Het is geen geheim dat het niet goed gaat met studentenrestaurant Alma in Leuven. Alma bood door de coronacrisis begin dit semester elke dag slechts twee warme maaltijden aan, voor een prijs van elk 6 euro. Ze werkte ook met een reservatiesysteem, waardoor studenten op voorhand moesten beslissen op welke stoel ze op welk uur gingen zitten. 'We dachten dat het een volkstoeloop zou zijn,' zei CEO Daniel Lips.

Het resultaat viel nogal tegen: slechts 16 procent van de normale opkomst in het geliefde studentenrestaurant. Lips besloot daarom geen warme maaltijden meer aan te bieden en om op elke campus slechts één Alma te openen met broodjes en snacks. Voor betaalbare warme maaltijden kunnen studenten er dus voor onbepaalde tijd niet meer terecht.

De problemen met Alma zijn ook een grote klap voor de werknemers. Van de 130 werknemers zijn er nog maar 20 aan de slag, de rest is op tijdelijke werkloosheid gezet tot december. Deze mensen leven in grote onzekerheid over hun inkomsten vanaf 2021. Vaak gaat het bovendien om werknemers met een kwetsbare achtergrond die zich zulke onstabiliteit des te minder kunnen permitteren.

Almaar hogere prijzen, almaar minder middelen

Alma staat bekend als goedkoop studentenrestaurant, maar het is ook een plaats van sociaal contact, van culturele evenementen, een ontmoetingsplaats om te studeren en groepswerken te maken. De inclusie van studenten met minder middelen was al vanaf de start van het studentenrestaurant heel belangrijk. Bovendien speelden door de coronacrisis veel studenten hun studentenjob kwijt en hebben ze nog weinig sociaal contact. Daarom is vandaag nog belangrijker dat er toch op veilige en betaalbare manier in de Alma gegeten kan worden.

Dit sociale karakter van de Alma is de voorbije jaren echter steeds meer onder druk komen te staan. Sinds 2011 al zijn er elk jaar prijsstijgingen geweest. Op negen jaar tijd steeg de prijs van het goedkoopste gerecht met 38 procent: van 2,70 euro naar 3,75 euro. Naast eigen inkomsten is Alma aangewezen op subsidies. Elk jaar krijgt het zo'n drie miljoen euro van het budget van studentenvoorzieningen van de KU Leuven, die dat geld op hun beurt van de Vlaamse overheid ontvangen.

Net daar knelt het schoentje. Vroeger werd de financiering van het hoger onderwijs beslist op basis van de inschrijvingsaantallen. Hoe meer studenten studeerden, hoe meer subsidies een instelling kreeg. Vandaag krijgen hoger onderwijsinstellingen enkel nog subsidies op basis van het aantal afgestudeerden. Niet iedereen die begint te studeren, maakt dat echter ook af. Als klap op de vuurpijl plande de Vlaamse regering Jambon I om nog eens 228,4 miljoen euro te besparen op het hoger onderwijs.

Onderfinanciering leidt tot commerciële logica

Zo wordt Alma gedwongen een commerciële logica te volgen. Door het gebrek aan middelen, moet ze wel haar prijzen verhogen om te kunnen overleven. Maar Alma komt zo ook in een vicieuze cirkel terecht waarbij steeds minder studenten opdagen. Immers: wanneer een warme maaltijd even veel kost als een goedkope pizza, een pak friet of eten in een snackbar, waarom zouden studenten dan nog kiezen voor Alma?

Deze commercialisering kan er uiteindelijk toe leiden dat het beheer van Alma wordt uitbesteed aan een privébedrijf, met alle kwalijke gevolgen van dien. Er zijn voorbeelden genoeg van diensten in het hoger onderwijs (en daarbuiten) die steeds meer worden overgenomen door de privésector en die daardoor moeten inboeten qua kwaliteit en betaalbaarheid. Aan onder andere de VUB en de hogeschool PXL is de boekenvoorziening geprivatiseerd en overgenomen door Standaard Boekhandel, wat leidde tot prijsstijgingen. Aan de UGent is de schoonmaakdienst uitbesteed aan het privébedrijf ISS, met lage lonen en gebrekkige sociale voorwaarden voor de werknemers tot gevolg. Ook het universitaire onderzoek wordt steeds meer bedrijfsgericht en daardoor ook meer gestuurd.

Is het nieuwe financieringsmodel van Alma de oplossing?

Onlangs werd bekend dat er een aantal belangrijke wijzigingen zullen komen in het beheer en de financiën van Alma. De KU Leuven gaat de gebouwen van het restaurant voortaan zelf beheren. Daarnaast zal de subsidiëring van Alma op termijn afhankelijk worden van de verkoopcijfers. De rechtstreekse subsidies die ze krijgt zullen kleiner zijn, terwijl het grootste deel zal gaan afhangen van de verkoop en de prestaties.

Het is een goede zaak dat de universiteit de problemen van Alma ter harte neemt. Dat ze Alma haar gebouwen zelf gaat beheren, eerder dan ze aan een privébedrijf uit te besteden, is ook een positieve evolutie: dit kan een beetje financiële ademruimte bieden aan het restaurant. Maar is het nieuwe financieringsmodel echt een oplossing?

Dat lijkt onwaarschijnlijk. Door de prijzen te laten afhangen van hoeveel maaltijden er verkocht worden, komt Alma juist nog verder in een commerciële logica terecht waarin ze moet presteren. Als de verkoopcijfers dan toch tegenvallen - en in bepaalde periodes zoals een lockdown is dat onvermijdelijk het geval - krijgt Alma minder geld. Bovendien worden de eigenlijke middelen hiermee niet per se verhoogd. Het voortbestaan van Alma als een sociale studentendienst die betaalbare maaltijden levert, blijft zeer onzeker.

Alma moet sociaal blijven

Door de onderfinanciering en de commerciële logica verliest Alma de identiteit waar ze altijd voor stond: een sociaal en betaalbaar studentenrestaurant, waar de student centraal staat en niet de winstmarges. De KU Leuven moet, zoals Comac Leuven nu eist met een petitie, dringend meer middelen vrijmaken voor het restaurant. Als de universiteit die middelen zelf niet kan ophoesten, moet ze maar op tafel kloppen bij de Vlaamse regering om te investeren in het hoger onderwijs.

Alleen door te investeren, kan het sociale karakter van Alma bewaard blijven. Zo kunnen er terug betaalbare maaltijden aangeboden worden, lossen we de financiële problemen op en kan er geïnvesteerd worden in betere arbeidsvoorwaarden voor het personeel. Want Alma is te belangrijk om failliet te laten gaan.

Gil Vanbergen is lid van Comac Leuven. Comac is de studentenbeweging van de PVDA.

Het is geen geheim dat het niet goed gaat met studentenrestaurant Alma in Leuven. Alma bood door de coronacrisis begin dit semester elke dag slechts twee warme maaltijden aan, voor een prijs van elk 6 euro. Ze werkte ook met een reservatiesysteem, waardoor studenten op voorhand moesten beslissen op welke stoel ze op welk uur gingen zitten. 'We dachten dat het een volkstoeloop zou zijn,' zei CEO Daniel Lips. Het resultaat viel nogal tegen: slechts 16 procent van de normale opkomst in het geliefde studentenrestaurant. Lips besloot daarom geen warme maaltijden meer aan te bieden en om op elke campus slechts één Alma te openen met broodjes en snacks. Voor betaalbare warme maaltijden kunnen studenten er dus voor onbepaalde tijd niet meer terecht.De problemen met Alma zijn ook een grote klap voor de werknemers. Van de 130 werknemers zijn er nog maar 20 aan de slag, de rest is op tijdelijke werkloosheid gezet tot december. Deze mensen leven in grote onzekerheid over hun inkomsten vanaf 2021. Vaak gaat het bovendien om werknemers met een kwetsbare achtergrond die zich zulke onstabiliteit des te minder kunnen permitteren. Alma staat bekend als goedkoop studentenrestaurant, maar het is ook een plaats van sociaal contact, van culturele evenementen, een ontmoetingsplaats om te studeren en groepswerken te maken. De inclusie van studenten met minder middelen was al vanaf de start van het studentenrestaurant heel belangrijk. Bovendien speelden door de coronacrisis veel studenten hun studentenjob kwijt en hebben ze nog weinig sociaal contact. Daarom is vandaag nog belangrijker dat er toch op veilige en betaalbare manier in de Alma gegeten kan worden.Dit sociale karakter van de Alma is de voorbije jaren echter steeds meer onder druk komen te staan. Sinds 2011 al zijn er elk jaar prijsstijgingen geweest. Op negen jaar tijd steeg de prijs van het goedkoopste gerecht met 38 procent: van 2,70 euro naar 3,75 euro. Naast eigen inkomsten is Alma aangewezen op subsidies. Elk jaar krijgt het zo'n drie miljoen euro van het budget van studentenvoorzieningen van de KU Leuven, die dat geld op hun beurt van de Vlaamse overheid ontvangen. Net daar knelt het schoentje. Vroeger werd de financiering van het hoger onderwijs beslist op basis van de inschrijvingsaantallen. Hoe meer studenten studeerden, hoe meer subsidies een instelling kreeg. Vandaag krijgen hoger onderwijsinstellingen enkel nog subsidies op basis van het aantal afgestudeerden. Niet iedereen die begint te studeren, maakt dat echter ook af. Als klap op de vuurpijl plande de Vlaamse regering Jambon I om nog eens 228,4 miljoen euro te besparen op het hoger onderwijs.Zo wordt Alma gedwongen een commerciële logica te volgen. Door het gebrek aan middelen, moet ze wel haar prijzen verhogen om te kunnen overleven. Maar Alma komt zo ook in een vicieuze cirkel terecht waarbij steeds minder studenten opdagen. Immers: wanneer een warme maaltijd even veel kost als een goedkope pizza, een pak friet of eten in een snackbar, waarom zouden studenten dan nog kiezen voor Alma? Deze commercialisering kan er uiteindelijk toe leiden dat het beheer van Alma wordt uitbesteed aan een privébedrijf, met alle kwalijke gevolgen van dien. Er zijn voorbeelden genoeg van diensten in het hoger onderwijs (en daarbuiten) die steeds meer worden overgenomen door de privésector en die daardoor moeten inboeten qua kwaliteit en betaalbaarheid. Aan onder andere de VUB en de hogeschool PXL is de boekenvoorziening geprivatiseerd en overgenomen door Standaard Boekhandel, wat leidde tot prijsstijgingen. Aan de UGent is de schoonmaakdienst uitbesteed aan het privébedrijf ISS, met lage lonen en gebrekkige sociale voorwaarden voor de werknemers tot gevolg. Ook het universitaire onderzoek wordt steeds meer bedrijfsgericht en daardoor ook meer gestuurd.Onlangs werd bekend dat er een aantal belangrijke wijzigingen zullen komen in het beheer en de financiën van Alma. De KU Leuven gaat de gebouwen van het restaurant voortaan zelf beheren. Daarnaast zal de subsidiëring van Alma op termijn afhankelijk worden van de verkoopcijfers. De rechtstreekse subsidies die ze krijgt zullen kleiner zijn, terwijl het grootste deel zal gaan afhangen van de verkoop en de prestaties.Het is een goede zaak dat de universiteit de problemen van Alma ter harte neemt. Dat ze Alma haar gebouwen zelf gaat beheren, eerder dan ze aan een privébedrijf uit te besteden, is ook een positieve evolutie: dit kan een beetje financiële ademruimte bieden aan het restaurant. Maar is het nieuwe financieringsmodel echt een oplossing?Dat lijkt onwaarschijnlijk. Door de prijzen te laten afhangen van hoeveel maaltijden er verkocht worden, komt Alma juist nog verder in een commerciële logica terecht waarin ze moet presteren. Als de verkoopcijfers dan toch tegenvallen - en in bepaalde periodes zoals een lockdown is dat onvermijdelijk het geval - krijgt Alma minder geld. Bovendien worden de eigenlijke middelen hiermee niet per se verhoogd. Het voortbestaan van Alma als een sociale studentendienst die betaalbare maaltijden levert, blijft zeer onzeker.Door de onderfinanciering en de commerciële logica verliest Alma de identiteit waar ze altijd voor stond: een sociaal en betaalbaar studentenrestaurant, waar de student centraal staat en niet de winstmarges. De KU Leuven moet, zoals Comac Leuven nu eist met een petitie, dringend meer middelen vrijmaken voor het restaurant. Als de universiteit die middelen zelf niet kan ophoesten, moet ze maar op tafel kloppen bij de Vlaamse regering om te investeren in het hoger onderwijs.Alleen door te investeren, kan het sociale karakter van Alma bewaard blijven. Zo kunnen er terug betaalbare maaltijden aangeboden worden, lossen we de financiële problemen op en kan er geïnvesteerd worden in betere arbeidsvoorwaarden voor het personeel. Want Alma is te belangrijk om failliet te laten gaan.Gil Vanbergen is lid van Comac Leuven. Comac is de studentenbeweging van de PVDA.