Binnen de katholieke Kerk is er geen paus die de laatste vijftig jaar zo veel woede en openlijke oppositie heeft opgewekt als de Argentijnse jezuïet Jorge Mario Bergoglio, sinds 13 maart 2013 bekend als paus Franciscus. Voorgangers als paus Paulus VI (1963-1978) of Johannes Paulus II (1978-2005) kregen ook bakken kritiek, meestal om hun conservatief-ethische standpunten (Johannes Paulus II ook voor de harde hand waarmee hij de bevrijdingstheologen in de pas deed lopen). Maar binnen de kerk waren er toen geen bisschoppen en kardinalen die openlijk manifesten schreven tegen de paus, zijn stellingen als 'ketters' beschouwden en zelfs de druk opvoerden om hem te laten aftreden. Paus Franciscus heeft dat allemaal al doorstaan, en het houdt niet op. Zeker niet als de 'synode voor Amazonië', die op dit moment in het Vaticaan vergadert, zou beslissen om het priesterschap open te stellen voor 'viri probati'.
...