Mandela Keita van Royal Antwerp FC: ‘Een Mandela moet wel een halve heilige zijn’

© Photo News
Jef Van Baelen
Jef Van Baelen Journalist voor Knack

Voor Rode Duivel Mandela Keita staat het plezier in het voetbal voorop. ‘Niemand trekt graag een dierenpak aan, maar het verhoogt de saamhorigheid.’

In de lobby van het stadion van Antwerp FC staat een vitrinekast met twee lichtblauwe schoenen en een bevlekte voetbal. Daaronder het bordje: ‘4 juni 2023, minuut 93:33. Met deze schoenen en bal vuurde Toby Alderweireld een kanonskogel af, recht in de winkelhaak. Hierdoor werd Royal Antwerp Football Club voor de vijfde keer in haar bestaan landskampioen.’

Mooie herinneringen voor The Great Old, maar krijgen ze een vervolg? Mandela Keita wikt zijn woorden niet. ‘We denken op dit moment niet aan een nieuwe landstitel’, zegt de 21-jarige middenvelder. ‘Waar we nu staan, zou het gek zijn om daar de focus op te leggen. Play-off I halen was onze eerste opdracht. Het is mooi dat dat gelukt is, en we zullen onze huid duur verkopen in de kampioenenplay-off. Maar of er meer in zit, valt op dit moment nog niet te zeggen.’

De Antwerpspeler staat een paar weken aan de kant met een enkelblessure en miste daardoor een wenkende selectie voor de oefeninterlands tegen Ierland en Engeland. Of Keita de start van de kampioenenplay-off haalt, is af te wachten.

Jullie weten tegen wie jullie het moeten opnemen in play-off I en hebben tegen iedere ploeg minstens twee keer gespeeld. Is de tegenstand beter dan Antwerp?

Mandela Keita: Dat ga je me niet horen zeggen. (lacht). Ik vind vooral dat wijzelf beter kunnen dan wat we dit seizoen laten zien. We leggen mooi voetbal op de mat en hebben meestal de controle, maar geven te vaak de wedstrijd uit handen. Ik vind Antwerp sterker dan vorig seizoen, toen we kampioen werden. Maar het tikkeltje geluk ontbreekt.

Ik vind Antwerp sterker dan vorig seizoen, maar het tikkeltje geluk ontbreekt.

Vorig seizoen slaagde Antwerp erin om de overwinning te stelen in matchen waarin jullie onderlagen. Ook een kwaliteit.

Keita: Absoluut. We missen soms wat scherpte en de geslepenheid om een match te killen. Maar zoiets kan snel terugkeren. Eén knalprestatie en we zijn vertrokken.

Wat is het geheim van goede play-offs spelen?

Keita: Concentratie vanaf wedstrijd één. En dat je normaal doet. Dat je vasthoudt aan de speelstijl en je niet laat overdonderen door het belang. Er zit veel intensiteit in play-offmatchen. Sommigen kraken, bij anderen haalt dat juist het beste naar boven. Want alle zes de ploegen zijn goed, hè. Maar wie gaat het best om met de druk?

Op het veld oogt u onverstoorbaar. U lijkt niet wakker te liggen van druk.

Keita: Niet meer, nee. Ik heb privé en in het voetbal al veel meegemaakt en het is lang geleden dat ik zenuwachtig was voor een wedstrijd. Ik zie overal de fun van in, ook wanneer er veel op het spel staat. De adrenaline, de steun van de teamgenoten, de emoties, de passie van de fans: er valt zoveel plezier te beleven in een stadion. Ik ben gezegend dat ik het mee mag maken: daarom zie je me zo veel lachen. Voetbal is voor mij geen ‘job’. Ik verdien er mijn brood mee, maar de fun staat voorop. Ik vind dat een kracht, want het is dikwijls juist het plezier dat het verschil maakt. Dat wil niet zeggen dat ik voetbal niet ernstig neem. Ik ben kritisch voor mezelf en leg mezelf best wel veel druk op.

Uw laatste anderhalf jaar was een rollercoaster. Van de bank bij OHL naar titel- en bekerwinst bij Antwerp. Met een selectie voor de Rode Duivels erbovenop.

Keita: Het ging hard, maar dat zijn juist de momenten waarop je rustig moet blijven. Ik vond het een eer dat Antwerp mij wou, een eer om die prijzen te pakken en een eer om te spelen voor België. Ik heb er hard voor gewerkt, tegelijk voelt het als een geluk. Als iets waar ik van moet genieten dat het mij overkomt.

Hoe was het om mee te draaien tussen de sterren van de nationale ploeg?

Keita:. Je zit daar tussen voetballers die prijzen wonnen in de grootste competities, maar ik was getroffen door hoe rustig die bekende spelers zijn. Erg bescheiden en gewoon. Ze hebben mij en Arthur Vermeeren, die toen ook debuteerde, omarmd alsof we er al tien jaar rondliepen. Een topervaring, ik heb er veel uit geleerd. En het smaakte naar meer.

© Photo News

Hoopt u erbij te zijn op het EK? Er is bijzonder veel concurrentie op uw positie: zeker acht verdedigende middenvelders komen in aanmerking.

Keita: Natuurlijk is er concurrentie en natuurlijk moet je tonen dat je het waard bent. Je ‘krijgt’ het niet, je moet het afdwingen. Ik zal hard moeten werken en mijn niveau opkrikken om de bondscoach te overtuigen.

Hoe hoog mogen de Rode Duivels mikken op het EK? Volgens Peter Vandenbempt moet de jonge ploeg zijn eerste grote toernooi gebruiken om te leren. Oogsten is voor later.

Keita: De ploeg ziet het zelf zo niet. Onze gemiddelde leeftijd ligt misschien niet hoog, maar de Rode Duivels tellen ook ervaren leiders die geen zin hebben om te wachten. Jan Vertonghen en Romelu Lukaku hameren daar elke keer op: we kunnen iedereen aan. Ik vind het niet onrealistisch om te dromen van EK-winst. Als we met de voeten op de grond blijven en hard werken, raken we het verst.

Mogen we u wijzen op één zwakke plek? Uw statistieken kunnen beter. Er mogen meer doelpunten bij.

Keita: Daar denk ik veel over na. Ik krijg lof voor mijn prestaties op het veld, maar goals en assists zijn wel waar het om draait in voetbal. Het moet beter, maar ik denk dat zoiets stilletjes groeit. Het mag vooral geen obsessie worden. Ik moet geduldig zijn en mijn kansen nemen wanneer ze zich aandienen. En ik mag niet boos worden om pech. Want de keren dat ik op de paal schoot, zijn niet meer te tellen.

Gaan ze er op training vlotjes in?

Keita: Bij momenten wel, op andere dagen compleet niet. De andere spelers lachen er af en toe mee. Met mijn traptechniek is niks mis. De trainer zegt dat ik het mezelf makkelijker moet maken. Een lelijke frommelgoal telt ook, hè.

Ik mis Arthur zeker, maar als ploeg kunnen we zijn vertrek wel opvangen.

Uw coach Mark van Bommel was een van de toppers van zijn generatie. Hij speelde op uw positie. Vertelt hij over zijn gloriedagen bij Barcelona, Bayern München en AC Milan?

Keita: Ik herinner me één meeting waarin de coach het had over een reeks matchen bij Barcelona die ze allemaal wonnen zonder goed te spelen. Maar eigenlijk praat hij er bijna nooit over. Ik ben te jong om veel van zijn carrière te weten, maar ik heb wel YouTube-filmpjes bekeken. De coach was een ander type dan ik, maar hij was duidelijk een leider. Je moet maar een paar beelden zien om het te beseffen. Dat hij op mijn positie speelde, is een troef. Hij reikt details aan die buitenstaanders niet opmerken maar die me enorm helpen.

Zoals?

Keita: Een middenvelder moet veel scannen: in één oogopslag zien waar andere spelers zich bevinden, zodat je als het ware weet wat er gaat gebeuren nog voor het gebeurt. Een paar stapjes naar links, of op het goede moment wegdraaien, kan ervoor zorgen dat de bal meteen juist ligt. Dat brengt snelheid in je actie en geeft je controle over het spel. Dat ‘doorzien’ van het voetbal lukt me beter en beter.

Een klassieker uit de trainerscursus luidt: ‘Een voetballer heeft tijdens een match 95 procent van de tijd de bal niet. Maar daar wordt evengoed het verschil gemaakt.’

Keita: (knikt) Zeker als middenvelder moet je heel de tijd geconcentreerd blijven. Eén seconde zonder focus en de ploeg valt uiteen.

U bezit een voetbalkwaliteit die erg belangrijk is en bijna niet aan te leren valt: présence op het veld. U dwingt ontzag af: er stáát iemand.

Keita: Daar heb ik zelf minder verdienste aan dan je denkt. Présence komt met vertrouwen. Mijn ploegmaats, de club, de coach en de staf schenken mij dat vertrouwen. Daarom kan ik mijn ding doen met een air alsof het vanzelfsprekend is. Ik heb een team achter mij dat mij présence gééft.

U hebt een opvallende snee tussen uw wenkbrauwen. Zit daar een stoer voetbalverhaal achter? De studs van een beenharde verdediger op zondagmorgen in de provincie?

Keita: Haha, nee. Het was veel dommer. Toen ik een jaar of twee was, ging ik met mijn moeder op vakantie in Afrika. Ik was zo’n druk kind dat overal liep waar het niet mocht en iedereen stoorde. Ik ben in Afrika keihard op een steen gevallen. Mijn moeder zegt dat het het beste is wat me kon overkomen: sindsdien ben ik veel kalmer. (lacht)

Hebt u Arthur Vermeeren nog gehoord na zijn transfer?

Keita: We houden contact, ja. Arthur heeft het geweldig naar zijn zin bij Atlético Madrid. Zo’n mooie, grote club die je komt halen, is de droom van elke jonge voetballer.

Ik vind het niet onrealistisch om te dromen van EK-winst.

Ik zat me te bedenken hoe lastig zo’n transfer moet zijn, wanneer je de glamour wegdenkt. Een 19-jarige jongen verhuist naar een land waar hij de taal niet spreekt en niemand kent. Zijn nieuwe collega’s zijn tegelijk ook concurrenten die hij uit de ploeg moet spelen.

Keita: Als er nu één voetballer is die zoiets probleemloos verteert, dan Arthur. Hij is mentaal ijzersterk en heeft zo veel voetballende kwaliteiten. Vroeg of laat verovert hij zijn plaats bij Atlético. Niet aan twijfelen.

Mist u hem op het veld?

Keita: De journalisten lijken wel te denken dat Arthur mijn lief is of zo. (lacht) Ik had een goede klik met hem, zowel op als naast het veld. Als speler en als karakters vulden we elkaar mooi aan. Ik mis Arthur zeker. Maar zo gaat het nu eenmaal in het voetbal: je moet je voortdurend aanpassen. De jongens die Arthur vervangen, hebben andere kwaliteiten. Ik moet ze op een andere manier aanspelen, maar het eindresultaat is volgens mij even goed. Als ploeg kunnen we het vertrek van Arthur zeker opvangen.

Op Vermeerens positie staat nu vaak Mahamadou Doumbia, een 19-jarige Malinees met een staalhard schot.

Keita: Toen Doumbia voor het eerst met ons meetrainde, waren we stomverbaasd. Die jongen heeft het allemaal: techniek, kracht, rust aan de bal, een traptechniek waar je van achterover valt. Het is ook een hele rustige kerel. Zo’n type dat hard werkt zonder zagen en die je vanzelf het beste gunt. Zulke jongens heb ik graag.

Laatkomers moeten bij Antwerp aan het rad draaien en een opdracht uitvoeren. U schijnt vaste klant bij het rad. Welke karweitjes waren het vervelendst?

Keita: Ik mocht gelukkig al een paar keer zingen. Ik heb een heel mooie stem, dus dat viel mee. (lacht) Don’t Matter van Akon heb ik intussen aardig onder de knie. Of daar filmpjes van bestaan? Ik hoop van niet.

Eén keer moest ik als opdracht een dierenkostuum dragen. Iets heel gênants. Het ligt nog steeds in de kleedkamer: als je wilt, dan haal ik het voor je. Kunnen we een foto nemen, als ze op de Knackredactie ook eens willen lachen! Een toffe opdracht was receptionist spelen. Dan word je voor dag en dauw op de club verwacht, en je moet iedereen vriendelijk begroeten wanneer ze aankomen. Ik vond dat nog wel plezierig.

Dat rad is eigenlijk een slimme manier om de saamhorigheid binnen de ploeg te verhogen. Niemand trekt graag een dierenpak aan, maar achteraf heb je wel iets om samen om te lachen. Het is niet alleen voor laatkomers – zó vaak kom ik niet te laat – maar ook als je iets vergeet of kwijtraakt. En dat overkomt me wel regelmatig: mijn pull vergeten in de fitnesszaal, een drinkbus die blijft slingeren. Ik vrees dat ik het niet afgeleerd krijg, maakt niet uit hoe vaak ik aan het rad draai.

Uw voornaam Mandela draagt een zeker gewicht. Inspireert het voorbeeld van Nelson Mandela u?

Keita: De man die de Apartheid beëindigde, is voor veel mensen een idool, maar ik bewonder hem nog meer om zijn persoonlijkheid dan om zijn politieke verwezenlijkingen. Een goed hart hebben en het verschil proberen te maken voor anderen: dat is waar het leven om draait. De andere Mandela gaf dat voorbeeld tot in het extreme: hij zat 27 jaar in de gevangenis en bleek nadien toch niet rancuneus, omdat hij wist dat hij op die manier meer kon bereiken. Hij vergaf en liet zich niet verteren door het onrecht dat hem werd aangedaan. Knap. Door me die naam te geven, heeft mijn moeder me een bepaalde druk opgelegd. Een Mandela moet wel een halve heilige zijn. Maar ik besef nu dat het een mooie, gunstige druk is. Het herinnert mij eraan dat ik positief in het leven moet staan, respect moet hebben voor wie mijn pad kruist en moet streven naar het goede.

MANDELA KEITA

2002: Geboren in Leuven.

2021: Debuut bij OH Leuven.

2023: Transfer naar Antwerp, wint beker en landstitel, debuut voor Rode Duivels.

Reageren op dit artikel kan u door een e-mail te sturen naar lezersbrieven@knack.be. Uw reactie wordt dan mogelijk meegenomen in het volgende nummer.

Partner Content