Louis Ide (N-VA)
Louis Ide (N-VA)
Algemeen Secretaris van N-VA en arts.
Opinie

09/03/16 om 11:29 - Bijgewerkt om 11:28

'Tegenwoordig zijn ziekenfondsen ideologisch gekleurde machtsstructuren'

'De ziekenfondsen hebben zichzelf onmisbaar gemaakt als schakel tussen de patiënt en de zorgverstrekker. Maar het kan stukken goedkoper', vindt Louis Ide (N-VA). 'De ziekenfondsen worden gewoon zeer dik betaald door de overheid.'

'Tegenwoordig zijn ziekenfondsen ideologisch gekleurde machtsstructuren'

© Belga

Een dikke week geleden kwam de spaarkas van De Wever weer bijeen. Alvorens u denkt dat Bart De Wever zich in de banksector heeft gestort, toch deze verduidelijking. De spaarkas 'De Weversvrienden', genoemd naar brouwer De Wever, komt al meer dan 50 jaar bijeen in Dikkele.

Een spaarkas was ooit een algemene praktijk bij lokale sportverenigingen, gildes, cafés, etc. De jongeren onder ons zullen het fenomeen wellicht niet kennen. Hoogstens hebben ze zich wel eens afgevraagd waarvoor die typische kast met de vele nummers en gleufjes dient, die ze aan de muren van volkscafés zien hangen. Het zijn de laatste getuigen van iets wat nu eerder als folklore wordt bestempeld. Op die kast hadden de leden hun eigen vakje. De aangeslotenen spaarden dan op hun eigen tempo een sommetje bijeen. Dit geld en de rentes werden dan gebruikt om leden met tegenslag uit de nood te helpen. Het was een vorm van vrijwillige solidariteit tussen mensen, naast het feit dat - niet verwonderlijk als je de Vlaming een beetje kent- er ook wel gefeest werd met de opbrengst van de spaarkas.

Dit gebruik beperkt zich trouwens niet enkel tot onze contreien. Toen ik een twintigtal jaar geleden halt hield in een cafétje in Kameroen, daagden daar plots meer dan 30 vrouwen op. Piekfijn uitgedost, in uniform, namen ze plaats rond een tafel. Eenmaal iedereen aanwezig was, werd de spaarkas geleegd en werd gediscussieerd over wat men met het geld zou aanvangen. Ik was getuige van een Afrikaanse tontine.

Het is uit dergelijke initiatieven dat onze ziekenkassen zijn gegroeid. Vooraleer een algemene ziekteverzekering werd ingevoerd, vielen arbeiders terug op hun eigen vorm van spaarkassen, de maatschappijen van onderlinge bijstand. Wij kunnen het ons niet meer voorstellen, maar wie toen wegens ziekte of een ongeval een aantal dagen niet kon gaan werken, had tijdens deze periode geen inkomen. Via deze kassen werd steun verleend aan de lotgenoten die in de problemen zaten. De toenmalige overheid deed geen moeite om dergelijke initiatieven te ondersteunen.

Lacunes in het overheidsbeleid

De ziekenkassen traden dus op daar waar de overheid het liet afweten, daarin zit juist hun belang. Ze ontstonden vanuit de samenleving en boden een antwoord op de lacunes in het overheidsbeleid. Na verloop van tijd zag ook die overheid dan toch het nut van dergelijke organisaties in en begon dit systeem te regulariseren. De erkende ziekenkassen kregen een ideologisch karakter en werden ingeschakeld in de politieke zuilen. Ook dat was Vlaanderen. Langzaamaan werden de vele kleine ziekenkassen samengebracht binnen overkoepelende federaties binnen de gekleurde zuil. Op deze manier ontwikkelden ze naar de ons gekende landsbonden.

Delen

Tegenwoordig zijn ziekenfondsen ideologisch gekleurde machtsstructuren

Na de Tweede Wereldoorlog werd een volgende stap gezet, via het sociaal pact. De verplichte ziekteverzekering werd ingevoerd en op die manier werden de ziekenfondsen ingekapseld in het overheidsapparaat. Via het sociaal overleg nemen ze sinds die tijd ook deel aan het bestuur van de staat.

Maar met deze evolutie ondergingen de ziekenfondsen ook een mentaliteitswijziging. Het zijn niet langer die kleine ziekenkassen die vrijwillige solidariteit organiseren. Tegenwoordig zijn de ziekenfondsen ideologisch gekleurde machtsstructuren. Ze beheren ziekenhuizen en apotheken, organiseren vakanties, hebben hun eigen kwaliteitsprojecten, enzovoort. Hierdoor hebben ze hun kerntaak verlaten, namelijk die van een ledenvereniging. Om strategisch redenen proberen ze zich steeds zo voor te stellen maar de realiteit is anders.

Bovendien brengen deze grote structuren veel kosten met zich mee. En dat zijn per definitie middelen die niet tot bij de patiënt geraken. De ziekenfondsen doen die kritiek vaak af als onterecht. Ze beweren dat ze in vergelijking met het buitenland juist zeer weinig administratieve kosten met zich meebrengen. Maar wie de moeite doet om de cijfers te doorgronden, ziet een andere realiteit. U moet maar eens deze jongste vergelijkende cijfers van de Europese Unie bekijken.

Derdebetalersregeling

Delen

Het gaat hier al lang niet meer om vrijwilligerswerk of een andere vorm van "goede werken", de ziekenfondsen worden gewoon zeer dik betaald door de overheid.

Als het de ziekenfondsen werkelijk menens is om de administratie in de gezondheidszorg te vereenvoudigen en zo de kosten te doen dalen, dan zullen ze zich bijvoorbeeld niet verzetten tegen de invoering van een algemene derdebetalersregeling voor huisartsen. Deze regeling houdt in dat de patiënt enkel het remgeld hoeft te betalen aan de huisarts. Nu betaalt de patiënt de volledige som. Want bovenop het remgeld betaalt de patiënt ook nog de tegemoetkoming van de ziekte- en invaliditeitsverzekering. Nadien krijgt hij deze tegemoetkoming dan terugbetaald via het ziekenfonds. De ziekenfondsen verhalen dan op hun beurt dit geld bij de overheid.

De derdebetalersregeling die wij voorstellen zorgt er niet alleen voor dat de patiënt minder betaalt bij de arts, hij is dan ook verlost van de vervelende en gedateerde rompslomp met de klevertjes en briefjes voor zijn ziekenfonds. Dat de huisartsen ook sceptisch zijn, is terecht. De recent ingevoerde sociale derdebetaler die enkel terugbetaalt voor patiënten uit bepaalde sociale categorieën toont aan dat de administratie en betaling van het ziekenfonds naar de huisartsen niet goed verlopen. Een boete voor het ziekenfonds bij laattijdige betaling, zou hier de oplossing kunnen zijn.

In het huidige systeem maken de ziekenfondsen zichzelf dus onmisbaar als schakel tussen de patiënt en de zorgverstrekker. Het zorgt voor een extra administratief niveau tussen de patiënt en de overheid waarvan de ziekenfondsen het werk op zich nemen. Het gaat hier al lang niet meer om vrijwilligerswerk of een andere vorm van "goede werken", de ziekenfondsen worden gewoon zeer dik betaald door de overheid. Het kan stukken eenvoudiger een goedkoper, maar dat algemeen belang, wordt te vaak over het hoofd gezien.

Lees meer over:

Onze partners