Michel was al de jongste premier van België, hij wordt nu ook de jongste voorzitter van de Europese Raad sinds die functie tien jaar geleden in het leven werd geroepen. Michel, die op 21 december 1975 het levenslicht zag, kreeg de politiek dan ook met de paplepel toegediend. De zoon van Louis Michel haalde zijn licentiaat in de rechten aan de ULB en de Universiteit van Amsterdam, maar hij wachtte het einde van zijn studies niet af om zijn eerste stappen in de politiek te zetten.

In 1994 - hij was toen amper achttien jaar - raakte Michel verkozen tot provincieraadslid in Waals-Brabant. Vijf jaar later maakte Michel als jongste lid van het halfrond zijn entrée in de Kamer. Zijn loopbaan kende een steile vlucht toen partijvoorzitter Daniel Ducarme hem in oktober 2000 naar Namen stuurde om er Jean-Marie Sévérin op te volgen als minister van Binnenlands Bestuur en Ambtenarenzaken in de Waalse regering.

In 2004 schoof de PS in het Waals en Brussels gewest en de Franse gemeenschap de MR aan de kant, maar drie jaar later maakte Michel alweer zijn intrede in de federale regering Verhofstadt III, waar hij bevoegd werd voor Ontwikkelingssamenwerking. Vanaf 2011 zou Michel zich volop profileren als partijvoorzitter van de Franstalige liberalen.

Vanuit die positie manoeuvreerde hij zich in de frontlinie voor de regeringsvorming in 2014. Op 22 juli stuurde koning Filip Michel samen met Kris Peeters in zee om een federale regering te smeden. Aanvankelijk ging iedereen ervan uit dat Peeters premier zou worden. De verrassing was compleet toen CD&V plots al haar eieren in het mandje van Marianne Thyssen legde voor de job van Europees commissaris en daardoor Peeters de sleutel van de Wetstraat 16 door zijn handen zag glippen. Daardoor kwam het premierschap bij de liberale familie, en uiteindelijk Charles Michel, terecht.

Zo werd Michel op zijn 38ste de jongste Belgische premier ooit. Een premier aan het hoofd van een onuitgegeven coalitie tussen drie Vlaamse partijen (CD&V, N-VA en Open Vld) en slechts één Franstalige partij (MR). Die coalitie, ook de kamikazecoalitie of Zweedse coalitie genoemd, reed op zijn zachtst gezegd een hobbelig parcours. De regering had de ambitie een sociaaleconomische herstelregering te zijn met als motto 'jobs, jobs, jobs', maar die ambitie werd vaak overschaduwd door interne twisten.

Dat de regering de bijnaam 'kibbelkabinet' kreeg, is geen toeval. Eind 2018 was er dan de ruzie te veel. Uit onvrede met het VN-migratiepact stapt coalitiepartner N-VA uit de regering. Het was in 2014 ook uitkijken of de aanwezigheid van N-VA in de federale regering het traditioneel pro-Europese beleid van België zou bijsturen. De Vlaams-nationalisten hadden zich immers net aan de Britse conservatieven gelieerd, maar premier Michel bleef zich internationaal volop profileren als een overtuigde Europeaan die ons land "in de cockpit" van de Europese besluitvorming wou manoeuvreren.

Michel deed zich een eerste keer opmerken toen hij in de lente van 2015 zijn woede ventileerde over een informeel onderonsje tussen Frankrijk en Duitsland over de Griekse crisis. "De Belgische regering heeft Frankrijk noch Duitsland een mandaat gegeven om in haar naam te onderhandelen." In de herfst van 2016 trad Michel opnieuw op het voorplan op het Europese toneel, maar ditmaal in een minder comfortabele positie. De premier moest alle zeilen bijzetten nadat de Waalse regering de ondertekening van het Europees-Canadese vrijhandelsverdrag blokkeerde en de Belgische constructie een mal figuur sloeg in de internationale pers. Uiteindelijk werd de crisis met een intern Belgisch compromis bezworen. Zoniet "zou de schade omvangrijk geweest zijn voor het Europees project en voor België", blikte Michel nadien terug.

Michel onderhield steeds goede relaties met de Duitse bondskanselier Angela Merkel. Toen Emmanuel Macron met een uitgesproken Europees programma president van Frankrijk werd, vond de Belgische premier ook in Parijs een grote bondgenoot. Michel steunde meermaals de ambitieuze hervormingen van Macron voor het Europese project, dat na het traumatiserende brexit-referendum en de opkomst van het populisme een "nieuw elan" nodig had en dringend zijn meerwaarde moest tonen met concrete resultaten op domeinen als de eurozone, migratie en defensie.

De voorzitter van de Europese Raad heeft als belangrijkste opdracht om de Europese toppen voor te bereiden en compromissen te smeden tussen de 28 lidstaten. Zijn rol als Europees "bruggenbouwer" probeerde Michel vorig jaar al eens uit, toen de liberaal een tiental staatshoofden en regeringsleiders uit alle windrichtingen en politieke partijen ontving voor een onuitgegeven diner op Hertoginnedal.

Michel wurmde zich nog verder in het zenuwcentrum van de Europese besluitvorming toen hij dit voorjaar samen met de Nederlandse premier Mark Rutte werd aangeduid als liberale onderhandelaars voor de verdeling van de Europese topjobs. Hij heeft er nu zelf één te pakken.

Het mandaat van zijn voorganger Donald Tusk verstrijkt op 1 december. Michel zal meteen aan de bak mogen. Er is niet enkel de brexit die tegen eind oktober zijn beslag zou moeten kennen. Tegen het einde van het jaar moeten de lidstaten het eens raken over de verdeling van honderden miljarden euro's in de meerjarenbegroting van 2021 tot 2027. Dat is een titanenwerk dat ook zijn Belgische voorganger slapeloze nachten heeft gekost.