Jean-Paul Renaux (1954) is burgerlijk ingenieur en werkt al zijn hele leven voor de Franse constructeur in leidinggevende functies in België, Frankrijk, Luxemburg en Zwitserland. Sinds 2013 is hij algemeen directeur voor Renault Benelux. 'Ik pendel tussen Drogenbos, Luxemburg en Schiphol, wat me de gelegenheid biedt onze producten uitvoerig te testen en dat in alle weeromstandigheden.'

Sterk uitgebouwd dealernet, goed uitgebalanceerd modellengamma

Jean-Paul Renaux, /
Jean-Paul Renaux © /

Jean-Paul Renaux : 'De voorbije twee decennia is Renault al enkele keren op plaats één geëindigd en dat geeft uiteraard voldoening, op alle niveaus van het bedrijf. De eerste op de markt zijn is echter geen objectief op zich maar de optelsom van een reeks inspanningen en initiatieven.'

'Renault beschikt in de Benelux en België in het bijzonder over een geografisch goed gespreid en sterk dealernet. Het betreft meestal familiale bedrijven met een zeer trouw cliënteel. Daarnaast plukken we nu de vruchten van de vernieuwing van het complete gamma.'

'Met de komst van de Espace en Talisman beschikken we opnieuw over een attractief aanbod in het luxesegment waardoor wij een zeer breed publiek aanspreken. Dat is nodig om als volumemerk te kunnen concurreren met de Duitse premiummerken. Die hebben hun modellenaanbod in alle richtingen uitgebreid en zijn nu ook in het B-segment vertegenwoordigd, waar de Franse merken traditioneel sterk staan.'

Renault Koleos, Vincent Peeters
Renault Koleos © Vincent Peeters

'Met de Kadjar en de nieuwe Koleos bezitten we vanaf nu ook sterkhouders in het belangrijke SUV-segment dat de voorbije jaren enorm aan belang heeft gewonnen.'

Was is moeilijker, nummer één te worden of nummer één te blijven?

Jean-Paul Renaux : 'Zoals gezegd, nummer één te worden was geen prioriteit en nummer één te blijven is dat evenmin. Dat neemt niet weg dat wij alles in het werk zullen stellen om marktleider te blijven. Daarom willen we vooruitgang boeken in de D- en E-segmenten die traditioneel worden beheerst door onze Duitse concurrenten.'

De bedrijfswagenmarkt is enorm belangrijk voor een volumemerk als Renault

'Daarnaast willen wij onze positie op de leasemarkt verder versterken. De bedrijfswagenmarkt is enorm belangrijk voor een volumemerk als Renault dat over een ruim aanbod aan bestelwagens en lichte bedrijfsvoertuigen beschikt. Dat segment is sterk afhankelijk van de evolutie van de economie en de algemene conjunctuur. Gaat het goed met de economie, gaat het goed met Renault!'

Elektromobiliteit is dé toekomst

Elektrische aandrijving is dé toekomst, daar is iedereen het over eens. Toch laat de doorbraak van de elektrische auto op zich wachten. Is een marktaandeel van 10 procent op termijn een haalbare kaart?

Renault op Autosalon, Vincent Peeters
Renault op Autosalon © Vincent Peeters

Jean-Paul Renaux : 'Renault en alliantiepartner Nissan hebben aan de wieg gestaan van de elektrische auto en we zijn nog altijd marktleider. Het is juist dat de doorbraak van de elektrische auto langer op zich laat wachten dan wij hadden gehoopt en verwacht. Dat heeft onder meer te maken met de beperkte actieradius van de eerste generatie e-mobielen en een nijpend tekort aan laadpalen. Aan dat laatste probleem kan Renault spijtig genoeg zelf weinig veranderen. Dat is de verantwoordelijkheid van de overheid en gespecialiseerde privébedrijven. Renault baat zelf ook geen tankstations uit.'

'Op het vlak van het rijbereik hebben we recent met de ZOE 40 Z.E. een belangrijke doorbraak gerealiseerd in die zin dat die tweede generatie ZOE een effectieve actieradius van 300 km bezit en dat tegen een betaalbare prijs. Op het salon van Brussel stellen we de elektrisch aangedreven Kangoo Z.E. voor, waarmee we ook in het segment van de bestelwagens een pioniersrol willen vervullen.'

'Renault blijft dus investeren in deze technologie van de toekomst. Wanneer we de 10 procent grens zullen overschrijden? Dat hangt af van regio tot regio. In de Scandinavische landen maar ook in Frankrijk en Nederland rijden beduidend meer elektrische auto's rond en staat men ook veel verder met de uitbouw van het laadpalennetwerk. In België moet je bovendien een opsplitsing maken tussen Vlaanderen, Brussel en Wallonië."

Autonoom rijden is een volgend hot item. Hoe ver staat Renault op dit vlak?

Jean-Paul Renaux : 'De technologische vooruitgang staat niet stil en autonoom rijden zit eraan te komen. Op termijn willen wij een tiental modellen uitrusten met die moderne technologie, het elektronisch platform bestaat al. De implementatie is dus een kwestie van tijd. Volumemerken zoals Renault staan ter zake minder onder tijdsdruk dan de premiummerken. Wij moeten niet de eerste zijn, wij focussen op de kostprijs voor de klant.'

Alpine Vision, /
Alpine Vision © /

De wedergeboorte van Alpine is het werk van Renault

Renault presenteert in Brussel ook de Alpine Vision, een getrouwe voorafbeelding van de nieuwe sportwagen die de Franse constructeur in samenwerking met dochtermerk Alpine dit jaar op de markt brengt en die een hommage is aan de legendarische Alpine A110. Renault blijft ook actief in de Formule 1 met een eigen team en als motorenleverancier van onder andere Max Verstappen.

Jean-Paul Renaux : 'Sportieve roem is vergankelijk. Na vier wereldtitels op rij in de Formule 1 moest Renault even de rol lossen, kreeg veel kritiek te horen maar alles wijst erop dat onze motoren opnieuw top zijn en dat Red Bull met Max Verstappen een ernstige titelkandidaat wordt. Ons eigen F 1 team staat nog niet zo ver maar wie had anders verwacht van een nieuw team in de koningsklasse van de autosport.'

'De nieuwe Alpine is een schot in de roos. De eerste reeks, op een beperkte oplage van 1955 exemplaren, was in een paar uren uitverkocht. Het studiemodel wordt een van de blikvangers van Dream Cars en toont aan dat wij het bouwen van sportwagens niet hebben verleerd.'

Dacia is een fenomeen

Renault heeft met het budgetmerk Dacia nog een tweede ijzer in het vuur. Geen enkele concurrent slaagt erin om een zo'n kwalitatief hoogwaardig en betrouwbaar product tegen zo'n lage prijs in de markt te zetten. Dacia is en blijft een succesvol concept, met een vrij compleet gamma dat onlangs is vernieuwd en dat straks de tweede generatie Duster verwelkomt.

Jean-Paul Renaux : "Ons budgetmerk is zelden voorpaginanieuws, maar dat belet niet dat Dacia in België evenveel auto's verkoopt als een wereldmerk als Toyota. Met de nieuwe Duster zie ik ons zelfs voorsprong nemen."

Renault op Autosalon, Vincent Peeters
Renault op Autosalon © Vincent Peeters

Grote culturele verschillen tussen België en Nederland

Renault staat niet alleen in ons land op nummer één, ook in Nederland bekleedt Renault de koppositie op de particuliere markt met een historisch hoog marktaandeel van 10,7 procent. In vergelijking met 2015 steeg de verkoop met 10 procent. We vroegen aan Renault-topman Renaux waarin de Belgische automarkt verschilt van de Nederlandse.

Belgen zien een auto veeleer als een statussymbool en laten zich minder leiden door pragmatische overwegingen

'België is een dieselmarkt, Nederland is dat niet - als gevolg van een verschillende autofiscaliteit. Die zorgt er ook voor dat de Nederlanders - uit financiële overwegingen - in meerderheid voor kleinere auto's opteren. Zij hebben ook meer oog voor het praktisch nut van een auto en kiezen daarom meestal voor een break. Belgen zien een auto veeleer als een statussymbool en laten zich minder leiden door pragmatische overwegingen. Ondanks de grote culturele verschillen hebben Nederlanders én Belgen een bijzondere band met hun auto, of die nu klein of groot is.'

Jean-Paul Renaux (1954) is burgerlijk ingenieur en werkt al zijn hele leven voor de Franse constructeur in leidinggevende functies in België, Frankrijk, Luxemburg en Zwitserland. Sinds 2013 is hij algemeen directeur voor Renault Benelux. 'Ik pendel tussen Drogenbos, Luxemburg en Schiphol, wat me de gelegenheid biedt onze producten uitvoerig te testen en dat in alle weeromstandigheden.' Jean-Paul Renaux : 'De voorbije twee decennia is Renault al enkele keren op plaats één geëindigd en dat geeft uiteraard voldoening, op alle niveaus van het bedrijf. De eerste op de markt zijn is echter geen objectief op zich maar de optelsom van een reeks inspanningen en initiatieven.' 'Renault beschikt in de Benelux en België in het bijzonder over een geografisch goed gespreid en sterk dealernet. Het betreft meestal familiale bedrijven met een zeer trouw cliënteel. Daarnaast plukken we nu de vruchten van de vernieuwing van het complete gamma.' 'Met de komst van de Espace en Talisman beschikken we opnieuw over een attractief aanbod in het luxesegment waardoor wij een zeer breed publiek aanspreken. Dat is nodig om als volumemerk te kunnen concurreren met de Duitse premiummerken. Die hebben hun modellenaanbod in alle richtingen uitgebreid en zijn nu ook in het B-segment vertegenwoordigd, waar de Franse merken traditioneel sterk staan.' 'Met de Kadjar en de nieuwe Koleos bezitten we vanaf nu ook sterkhouders in het belangrijke SUV-segment dat de voorbije jaren enorm aan belang heeft gewonnen.'Was is moeilijker, nummer één te worden of nummer één te blijven?Jean-Paul Renaux : 'Zoals gezegd, nummer één te worden was geen prioriteit en nummer één te blijven is dat evenmin. Dat neemt niet weg dat wij alles in het werk zullen stellen om marktleider te blijven. Daarom willen we vooruitgang boeken in de D- en E-segmenten die traditioneel worden beheerst door onze Duitse concurrenten.' 'Daarnaast willen wij onze positie op de leasemarkt verder versterken. De bedrijfswagenmarkt is enorm belangrijk voor een volumemerk als Renault dat over een ruim aanbod aan bestelwagens en lichte bedrijfsvoertuigen beschikt. Dat segment is sterk afhankelijk van de evolutie van de economie en de algemene conjunctuur. Gaat het goed met de economie, gaat het goed met Renault!'Elektrische aandrijving is dé toekomst, daar is iedereen het over eens. Toch laat de doorbraak van de elektrische auto op zich wachten. Is een marktaandeel van 10 procent op termijn een haalbare kaart? Jean-Paul Renaux : 'Renault en alliantiepartner Nissan hebben aan de wieg gestaan van de elektrische auto en we zijn nog altijd marktleider. Het is juist dat de doorbraak van de elektrische auto langer op zich laat wachten dan wij hadden gehoopt en verwacht. Dat heeft onder meer te maken met de beperkte actieradius van de eerste generatie e-mobielen en een nijpend tekort aan laadpalen. Aan dat laatste probleem kan Renault spijtig genoeg zelf weinig veranderen. Dat is de verantwoordelijkheid van de overheid en gespecialiseerde privébedrijven. Renault baat zelf ook geen tankstations uit.' 'Op het vlak van het rijbereik hebben we recent met de ZOE 40 Z.E. een belangrijke doorbraak gerealiseerd in die zin dat die tweede generatie ZOE een effectieve actieradius van 300 km bezit en dat tegen een betaalbare prijs. Op het salon van Brussel stellen we de elektrisch aangedreven Kangoo Z.E. voor, waarmee we ook in het segment van de bestelwagens een pioniersrol willen vervullen.' 'Renault blijft dus investeren in deze technologie van de toekomst. Wanneer we de 10 procent grens zullen overschrijden? Dat hangt af van regio tot regio. In de Scandinavische landen maar ook in Frankrijk en Nederland rijden beduidend meer elektrische auto's rond en staat men ook veel verder met de uitbouw van het laadpalennetwerk. In België moet je bovendien een opsplitsing maken tussen Vlaanderen, Brussel en Wallonië." Autonoom rijden is een volgend hot item. Hoe ver staat Renault op dit vlak?Jean-Paul Renaux : 'De technologische vooruitgang staat niet stil en autonoom rijden zit eraan te komen. Op termijn willen wij een tiental modellen uitrusten met die moderne technologie, het elektronisch platform bestaat al. De implementatie is dus een kwestie van tijd. Volumemerken zoals Renault staan ter zake minder onder tijdsdruk dan de premiummerken. Wij moeten niet de eerste zijn, wij focussen op de kostprijs voor de klant.' Renault presenteert in Brussel ook de Alpine Vision, een getrouwe voorafbeelding van de nieuwe sportwagen die de Franse constructeur in samenwerking met dochtermerk Alpine dit jaar op de markt brengt en die een hommage is aan de legendarische Alpine A110. Renault blijft ook actief in de Formule 1 met een eigen team en als motorenleverancier van onder andere Max Verstappen. Jean-Paul Renaux : 'Sportieve roem is vergankelijk. Na vier wereldtitels op rij in de Formule 1 moest Renault even de rol lossen, kreeg veel kritiek te horen maar alles wijst erop dat onze motoren opnieuw top zijn en dat Red Bull met Max Verstappen een ernstige titelkandidaat wordt. Ons eigen F 1 team staat nog niet zo ver maar wie had anders verwacht van een nieuw team in de koningsklasse van de autosport.' 'De nieuwe Alpine is een schot in de roos. De eerste reeks, op een beperkte oplage van 1955 exemplaren, was in een paar uren uitverkocht. Het studiemodel wordt een van de blikvangers van Dream Cars en toont aan dat wij het bouwen van sportwagens niet hebben verleerd.'Renault heeft met het budgetmerk Dacia nog een tweede ijzer in het vuur. Geen enkele concurrent slaagt erin om een zo'n kwalitatief hoogwaardig en betrouwbaar product tegen zo'n lage prijs in de markt te zetten. Dacia is en blijft een succesvol concept, met een vrij compleet gamma dat onlangs is vernieuwd en dat straks de tweede generatie Duster verwelkomt. Jean-Paul Renaux : "Ons budgetmerk is zelden voorpaginanieuws, maar dat belet niet dat Dacia in België evenveel auto's verkoopt als een wereldmerk als Toyota. Met de nieuwe Duster zie ik ons zelfs voorsprong nemen." Renault staat niet alleen in ons land op nummer één, ook in Nederland bekleedt Renault de koppositie op de particuliere markt met een historisch hoog marktaandeel van 10,7 procent. In vergelijking met 2015 steeg de verkoop met 10 procent. We vroegen aan Renault-topman Renaux waarin de Belgische automarkt verschilt van de Nederlandse. 'België is een dieselmarkt, Nederland is dat niet - als gevolg van een verschillende autofiscaliteit. Die zorgt er ook voor dat de Nederlanders - uit financiële overwegingen - in meerderheid voor kleinere auto's opteren. Zij hebben ook meer oog voor het praktisch nut van een auto en kiezen daarom meestal voor een break. Belgen zien een auto veeleer als een statussymbool en laten zich minder leiden door pragmatische overwegingen. Ondanks de grote culturele verschillen hebben Nederlanders én Belgen een bijzondere band met hun auto, of die nu klein of groot is.'