Terwijl het Spaans gerecht voor de derde maal in amper twee jaar tijd de uitlevering vraagt van Carles Puigdemont, valt de Hoge vertegenwoordiger van de Europese Unie, de Spanjaard Josep Borrell, het Belgisch gerecht frontaal aan. Vermeende ETA-terroristen kunnen volgens hem 'rustig in België leven'. Ook de Spaanse regering sprak al herhaaldelijk dreigende taal tegen België: Lever hem uit of er komen 'gevolgen'! Zelfs premier Sánchez beloofde dat hij ervoor zou zorgen dat de in België verblijvende Catalaan voor een Spaanse rechtbank zou verschijnen. Hoe? 'Het Spaanse parket hangt toch van de regering af', zo klonk het in het heetst van de verkiezingscampagne. Een faux pas waarvoor later excuses volgden, maar waar nochtans geen letter van gelogen is.

België moet de rechtsstaat verdedigen en Spanje op het matje roepen.

Terwijl de Europese Unie zich drukt maakt over Polen en Hongarije, krijgt Spanje vrij spel om nog verder te gaan, zonder enig gevolg. Het chanteert nu zelfs België. Dat de uitlevering van Puigdemont in handen ligt van het gerecht en niet van de federale regering, weten Borrell en de Spaanse regering nochtans al te best. De Belgische regering, die hult zich tot nu toe in stilzwijgen. Dit kan niet langer: de Spaanse aanvallen op de onafhankelijkheid van het Belgisch gerecht moeten kordaat veroordeeld worden.

Is Spanje wel een ernstige rechtsstaat?

Dat de Spaanse premier Sánchez erover pochte dat hij via de Spaanse hoofdaanklager er wel voor zou zorgen dat Puigdemont in Madrid berecht zou worden, deed de politieke goegemeente steigeren in Spanje. Hij zou daarmee de onafhankelijkheid van het gerecht in vraag hebben gesteld. Nochtans is de huidige procureur-generaal rechtstreeks benoemd door de regering Sánchez, die diens conservatieve voorganger ontsloeg nog geen drie weken nadat de socialistische regering Sánchez aan de macht kwam.

Zo'n verontwaardiging hoorden we een jaar geleden niet toen de WhatsApp-berichtjes van de conservatieve fractieleider Ignacio Cosidó uitlekten en dramatisch duidelijk werd wat iedereen al vermoedde: de Spaanse socialisten en conservatieven versjacheren als vanouds de belangrijkste postjes in het Spaans gerecht onder elkaar. Wat nog veel erger is, is dat uit de WhatsApps bleek dat Manuel Marchena, de voorzitter van de strafkamer van het Hooggerechtshof - de kamer die de 9 Catalaanse politici en ngo-leiders veroordeelde tot monsterstraffen - een protegee is van de conservatieve Partido Popular. De volle betekenis van de woorden van Rajoy's oud-vicepremier, Soraya Sáenz de Santamaría, wordt zo duidelijk: "Dankzij de regering Rajoy hebben [de Catalaanse onafhankelijkheidspartijen] ERC en Junts per Catalunya geen leiders. Ze zijn onthoofd." In eender welke ernstige rechtsstaat had dit geleid tot een zware institutionele crisis. Niet in Spanje. Borrell heeft België dan ook geen enkele les te geven.

De herhaalde Spaanse dreigementen tegen België kunnen maar twee doelen hebben: Spanje wil de Belgische regering onder druk zetten om tussenbeide te komen in de rechtsgang of men wil het Belgisch gerecht zelf onder druk zetten.

De herhaalde Spaanse dreigementen tegen België kunnen maar twee doelen hebben: Spanje wil de Belgische regering onder druk zetten om tussenbeide te komen in de rechtsgang of men wil het Belgisch gerecht zelf onder druk zetten. Beiden zijn in een rechtsstaat absoluut onaanvaardbare inmengingen. Dat dit komt van de regering van een andere EU-lidstaat en van Europees Commissaris Borrell, die tot voor kort nog Spaans minister van Buitenlandse Zaken was, is bijzonder zorgwekkend.

Politieke vervolging via het gerecht

Het gepolitiseerde Spaans gerecht zorgt ervoor dat politieke dissidenten monddood worden gemaakt. Het gaat niet enkel over Catalaanse politici, maar ook over al te kritische kunstenaars, rappers, acteurs, artiesten en minderheden. Zo werd de Mallorcaanse rapper Valtònyc veroordeeld tot 3,5 jaar gevangenis voor de rap die hij op zijn 18e zong. Volgens het Spaans gerecht maakte hij zich schuldig aan majesteitsschennis en verheerlijking van terrorisme, beschuldigingen die keer op keer worden gebruikt tegen politieke tegenstanders. Ook deze rapper bevindt zich in België en wordt gezocht door Spanje. De raadkamer van Gent veegde de beschuldigingen eerder al van tafel en besliste de rapper niet uit te leveren.

Ook het Verenigd Koninkrijk kreeg opnieuw een verzoek tot uitlevering: Clara Ponsatí, de voormalige minister van Onderwijs van de Catalaanse regering, wordt gezocht voor haar rol in de organisatie van het onafhankelijkheidsreferendum. 'De organisatie van een referendum is niet strafbaar', zo klinkt het nochtans bij premier Sánchez, die beloofde dit op te nemen in het Spaanse strafwetboek. Josep Borrell, de EU's Hoge vertegenwoordiger, trok nauwelijks een maand geleden ook al de onafhankelijkheid van het Spaanse gerecht ongewild in het belachelijke. Zo becommentarieerde hij vrolijk op Twitter gerechtelijke details over de Europese uitleveringsprocedure van Ponsatí, details die geheim zijn en waar enkel het gerecht toegang toe mag hebben. De Europese Commissie tikte Borrell even op de vingers en daar bleef het bij. En dus doet hij het opnieuw.

Internationale geloofwaardigheid Europese Unie onder vuur

Ook het democratische gehalte van de EU lijdt al een tijd onder de Catalaanse obsessie van Madrid. Zo wordt de uitoefening van het mandaat van drie verkozen Europarlementsleden, waaronder Puigdemont, verhinderd onder voorwendsel van het niet naleven van administratieve procedures in Spanje. De advocaat-generaal van het Europees Hof van Justitie, Maciej Szpunar, bracht zijn advies uit: de drie zijn al Europarlementsleden en zijn dat enkel door het feit dat ze verkozen werden in een stembusgang waar ze mochten aan deelnemen. Het Hof zal donderdag bekend maken of het dit advies zal volgen. Dat is doorgaans het geval en zou een zware klap zijn voor Madrid én dit keer ook voor de geloofwaardigheid van het Europees Parlement zelf.

Ondertussen publiceren Chinese staatszenders Engelstalige artikels en filmpjes waarin ze de 'twee maten en gewichten van het Westen' hekelen wanneer het over Hong Kong en Catalonië gaat. China is geen uitzondering: ook andere Aziatische landen wezen bij Europese kritiek op de aanpak van hun nationale minderheden naar het geval van Catalonië. De internationale geloofwaardigheid van de EU wordt zo ondermijnd. Het wordt dus tijd dat actie ondernomen wordt, door onze Europese instellingen, maar ook door onze Belgische regering, die de herhaaldelijke aanvallen van Spanje op de onafhankelijkheid van het Belgische gerecht nu wel eens een halt mag toeroepen. De Spaanse ambassadeur moet op het matje geroepen worden, net zoals de Hoge vertegenwoordiger van de EU zelf. Excuses van de Spaanse regering voor de uitspraken van haar verschillende (oud-) regeringsleden is hierbij het minimum. De boodschap moet duidelijk zijn: aan de fundamenten van de rechtsstaat, zoals een onafhankelijk gerecht, wordt niet geraakt.

Terwijl het Spaans gerecht voor de derde maal in amper twee jaar tijd de uitlevering vraagt van Carles Puigdemont, valt de Hoge vertegenwoordiger van de Europese Unie, de Spanjaard Josep Borrell, het Belgisch gerecht frontaal aan. Vermeende ETA-terroristen kunnen volgens hem 'rustig in België leven'. Ook de Spaanse regering sprak al herhaaldelijk dreigende taal tegen België: Lever hem uit of er komen 'gevolgen'! Zelfs premier Sánchez beloofde dat hij ervoor zou zorgen dat de in België verblijvende Catalaan voor een Spaanse rechtbank zou verschijnen. Hoe? 'Het Spaanse parket hangt toch van de regering af', zo klonk het in het heetst van de verkiezingscampagne. Een faux pas waarvoor later excuses volgden, maar waar nochtans geen letter van gelogen is. Terwijl de Europese Unie zich drukt maakt over Polen en Hongarije, krijgt Spanje vrij spel om nog verder te gaan, zonder enig gevolg. Het chanteert nu zelfs België. Dat de uitlevering van Puigdemont in handen ligt van het gerecht en niet van de federale regering, weten Borrell en de Spaanse regering nochtans al te best. De Belgische regering, die hult zich tot nu toe in stilzwijgen. Dit kan niet langer: de Spaanse aanvallen op de onafhankelijkheid van het Belgisch gerecht moeten kordaat veroordeeld worden. Dat de Spaanse premier Sánchez erover pochte dat hij via de Spaanse hoofdaanklager er wel voor zou zorgen dat Puigdemont in Madrid berecht zou worden, deed de politieke goegemeente steigeren in Spanje. Hij zou daarmee de onafhankelijkheid van het gerecht in vraag hebben gesteld. Nochtans is de huidige procureur-generaal rechtstreeks benoemd door de regering Sánchez, die diens conservatieve voorganger ontsloeg nog geen drie weken nadat de socialistische regering Sánchez aan de macht kwam. Zo'n verontwaardiging hoorden we een jaar geleden niet toen de WhatsApp-berichtjes van de conservatieve fractieleider Ignacio Cosidó uitlekten en dramatisch duidelijk werd wat iedereen al vermoedde: de Spaanse socialisten en conservatieven versjacheren als vanouds de belangrijkste postjes in het Spaans gerecht onder elkaar. Wat nog veel erger is, is dat uit de WhatsApps bleek dat Manuel Marchena, de voorzitter van de strafkamer van het Hooggerechtshof - de kamer die de 9 Catalaanse politici en ngo-leiders veroordeelde tot monsterstraffen - een protegee is van de conservatieve Partido Popular. De volle betekenis van de woorden van Rajoy's oud-vicepremier, Soraya Sáenz de Santamaría, wordt zo duidelijk: "Dankzij de regering Rajoy hebben [de Catalaanse onafhankelijkheidspartijen] ERC en Junts per Catalunya geen leiders. Ze zijn onthoofd." In eender welke ernstige rechtsstaat had dit geleid tot een zware institutionele crisis. Niet in Spanje. Borrell heeft België dan ook geen enkele les te geven. De herhaalde Spaanse dreigementen tegen België kunnen maar twee doelen hebben: Spanje wil de Belgische regering onder druk zetten om tussenbeide te komen in de rechtsgang of men wil het Belgisch gerecht zelf onder druk zetten. Beiden zijn in een rechtsstaat absoluut onaanvaardbare inmengingen. Dat dit komt van de regering van een andere EU-lidstaat en van Europees Commissaris Borrell, die tot voor kort nog Spaans minister van Buitenlandse Zaken was, is bijzonder zorgwekkend. Het gepolitiseerde Spaans gerecht zorgt ervoor dat politieke dissidenten monddood worden gemaakt. Het gaat niet enkel over Catalaanse politici, maar ook over al te kritische kunstenaars, rappers, acteurs, artiesten en minderheden. Zo werd de Mallorcaanse rapper Valtònyc veroordeeld tot 3,5 jaar gevangenis voor de rap die hij op zijn 18e zong. Volgens het Spaans gerecht maakte hij zich schuldig aan majesteitsschennis en verheerlijking van terrorisme, beschuldigingen die keer op keer worden gebruikt tegen politieke tegenstanders. Ook deze rapper bevindt zich in België en wordt gezocht door Spanje. De raadkamer van Gent veegde de beschuldigingen eerder al van tafel en besliste de rapper niet uit te leveren. Ook het Verenigd Koninkrijk kreeg opnieuw een verzoek tot uitlevering: Clara Ponsatí, de voormalige minister van Onderwijs van de Catalaanse regering, wordt gezocht voor haar rol in de organisatie van het onafhankelijkheidsreferendum. 'De organisatie van een referendum is niet strafbaar', zo klinkt het nochtans bij premier Sánchez, die beloofde dit op te nemen in het Spaanse strafwetboek. Josep Borrell, de EU's Hoge vertegenwoordiger, trok nauwelijks een maand geleden ook al de onafhankelijkheid van het Spaanse gerecht ongewild in het belachelijke. Zo becommentarieerde hij vrolijk op Twitter gerechtelijke details over de Europese uitleveringsprocedure van Ponsatí, details die geheim zijn en waar enkel het gerecht toegang toe mag hebben. De Europese Commissie tikte Borrell even op de vingers en daar bleef het bij. En dus doet hij het opnieuw. Ook het democratische gehalte van de EU lijdt al een tijd onder de Catalaanse obsessie van Madrid. Zo wordt de uitoefening van het mandaat van drie verkozen Europarlementsleden, waaronder Puigdemont, verhinderd onder voorwendsel van het niet naleven van administratieve procedures in Spanje. De advocaat-generaal van het Europees Hof van Justitie, Maciej Szpunar, bracht zijn advies uit: de drie zijn al Europarlementsleden en zijn dat enkel door het feit dat ze verkozen werden in een stembusgang waar ze mochten aan deelnemen. Het Hof zal donderdag bekend maken of het dit advies zal volgen. Dat is doorgaans het geval en zou een zware klap zijn voor Madrid én dit keer ook voor de geloofwaardigheid van het Europees Parlement zelf.Ondertussen publiceren Chinese staatszenders Engelstalige artikels en filmpjes waarin ze de 'twee maten en gewichten van het Westen' hekelen wanneer het over Hong Kong en Catalonië gaat. China is geen uitzondering: ook andere Aziatische landen wezen bij Europese kritiek op de aanpak van hun nationale minderheden naar het geval van Catalonië. De internationale geloofwaardigheid van de EU wordt zo ondermijnd. Het wordt dus tijd dat actie ondernomen wordt, door onze Europese instellingen, maar ook door onze Belgische regering, die de herhaaldelijke aanvallen van Spanje op de onafhankelijkheid van het Belgische gerecht nu wel eens een halt mag toeroepen. De Spaanse ambassadeur moet op het matje geroepen worden, net zoals de Hoge vertegenwoordiger van de EU zelf. Excuses van de Spaanse regering voor de uitspraken van haar verschillende (oud-) regeringsleden is hierbij het minimum. De boodschap moet duidelijk zijn: aan de fundamenten van de rechtsstaat, zoals een onafhankelijk gerecht, wordt niet geraakt.