Koninklijke Bibliotheek: ongemotiveerde topbenoeming vernietigd

© Getty
Jan Lippens
Jan Lippens Freelancejournalist

De Raad van State heeft de benoeming van de nieuwe conservator bij de Koninklijke Bibliotheek van België (KBR) vernietigd. Rond die benoeming van Jan Pauwels, jarenlang kabinetsmedewerker van CD&V-ministers, was een zelden geziene procedureslag ontstaan.

In juni 2021 publiceerde Knack het verhaal achter de benoeming van een nieuwe conservator bij de KBR, die ontspoorde in een procedureslag bij de Raad van State, de Commissie voor Openbaarheid van Bestuur, de federale ombudsman en de Universiteit Antwerpen.

De KBR is een wetenschappelijke bibliotheek, maar verzamelt ook alle Belgische publicaties. Zo’n 300 personeelsleden zorgen er voor miljoenen documenten, boeken, films, muziek, die het publiek – in principe – ter plaatse kan raadplegen. De nieuwe conservator zou de belangrijke dienst ‘Oude en kostbare drukwerken’ leiden en de meest precieuze collectie van de KBR beheren: de afdeling waar 35.000 oude handschriften worden bewaard, bestudeerd en soms tentoongesteld. Die verzameling is van wereldklasse. De vacature trok dan ook internationale aandacht.

Dertien kandidaten

Er dienden zich dertien kandidaten aan. Een van hen was Joran Proot, een internationaal gereputeerde specialist, gedoctoreerd aan de UA, met ruim 100 internationale wetenschappelijke publicaties op zijn naam. Hij gaf les aan de UA en het KASK en in Parijs, en werkte eerder als conservator voor bibliotheken in België maar ook in Washington en Milaan. Intussen was hij aan de slag als conservator van de Cultura Fonds Library, een exquise privébibliotheek, gefinancierd door de investeringsgroep De Eik, met unieke zestiende-eeuwse collecties met zeldzame drukken van onder andere Plantijn, Erasmus, More en Vesalius.

In de eindronde bleven vier kandidaten over, met naast Proot nog een paar met veel internationale ervaring. Maar de functie ging naar Jan Pauwels, germanist met een doctoraat over priester-dichter Guido Gezelle. Pauwels werkte officieel voor de KBR, maar was ruim een decennium ‘gedetacheerd’ naar diverse CD&V-kabinetten. Hij was onder andere aan de slag bij CD&V-excellenties Etienne Schouppe, Servais Verherstraeten, Pieter De Crem en Joke Schauvliege. Hij werkte ook op het partijhoofdkwartier en was jarenlang voorzitter van de CD&V-afdeling in Dendermonde. In januari 2020 keerde Pauwels terug naar de KBR. De vacature werd uitgeschreven op 20 april. Op 4 maart 2021 benoemde staatssecretaris voor Wetenschapsbeleid Thomas Dermine (PS) Jan Pauwels tot conservator.

‘Vernederd’

Joran Proot startte verschillende procedures op tegen de benoeming en de manier waarop de jury Jan Pauwels als laureaat had gekozen, ondanks het feit dat drie andere kandidaten een indrukwekkender cv konden voorleggen. Proot: ‘De jury was zonder meer bevooroordeeld, en verweet me zelfs dat ik geen visie op digitalisering had. Ik voelde me vernederd.’ Hij besloot te procederen, ook al gaf hij grif toe dat één kandidaat – een voormalig hoofdconservator in Genève – er voor hem bovenuit stak. Ook die top-kandidaat haalde het dus niet. Een interne KBR-beroepsprocedure mislukte. Dat beroep werd afgewimpeld na beoordeling door… de oorspronkelijke jury. Proot trok naar de Raad van State en begon met succes een crowdfundingactie om verschillende procedures te bekostigen. De zaak werd met meer dan gewone belangstelling gevolgd door het internationale milieu van experts.

Pauwels beklemtoonde toen tegen Knack dat hij door ‘een zeskoppige jury van wetenschappelijke ambtenaren en professoren als eerste van de interne en externe kandidaten werd gerangschikt’.

‘Motivering overtuigt niet’

De Raad van State heeft Joran Proot nu gelijk gegeven. Op 8 december vorig jaar is de benoeming van Jan Pauwels vernietigd in een uitgebreid arrest van 50 bladzijden.

De Raad van State struikelt over het feit dat de KBR-jury haar beslissing om voor Pauwels te kiezen niet echt grondig motiveert. ‘Die motivering is kort en kan niet overtuigen’, aldus het arrest. ‘Een onderlinge vergelijking (van de kandidaten, nvdr) ontbreekt. Mogelijk kan zulke vergelijking ook impliciet blijken uit de motivering, maar zelfs dat is hier niet het geval’, oordeelt de Raad.

Door dat gebrek aan motivering wordt ook het zogenaamde zorgvuldigheidsbeginsel geschonden, en dat is een basisbeginsel van behoorlijk bestuur, aldus de Raad.

Het arrest besluit dan ook dat de rangschikking van de kandidaten door de jury onwettig is, en dat staatssecretaris Thomas Dermine ‘zich heeft aangesloten bij dit juryverslag, zodat het benoemingsbesluit eveneens onwettig is’.

Maar de Raad verwerpt ook een aantal andere argumenten van Joran Proot. Een van de zware aantijgingen van Proot was belangenvermenging en partijdigheid van de jury. Tijdens de sollicitatieprocedure kwam aan het licht dat Jan Pauwels met een van de juryleden een gezamenlijke projectaanvraag had lopen bij Belspo. Belspo is de overheidsinstelling die de tien federale wetenschappelijke instellingen beheert, waaronder de KBR. Het jurylid dat samen met Pauwels het project indiende, was ook ooit diensthoofd van Proot aan de UA. In dat kleine expertenwereldje loert belangenvermenging blijkbaar al snel om de hoek.

De Raad van State erkent wel dat de kandidaat en het jurylid elkaar kenden en een gezamenlijk project hadden, maar vindt dat feit op zich onvoldoende als bewijs van belangenvermenging en partijdigheid. De Raad wijst er ook op dat het gezamenlijke project uiteindelijk naast de gevraagde subsidies greep.

Kortom, de KBR heeft na twee jaar en negen maanden nog steeds geen nieuwe conservator. De hele procedure moet worden overgedaan. De Raad van State wijst er wel op dat de KBR na de vernietiging van de benoeming zijn ‘discretionaire bevoegdheid’ behoudt bij een volgende procedure. Met andere woorden: als Jan Pauwels zich opnieuw kandidaat stelt, kan hij alsnog benoemd worden, zolang dat maar zorgvuldig en uitgebreid gemotiveerd wordt.

RECHT VAN ANTWOORD

In bovenstaand artikel beweert een als vierde gerangschikte kandidaat dat de jury voor de selectie van een nieuwe conservator ‘oude drukken’ van KBR zonder meer bevooroordeeld was en wordt gesuggereerd dat politieke connecties een belangrijke rol hebben gespeeld. Bovendien suggereert de titel dat de beslissing van de jury niet werd gemotiveerd.

Als algemeen directeur van KBR, jurylid en verslaggever, spreek ik, intussen ook gesterkt door het arrest van de Raad van State van 8 december 2022, deze gratuite beweringen ten stelligste tegen. Er werd door de Raad geen enkele, maar dan ook geen enkele van deze beweringen bewezen geacht.

Net als in het artikel dat Knack publiceerde in juni 2021 wordt deze zaak voorgesteld als zou achterkamerpolitiek de reden zijn waarom de jury de heer Pauwels als meest geschikte kandidaat naar voor geschoven zou hebben. Door de heer Proot in het artikel een internationaal gereputeerde specialist te noemen en enkele in het kader van deze selectie relevante professionele ervaringen te citeren en voor de heer Pauwels enkel het zogezegde onderwerp van zijn doctoraat en zijn ervaring als kabinetsmedewerker te vermelden, wekt de journalist de indruk dat dit de (enige) elementen zijn waarop de jury zich had moeten baseren of heeft gebaseerd. Bovendien lijkt het hierdoor als zou de heer Pauwels, eveneens een gereputeerd en ervaren wetenschapper, niet over de nodige competenties beschikken.

Uiteraard is niets minder waar. Er werd voor deze selectie zoals steeds vooraf een functieprofiel opgemaakt waarin werd vastgelegd welk type van conservator KBR wil aanwerven en over welke ervaring en competenties deze moet beschikken. In mijn recht van antwoord op het artikel van juni 2021 deed ik al uit de doeken naar welk profiel KBR op zoek is en welke invulling de functie van conservator vandaag de dag in onze organisatie krijgt (80% beheerder en 20% onderzoeker). De Raad bevestigt in het arrest van 8 december 2022 dat de lectuur van de functiebeschrijving de kandidaten voldoende duidelijk maakt dat de digitale ontsluiting van de collectie en de zogenaamde Digital Humanities als onderzoeksmethode beschouwd worden als belangrijke aspecten voor de hedendaagse invulling van de functie, zodat hun kandidatuur hierop zou worden beoordeeld.

Verder trekt de Raad van State op geen enkel moment in twijfel dat de jury het vooraf opgestelde functieprofiel als leidraad heeft gebruikt bij de beoordeling van de kandidaten. Ze stelt expliciet dat alle kandidaten op een gelijke manier werden behandeld bij het testen van de gevraagde competenties. De Raad verwerpt ook categoriek alle beschuldigingen van bevooroordeling, partijdigheid of belangenvermenging.

Op één middel na worden alle door de heer Proot aangevoerde middelen door de Raad van State verworpen: de Raad stelt dat de formele motiveringsplicht geschonden werd en vernietigt daarom de rangschikking van de jury.

Ik nodig de lezers van Knack uit om 45 bladzijden tellend arrest, dat publiek toegankelijk is op de website van de Raad, te lezen; ik had gehoopt dat de journalist van Knack dit ook, en zelfs met aandacht, zou hebben gedaan. Hij zou dan hebben vastgesteld dat de Raad van State op geen enkel moment stelt dat de jury haar beslissing niet heeft gemotiveerd, in tegenstelling tot de titel van zijn artikel.

Ik licht kort toe wat de Raad van State dan wél zegt. Ze stelt namelijk dat de besluitvorming volledig rechtsgeldig is verlopen; alleen werd de motiveringsplicht onvoldoende gerespecteerd. Onvoldoende is niet hetzelfde als ‘niet’. Meer concreet zegt ze dat de jury ‘niet behoorlijk heeft toegelicht hoe zij tot een concrete en effectieve vergelijking van de aanspraken van de kandidaten is overgegaan en dat zij het gewicht dat zij aan de onderscheiden criteria geeft niet voldoende inzichtelijk heeft gemaakt’. De Raad zegt met andere woorden niet dat de jury geen vergelijking tussen de kandidaten heeft gemaakt, wel dat het resultaat ervan ook in de formele motivatie had moeten opgenomen worden. Ze zegt dus dat de beslissing onvoldoende werd gemotiveerd, niet dat ze niet werd gemotiveerd of onregelmatig zou zijn genomen.

KBR zal nu, zoals het betaamt na een vernietigingsarrest, rechtsherstel verlenen en de besluitvorming hernemen daar waar zij volgens de Raad van State is misgelopen.

Het moge nu wel duidelijk zijn dat de berichtgeving in Knack omtrent deze zaak zeer eenzijdig, onvolledig en op verschillende punten ook feitelijk onjuist is en dat de journalist enkele belangrijke principes uit de Code van de Raad voor de Journalistiek, en meer in het bijzonder het waarheidsgetrouw berichten en het respecteren van de menselijke waardigheid, niet heeft gevolgd.

De talrijke fouten in de paragraaf over KBR (zowel het aantal personeelsleden als het type van documenten dat er wordt bewaard als het aantal en het type van documenten waarvoor de conservator verantwoordelijk is zijn gewoon foutief) kan ik nog wijten aan onzorgvuldigheid, maar de insinuaties en eenzijdige berichtgeving die het imago van alle betrokkenen schaden zijn ongehoord en ontoelaatbaar.

Ondermeer het feit dat één kandidaat een forum krijgt om een andere kandidaat in een slecht daglicht te stellen, valt te betreuren. Als verslaggever en lid van de jury kan ik geen standpunt innemen over de kwaliteiten, titels en verdiensten van de kandidaten, precies omdat de jury zich moet beraden over het gevolg dat aan het arrest wordt gegeven. De jury zal pas een standpunt innemen binnen de geijkte procedure en met respect van de rechten van alle kandidaten. Niettemin kan ik in alle sereniteit bevestigen dat de jury op grond van een ernstige en zorgvuldige afwezig zal komen tot een keuze voor een bepaalde kandidaat. Insinuaties als zouden er andere krachten op de achtergrond spelen, zijn niet correct, en daarom ook onbewezen.

In deze zin betreur ik ten zeerste het dat in het artikel een tendentieuze sfeer wordt opgehangen rond één kandidaat, die wordt geplaatst tegenover een andere kandidaat, waarvan de verdiensten worden bewierookt. De andere kandidaten blijven dan weer onvermeld. Dit is alvast niet de wijze waarop de jury van KBR omgaat met het beoordelen van de titels en verdiensten van kandidaten voor een bepaalde functie.

Sara Lammens, Algemeen directeur a.i.

Naschrift van de redactie

De redactie heeft, in tegenstelling met wat interimdirecteur Sara Lammens insinueert, het arrest van de Raad van State grondig gelezen. Dat arrest telt overigens geen 45 maar 50 bladzijden.

Het artikel is gebaseerd op dat uitgebreide arrest en verwijst waarheidsgetrouw naar de slotconclusie van de Raad van State, namelijk dat de benoeming vernietigd wordt omdat ze onwettig is en een schending van het zorgvuldigheidsbeginsel. De hoofdreden voor die onwettigheid is dat de jury zijn beslissing onvoldoende heeft gemotiveerd. De interimdirecteur was niet alleen jurylid, maar ook verslaggever van die kaduke beslissing die juridisch geen stand hield. Het artikel citeert daarover de Raad van State: ‘De motivering is kort en kan niet overtuigen’. Die te korte, niet overtuigende en onzorgvuldige jurybeslissing is daarmee het feitelijke equivalent van een ongemotiveerde beslissing en werd daarom vernietigd. Met die dubieuze werkwijze bracht de jury staatssecretaris Thomas Dermine in verlegenheid, die zijn handtekening onder een onwettige benoeming zette.

De interimdirecteur kan bij zorgvuldige lectuur van het artikel ook de expliciete en waarheidsgetrouwe verwijzing lezen naar een aantal andere argumenten die de Raad van State niét heeft aanvaard, zoals zware aantijgingen over belangenvermenging en partijdigheid van de jury. Het artikel vermeldt duidelijk dat de Raad van State bevestigt dat een jurylid en de geprefereerde kandidaat elkaar goed kennen en ook een gezamenlijk project op touw zetten, maar beoordeelde dat als ‘onvoldoende bewijs’ van belangvermenging of partijdigheid.

Dat Knack één kandidaat ‘een forum’ geeft om een andere kandidaat in een slecht daglicht te stellen, klopt niet. In het eerste artikel over deze zaak dat in 2021 is verschenen, komt de (onwettig) benoemde kandidaat zelf aan het woord en wordt verwezen naar nog andere kandidaten die ook klacht indienden tegen de gang van zaken. De directe link naar dat eerste uitgebreider artikel werd daarom nog eens vermeld bij het recente korte nieuwsstuk over de onwettige benoeming.

Het moge nu wel duidelijk zijn dat in beide artikels geen sprake was van eenzijdige, onvolledige of onjuiste berichtgeving.

Lees hier het volledige arrest.

Partner Content