De beperkende corona-maatregelen van de voorbije weken gingen voorbij aan de realiteit van jonge mensen in kwetsbare situaties. Op die manier raken kinderen die het voor de uitbraak van covid-9 al moeilijk hadden, alleen maar verder achterop ten opzichte van kansrijke leeftijdsgenoten. Dat moet blijken uit een grootschalig onderzoek van Uit De Marge, het steunpunt voor jeugdwelzijnswerk, in 35 steden en gemeenten in heel Vlaanderen.

In de Nationale Veiligheidsraad ontbreekt expertise over de noden van jonge mensen die opgroeien in kwetsbare gezinnen. 'Het is hoog tijd dat er wat dat betreft een inhaalbeweging komt', zegt Ikrame Kastit, coördinator van Uit De Marge.

De organisatie verwacht structurele maatregelen op meerdere vlakken om de problematiek het hoofd te bieden.

Uit De Marge bevroeg via jeugdwerkers bijna tweeduizend kinderen tussen 6 en 18 jaar en zo'n zeshonderd jongeren tussen 18 en 30 jaar. De organisatie noemt de resultaten onrustwekkend. Eenentachtig procent van de respondenten geeft aan dat preteaching een probleem is, bijna 66 pct beschikt thuis niet over een laptop of een computer, 76 pct zegt thuis te weinig ruimte te hebben en 61 pct heeft niemand in de buurt die kan helpen met schoolwerk.

Zelfs wie een gratis laptop of internet ter beschikking kreeg, blijkt daar vaak nog mee te worstelen. 'De hotspots werken niet of de ouders beschikken niet over de vaardigheden en middelen om de nodige programma's op de computer te installeren. We zien zelfs de knappe koppen afhaken omdat het simpelweg onmogelijk is om voor school te werken', aldus Kastit.

Het onderzoek legt ook de gespannen relatie met de politie bloot. Dertig procent van de bevraagden voelt zich geviseerd en 60 pct van de jongeren is bang om een boete te krijgen. 'Onlangs kreeg één van onze jongeren een boete van 250 euro omdat hij op een bankje zat. Dat voelt voor hen onrechtvaardig aan en maakt de frustratie alleen maar groter', luidt het.

Financiën

De al penibele financiële situatie van veel gezinnen is er de voorbije weken niet op vooruit gegaan, door de technische werkloosheid of het afspringen van tijdelijke contracten.

Zowat 45 procent van de Belgische jongeren heeft financiële problemen door de coronacrisis. Bij 13 procent zijn dat zelfs zware financiële problemen, zo blijkt uit onderzoek van bankenfederatie Febelfin bij een duizendtal jongeren tussen 16 en 30 jaar.

Febelfin merkt hiervoor verschillende redenen, afhankelijk van de leeftijd van de respondenten. Zo ziet bijvoorbeeld 41 procent zijn of haar studentenjob geannuleerd, is 6 procent tijdelijk werkloos, krijgt 16 procent (ongeveer 50 euro) minder zakgeld van de ouders en moet 12 procent zijn of haar ouders zelfs financieel ondersteunen. 'Dit toont aan dat de coronacrisis zowel rechtstreeks als onrechtstreeks een impact heeft op de financiën van jongeren', aldus Febelfin.

Van de bevraagde jongeren denkt 35 procent dat de coronacrisis financiële gevolgen heeft voor zijn of haar ouders. Dat heeft volgens Febelfin impact op de mate waarin ouders hun kinderen financieel kunnen ondersteunen. 'Zowat 22 procent geeft aan dat zijn of haar ouders de middelen daartoe niet hebben. Dit percentage stijgt met de leeftijd en dus de mate waarin de jongeren op eigen benen staan. Bij jongeren tussen 26 en 30 jaar heeft maar liefst 34 procent van de ouders de middelen niet om financieel bij te springen.'

De financiële problemen die sommige jongeren momenteel hebben, vertalen zich volgens Febelfin ook in hun spaargedrag. Bijna de helft (48 procent) vindt van zichzelf dat hij of zij onvoldoende kan sparen. Zowat 15 procent kan helemaal niets opzijzetten; 5 procent daarvan moet zijn of haar spaargeld zelfs gebruiken om de eindjes aan elkaar te kunnen knopen.

'Dit zorgt er ook voor dat heel wat jongeren piekeren over hun financiële situatie', klinkt het. Algemeen doet 39 procent van alle jongeren dat wel eens, maar bij wie de impact van de coronacrisis voelt, stijgt dat percentage naar 56 procent.

De beperkende corona-maatregelen van de voorbije weken gingen voorbij aan de realiteit van jonge mensen in kwetsbare situaties. Op die manier raken kinderen die het voor de uitbraak van covid-9 al moeilijk hadden, alleen maar verder achterop ten opzichte van kansrijke leeftijdsgenoten. Dat moet blijken uit een grootschalig onderzoek van Uit De Marge, het steunpunt voor jeugdwelzijnswerk, in 35 steden en gemeenten in heel Vlaanderen.In de Nationale Veiligheidsraad ontbreekt expertise over de noden van jonge mensen die opgroeien in kwetsbare gezinnen. 'Het is hoog tijd dat er wat dat betreft een inhaalbeweging komt', zegt Ikrame Kastit, coördinator van Uit De Marge.De organisatie verwacht structurele maatregelen op meerdere vlakken om de problematiek het hoofd te bieden.Uit De Marge bevroeg via jeugdwerkers bijna tweeduizend kinderen tussen 6 en 18 jaar en zo'n zeshonderd jongeren tussen 18 en 30 jaar. De organisatie noemt de resultaten onrustwekkend. Eenentachtig procent van de respondenten geeft aan dat preteaching een probleem is, bijna 66 pct beschikt thuis niet over een laptop of een computer, 76 pct zegt thuis te weinig ruimte te hebben en 61 pct heeft niemand in de buurt die kan helpen met schoolwerk. Zelfs wie een gratis laptop of internet ter beschikking kreeg, blijkt daar vaak nog mee te worstelen. 'De hotspots werken niet of de ouders beschikken niet over de vaardigheden en middelen om de nodige programma's op de computer te installeren. We zien zelfs de knappe koppen afhaken omdat het simpelweg onmogelijk is om voor school te werken', aldus Kastit.Het onderzoek legt ook de gespannen relatie met de politie bloot. Dertig procent van de bevraagden voelt zich geviseerd en 60 pct van de jongeren is bang om een boete te krijgen. 'Onlangs kreeg één van onze jongeren een boete van 250 euro omdat hij op een bankje zat. Dat voelt voor hen onrechtvaardig aan en maakt de frustratie alleen maar groter', luidt het. De al penibele financiële situatie van veel gezinnen is er de voorbije weken niet op vooruit gegaan, door de technische werkloosheid of het afspringen van tijdelijke contracten. Zowat 45 procent van de Belgische jongeren heeft financiële problemen door de coronacrisis. Bij 13 procent zijn dat zelfs zware financiële problemen, zo blijkt uit onderzoek van bankenfederatie Febelfin bij een duizendtal jongeren tussen 16 en 30 jaar.Febelfin merkt hiervoor verschillende redenen, afhankelijk van de leeftijd van de respondenten. Zo ziet bijvoorbeeld 41 procent zijn of haar studentenjob geannuleerd, is 6 procent tijdelijk werkloos, krijgt 16 procent (ongeveer 50 euro) minder zakgeld van de ouders en moet 12 procent zijn of haar ouders zelfs financieel ondersteunen. 'Dit toont aan dat de coronacrisis zowel rechtstreeks als onrechtstreeks een impact heeft op de financiën van jongeren', aldus Febelfin. Van de bevraagde jongeren denkt 35 procent dat de coronacrisis financiële gevolgen heeft voor zijn of haar ouders. Dat heeft volgens Febelfin impact op de mate waarin ouders hun kinderen financieel kunnen ondersteunen. 'Zowat 22 procent geeft aan dat zijn of haar ouders de middelen daartoe niet hebben. Dit percentage stijgt met de leeftijd en dus de mate waarin de jongeren op eigen benen staan. Bij jongeren tussen 26 en 30 jaar heeft maar liefst 34 procent van de ouders de middelen niet om financieel bij te springen.' De financiële problemen die sommige jongeren momenteel hebben, vertalen zich volgens Febelfin ook in hun spaargedrag. Bijna de helft (48 procent) vindt van zichzelf dat hij of zij onvoldoende kan sparen. Zowat 15 procent kan helemaal niets opzijzetten; 5 procent daarvan moet zijn of haar spaargeld zelfs gebruiken om de eindjes aan elkaar te kunnen knopen. 'Dit zorgt er ook voor dat heel wat jongeren piekeren over hun financiële situatie', klinkt het. Algemeen doet 39 procent van alle jongeren dat wel eens, maar bij wie de impact van de coronacrisis voelt, stijgt dat percentage naar 56 procent.