Walter De Smedt
Walter De Smedt
Strafrechter op rust, enige Belg die ooit zowel lid was van het Comité P als het Comité I
Opinie

06/10/17 om 18:33 - Bijgewerkt om 18:31

'Waarom legt de onderzoekscommissie naar de afkoopwet zichzelf lam?'

Voormalig strafrechter Walter De Smedt heeft geen goed oog in het verder verloop van het onderzoek naar de totstandkoming van de afkoopwet.

'Waarom legt de onderzoekscommissie naar de afkoopwet zichzelf lam?'

© REUTERS

De Parlementaire commissie op de afkoopwet heeft zijn onderzoek gestopt. Daaruit zou je moeten besluiten dat de parlementairen voldoende weten wat er gebeurde in de voorbereiding en de toepassing van de wet op de uitgebreide minnelijke schikking om er een gedegen rapport over te maken, de 'disfuncties' aan te duiden, en voorstellen te doen om een eind te maken aan de wantoestanden. Er is evenwel één element dat de parlementairen blijkbaar niet nuttig lijkt: hoewel er ernstige aanwijzingen zijn dat er buiten de gekende bedragen ook nog andere betalingen gebeurden, worden die niet verder onderzocht. Dit gebrek aan belangstelling beperkt zich niet alleen tot de onderzoekscommissie: het is een constante in alle onderzoeken.

Delen

'Waarom legt de onderzoekscommissie naar de afkoopwet zichzelf lam?'

Eéns had ons land een gespecialiseerde dienst voor het onderzoek naar corruptie: Het Hoog Comité van Toezicht. Deze in 1910 opgerichte anticorruptie dienst werd tweemaal 'geïntegreerd': in 1998 in de Gerechtelijke Politie bij de Parketten, en in 2001 in de Federale Politie. Waarom dat gebeurde en wat er het gevolg van was werd door Georges Timmerman kundig uiteengezet in zijn boek 'De Doofpotten - De sabotage van het Hoog Comité van Toezicht'. Om in de 'leemte' te voorzien werd dan de Centrale Dienst voor de Bestrijding van Corruptie (CDBC) opgericht. Maar ook deze dienst onderging hetzelfde lot. De federale dienst werd ontmanteld en de speurders verspreid. In de Tijd noemde Lars Bové het 'Een klein Kiekenkot': 'Iedereen loopt er weg want ze zijn gedegouteerd. Nochtans liggen voldoende fraudedossiers klaar'.

Er was ook een andere reden waarom de anticorruptie-diensten onwerkzaam werden: zij werden buiten belangrijke dossiers gehouden. Op 24 februari 1994 stuurden de administrateur-generaal Alain Canneel en diens taaladjunct, administrateur in overtal Willy Vermeulen, een klacht naar de voorzitter van het Vast Comité P. Comité voorzitter Freddy Troch stuurde de brief binnen de week terug naar afzender: 'Gelet op het feit dat het Vast Comité van Toezicht op de Politiediensten nog niet bevoegd is om onderzoeksopdrachten uit te voeren'. Troch ontkende ook, hoewel de stapel op zijn bureau lag, dat hij een reeks dossiers had ontvangen waaruit de aangeklaagde feiten konden blijken. Hetzelfde gebeurde in de gerechtelijke behandeling van het Kazach-dossier : onderzoeksrechter Van Espen vond bij huiszoekingen in twee banken de aanwijzingen van betalingen aan de medewerker van het Elysée, Etienne des Rosaies, en aan een Ukkelse tussenpersoon. Maar het Brusselse parket maakte de resultaten van het onderzoek nooit over aan de CDBC, zo berichtte Le Soir.

Spoorloos

Uit de documenten van het Franse gerecht blijkt dat van de 5,8 miljoen euro contant geld door Chodiev betaald, 137.000 euro terecht kwam op de rekening van de ex-adviseur van de Franse president Nicolas Sarkozy. Advocate Degoul legde bekentenissen af over het cash geld dat ze van Chodiev kreeg, maar wie dat geld had gekregen kon ze de speurders niet vertellen. Niemand kan bevestigen of de 4 miljoen die nog spoorloos is aan Belgische politici is gegeven, maar Degoul had het cash geld wel op zak toen ze ons land bezocht.

De parlementaire onderzoekscommissie vroeg nu aan de Antwerpse diamantlobby om alle correspondentie en alle informatie over betalingen aan de commissie te bezorgen. Maar net voor de cruciale vijf maanden waarin de afkoopwet werd gestemd, ontbreekt elke correspondentie en alle informatie over eventuele betalingen van de diamantlobby aan haar topadvocaten, de professoren Axel Haelterman en Raf Verstraeten. Zij lobbyden volgens Apache namens de sector voor de afkoopwet en schreven letterlijk mee aan de wet die toelaat dat mensen hun proces afkopen.

Onderzoeksrechter

Een parlementaire onderzoekscommissie heeft de bevoegdheid van een onderzoeksrechter. Wat belet de commissie dan aan de door haar aangestelde collega, de Brusselse onderzoeksrechter Gaudius, de opdracht te geven om huiszoeking, in beslagname en verder onderzoek te doen? Komen daardoor de rechten van de verdediging in de gerechtelijke afhandeling in het gedrang? Als je dat voor waarheid neemt ondergraaf je de grondwettelijke opdracht van iedere onderzoeksrechter en maak je ieder onderzoek naar de waarheid kansloos.

Reeds op 5 februari 2010 werd een wetsvoorstel ingediend omtrent een spoedeisend kortgeding bij beslag op goederen. De ondertekenaars wilden dat onderzoeksrechters niet langer op eigen houtje goederen van bedrijven in beslag konden nemen zonder voorafgaande toestemming van een 'gemachtigde exper'" uit de bedrijfswereld. Volgens Mia De Schamphelaere, voorzitter van de commissie justitie, kwam het wetsvoorstel er op verzoek van de ondernemerswereld en van enkele professoren strafrecht.

Dat het zou geschreven zijn op maat van de Antwerpse diamantsector omdat een onderzoeksrechter in de zaak-Monstrey grote hoeveelheden diamanten in beslag nam wilde de commissievoorzitster niet weten.

Paul Van Santvliet, ondervoorzitter van de Vereniging van Belgische onderzoeksrechters in De Tijd. 'De wetgever getuigt met dit voorstel van een groot wantrouwen tegenover alle onderzoeksrechters in België. Het is een aanslag op onze onafhankelijkheid. Dan schaf je beter de onderzoeksrechter af.' Van Santvliet kreeg steun van het College van Procureurs-Generaal dat aan Justitieminister Jo Vandeurzen (CD&V) een "volstrekt negatief advies" gaf over het wetsvoorstel van zijn partijgenoten Servais Verherstraeten en Mia De Schamphelaere. Ondanks bemiddeling door het kabinet Justitie werd het voorstel gekelderd door de Raad van State omdat het inging tegen 'de fundamentele rechtsbeginselen van het strafprocesrecht'.

Diamantclub

Op 20 december 2010 kregen alle Nederlandstalige politici in de Kamer en de Senaat een mail waarin ze worden opgeroepen lid te worden van "De Diamantclub":' In De Diamantclub willen we politici samenbrengen, die de waarden en de belangen van onze diamanthandel verdedigen... We hebben het plan opgevat om met een informele groep van politici geregeld samen te komen in wat we 'De Diamantclub' noemen.' De mail is verzonden in opdracht van N-VA-kamerfractieleider Jan Jambon. Hij is de zelfverklaarde voorzitter van De Diamantclub. De ondervoorzitters van De Diamantclub zijn CD&V-Kamerfractieleider Servais Verherstraeten (CD&V) en Kamerlid Willem-Frederik Schiltz (Open VLD). 'We zijn er trots op voorzitter en ondervoorzitters te zijn', ondertekenenden Jambon, Schiltz en Verherstraeten. Is de 'Parlementaire Diamantclub' er nu wél in geslaagd de parlementaire onderzoeksrechter te beletten in beslagnames te doen in het diamantmilieu?

Gevolgen

Als nu ook een parlementair onderzoek wordt gestopt wanneer de gehele waarheid dreigt naar boven te komen is dat niet zonder risico.

Uit de grootschalige bevraging van de bevolking 'Une enquête pour mieux comprendre l'opinion publique belge' blijkt dat 'De Woedebank volgelopen is'. Stephen Bouquin, hoogleraar sociologie aan de universiteit van Evry-Parisud geeft op Apache de voornaamste pijnpunten uit de studie "Tussen wanhoop en revolte": "De Woedebank loopt vol". De eerste bevinding wijst op een zeer diep ongenoegen of wantrouwen jegens het politiek bestel. Meer dan 60 % stelt dat het politiek aanbod niet aan hun verwachtingen beantwoordt en dat het politiek bestel als dusdanig slecht functioneert. Een op twee (56%) meent dat de regering met andere zaken bezig is dan met de verbeteren van de levenskwaliteit van de bevolking.'

Er is ook nog een ander risico: wat indien de lopende gerechtelijke onderzoeken, vooral het Franse, wél de volledige waarheid aan het licht brengen? Gaat het Parlement dan een nieuwe onderzoekscommissie oprichten om te onderzoeken waarom de vorige zijn onderzoek stopte? Is het niet aangewezen dat Dirk Vander Maelen, de voorzitter van de huidige commissie, opheldering zou brengen in deze delicate aangelegenheid: wie en waarom stopt de onderzoekscommissie ondanks er nog erg belangrijke vragen onbeantwoord blijven?

Onze partners