1. Studie

'In 2019 lagen de overheidsuitgaven in België 4,5 procentpunt bbp hoger dan het gemiddelde van de belangrijkste buurlanden.'
...

De meest interessante publicatie van de afgelopen week is gratis te lezen op de site van de Nationale Bank. We weten dat de Belgische overheid tot de Europese top drie behoort als het aankomt op het uitgeven van geld. Alleen Frankrijk en Finland spenderen nog meer centen. De Belgische overheidsuitgaven bedragen 52 procent van het bbp (bruto binnenlands product, de waarde van alles wat we aan goederen en diensten produceren, nvdr), terwijl het gemiddelde in het eurogebied 47 procent is. Waar geeft onze overheid zoveel geld aan uit?De Nationale Bank onderzocht het en leverde een 25 bladzijden tellende studie af met als titel: Welke overheidsuitgaven in België zijn hoog? Een vergelijking met de buurlanden. De studie is in het Engels geschreven, maar bevat een Nederlandstalige samenvatting van zeven bladzijden. We kunnen het niet hard genoeg aanbevelen: de studie is essentieel voor iedereen die mee wil praten over de toestand en toekomst van ons land.België geeft bijna 5 procentpunt meer uit dan zijn buurlanden. Die kloof is sinds het begin van de eeuw alleen maar toegenomen: in 2001 was het verschil met onze buurlanden nog 'maar' 2 procent. We spreken dus van meer dan een verdubbeling in twee decennia. Waar geeft België zoveel meer geld aan uit in vergelijking met zijn buurlanden? Drie categorieën vallen op: we geven meer overheidsgeld uit aan algemeen bestuur, aan economische zaken en aan onderwijs. We bekijken ze één voor één.Onze overheden, kabinetten en parlementen zijn duurder dan die van onze buurlanden. We geven elk jaar 1,8 procentpunt van het bbp, dat is pakweg 8 miljard, meer uit aan algemeen bestuur. 'We besteden meer geld aan de wetgevende en uitvoerende organen die de algemene werking van de staat, de overheidsdiensten van buitenlandse zaken, binnenlandse zaken en financiën, alsook de werking van de parlementen en ministeriële kabinetten omvatten', leest u in de studie.We geven ook meer overheidsgeld uit aan loonsubsidies voor ondernemingen, zoals vrijstellingen van bedrijfsvoorheffing en het systeem van dienstencheques. Ook de uitgaven voor openbaar vervoer (De Lijn, MIVB, TEC en de subsidies aan de NMBS) blijken relatief hoger dan in onze buurlanden. Aan al deze zaken samen geven we 2,3 procentpunt van het bbp meer uit. Dat is elk jaar pakweg 10 miljard euro.En dan blijken we ook nog meer geld uit te geven aan onderwijs, zo'n 1,3 procentpunt van het bbp of bijna 6 miljard euro per jaar. Opnieuw zijn het hier de lonen die het grootste deel van de extra uitgaven verklaren.Het valt op: in de drie categorieën waar België duidelijk meer belastinggeld aan uitgeeft dan onze buurlanden, spelen de lonen een cruciale rol. 'Vooral de loonsubsidies zijn hoog in België. Ze kenden de voorbije 20 jaar een sterke groei en werden vaak ingevoerd ter compensatie van de hoge loonkost en de hoge heffingsdruk op arbeid in het bijzonder. (...) In het geval van loonsubsidies strekt het tot aanbeveling om de hoge en complexe belasting op arbeid te hervormen, eerder dan deze via subsidies te corrigeren', staat te lezen in de studie van de Nationale Bank.De loonkosten liggen bij ons dan ook erg hoog, vooral omdat de belastingen op arbeid zo hoog liggen. En die liggen zo hoog omdat onze overheid zoveel geld uitgeeft. Om die hoge loonkosten toch wat te temperen, vonden we subsidies en kortingen op de lonen en sociale bijdragen uit. Waardoor de overheid minder inkomsten ontvangt. U merkt in wat voor een merkwaardige carrousel we zo zijn verzeild geraakt.Zoals de studie van de Nationale bank schrijft: het zou inderdaad veel beter zijn om de loonlasten en vooral de belastingen op arbeid algemeen en grondig aan te pakken, in plaats van hier een subsidie en een korting en daar een ontsnappingsroute voor de sociale zekerheidsbijdragen te creëren. En het zou daarbij ook helpen als de overheid minder geld zou uitgeven, en dus minder belastingen zou nodig hebben. Onze overheid moet zijn uitgavenbeleid meer laten sporen met dat van onze buurlanden, die toch ook geen armoezaaiers zijn, maar landen met een flinke levensstandaard en welvaart. Op sommige vlakken zelfs beter dan de onze. Lees verder onder de fotoDe federale regering geeft het Waals Gewest een lening van 1,2 miljard om de schade na de watersnood van juli te herstellen. De lening is bedoeld voor grote infrastructuurwerken zoals het heropbouwen van bruggen en scholen en moet worden terugbetaald tussen 2025 en 2035. Die lening is om meerdere redenen opmerkelijk.Staatssecretaris voor Relance Thomas Dermine (PS) pleitte twee weken geleden voor een solidariteitsfonds van 1,2 miljard om de overstromingsschade aan cruciale infrastructuur te herstellen. De helft daarvan wou hij laten betalen door de federale overheid, zoals we vorig week schreven in de Kroniek. Maar dat gaat niet, aangezien het Rampenfonds sinds 2014, sinds de zesde staatshervorming, tot de bevoegdheden van de gewesten behoort. De bijzondere financieringswet die toen werd afgesproken, laat niet toe om af te wijken van dat financieringsmechanisme. Kortom: de federale regering kon de gevraagde 600 miljoen niet bijdragen, omdat de gewesten zelf verantwoordelijk zijn.Nu wordt er dus op een handige manier een mouw gepast aan de financieringswet: de federale regering geeft geen geld, maar leent het uit. Daar hoort een kanttekening bij. Zo gaat het niet meer om 600 miljoen euro van de federale regering, zoals Dermine had gevraagd, maar om het dubbele, 1,2 miljard. Waarom dat bedrag is verdubbeld, is onduidelijk. Tenzij de federale regering de PS wil laten zeggen dat ze zelfs méér geld kregen dan gevraagd.Daarnaast gaat het om een lening: Wallonië, dat elke dag meer in het financieel moeras verzinkt, leent geld van de Belgische federale overheid, dat er financieel ook allesbehalve goed voorstaat. Dat leidt tot de volgende overpeinzing: als de Waalse regering de voorbij decennia zijn begrotingen een beetje op orde en de schuld wat onder controle had gehouden, dan had het zelf op de financiële markten tegen een tarief zoals dat van België kunnen gaan lenen. Bovendien moet Wallonië de lening pas vanaf 2025 en gespreid over tien jaar terugbetalen. En dat, volgens de verklaringen van premier Alexander De Croo (Open VLD) en Waals minister-president Elio Di Rupo (PS), zonder extra rente. Dat is bijzonder genereus, zeker voor een arme geldverstrekker zoals de federale overheid. 'Let op, geld lenen kost ook geld', werd ons jarenlang voorgehouden. Die slogan is correct, maar wordt nu door de federale en de Waalse regering met de voeten getreden.De Vlaamse begroting is een bedroevend werkstuk, zoals deze week werd geanalyseerd in Knack. De Vlaamse regering doet in haar begroting het tegenovergestelde van wat de experten aanraden. Zo halveert ze de jaarlijkse verhoging van het basisbedrag van het Groeipakket (in de volksmond nog steeds kinderbijslag genoemd), wat voor een gezin in armoede een belangrijk verschil maakt. De factuur van de besparing op de kinderbijslag loopt voor een gezin met drie kinderen tegen 2022 op tot 189 euro. 'Dat scheelt twee paar kinderschoenen of een pak schoolboeken', berekende expert sociaal beleid Wim Van Lancker (KULeuven). En dat voor een regering die in het regeerakkoord schreef dat de kinderbijslag 'een belangrijk instrument is in de strijd tegen kinderarmoede'. Deze beslissing gaat dus niet alleen in tegen de voorstellen van de experten, maar ook tegen het regeerakkoord van de regering-Jambon.De jobbonus is nog zo'n verhaal. Experten becijferden al herhaaldelijk dat de jobbonus niet doet wat hij moet doen, namelijk meer mensen aan het werk helpen. Die middelen zouden dus beter voor andere initiatieven worden aangewend, die er wel voor kunnen zorgen dat meer mensen aan de slag gaan. Meer geld uittrekken voor opleidingen of kinderopvang, bijvoorbeeld. En wat doet de regering-Jambon? Ze behoudt de jobbonus voor startende ondernemers. Dat is geen efficiënt gebruik van het Vlaams belastinggeld.Nog verbazingwekkender is wat de regering-Jambon níét doet. Ze doet niets aan de overgesubsidieerde dienstencheques en aan de talrijke subsidies en overbodige uitgaven allerhande. Maar eerst nog een belangrijke opmerking van Koen Algoed, secretaris-generaal van het Departement Financiën en Begroting van de Vlaamse overheid.Algoed maakt op LinkedIn brandhout van de jobbonus: 'Het spreekt voor zich dat de invoering van een jobbonus weggegooid geld is in termen van arbeidsmarktprikkels.' Nog belangrijker is het volgende: de Vlaamse begroting 2022 vertoont een tekort van 1,6 miljard euro. De regering-Jambon wil dat terugdringen tot 900 miljoen euro in 2024. Maar, schrijft Algoed, 'het tekortcijfer houdt geen rekening met de 760 miljoen euro uitgaven in 2022 voor het Vlaams herstelplan die niet door het Europese herstelplan Recovery and Resilience Facility (RRF) worden gefinancierd, noch met de kapitaaluitgaven'. Deze opmerking is zeer belangrijk, want 'de Vlaamse schuld stijgt dus veel sneller dan de tekortcijfers doen vermoeden. The ballooning of our debt should worry', aldus Algoed die zijn bijdrage in het Engels schreef. Het opzwellen van de Vlaams schuld moet ons zorgen baren. En de regering-Jambon is daar mede verantwoordelijk voor. We hadden het net over de talrijke subsidies en overbodige uitgaven die in de Vlaamse begroting niet worden aangepakt. Enkele dagen na de bekendmaking van het begrotingsontwerp blijkt uit een doorlichting van Vlaams minister van Financiën en Begroting Matthias Diependaele (N-VA) dat er 'honderden overbodige uitgaven' zijn. Het gaat over 'honderden subsidies en steunmaatregelen die naar bedrijven, gezinnen en het middenveld vloeien', aldus zakenkrant De Tijd.Er werden 26 miljard van de 50 miljard euro uitgaven doorgelicht. Dat is zowat de helft. Bij heel wat uitgaven worden vraagtekens geplaatst: het nut ervan is twijfelachtig of de taak wordt beterT overgelaten aan de privésector of aan de lokale besturen. Sommige uitgaven leiden zelfs tot administratieve overlast en ongewenste neveneffecten, zoals de dienstencheques.De 'honderden overbodige uitgaven' zijn opgelijst. Nu moeten we ze afschaffen of aanpassen zodat ze niet langer overbodig zijn. Ook dat heeft de regering-Jambon bij de opstelling van haar begroting de voorbije weken níét gedaan.