Cheney drong in 2007 aan op bombardement in Syrië

25/08/11 om 19:04 - Bijgewerkt om 19:04

(Belga) De voormalige Amerikaanse vicepresident Richard Cheney heeft naar eigen zeggen geprobeerd om toenmalig president George W. Bush in 2007 tot het bombardement van een vermoedelijke kerncentrale in Syrië te overtuigen. Bush koos toen echter voor diplomatieke druk om het regime in Damascus van zijn kernprogramma af te doen zien. Dat schrijft de Amerikaanse krant New York Times naar aanleiding van de memoires van Cheney, die dinsdag in de Verenigde Staten op de markt komen.

Volgens de krant noemt Cheney zichzelf als de vreemde eend in de bijt van Bush-raadgevers, die volgens de voormalige vicepresident foute beslissingen namen inzake nationale veiligheid. Zo zou het volgens hem ook met Syrië gegaan zijn: "toen was Bush nog onder de indruk van de slechte informatie van de geheime diensten over massavernietigingswapens in Irak". "Ik vond dat militair ingrijpen tegen de reactor nodig", aldus Cheney. "Maar ik was de enige." Hoewel Cheney Bush een "uitstekende leider" vindt, zou hij volgens de krant conflicten met andere regeringsfunctionarissen openbaren. Zo zou de minister voor Buitenlandse Zaken Colin Powell geprobeerd hebben het beleid van Bush te ondergraven door privé twijfel over de oorlog in Irak te uiten. Cheney benadrukt dat hij Powell na de verkiezingen in 2004 uit de regering probeerde te zetten. De krant had naar eigen zeggen inzage in een eerste exemplaar van "In My Time: A Personal and Political Memoir" van Richard Cheney. (KAV)

Onze partners