In discussies over klimaatverandering blijft één van mijn vrienden erop hameren: 'Het probleem is gewoon dat we met te veel mensen zijn.' Een andere vriend van me vroeg me bij het kraambezoek van mijn eerste zoon: 'Heb je ook overwogen om het zonder kinderen te doen; om onze planeet in ieder geval niet nog meer te belasten?' Toen hij en zijn vriendin op vliegvakantie vertrokken naar Australië heb ik daar eens goed over nagedacht.

Mijn vriend is overigens niet de enige die deze vraag stelt. Het Amerikaanse congreslid voor de democraten Alexandria Ocasio-Cortez, voorvechter voor de Green New Deal en razend populair onder progressieve jonge Amerikanen meende ook dat het een 'legitieme en morele vraag' is of we wel aan kinderen moeten beginnen. Niet zozeer omdat het kleine vervuilers zijn maar omdat klimaatverandering hun leven wel eens heel negatief zou kunnen beïnvloeden. Veel sterker drukten Blythe Pepino en Alice Brown zich uit van de Britse beweging Birth strike. Ze zeggen 'doodsbang' te zijn voor de bijna onafwendbare apocalyps die volgens hen op handen is. Pepino mocht recent aanschuiven bij de BCC, Fox news, en de Nederlandse publieke omroep om haar tamelijke deprimerende verhaal te vertellen. Pepino en haar vriend willen geen kinderen omdat er 'geen toekomst' voor ze zou zijn als gevolg van klimaatverandering.

Bewust kinderloos blijven uit ecologische overwegingen is niet heroïsch maar capitulatie aan status quo.

De Nederlandse kunstenares Katinka Simonse, beter bekend onder haar pseudoniem Tinkebell, nam nog drastischere stappen. In haar documentaire Save our childeren (2013) vroeg zij aandacht voor de uitputting van de fosfaatvoorraden, één van de essentiële grondstoffen voor het maken van kunstmest. Raakt de fosfaatvoorraad uitgeput, en dat is op lange termijn niet ondenkbaar, dan is het met de kennis van nu onmogelijk om de gehele wereldbevolking van voedsel te voorzien. En hoewel verschillende experts in de documentaire de urgentie van het fosfaattekort nuanceren besluit Tinkebell haar 'verantwoordelijkheid te nemen' zoals ze zelf zegt. Ze laat zich steriliseren. De kijker mag alles zien, ook de operatie. De documentaire eindigt met een close-up van het huilende gezicht van Tinkebell/Katinka die langzaam uit de narcose wakker wordt.

Paul Schraders film First Reformed (2018) handelt ook over deze problematiek. De gedesillusioneerde milieuactivist Mike ontdekt dat zijn vriendin zwanger is. Voor Mike is er geen twijfel, dit kind heeft geen toekomst en smeekt zijn vriendin om een abortus. Als zij weigert ziet hij geen andere uitweg dan einde te maken aan zijn leven. Deze film van Paul Schrader laat op dramatische wijze zien waar de redenatie van Tinkebell en de Birthstrikers in het uiterste geval toe kan leiden. Naar een toekomstbeeld dat alle zin en hoop aan het leven onttrekt.

Bevolkingsgroei is vanzelfsprekend een belangrijke factor wanneer we naar impact op de planeet kijken. Het is alleen slechts een deel van het probleem.

Wanneer jonge koppels zich vandaag terughoudend opstellen om aan kinderen te beginnen, wordt dat veelal onderbouwd door twee argumenten. Ten eerste: meer mensen zorgen voor meer vervuiling. En verder, klimaatverandering zal zorgen voor een onleefbare wereld. Toen een half jaar geleden onze tweede 'vervuiler' werd geboren, passeerden beide argumenten de revue tijdens de kraambezoeken.

Bevolkingsgroei is vanzelfsprekend een belangrijke factor wanneer we naar impact op de planeet kijken. Het is alleen slechts een deel van het probleem.

Tussen 1900 en 2010 groeide de wereldbevolking van 1,65 naar 6,9 miljard mensen, dat een verviervoudiging. Het lijkt zo'n logisch verhaal: minder mensen = minder vervuiling. Het verbruik van fossiele brandstoffen groeide echter veel sneller dan de stijging van de wereldbevolking: in 1900 verstookten we als mensheid nog 825 Megaton kolen, in 2010 groeide dat naar 7273Mt, een groei met factor 9 tegenover de factor 4 van de groei van de wereldbevolking. Daarbij zijn we ook nog veel meer olie en gas gaan gebruiken. De productie van ruwe olie lag in 1900 nog op 21Mt, in 2010 was dat met factor 186 toegenomen naar maar liefst 3913Mt. Plastics kwamen tot 1950 amper voor, in 2000 wordt er ongeveer 200Mt plastic gemaakt; dat aantal groeide door naar 265Mt in 2010, zo schrijft Vaclav Smil in Making the Modern World: Materials and Dematerialization.

Zelfs wanneer we dus in staat zouden zijn om met respect mensenrechten naar een 0% groei van de wereldbevolking kunnen gaan, of zelfs richting een krimpscenario (dit is uiterst onwaarschijnlijk op korte termijn) dan moet er alsnog fundamenteel iets wijzigen in de manier waarop wij consumeren en met grondstoffen omgaan. De focus leggen op bevolkingsgroei is onrealistisch, lastig uit te voeren en al snel ethisch discutabel. Bovendien is het geboortecijfer in Europa al vrij laag; er is dus meer te winnen door naar consumptie en productie te kijken.

Het argument dat de wereld op korte termijn als gevolg van de opwarming, uitputting van natuurlijke hulpbronnen en milieuverontreiniging niet meer leefbaar zou moet ook genuanceerd worden. Gerenommeerde klimaatinstituten zoals het IPCC waarschuwen inderdaad voor de dramatische gevolgen van klimaatverandering. Hun modellen laten echter wel ruimte voor verschillende scenario's. Doen we als mensheid niets dan ziet de toekomst er voor ons en onze toekomstige generaties er inderdaad heel slecht uit. Maar als we collectief nu in actie komen kan de schade nog worden beperkt, daarover zijn de meeste klimaatwetenschappers het wel over eens. De Birth strikers nemen een voorsprong op het meest dramatische scenario, maar wetenschappelijk onderbouwd is dat niet. Dat is een voorspelling van een onafwendbare Apocalyps nooit.

Natuurlijk moeten we de mogelijke gevolgen van klimaatverandering voor volgende generaties niet minimaliseren. Maar we moeten ook niet doen alsof alleen een leven in Teletubbieland voor onze kinderen zinvol is. Voor mijn generatie, de millenials, is het misschien moeilijk om voor te stellen, maar iedere generatie wordt geconfronteerd met rampen, dreiging, of oorlog. Onze ouders voelden als kind concreet de dreiging van een allesvernietigende kernoorlog, de meeste van onze grootouders maakten als kind nog de Tweede Wereldoorlog mee.

De transitie naar een wereldwijde duurzame levenswijze stelt de mensheid ongetwijfeld voor enorme uitdagingen. Maar niemand kan ontkennen dat er naast de vele stappen achteruit ook stappen voorwaarts worden gemaakt. In vrijwel elke sector van de samenleving zijn er verontruste burgers, milieuactivisten, wetenschappers en technici aan het werk zijn om deze problemen het hoofd te bieden. Wie meent dat het leven voor toekomstige generaties onleefbaar wordt, beweert impliciet dat alle huidige inspanningen voor natuurbescherming en verduurzaming daarmee zinloos zijn. Bovendien laat je de echte vervuilers zoals de zware industrie, overconsumerende jetsetters, en oliegiganten je van één van de meest betekenisvolle menselijke ervaringen beroven. Bewust kinderloos blijven om ecologische motieven is dus niet heroïsch maar een capitulatie aan de status quo. Die overwinning mag de onverschillige vervuiler niet worden gegund.

De klimaatmarsen van scholieren en studenten zijn het hoopvolle teken dat er generatie opgroeit die misschien wel de vitaliteit heeft om iets fundamenteels te veranderen.

Wie om ecologische redenen niet voor kinderen kiest laat bovendien een mogelijkheid liggen om een nieuwe generatie groot te brengen die vanaf jongs af aan op een bewustere manier omgaat met het milieu. De klimaatmarsen van scholieren en studenten zijn het hoopvolle teken dat er generatie opgroeit die misschien wel de vitaliteit heeft om iets fundamenteels te veranderen. Door de openheid naar nieuw leven af te sluiten wordt alle hoop op een betere toekomst ontnomen. Het gevaar is dan dat we ons bij de dystopische toekomstbeelden neerleggen.

Mocht je over dit alles toch nog je twijfels hebben, bedenk dan dat er wereldwijd tijdens het lezen van dit artikel ongeveer 1200 kinderen zijn geboren. Sommige in goede ziekenhuizen hier in België, andere in conflictgebieden of misschien wel als klimaatvluchteling in een tentenkamp. Aan al die kinderen zijn wel het verplicht om te zorgen dat er wel een toekomst voor hen is.

Jan van Ballegooijen (1984) woont in Antwerpen en is zelfstandig architect en onderzoeker in België en Nederland. Naast zijn werk als architect schrijft hij over architectuur en stedenbouw.