Terugkeerrecht in ruil voor beperkte uittredingsvergoeding voor parlementsleden

03/09/11 om 07:21 - Bijgewerkt om 07:21

(Belga) Senaatsvoorzitter Danny Pieters (N-VA) wil komaf maken met de overdreven uittredingsvergoedingen voor parlementsleden en dient een voorstel in om parlementsleden terugkeerrecht te geven in ruil voor een sterk beperkte uittredingsvergoeding. Dat schrijft Pieters in een opiniestuk in De Standaard.

Het klassieke argument om de uittredingsvergoedingen aan voormalige parlementsleden te verantwoorden, luidt dat parlementsleden niet zomaar kunnen gaan stempelen als ze niet herverkozen raken. Maar de vaak zeer royale vergoedingen zorgen regelmatig voor ophef. Als de parlementsleden niet in een zwart gat vallen na hun politieke carrière, is er ook geen reden meer om hun hoge en langdurige uittredingsvergoedingen te geven. Dat kan door de ex-parlementsleden een recht te geven om hun vroegere baan weer op te nemen, betoogt Pieters. "Is het mandaat ten einde, dan dient de betrokkene het recht te krijgen in zijn vorige job terug te keren met behoud van alle rechten. Voor de openbare sector kan dit probleemloos. Voor een particuliere onderneming kan dit moeilijker zijn, maar onmogelijk is het geenszins. Alleen voor wie zelfstandige is (...) is het moeilijker een oplossing te vinden (...)", geeft Pieters toe. In ruil voor het terugkeerrecht kan de parlementaire uittredingsvergoeding fors beknot worden. Pieters denkt aan een vergoeding die overeenkomt met drie maanden opzeg per aangevatte periode van vijf jaar. Wie vrijwillig opstapt, zoals laatst voormalig Vlaams fractieleider Sven Gatz, krijgt geen uittredingsvergoeding maar behoudt zijn terugkeerrecht, stelt hij voor. (SVR)

Onze partners