Het is enigszins verrassend dat Meyrem Almaci zich opnieuw kandidaat stelt als voorzitter van haar partij. Zeker nu er met Björn Rzoska een stevige en allerminst symbolische tegenkandidaat is. De eerste reacties op haar uitdager waren bovendien bijna unaniem positief. Rzoska heeft zich doorheen zijn parlementaire carrière bij vriend en vijand een imago gekregen van degelijkheid, verstandige gematigheid, intelligentie en hoffelijkheid. Dat zijn vier eigenschappen die zouden moeten volstaan om van hem de ideale kandidaat te maken om Almaci op te volgen.
...

Het is enigszins verrassend dat Meyrem Almaci zich opnieuw kandidaat stelt als voorzitter van haar partij. Zeker nu er met Björn Rzoska een stevige en allerminst symbolische tegenkandidaat is. De eerste reacties op haar uitdager waren bovendien bijna unaniem positief. Rzoska heeft zich doorheen zijn parlementaire carrière bij vriend en vijand een imago gekregen van degelijkheid, verstandige gematigheid, intelligentie en hoffelijkheid. Dat zijn vier eigenschappen die zouden moeten volstaan om van hem de ideale kandidaat te maken om Almaci op te volgen.Het zou van veel vooruitziend strategisch inzicht getuigd hebben mocht Almaci Rzoska meteen gesteund hebben. Na de veel kleiner dan verwachte verkiezingszege van Groen zou dit bovendien blijk gegeven hebben van een verstandige en heilzame zelfkritiek. Natuurlijk was dat tegenvallende resultaat niet aan Almaci alleen te wijten, maar een voorzitter is nu eenmaal verantwoordelijk voor de lijn van een partij, de manier waarop campagne is gevoerd en de communicatie achteraf. Op veel van die terreinen heeft Groen grote steken laten vallen. In de aanloop naar de verkiezingen leek de partij door het succes van de klimaatmarchen bij momenten te zegezeker. Er werd niet geluisterd naar waarschuwingen om overenthousiaste pubers niet de campagne te laten bepalen. Groen maakte de grote fout door zich eens te meer als een te eenzijdige klimaatpartij te profileren. Vooral Kristof Calvo gaf blijk van overmoed en viel door een gebrek aan voorbereiding tot drie keer toe door de mand tijdens debatten over bedrijfswagens. Dat niet voorzien was dat politieke tegenstanders Groen zouden proberen te pakken op dat terrein is haast onbegrijpelijk. Een verstandige voorzitter had moeten inzien dat men zou proberen Groen voor te stellen als een partij die omwille van een strakke ideologie de welstand van de burgers zou in gevaar brengen. Dat was blijkbaar een besef dat men aan de top van de partij te weinig had. Calvo, die net zoals Almaci bij momenten drammerig en eigenwijs overkomt, bleef het gezicht van de campagne. Zij lieten zich omringen door weinig kritische aanhangers met een gebrek aan politieke ervaring. Rzoska, nochtans fractieleider in het Vlaams Parlement, werd weinig uitgespeeld. Hij mocht pas heel laat in de zomer een kamikaze-voorstel doen om Groen alsnog in de Vlaamse regering te krijgen.Te vrezen valt ook dat Almaci, waarschijnlijk onder druk van Calvo, veel te weinig afstand heeft genomen van Ecolo. Bij momenten leek het wel of de Franstalige zusterpartij bepaalde of Groen wel in dezelfde kamer als de N-VA mocht zitten. Groen leek zich neer te leggen bij de bepaald ongenuanceerde dictaten van Ecolo, een partij die vanuit Franstalig België bepaalde wat er in Vlaanderen volgens hun politiek-correcte bijbel mocht gedaan worden. Almaci had hier wat meer op haar Vlaamse strepen moeten staan en de Franstalige ecologisten duidelijk maken dat politieke realiteiten in verschillende gewesten verschillend kunnen zijn. De toekomstige piepjonge co-voorzitter van Ecolo heeft tot nu toe nog maar één verklaring afgelegd : dat ze niet met de N-VA wil praten. De vraag kan gesteld worden wie de politieke lijn van de gemeenschappelijke fractie van Groen en Ecolo zal bepalen. Als Groen niet wat beleefde afstand neemt van Ecolo zou ze het in Vlaanderen moeilijk kunnen krijgen om door te gaan voor een zelfstandige partij...Na de verkiezingen leek het wel of Groen uitgeteld in de touwen hing. De hypercomunicatieve Calvo leek zich wel in het verborgene teruggetrokken te hebben en hulde zich in een totaal mutisme. Almaci slaagde er niet in om haar partij terecht als weliswaar bescheiden winnaar uit te spelen tegen de verliezers. Kostbare weken gingen verloren. De politieke directeur werd ontslagen, maar van verdere zelfkritiek was weinig sprake. De analyse die de partij zelf van de campagne maakte, was bijzonder gematigd. Het tegenvallend resultaat was eigenlijk alleen maar de fout van stoute klimaatontkenners en boze internettrollen. Alsof niemand het aandurfde om de verantwoordelijke kopstukken aan te vallen.Het is bijzonder jammer voor de partij dat Meyrem Almaci wil doorgaan. Rzoska zou de mislukte campagne van Groen kunnen doen vergeten en een nieuw elan geven. Ook is hij de ideale man om vanuit zijn Vlaamse gevoeligheid een gezondere verhouding met Ecolo uit te bouwen.Ik zou zeker op hem stemmen, mocht ik nog lid zijn van Groen. Maar ik vrees dat de meerderheid van de leden het niet zal aandurven om Almaci weg te stemmen, omdat zij dit zullen zien als een onverdiend desaveu van een verdienstelijk voorzitter. De stemming zal bepaald worden door dat soort emoties en helaas niet door een doordachte strategie, die de partij deze zomer zelf intern had moeten durven bepalen. Almaci had haar eergevoel opzij moeten zetten en beseffen dat na een lange periode als voorzitter het voor niemand een schande is om plaats te maken voor iemand anders. Zeker als die andere Björn Rzoska is.