'Oorlog is vrede, vrijheid is slavernij, onwetendheid is kracht'. Dat stond op de gevel van Miniwa, het Ministerie van Waarheid, in de roman '1984' van George Orwell. Het is een slogan uit de fictieve "Theorie en praktijk van het oligarchische collectivisme door Emmanuel Goldstein" die Orwell als waarschuwing tegen elk totalitair systeem in zijn boek uit 1949 al schreef. Volgens die totalitaire partijideoloog zijn er drie soorten van mensen: de Voornamen, de Gemiddelden en de Minderen.

Wat in die dystopische roman 'Big Brother' genoemd werd, is 70 jaar later stilaan aan het transformeren in Big Tech. Mark Zuckerberg van Facebook, en Jack Dorsey van Twitter bepalen voortaan wat er mag gezegd worden, en vooral, wie er wat mag zeggen, presidenten inbegrepen. Donald Trump wordt gemuilkorfd en jihadist Ayatollah Khamenei krijgt een vrij podium. Platformmonopolisten zoals Apple, Amazon en Alphabet (Google & You Tube) trekken de stekker uit de apps van andere bedrijven zoals microblogplatform Parler omdat ze right-friendly zijn. De Voornamen bepalen wat de Minderen mogen weten.

Dat Donald Trump een slechte verliezer is, is geen reden om de vrije meningsuiting ten grave te dragen.

Niet dat Big Tech enige vorm van ethiek of moraal heeft, behalve deze van het roofkapitalisme, toch ontpoppen ze zich nu plots tot voorloper van hoge morele standaarden om in de gunst te komen van hun nieuwe machthebbers die in de Verenigde Staten onlangs de verkiezingen wonnen. Opportunisten die hun huik naar de wind hangen. Ze staan immers onder druk wegens hun fiscale spitstechnologie, belastingontduiking, monopolievorming, overtreden van de privacywetten en dito dubieuze handelspraktijken. De Big Techmogols zijn daarom nu plots woke adepten van The cancel culture geworden. Ze worden volgers van hun eigen cultuurmarxistische social justice warriors die op hun platformen mogen bepalen waarover men verontwaardigd mag zijn, en waarover niet. Algoritmes draaien over de servers en blokkeren naar willekeur dissidente meningen en spotprenten, van Zwarte Piet tot blasfemische cartoons. Het recht op emotioneel en psychisch welbevinden is voor de woke-generatie immers belangrijker dan de vrije meningsuiting. De platformmonopolisten vervellen zo van objectieve online tussenpersonen tot subjectieve censoren.

Dat een narcistisch verwerpelijk corrupt sujet als Putchistenführer Donald Trump zich als een slecht verliezer gedraagt is weerzinwekkend, maar is daarom nog geen reden om de vrije meningsuiting ten grave te dragen. Het is een chronische ziekte van alle potentaten, van Erdogan tot Poetin, om zich met alle middelen aan de macht vast te klampen. In een westerse democratie zijn de instituten echter sterk genoeg om potentiële autocraten met pek en veren de laan uit te sturen, met verkiezingen of zelfs met een impeachment. In een dictatuur daarentegen blijven de autocraten zitten en wordt de vrije meningsuiting door hen dan Big Brother-gewijs vermoord. Het is dus een anachronisme dat de zelfverklaarde democraten nu ook met het Capitool-momentum deze fascistische methodes gaan misbruiken om af te rekenen met hun tegenstanders, net zoals totalitaire regimes doen. De digitale dictatuur ligt een muisklik ver. Sociale media zijn een vloek en een zegen tegelijk. Politieke marketeers verspreiden er hun programma's mee, maar ze zijn niet zelden de enige uitlaatklep voor politiek onderdrukten, van Hong Kong tot Iran.

Wie dominantie verworven heeft over het publieke debat, ook al zijn het privébedrijven, heeft de verantwoordelijkheid en de plicht om het recht op vrije meningsuiting niet alleen te respecteren maar ook te garanderen. Het Smoelenboek en het roddelplatform Twitter zijn de grootste meningsfabrieken en mediabedrijven van de wereld. Het zijn de postdiensten, de brievenbussen en het dameskapsalon van de 21ste eeuw. Het is niet aan de gedachtepolitie van Internetmogols om met algoritmes te bepalen wat fake news is en waar de fatsoengrenzen liggen. Het is hun taak niet om politieagent, rechter en cipier te spelen van het publieke debat. Beperkingen moeten beperkt zijn, en illegale activiteiten moeten door een rechtscollege beoordeeld worden.

Conservatief (extreem)rechts heeft zich in ons kikkerlandje ook vergist met een heiland te zien in een narcistische idioot als Trump. Maar links eigent zich hier telkens een verontwaardiging toe op basis van Amerikaanse toestanden die hier niet aan de orde zijn, van Black Lives Matter tot Antifa of (gewapend) Alt-Right. Telkens er bijvoorbeeld rassenrellen uitbreken bij Uncle Sam gaan de Voornamen hier roeptoeteren dat de conservatieve Minderen besmet zijn met een raciaal gen en met de koloniale erfzonde.

Nu opgejutte Republikeinse misnoegden het Capitool bestormd hebben, omdat ze ervan doordrongen zijn dat hun verkiezingen gestolen werden, roeptoetert hier een parlementaire deugelite dat conservatief rechts klaar staat om ons Paleis der Naties te bestormen onder het zingen van 'De Stomme van Portici' en vendelzwaaiend met de leeuwenvlag. De kleinerende toxische toon van de verwendekindjesprogressieven, het klassieke groenlinkse venijn en het illiberaal gezwollen discours van de Open VLD zijn eerder brandversnellers dan brandblussers van de polarisatie en bulken zelf van totalitaire trekjes. Het zijn juist deze partijen die, niettegenstaande historische afstraffingen door de kiezer, zelf de verkiezingen van mei 2019 gestolen hebben, en al drie decennialang het cordon sanitaire misbruiken om zelf aan de macht te blijven. Alsof men een examen zou organiseren en de gebuisden hun punten zouden mogen samentellen om dan vóór de twee eersten te eindigen.

Muiterij komt voort uit woede.

Van zonneke-op tot zonneke-onder ging het hier elke dag over de verdorvenheid van Donald Trump in elk manipulatief duidingsprogramma. Voor de linkse deugelite was hij altijd al een schietschijf, zelfs letterlijk, zoals Nic Balthazar het plastisch verwoordde: 'Stel: je komt Trump tegen in een donker steegje en je hebt een colt bij je met twee kogels erin, wat doe je? Ik ben er nog niet uit.' Sedert de bestorming van het Capitool beleven de klassieke media en 'de Voornamen' nu hun Aha-erlebnis. Mainstream media gedroegen zich als poortwachters van het publieke debat, maar verloren dit monopolie aan de sociale media en roepen nu ook om censuur.

De gelegenheid maakt de dief. Maar het zou goed zijn dat ze zelf eerst eventjes zouden knielen en aan introspectie doen. Muiterij komt voort uit woede. Er was geen giftig "America First" van Trump zonder een falende Obama, of zonder the deplorables ('de Minderen') van Hillary Clinton en zonder het schandpaalactivisme van de cancel culture. Er was geen Brexit en geen "We want our country Back" van Boris Johnson zonder een falend Europees migratiebeleid. Er was geen "Eigen Volk Eerst" van het Vlaams Blok zonder minachting voor de Vlaamse belangen en de falende Belgische migratiepolitiek.

Beter dan de linkse Amerikaanse taalkundige Noam Chomsky kan ik het niet verwoorden: " If we do not believe in freedom of speech for those who we despise, we do not believe in it at all". Een wijs man die Amerikaanse mensenrechtenactivist. Het parlement is geen Ministerie van Waarheid en de sociale media zijn geen Grote Broer.

'Oorlog is vrede, vrijheid is slavernij, onwetendheid is kracht'. Dat stond op de gevel van Miniwa, het Ministerie van Waarheid, in de roman '1984' van George Orwell. Het is een slogan uit de fictieve "Theorie en praktijk van het oligarchische collectivisme door Emmanuel Goldstein" die Orwell als waarschuwing tegen elk totalitair systeem in zijn boek uit 1949 al schreef. Volgens die totalitaire partijideoloog zijn er drie soorten van mensen: de Voornamen, de Gemiddelden en de Minderen. Wat in die dystopische roman 'Big Brother' genoemd werd, is 70 jaar later stilaan aan het transformeren in Big Tech. Mark Zuckerberg van Facebook, en Jack Dorsey van Twitter bepalen voortaan wat er mag gezegd worden, en vooral, wie er wat mag zeggen, presidenten inbegrepen. Donald Trump wordt gemuilkorfd en jihadist Ayatollah Khamenei krijgt een vrij podium. Platformmonopolisten zoals Apple, Amazon en Alphabet (Google & You Tube) trekken de stekker uit de apps van andere bedrijven zoals microblogplatform Parler omdat ze right-friendly zijn. De Voornamen bepalen wat de Minderen mogen weten. Niet dat Big Tech enige vorm van ethiek of moraal heeft, behalve deze van het roofkapitalisme, toch ontpoppen ze zich nu plots tot voorloper van hoge morele standaarden om in de gunst te komen van hun nieuwe machthebbers die in de Verenigde Staten onlangs de verkiezingen wonnen. Opportunisten die hun huik naar de wind hangen. Ze staan immers onder druk wegens hun fiscale spitstechnologie, belastingontduiking, monopolievorming, overtreden van de privacywetten en dito dubieuze handelspraktijken. De Big Techmogols zijn daarom nu plots woke adepten van The cancel culture geworden. Ze worden volgers van hun eigen cultuurmarxistische social justice warriors die op hun platformen mogen bepalen waarover men verontwaardigd mag zijn, en waarover niet. Algoritmes draaien over de servers en blokkeren naar willekeur dissidente meningen en spotprenten, van Zwarte Piet tot blasfemische cartoons. Het recht op emotioneel en psychisch welbevinden is voor de woke-generatie immers belangrijker dan de vrije meningsuiting. De platformmonopolisten vervellen zo van objectieve online tussenpersonen tot subjectieve censoren.Dat een narcistisch verwerpelijk corrupt sujet als Putchistenführer Donald Trump zich als een slecht verliezer gedraagt is weerzinwekkend, maar is daarom nog geen reden om de vrije meningsuiting ten grave te dragen. Het is een chronische ziekte van alle potentaten, van Erdogan tot Poetin, om zich met alle middelen aan de macht vast te klampen. In een westerse democratie zijn de instituten echter sterk genoeg om potentiële autocraten met pek en veren de laan uit te sturen, met verkiezingen of zelfs met een impeachment. In een dictatuur daarentegen blijven de autocraten zitten en wordt de vrije meningsuiting door hen dan Big Brother-gewijs vermoord. Het is dus een anachronisme dat de zelfverklaarde democraten nu ook met het Capitool-momentum deze fascistische methodes gaan misbruiken om af te rekenen met hun tegenstanders, net zoals totalitaire regimes doen. De digitale dictatuur ligt een muisklik ver. Sociale media zijn een vloek en een zegen tegelijk. Politieke marketeers verspreiden er hun programma's mee, maar ze zijn niet zelden de enige uitlaatklep voor politiek onderdrukten, van Hong Kong tot Iran.Wie dominantie verworven heeft over het publieke debat, ook al zijn het privébedrijven, heeft de verantwoordelijkheid en de plicht om het recht op vrije meningsuiting niet alleen te respecteren maar ook te garanderen. Het Smoelenboek en het roddelplatform Twitter zijn de grootste meningsfabrieken en mediabedrijven van de wereld. Het zijn de postdiensten, de brievenbussen en het dameskapsalon van de 21ste eeuw. Het is niet aan de gedachtepolitie van Internetmogols om met algoritmes te bepalen wat fake news is en waar de fatsoengrenzen liggen. Het is hun taak niet om politieagent, rechter en cipier te spelen van het publieke debat. Beperkingen moeten beperkt zijn, en illegale activiteiten moeten door een rechtscollege beoordeeld worden.Conservatief (extreem)rechts heeft zich in ons kikkerlandje ook vergist met een heiland te zien in een narcistische idioot als Trump. Maar links eigent zich hier telkens een verontwaardiging toe op basis van Amerikaanse toestanden die hier niet aan de orde zijn, van Black Lives Matter tot Antifa of (gewapend) Alt-Right. Telkens er bijvoorbeeld rassenrellen uitbreken bij Uncle Sam gaan de Voornamen hier roeptoeteren dat de conservatieve Minderen besmet zijn met een raciaal gen en met de koloniale erfzonde. Nu opgejutte Republikeinse misnoegden het Capitool bestormd hebben, omdat ze ervan doordrongen zijn dat hun verkiezingen gestolen werden, roeptoetert hier een parlementaire deugelite dat conservatief rechts klaar staat om ons Paleis der Naties te bestormen onder het zingen van 'De Stomme van Portici' en vendelzwaaiend met de leeuwenvlag. De kleinerende toxische toon van de verwendekindjesprogressieven, het klassieke groenlinkse venijn en het illiberaal gezwollen discours van de Open VLD zijn eerder brandversnellers dan brandblussers van de polarisatie en bulken zelf van totalitaire trekjes. Het zijn juist deze partijen die, niettegenstaande historische afstraffingen door de kiezer, zelf de verkiezingen van mei 2019 gestolen hebben, en al drie decennialang het cordon sanitaire misbruiken om zelf aan de macht te blijven. Alsof men een examen zou organiseren en de gebuisden hun punten zouden mogen samentellen om dan vóór de twee eersten te eindigen. Van zonneke-op tot zonneke-onder ging het hier elke dag over de verdorvenheid van Donald Trump in elk manipulatief duidingsprogramma. Voor de linkse deugelite was hij altijd al een schietschijf, zelfs letterlijk, zoals Nic Balthazar het plastisch verwoordde: 'Stel: je komt Trump tegen in een donker steegje en je hebt een colt bij je met twee kogels erin, wat doe je? Ik ben er nog niet uit.' Sedert de bestorming van het Capitool beleven de klassieke media en 'de Voornamen' nu hun Aha-erlebnis. Mainstream media gedroegen zich als poortwachters van het publieke debat, maar verloren dit monopolie aan de sociale media en roepen nu ook om censuur. De gelegenheid maakt de dief. Maar het zou goed zijn dat ze zelf eerst eventjes zouden knielen en aan introspectie doen. Muiterij komt voort uit woede. Er was geen giftig "America First" van Trump zonder een falende Obama, of zonder the deplorables ('de Minderen') van Hillary Clinton en zonder het schandpaalactivisme van de cancel culture. Er was geen Brexit en geen "We want our country Back" van Boris Johnson zonder een falend Europees migratiebeleid. Er was geen "Eigen Volk Eerst" van het Vlaams Blok zonder minachting voor de Vlaamse belangen en de falende Belgische migratiepolitiek. Beter dan de linkse Amerikaanse taalkundige Noam Chomsky kan ik het niet verwoorden: " If we do not believe in freedom of speech for those who we despise, we do not believe in it at all". Een wijs man die Amerikaanse mensenrechtenactivist. Het parlement is geen Ministerie van Waarheid en de sociale media zijn geen Grote Broer.