Kiloknallers. Zo noemen ze in Nederland de spotgoedkope varkenslapjes, kippenbouten of braadworsten die supermarkten in hun promotiefolders aanprijzen. Van een dierenwelzijnskeurmerk is meestal geen sprake, van een hoge kwaliteit evenmin.
...

Kiloknallers. Zo noemen ze in Nederland de spotgoedkope varkenslapjes, kippenbouten of braadworsten die supermarkten in hun promotiefolders aanprijzen. Van een dierenwelzijnskeurmerk is meestal geen sprake, van een hoge kwaliteit evenmin. Geen wonder dat zowel dierenliefhebbers en milieubewuste consumenten als shoppers die zo gezond mogelijk willen eten hun winkelkar met een grote boog om die aanbiedingen heen sturen. Als ze zich dat tenminste kunnen veroorloven. Mensen die hun gezin met één schamel inkomen moeten onderhouden of van een uitkering leven, hebben die luxe meestal niet. Zij zien geen andere mogelijkheid dan die kiloknallers te kopen, want biologische rundslapjes, quornburgers, kabeljauw of notenmengelingen zijn hen veel te duur.Natuurlijk is Dagen Zonder Vlees, waaraan een dikke honderdduizend Vlamingen vanaf deze week deelnemen, een nobel en nuttig initiatief. Maar laten we niet vergeten dat er ook veel mensen zijn voor wie elke dag deugdelijk vlees eten nog altijd een statussymbool is waar ze alleen van kunnen dromen. 'Als je moet schrapen om je kinderen een koteletje of kippenborst te kunnen voorzetten, lijken biologische biefstukken of vegetarische burgers wel heel erg decadent', vertelde een werkloze moeder van drie me onlangs. Dan zullen ecologische voetafdrukken en lijdende dieren haar wel worst wezen, zou je denken. Maar dat is niet zo. Nadat ze een bloederige reportage over de praktijken in een slachthuis had gezien, besloot ze vorig jaar mee te doen met de vleesloze dagen. Amper een week hield ze het vol. 'Tegen die tijd was mijn halve maandbudget er al door', legde ze me uit. 'Het is niet moeilijk om vlees uit je menu te schrappen maar wel om het te vervangen door ingrediënten die echt lekker zijn én de noodzakelijke voedingsstoffen bevatten. Om de kosten te drukken, wisselden we dan maar af: een dag tofu of quorn en dan drie dagen goedkoop varkensgehakt.'Bladerend door de aanbiedingsfolders besefte ik pas dat ze niet overdreef. Balletjes in tomatensaus met gekookte aardappelen zet je deze week al voor 1,75 euro per persoon op tafel. Een portie groenteballetjes met prinsessenbonen en bruine rijst kost minstens 3,80 euro.En dat geldt niet alleen voor vegetarische maaltijden. Uit een Brits onderzoek bleek een paar jaar geleden al dat gezond eten tot drie keer duurder is dan ongezonde voeding. Ook bij ons gaat het volgens gezondheidseconoom Lieven Annemans die richting uit. Het is dan ook geen toeval dat nog nooit zoveel Belgen pakketten zijn gaan ophalen bij de Voedselbank. Alle goede bedoelingen ten spijt, is de keuze daar natuurlijk heel beperkt. En in de supermarkt is het al niet veel beter. Mensen die amper rondkomen, zijn er meestal veroordeeld tot goedkope producten die veel vet, suiker en zout bevatten. Hoog tijd dat daar iets aan wordt gedaan. Met een échte taks op ongezonde voeding, bijvoorbeeld, waarvan de opbrengst rechtstreeks wordt geïnvesteerd in het aanwakkeren van gezonde eetgewoontes. Waarom worden scholen bijvoorbeeld niet verplicht om gezonde, al dan niet vegetarische happen goedkoper aan te bieden dan vette gerechten? En kan de overheid supermarkten geen duw in de rug geven om gezondere kiloknallers te annonceren? Erg rendabel kan het niet zijn om een kilo gehakt te verkopen tegen 3,49 euro of 0,90 cent aan te rekenen voor een pakje hespenworst. Misschien een idee om eens uit te pakken met fabuleus afgeprijsde veggieburgers, kikkererwten, tofureepjes of pecannoten? Door zulke ingrepen zouden veel meer mensen de mogelijkheid hebben om voor gezondere voeding te kiezen. En daar worden we uiteindelijk allemaal beter van. Niet alleen omdat dat voordelig is voor de sociale zekerheid, maar ook omdat onze collectieve voetafdruk een pak kleiner zou kunnen worden als iedereen minder vaak vlees eet. Als dat geen kiloknaller van een aanbod is.