De Congregatie voor de Geloofsleer, een onderafdeling van het bestuurlijk apparaat van de paus, waar alle zaken die betrekking hebben op de leer van de Katholieke Kerk worden besproken, oordeelde maandag opnieuw dat er geen sprake kan zijn van een zegening van een verbintenis tussen personen van hetzelfde geslacht. Daar ontstond op sociale media al snel terechte verontwaardiging over en ook enkele politici spraken hun ongenoegen over die uitspraak reeds uit. In dat debat is één belangrijke nuance wel nodig. De Kerk spreekt in haar officiële leer enkel over de verbintenis tussen personen van hetzelfde geslacht en niet over homoseksualiteit an sich. Kort gezegd dus: de Kerk is tegen officiële relaties tussen personen van hetzelfde geslacht, maar niet tegen holebi's. Praat ik daarmee deze herbevestiging van hun eerdere uitspraken goed? Absoluut niet, maar het is wel een belangrijke nuance.

Het achterhaalde beeld van de Katholieke Kerk over homoseksuele relaties moet dringend op de schop.

Er valt zeer lang en zeer breed te discussiëren over de theologische redenen achter die kijk op homoseksuele relaties. Voorstanders van de officiële leer van de Kerk beroepen zich vaak op Genesis, het eerste Bijbelboek van het Oude Testament, waarin God de allereerste verbintenis tussen man en vrouw afsluit. Daaruit wordt dan geïnterpreteerd dat een officiële verbintenis of een kerkelijk huwelijk niet mogelijk is voor mensen van hetzelfde geslacht. Voor mij is dat echter geen afdoende reden en ook alle andere verklaringen die de afgelopen tientallen jaren zijn opgeworpen om deze visie van de Katholieke Kerk in stand te houden, overtuigen niet.

Daar zijn voor mij twee fundamentele redenen voor. Allereerst is het belangrijk om in te zien dat Bijbelteksten in een heel ander tijdperk zijn geschreven. Een tijdperk waarin andere normen en waarden gehanteerd werden en een tijdperk waarmee onze huidige samenleving in geen enkele zin te vergelijken valt. Zo wordt er bijvoorbeeld in het Oude Testament niet moeilijk gedaan over slavernij en is het zelfs probleemloos mogelijk om je eigen dochter als slaaf te verkopen. De Katholieke Kerk heeft al lang geleden ingezien dat bepaalde passages in de Bijbel nu eenmaal niet letterlijk genomen mogen worden en aangepast moeten worden naar onze huidige tijdscontext. Waarom zou dat dan niet mogelijk zijn op het vlak van homoseksuele relaties?

Ten tweede staat het verbod op een officiële verbintenis tussen personen van hetzelfde geslacht lijnrecht tegenover de prediking van Jezus Christus, die zich opwerpt als verdediger van onderdrukten, van minderheidsgroepen en van zij die het over het algemeen moeilijker hebben in de samenleving. Als de Katholieke Kerk het meent met het gebod van naastenliefde, dat nota bene voorschrijft om naar elke mens om te kijken, ongeacht hun specifieke kenmerken, dan moet het duidelijk zijn dat dit niet strookt met de eigen officiële leer omtrent het homohuwelijk.

De Katholieke Kerk heeft niet alleen een gigantische morele impact, maar kan ook het verschil maken voor zovele mensen wereldwijd die nog steeds onderdrukt worden omwille van hun geaardheid, omwille van wie ze zijn in de kern van hun bestaan. Over heel de wereld heen zijn er vandaag de dag nog steeds politieke leiders die zich inzake hun standpuntinname omtrent homoseksualiteit rechtstreeks beroepen op wat het Vaticaan hierover zegt. Dat maakt het belang van het afzweren van dergelijke verouderde standpunten nog noodzakelijker. Een aanpassing van de officiële leer aan onze hedendaagse normen en waarden dringt zich al bijzonder lang op en de nood daaraan is en blijft dus bijzonder hoog. De paus zou daar als religieus leider niet alleen een bijzonder sterk signaal mee geven, maar ook het leven van zovelen over heel de wereld heen ten goede veranderen.

Sander Vanmaercke is student theologie en Religiewetenschappen aan de KU Leuven.

-

De Congregatie voor de Geloofsleer, een onderafdeling van het bestuurlijk apparaat van de paus, waar alle zaken die betrekking hebben op de leer van de Katholieke Kerk worden besproken, oordeelde maandag opnieuw dat er geen sprake kan zijn van een zegening van een verbintenis tussen personen van hetzelfde geslacht. Daar ontstond op sociale media al snel terechte verontwaardiging over en ook enkele politici spraken hun ongenoegen over die uitspraak reeds uit. In dat debat is één belangrijke nuance wel nodig. De Kerk spreekt in haar officiële leer enkel over de verbintenis tussen personen van hetzelfde geslacht en niet over homoseksualiteit an sich. Kort gezegd dus: de Kerk is tegen officiële relaties tussen personen van hetzelfde geslacht, maar niet tegen holebi's. Praat ik daarmee deze herbevestiging van hun eerdere uitspraken goed? Absoluut niet, maar het is wel een belangrijke nuance. Er valt zeer lang en zeer breed te discussiëren over de theologische redenen achter die kijk op homoseksuele relaties. Voorstanders van de officiële leer van de Kerk beroepen zich vaak op Genesis, het eerste Bijbelboek van het Oude Testament, waarin God de allereerste verbintenis tussen man en vrouw afsluit. Daaruit wordt dan geïnterpreteerd dat een officiële verbintenis of een kerkelijk huwelijk niet mogelijk is voor mensen van hetzelfde geslacht. Voor mij is dat echter geen afdoende reden en ook alle andere verklaringen die de afgelopen tientallen jaren zijn opgeworpen om deze visie van de Katholieke Kerk in stand te houden, overtuigen niet. Daar zijn voor mij twee fundamentele redenen voor. Allereerst is het belangrijk om in te zien dat Bijbelteksten in een heel ander tijdperk zijn geschreven. Een tijdperk waarin andere normen en waarden gehanteerd werden en een tijdperk waarmee onze huidige samenleving in geen enkele zin te vergelijken valt. Zo wordt er bijvoorbeeld in het Oude Testament niet moeilijk gedaan over slavernij en is het zelfs probleemloos mogelijk om je eigen dochter als slaaf te verkopen. De Katholieke Kerk heeft al lang geleden ingezien dat bepaalde passages in de Bijbel nu eenmaal niet letterlijk genomen mogen worden en aangepast moeten worden naar onze huidige tijdscontext. Waarom zou dat dan niet mogelijk zijn op het vlak van homoseksuele relaties? Ten tweede staat het verbod op een officiële verbintenis tussen personen van hetzelfde geslacht lijnrecht tegenover de prediking van Jezus Christus, die zich opwerpt als verdediger van onderdrukten, van minderheidsgroepen en van zij die het over het algemeen moeilijker hebben in de samenleving. Als de Katholieke Kerk het meent met het gebod van naastenliefde, dat nota bene voorschrijft om naar elke mens om te kijken, ongeacht hun specifieke kenmerken, dan moet het duidelijk zijn dat dit niet strookt met de eigen officiële leer omtrent het homohuwelijk. De Katholieke Kerk heeft niet alleen een gigantische morele impact, maar kan ook het verschil maken voor zovele mensen wereldwijd die nog steeds onderdrukt worden omwille van hun geaardheid, omwille van wie ze zijn in de kern van hun bestaan. Over heel de wereld heen zijn er vandaag de dag nog steeds politieke leiders die zich inzake hun standpuntinname omtrent homoseksualiteit rechtstreeks beroepen op wat het Vaticaan hierover zegt. Dat maakt het belang van het afzweren van dergelijke verouderde standpunten nog noodzakelijker. Een aanpassing van de officiële leer aan onze hedendaagse normen en waarden dringt zich al bijzonder lang op en de nood daaraan is en blijft dus bijzonder hoog. De paus zou daar als religieus leider niet alleen een bijzonder sterk signaal mee geven, maar ook het leven van zovelen over heel de wereld heen ten goede veranderen.Sander Vanmaercke is student theologie en Religiewetenschappen aan de KU Leuven.-