Sinds 13 maart staat ons leven op zijn kop.

Ons sociale leven staat on hold. Jongeren in instellingen hebben al weken hun ouders niet gezien. Gezinnen met kinderen worstelen om thuiswerken en pre-teaching te combineren, of zitten opgehokt in kleine leefruimtes. Ouderen mogen hun kleinkinderen niet knuffelen. Zelfstandigen weten niet of hun levenswerk zal overleven. Het EK voetbal, de Tour en Rock Werchter kunnen niet doorgaan. De zomervakantie zal er raar uitzien.

Onze fundamentele vrijheden staan op losse schroeven. We mogen niet meer samenkomen in onze verenigingen. Het kan dat de overheid straks in kaart brengt met wie we allemaal contact hebben gehad, wat diep ingrijpt in onze privacy. Onze woningen zijn misschien niet meer even onschendbaar als ze normaal grondwettelijk zijn.

Ik denk niet dat ooit eerder een dergelijke inspanning is gevraagd aan de bevolking.

De fundering van die vraag is fragiel. Het democratische mandaat van deze regering is zwak. Het ministerieel besluit is bindend, maar misschien niet helemaal grondwettelijk in al zijn bepalingen en handhaving. De FAQ's en richtlijnen zijn niet bindend, maar wel nodig. Er is veel verwarring. Mag je wel of niet op een bankje uitrusten tijdens je wandeling? Wat is een doe-het-zelf zaak? Kan de politie met een stormram onze woning betreden? In elk geval staat de teller aan coronaboetes nu al op 2,2 miljoen euro.

Toch houdt de meerderheid van de bevolking zich aan de meest ingrijpende regels die haar ooit zijn opgelegd. We kiezen voor burgerlijke gehoorzaamheid. Voor de volksgezondheid, voor onze ouderen en zwakkeren, om de zorg te ontlasten.

De regering vraagt veel van ons. Ook van mij.

10 april is mijn oma gestorven. Ze laat 6 dochters en 28 (achter)kleinkinderen na. Er mochten maar 15 mensen aanwezig zijn op haar begrafenis, en daar was ik niet bij. Want ik luister en volg de regels, omdat die nodig zijn, en ook, omdat die nu eenmaal voor iedereen gelden.

Tot afgelopen vrijdag. Terwijl iedereen wacht op nieuws van de Nationale Veiligheidsraad, staat de voorzitter van de MR, Georges-Louis Bouchez, op al zijn sociale mediakanalen trots te blinken.

Hij wordt tijdens een bijeenkomst met een vijfentwintigtal aanwezigen, onder wie zelfs een politieagent in uniform, plechtig en feestelijk ingehuldigd als nieuwe voorzitter van een amateurvoetbalclub. De club zelf heeft het op Facebook over zijn 'intronisation'.

Volgens Bouchez was dit een noodzakelijke professionele verplaatsing, conform de regels in het MB. Volgens mij is dat larie. De recreatieve en sportieve inrichtingen moeten gesloten zijn. Samenscholingen zijn verboden. Privé of publieke bijeenkomsten en evenementen van recreatieve, sportieve, feestelijke of sociale aard zijn verboden. Verplaatsingen, behalve om professionele redenen, zijn ook verboden. Bouchez wordt voltijds betaald als gecoöpteerd senator en partijvoorzitter. Het voorzitterschap van een amateurvoetbalclub heeft hier niets mee te maken.

Het is daarbij niet relevant dat bij die inhuldiging met persmoment wel fysiek afstand is gehouden. Dat kan bij een begrafenis, een sportkamp, een toneelvoorstelling of een barbecue met je ouders en vrienden ook.

Gisteren waarschuwde Koen Lowet, van de Vlaamse Vereniging van Klinische Psychologen, dat mensen hun eigen regels aan het maken zijn. Als dan de voorzitter van de partij die de premier levert flagrant de regels negeert, dan ondermijnt hij het draagvlak dat zorgvuldig werd opgebouwd bij de bevolking en dat zowel sociaal, democratisch en juridisch veel fragieler is dan het oogt.

Zonder dat draagvlak stort de hele coronastrategie als een kaartenhuis in elkaar.

De regels en hun handhaving zijn fragiel. Het overgrote merendeel van de Belgen volgt de regels zeer nauwgezet. Politie en parket treden, terecht, en hopelijk hier ook, streng maar meestal rechtvaardig op. Is het dan zoveel gevraagd dat de leiders van ons land zelf niet rondhuppelen alsof het business as usual is, doen alsof de regels wel voor u maar niet voor hen gelden, en zich concentreren op wat nu hun taak is: de coronacrisis beheren?

Dan kan ik misschien deze zomer, samen met mijn familie en met vertraging, mijn oma het afscheid geven dat ze verdiend heeft.

Sinds 13 maart staat ons leven op zijn kop.Ons sociale leven staat on hold. Jongeren in instellingen hebben al weken hun ouders niet gezien. Gezinnen met kinderen worstelen om thuiswerken en pre-teaching te combineren, of zitten opgehokt in kleine leefruimtes. Ouderen mogen hun kleinkinderen niet knuffelen. Zelfstandigen weten niet of hun levenswerk zal overleven. Het EK voetbal, de Tour en Rock Werchter kunnen niet doorgaan. De zomervakantie zal er raar uitzien.Onze fundamentele vrijheden staan op losse schroeven. We mogen niet meer samenkomen in onze verenigingen. Het kan dat de overheid straks in kaart brengt met wie we allemaal contact hebben gehad, wat diep ingrijpt in onze privacy. Onze woningen zijn misschien niet meer even onschendbaar als ze normaal grondwettelijk zijn.Ik denk niet dat ooit eerder een dergelijke inspanning is gevraagd aan de bevolking.De fundering van die vraag is fragiel. Het democratische mandaat van deze regering is zwak. Het ministerieel besluit is bindend, maar misschien niet helemaal grondwettelijk in al zijn bepalingen en handhaving. De FAQ's en richtlijnen zijn niet bindend, maar wel nodig. Er is veel verwarring. Mag je wel of niet op een bankje uitrusten tijdens je wandeling? Wat is een doe-het-zelf zaak? Kan de politie met een stormram onze woning betreden? In elk geval staat de teller aan coronaboetes nu al op 2,2 miljoen euro.Toch houdt de meerderheid van de bevolking zich aan de meest ingrijpende regels die haar ooit zijn opgelegd. We kiezen voor burgerlijke gehoorzaamheid. Voor de volksgezondheid, voor onze ouderen en zwakkeren, om de zorg te ontlasten. De regering vraagt veel van ons. Ook van mij. 10 april is mijn oma gestorven. Ze laat 6 dochters en 28 (achter)kleinkinderen na. Er mochten maar 15 mensen aanwezig zijn op haar begrafenis, en daar was ik niet bij. Want ik luister en volg de regels, omdat die nodig zijn, en ook, omdat die nu eenmaal voor iedereen gelden.Tot afgelopen vrijdag. Terwijl iedereen wacht op nieuws van de Nationale Veiligheidsraad, staat de voorzitter van de MR, Georges-Louis Bouchez, op al zijn sociale mediakanalen trots te blinken. Hij wordt tijdens een bijeenkomst met een vijfentwintigtal aanwezigen, onder wie zelfs een politieagent in uniform, plechtig en feestelijk ingehuldigd als nieuwe voorzitter van een amateurvoetbalclub. De club zelf heeft het op Facebook over zijn 'intronisation'.Volgens Bouchez was dit een noodzakelijke professionele verplaatsing, conform de regels in het MB. Volgens mij is dat larie. De recreatieve en sportieve inrichtingen moeten gesloten zijn. Samenscholingen zijn verboden. Privé of publieke bijeenkomsten en evenementen van recreatieve, sportieve, feestelijke of sociale aard zijn verboden. Verplaatsingen, behalve om professionele redenen, zijn ook verboden. Bouchez wordt voltijds betaald als gecoöpteerd senator en partijvoorzitter. Het voorzitterschap van een amateurvoetbalclub heeft hier niets mee te maken.Het is daarbij niet relevant dat bij die inhuldiging met persmoment wel fysiek afstand is gehouden. Dat kan bij een begrafenis, een sportkamp, een toneelvoorstelling of een barbecue met je ouders en vrienden ook.Gisteren waarschuwde Koen Lowet, van de Vlaamse Vereniging van Klinische Psychologen, dat mensen hun eigen regels aan het maken zijn. Als dan de voorzitter van de partij die de premier levert flagrant de regels negeert, dan ondermijnt hij het draagvlak dat zorgvuldig werd opgebouwd bij de bevolking en dat zowel sociaal, democratisch en juridisch veel fragieler is dan het oogt.Zonder dat draagvlak stort de hele coronastrategie als een kaartenhuis in elkaar.De regels en hun handhaving zijn fragiel. Het overgrote merendeel van de Belgen volgt de regels zeer nauwgezet. Politie en parket treden, terecht, en hopelijk hier ook, streng maar meestal rechtvaardig op. Is het dan zoveel gevraagd dat de leiders van ons land zelf niet rondhuppelen alsof het business as usual is, doen alsof de regels wel voor u maar niet voor hen gelden, en zich concentreren op wat nu hun taak is: de coronacrisis beheren?Dan kan ik misschien deze zomer, samen met mijn familie en met vertraging, mijn oma het afscheid geven dat ze verdiend heeft.