Factcheck: ja, zowat 80 procent van de Oekraïense vluchtelingen in Nederland werkt

Bart De Wever © BELGA
Karin Eeckhout
Karin Eeckhout Journalist en factchecker bij Knack

Deze factcheck is uitgevoerd op basis van de beschikbare informatie op de datum van publicatie. Lees hier meer over hoe we werken.

‘In Nederland werkt 80 procent van de Oekraïense vluchtelingen’, zei N-VA-voorzitter en Antwerps burgemeester Bart De Wever onlangs in een interview op Radio 1. Dat blijkt ruwweg te kloppen: het zou om 72 à 83 procent gaan. De vergelijking maken met België blijkt onmogelijk, bij gebrek aan officiële of volledige cijfers.

Op 30 november geeft N-VA-voorzitter en Antwerps burgemeester Bart De Wever een interview aan Radio 1, naar aanleiding van de besparingen van het Antwerpse stadsbestuur in de cultuursector en het jeugdwerk. In het interview komt ook de situatie van de Oekraïense vluchtelingen in ons land ter sprake (vanaf 10:30).

De Wever vertelt over een gesprek dat hij onlangs had met zijn Rotterdamse ambtgenoot Ahmed Aboutaleb (PvdA). ‘Bij ons werkt toch 80 procent van de Oekraïense vluchtelingen’, zou Aboutaleb hebben gezegd aan De Wever, die zich afvraagt waarom het ‘in ons land zo moeilijk is om mensen aan het werk te krijgen’, en als mogelijke verklaring wijst naar de volgens hem te gulle uitkeringen.

Klopt het dat 80 procent van de Oekraïense vluchtelingen in Nederland werkt?

We bellen met N-VA-partijwoordvoerder Philippe Kerckaert, die als bron verwijst naar het UWV, het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen (UWV). Dat is de instantie die in Nederland instaat voor de uitkeringen en werkzoekenden helpt in hun zoektocht naar een job. Kerckaert: ‘Nederlandse werkgevers moeten het aan de UWV melden wanneer ze een Oekraïense vluchteling hebben aangeworven of wanneer een Oekraïense vluchteling het bedrijf verlaat.’

Het UWV verspreidde op 1 november een persbericht over de werksituatie van Oekraïense vluchtelingen. Volgens dat bericht zijn er in Nederland op dit moment 55.000 Oekraïners tussen de 18 en 65 jaar. Het UWV heeft 46.000 meldingen gekregen van werkgevers die een vluchteling uit Oekraïne in dienst hebben genomen, wat neerkomt op 83 procent van die groep. 

Het UWV plaatst wel een voetnoot bij die cijfers: ‘Dat er ruim 46.000 meldingen zijn gedaan betekent niet dat er op dit moment ook 46.000 vluchtelingen aan het werk zijn. Het kan zijn dat een vluchteling twee banen heeft bij twee verschillende werkgevers, wat betekent dat er ook twee meldingen voor een persoon zijn gedaan. Ook kan het voorkomen dat de vluchteling inmiddels is gestopt met werken, of een andere baan heeft gevonden en er geen melding is gedaan van de wijziging.’ Aan de NOS verklaarde het UWV dat er echter nooit meer dan een paar duizend dubbele meldingen zijn, en er dus zeker ruim 40.000 Oekraïners aan het werk zijn. Dat betekent dat ten minste 72 procent van de Oekraïense vluchtelingen in Nederland tussen de 18 en 65 een baan heeft. We kunnen dus besluiten dat de uitspraak van De Wever over die 80 procent ongeveer klopt. 

Doet Nederland het daarmee beter dan ons land, zoals De Wever suggereert wanneer hij zegt dat het hier zo moeilijk is om mensen te activeren?

We gaan op zoek naar Belgische of Vlaamse cijfers. Een meldingsplicht voor werkgevers, zoals in Nederland, bestaat hier niet. Bij de Vlaamse Dienst voor Arbeidsbemiddeling en Beroepsopleiding (VDAB) kan woordvoerster Joke Van Bommel alleen cijfers geven over de Oekraïense vluchtelingen die zich bij de VDAB hebben ingeschreven. ‘Op 5 december waren dat er 6298. Daarvan zijn er 2229 die werken of gewerkt hebben, dus 35,4 procent. 20,5 procent (1290 mensen) is op dit moment nog aan de slag. Het verschil tussen die twee cijfers is grotendeels te verklaren door het feit dat Oekraïense vluchtelingen vaak terechtkomen in sectoren waarin tijdelijke contracten courant zijn, zoals de schoonmaaksector.’

‘Oekraïense vluchtelingen die op eigen houtje een job hebben gevonden, zijn in onze cijfers niet meegerekend’, benadrukt Van Bommel. Het aantal werkende Oekraïense vluchtelingen ligt dus mogelijk een stuk hoger. Maar hoe hoog precies?

Bij het Belgische statistiekbureau Statbel laat woordvoerster Wendy Schelfaut weten dat ze momenteel jammer genoeg nog geen cijfers hebben over het aantal Oekraïense vluchtelingen dat aan het werk is. ‘We zijn er wel mee bezig en in het gunstigste geval zullen er ergens in januari 2023 data zijn.’ 

Ook het kabinet van federaal minister van Werk en Economie Pierre-Yves Dermagne (PS) moet het antwoord op onze vraag schuldig blijven. ‘Op dit moment kunnen we hierover geen cijfers aanleveren’, laat woordvoerder Laurens Teerlinck via e-mail weten. Op termijn zou dat volgens Teerlinck wel mogelijk moeten zijn: ‘Statbel en de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid (RSZ) werken aan een tool om hierop zicht te krijgen. Daarvoor moeten hun gegevens worden gekruist.’

Conclusie

‘In Nederland werkt 80 procent van de Oekraïense vluchtelingen’, verklaarde N-VA-voorzitter en Antwerps burgemeester Bart De Wever in een interview op Radio 1. Die uitspraak blijkt volgens officiële Nederlandse bronnen waar, als we rekening houden met een kleine foutenmarge in de rapportering: het zou gaan om minimaal 72 en maximaal 83 procent. De vergelijking maken met België blijkt onmogelijk: niemand weet op dit moment hoeveel Oekraïense vluchtelingen er precies aan de slag zijn.

Bronnen

In het artikel vindt u links naar alle gebruikte bronnen.

Bovendien werden voor deze factcheck de volgende mensen gecontacteerd:

– Telefoongesprek met Philippe Kerckaert op 6 december 2022

– Telefoongesprek met Joke Van Bommel op 7 december 2022 

– Telefoongesprek en mailverkeer met Wendy Schelfhaut op 7 december 2022

– Telefoongesprek en mailverkeer met Laurens Teerlinck op 7 en 8 december 2022

Alle bronnen werden laatst geraadpleegd op 8 december 2022.

Partner Content