Geert Bourgeois (N-VA): ‘Het verhaal van Vlaanderen mag niet worden verteld in een soort Antwerps’

© VRT
Han Renard
Han Renard Han Renard is redacteur bij Knack

‘Het Vlaams Parlement moet de VRT op de vingers tikken voor de tussentaal van Tom Waes’, zegt Europees Parlementslid Geert Bourgeois (N-VA). ‘Ik vind dit echt bedroevend.’

‘Heel blij dat u hier aandacht aan besteedt’, zegt Europees Parlementslid en gewezen Vlaams minister-president Geert Bourgeois aan de telefoon. Bourgeois, bekend als voorvechter van het Standaardnederlands, ergert zich naar eigen zeggen ‘bovenmatig’ aan de tussentaal van presentator en acteur Tom Waes in Het verhaal van Vlaanderen, de peperdure en met lof bedolven documentairereeks over de geschiedenis van Vlaanderen op de VRT. ‘Velen denken dat ze door tussentaal dichter bij de kijker staan. Maar Vlamingen kijken juist op naar iemand die zich uitdrukt in de standaardtaal. Het verhaal van Vlaanderen is óns verhaal en moet dus worden gebracht in onze gemeenschappelijke taal, niet in een tussentaal, een soort algemeen Antwaarps, met doedegij, ziedegij en wa is dees. Nee, ik vind dat echt bedroevend.’

Wat je niet koestert, gaat verloren – en dat geldt ook voor de standaardtaal, vindt Bourgeois. ‘De VRT is de grootste cultuurdrager van Vlaanderen en krijgt daarvoor veel gemeenschapsgeld. Die moet gewoon de standaardtaal promoten. Als de VRT daar afstand van neemt, doet ze haar missie tekort. De openbare omroep hoort het Algemeen Nederlands (AN) te gebruiken in alle programma’s en daarmee bedoel ik zeker ook praatprogramma’s. Neem iemand als presentator Sven De Leijer. Ook bij hem hoor ik een tussentaal die de mijne niet is, en ook niet de taal van de meeste Vlamingen.’

VRT afrekenen

Het hart van cultuurflamingant Bourgeois bloedt als hij ziet hoe informele Vlaamse omgangstaal oprukt op de openbare omroep, nieuws- en duidingsprogramma’s buiten beschouwing gelaten. ‘Vlaams-nationalisten hebben in de 19e eeuw een moeizame strijd gevoerd voor het Nederlands. De Franstaligen gingen finaal akkoord maar zeiden: het moet wel Vlaams worden, een soort Vlaamse tussentaal dus, en niet het Standaardnederlands dat in Nederland al stevig in de schoenen stond. De cultuurflaminganten hebben de strijd voor het Standaardnederlands uiteindelijk gewonnen. Ik zou het heel erg vinden als we dat nu loslaten.’

‘Ik ben opgegroeid met de ABN-kernen. Misschien was die aanpak te artificieel en te belerend, maar wij leerden wel het Nederlands op een vlotte manier hanteren. Kennis van de standaardtaal werkt emanciperend. Dat geldt zeker voor kinderen die taalrijkdom niet van thuis meekrijgen. Of voor nieuwkomers: zij leveren grote inspanningen om het Nederlands onder de knie te krijgen en worden vervolgens op de VRT geconfronteerd met een taal die ze niet hebben geleerd en vaak niet begrijpen.’

De cultuurflaminganten hebben de strijd voor het Standaardnederlands uiteindelijk gewonnen. Ik zou het heel erg vinden als we dat nu loslaten.

Geert Bourgeois

Toch is de partij van Geert Bourgeois over het algemeen erg in haar nopjes met Het verhaal van Vlaanderen. Huidig Vlaams minister-president Jan Jambon was bijzonder enthousiast, hij ziet Het verhaal van Vlaanderen als een probaat middel om de Vlaamse identiteit te versterken. En ook partijgenoot en Vlaams minister van Onderwijs Ben Weyts zag hoegenaamd geen graten in de taal van Waes.

Volgens haar beheersovereenkomst mag de VRT slechts per uitzondering tussentaal hanteren en is Standaardnederlands de norm. Maar vandaag lijkt eerder het omgekeerde te gebeuren, nu ook in een historische documentairereeks tussentaal wordt gebruikt. Bourgeois vindt dat het Vlaams Parlement de VRT op de vingers moet tikken voor Het verhaal van Vlaanderen. ‘Ik hoop dat daarover in het Vlaams Parlement veel vragen komen en dat de VRT er zal worden op afgerekend bij de evaluatie van de uitvoering van haar beheersovereenkomst. De VRT doet hier niet wat de democratische vertegenwoordiging in Vlaanderen van de openbare omroep verwacht.’

Geert Bourgeois, in 2019 tijdens een N-VA-congres. © Belga

Bierkaai

Ook de vorig jaar overleden dichter Stijn De Paepe, bekend als huisdichter van De Morgen, koesterde een grote liefde voor het AN en maakte geen geheim van zijn afkeer van tussentaal. ‘Nog efkes en we klappen allemaal hetzelfste soort kaduke tussentaal’, schreef hij in een dagvers voor de krant. Waarna hij de lof zong van zowel dialect als vlot AN: ‘Als ’t maar niet het taaltje is/dat tv en radio teistert/ en noch mossel is, noch vis.’

Nieuwkomers leveren grote inspanningen om het Nederlands onder de knie te krijgen en worden dan op de VRT geconfronteerd met een taal die ze niet hebben geleerd. 

Geert Bourgeois

In een column in Sampol brak ook onderwijsspecialist Dirk Van Damme onlangs een lans voor de ‘herwaardering van het Standaardnederlands’ in het onderwijs: ‘Er is heel veel tolerantie voor allerlei fouten, ook taalfouten, in ons onderwijs geslopen, maar correct taalgebruik is juist een van de cruciale doelstellingen van onderwijs.’

Er is ook nog schrijver Geert van Istendael, die voor tussentaal de pejoratieve term Verkavelingsvlaams muntte. Maar verder lijken principiële verdedigers van het Standaardnederlands in de verdrukking te komen, en ook vaker tot oudere generaties te behoren. De acceptatie van en tolerantie voor een Vlaamse tussentaal, die het midden houdt tussen dialect en AN, en sterk beïnvloed is door Brabantse en Antwerpse omgangstaal, is de laatste jaren alleen maar crescendo gegaan. De opmars van het Verkavelingsvlaams lijkt met andere woorden niet te stoppen, en de strijd voor het Standaardnederlands in Vlaanderen vechten tegen de bierkaai.

Schaamte

Hoogleraar Nederlandse Taalkunde Jürgen Jaspers (ULB) werkte ruim tien jaar geleden, samen met Kevin Absillis (UA) en Sarah Van Hoof (UGent) mee aan het boek De manke usurpator. Daarin boog een groep jonge taal- en letterkundigen zich over het vaak verketterde Verkavelingsvlaams.

‘Ik ben het er niet mee eens dat tussentaal per se armoediger, slordiger of van mindere kwaliteit is dan Standaardnederlands’, zegt Jürgen Jaspers. ‘Natuurlijk bestaat van die typische Vlaamse omgangstaal geen formele versie, maar niets houdt de Vlamingen tegen om die te maken – dat hebben de Nederlanders zelf ook gedaan. Misschien zijn we dan eindelijk verlost van al dat gescheld en naar beneden trappen, en van mensen aanvallen omdat ze een bijwoord verkeerd gebruiken.’

Door te kiezen voor een standaardtaalideaal van buitenaf zijn Vlamingen, om schaamte te ontlopen, superhard op elkaars taal beginnen te vitten.

Jürgen Jaspers

Door destijds te kiezen voor een externe, geïmporteerde standaardtaal hebben de cultuurflaminganten ironisch genoeg het ene minderwaardigheidscomplex (tegenover de Franstaligen in België) voor het andere (tegenover de Nederlanders) ingeruild, zegt Jaspers. Al hebben de vele inspanningen om Vlamingen het Standaardnederlands bij te brengen wel degelijk effect gehad.

‘Maar het ideaal dat sommigen voor ogen hadden, is in Vlaanderen niet bereikt. Als Geert Bourgeois bij Tom Waes in zijn ogen onzuiver taalgebruik hoort en zich daardoor in zijn koffie verslikt, is dat ook omdat er heel oude gevoelens van schaamte naar boven komen. Zulke reacties hebben diepe historische wortels. Door te kiezen voor een standaardtaalideaal van buitenaf zijn Vlamingen, om schaamte te ontlopen, superhard op elkaars taal beginnen te vitten. De schimpscheuten die Vlamingen vroeger van Franstaligen en soms ook van Nederlanders kregen, geven ze nu aan elkaar.’

Vlamingen gaan vandaag wel veel meer ontspannen en ‘zonder complexen’ om met de eigen tussentaal, die Jaspers soms ook gewoon ‘Vlaams’ noemt. Maar liefhebbers van de standaardtaal hoeven nog niet te vrezen dat alles naar de haaien is. ‘Vlamingen vinden Standaardnederlands of een vorm van formeel Nederlands nog altijd heel belangrijk,’ zegt Jaspers.

Diftongering

In het taalgebruik van Tom Waes in Het verhaal van Vlaanderen – ‘Ik ben overigens gecharmeerd door het programma, met de levensechte historische scènes, alsook van de presentatie en het acteertalent van Waes’ – hoort de hoogleraar Nederlandse taalkunde ‘niets echt verrassends’.

‘Er zit een duidelijke balans in het programma. Als je goed luistert, hoor je dat Waes zowel informeel als formeel Nederlands gebruikt. Bij de voice-overs hoor je hem eind-t’s uitspreken, (lacht) en soms zelfs een echte diftongering van “ei” en “ui”, weliswaar ook met een licht Antwerps accent. Maar dat is niet heel verschillend van de talrijke experts die in het programma aan het woord komen, en van wie je ook hoort waar ze vandaan komen. Als Waes mee op het slagveld staat, iemand bezoekt of de vierde wand doorbreekt en zich rechtstreeks tot de kijker richt, spreekt hij tussentaal – geen volbloed Antwerps, maar wel informeel Nederlands.’

De schimpscheuten die Vlamingen vroeger van Franstaligen en soms ook van Nederlanders kregen, geven Vlamingen nu aan elkaar.

Jürgen Jaspers

Tom Waes doet, zoals de meeste Vlamingen, volgens Jaspers aan ‘code switching’, hij wisselt af tussen een informeel en formeel register, aangepast aan de situatie. Al zullen nogal wat taalprofessionals Waes’ zogenoemde formele Nederlands ook nog een krakkemikkige versie van de standaardtaal noemen.

‘Het hangt er natuurlijk van af hoever je wilt gaan’, aldus Jaspers. ‘Als je de lat legt bij het Standaardnederlands zoals een kleine groep van ingewijden dat praat, is het percentage Vlamingen dat daaraan voldoet een half procent of zo. Maar wat ik wil zeggen is: Tom Waes spreekt op sommige momenten in Het verhaal van Vlaanderen iets waarvan je kunt zeggen: dit is bedoeld als formeel Nederlands.’

Toren van Babel

Het zijn argumenten en redeneringen die iemand als Geert Bourgeois wellicht niet overtuigen. ‘Ik hoor veel mensen zeggen dat de strijd voor het Standaardnederlands is verloren’, zegt Bourgeois. ‘Maar ik vind dat we ons daar moeten blijven tegen verzetten. En dat de VRT daarin een grote rol, zo niet dé grootste rol, te spelen heeft. Het roer moet om, want wat is het alternatief? Als ik naar de Franse televisie kijk, hoor ik natuurlijk ook of iemand uit de Languedoc komt. Maar daar gaat het niet om, want die man of vrouw spreekt Frans en kan zich uitdrukken op een vlotte, rijke, wendbare manier. Waar eindigt deze neerwaartse beweging trouwens? Bij de Toren van Babel? Dat willen we toch niet in Vlaanderen, dat we elkaar op de duur niet meer verstaan?’

Partner Content