen?

Met de definitie van Lexico gaat de zon pas echt schijnen voor het populisme. Als "populist" wordt opgevoerd: "A person, especially a politician, who strives to appeal to ordinary people who feel that their concerns are disregarded by established elite groups".

Dit is goed nieuws voor de populist, want stapels politicologische literatuur bewijzen dat "elite groepen" ("established elite groups") de neiging hebben de belangen van het volk te miskennen hoewel ze beweren dat volk te vertegenwoordigen. Je moet wel heel naief zijn om te denken dat de belangen van de politieke elite en het gewone volk 1 op 1 samenvallen. Dus logisch, en heel goed, dat er soms politici naar voren komen die de democratische missie, het vertegenwoordigen van het volk, weer serieus nemen. De populist is in die zin de ware democraat.

Ik voorspel dat over een paar jaar die negatieve definities van populisme helemaal verdwenen zullen zijn. Je ziet nu al de omslag in de wetenschappelijke literatuur. National Populism: The Revolt Against Liberal Democracy (2018) van Roger Eatwell and Matthew Goodwin geeft al een opvallend positieve benadering van het populisme. Dat geldt in nog sterkere mate voor Populism: A Beginner's Guide (2019) van Simon Tormey. De dagen van de populisme-bashers zijn geteld.

Paul Cliteur maakt deel uit van de Eerste Kamerfractie voor Forum voor Democratie en hij is hoogleraar recht aan de universiteit van Leiden. Hij schreef onder andere Theoterrorism versus Freedom of Speech (2018).