'Disruptie', een chic woord voor kapotmaken, was jarenlang de hoerakreet van Silicon Valley. Met disruptie door middel van digitale technologie zou een virtueel rijk van de vrijheid voor iedereen binnen bereik liggen. Maar na de maatregelen van Twitter en Facebook tegen de Amerikaanse president, vorige week, komen er zonder twijfel strengere spelregels voor de techreuzen. Nadat een agressieve meute het Capitool had bestormd, met verscheidene doden tot gevolg, sloten Twitter, Facebook en Instagram vorige week de accounts van Donald Trump. Op die kanalen had de incivieke president aangestuurd op politiek geweld. 'Staatsgevaarlijk' was niet het woord dat Silicon Valley gebruikte voor zijn boodschappen, maar dat was wel wat ze waren. Als krachtige digitale technologie, die op zichzelf ethisch neutraal is, voor perfide doeleinden wordt gebruikt, vergiftigt ze de samenleving.
...

'Disruptie', een chic woord voor kapotmaken, was jarenlang de hoerakreet van Silicon Valley. Met disruptie door middel van digitale technologie zou een virtueel rijk van de vrijheid voor iedereen binnen bereik liggen. Maar na de maatregelen van Twitter en Facebook tegen de Amerikaanse president, vorige week, komen er zonder twijfel strengere spelregels voor de techreuzen. Nadat een agressieve meute het Capitool had bestormd, met verscheidene doden tot gevolg, sloten Twitter, Facebook en Instagram vorige week de accounts van Donald Trump. Op die kanalen had de incivieke president aangestuurd op politiek geweld. 'Staatsgevaarlijk' was niet het woord dat Silicon Valley gebruikte voor zijn boodschappen, maar dat was wel wat ze waren. Als krachtige digitale technologie, die op zichzelf ethisch neutraal is, voor perfide doeleinden wordt gebruikt, vergiftigt ze de samenleving. Hoe hebben de digitale revoluties ons leven veranderd? We kennen allemaal de onmiskenbare voordelen, maar wat is de collateral damage die Mark Zuckerberg (Facebook) en Jack Dorsey (Twitter) hebben aangericht? Moeten bedrijven die wanstaltige winsten halen uit de schermverslavingen van gebruikers niet beter in het oog worden gehouden? Hoe maken we komaf met de monopolies van de techbedrijven? Meer regulering is op komst, zeker wel. Meer nog, door het afsluiten van Trumps accounts organiseren de socialemediabedrijven nu noodgedwongen hun eigen concurrentie. De Twitter-kloon Parler, bijvoorbeeld, werd plots een heel stuk populairder. Maar het komt allemaal laat, zeer laat zelfs. Net als Donald Trump zijn ook de disruptieve dealers van Silicon Valley al over hun hoogtepunt heen. Van Margrethe Vestager tot Steve Bannon: iedereen begrijpt dat het niet zomaar verder kan. In het debatprogramma De afspraak op vrijdag kreeg N-VA-voorzitter Bart De Wever vorige week vreemd genoeg niet de vraag hoe de rebellie van Trump moet worden bestraft. Dat was een gemiste kans bij iemand die in het verleden zo kleurrijk heeft gesproken over het einde van grote leiders, van de Romeinse keizers tot Kris Peeters (CD&V). Al helemaal omdat de argumenten voor een kordaat optreden tegen Trump duidelijk zijn: een democratie die dit soort aanvallen niet met tak en wortel uitroeit, organiseert haar eigen ondergang. De Wever veroordeelde het gedrag van Trump in duidelijke termen, al nam hij in een gelijktijdige beweging ook wat afstand van de mensen die 'schieten op de lijkwagen' van de president. De belangrijkste Vlaamse politicus, die zijn jarenlange aanvallen op de Reyerslaan binnenkort beloond ziet met een driedelige VRT-documentaire, sprak wél over de beteugeling van sociale media. 'Ik ben nog banger van een overheid, laat staan van een Zuckerberg,' zei hij, 'die mag beslissen wie wat nog mag zetten en waarop.' Dat voorbehoud is terecht. De Wever vergeleek het debat met de onrust na de verspreiding van de boekdrukkunst, die hij in het heetst van de strijd in de dertiende eeuw leek te situeren. Die vergelijking is zinvol, zoals ook de listige historische roman Wildevrouw van Jeroen Olyslaegers aantoont, waarin gedrukte boeken en de godsdienstoorlogen in de zestiende eeuw een spiegel vormen voor sociale media en de cultuuroorlogen van vandaag. De vergelijking van De Wever suggereert terecht dat je nieuwe technologie niet kunt tegenhouden, en dat je dat vooral ook niet moet willen. Maar het wil ook niet zeggen dat je dan maar alles moet toelaten. Het aanzetten tot geweld is strafbaar, bijvoorbeeld, en hoort dat ook te blijven. Ook op Twitter. Donald Trump heeft veel te lang ongestraft zijn volgers mogen ophitsen. Toen De Wever de vraag kreeg wie dan wel moet reguleren - als de overheid het niet mag doen en Mark Zuckerberg evenmin - begon hij over iets anders. De oplossing is anders eenvoudig. Ze bevindt zich ergens in het midden tussen de tirannie van de vrije markt en de tirannie van de staat. Breek de monopolies van Zuckerberg en Dorsey (en Jeff Bezos, en Sundar Pichai, en Tim Cook) af, stel paal en perk aan flagrante misbruiken van de sociale media, en laat het ondertussen ronduit gevaarlijke idee los dat een boodschap op Twitter 'maar een tweetje is'. Vandaag is een welgemikte Twitter-campagne zoveel explosiever dan gelijk welk boek. Dat betekent wel dat de vrije markt in Silicon Valley en elders flink bijgestuurd moet worden. Het betekent ook dat we eindelijk de achterkant van de gehypete disruptie onder ogen zien.