Opinie

Mieke Schauvliege

‘Hoog tijd dat de jacht op de patrijs definitief afgeblazen wordt’

Mieke Schauvliege Vlaams Parlementslid voor Groen.

‘De overgebleven patrijzenpopulaties goed monitoren leert ons dus veel over hoe het in het algemeen gesteld is met de fauna en flora in de Vlaamse velden’, schrijft Vlaams parlementslid Mieke Schauvliege (Groen). Ze roept op om de jacht op de waardevolle vogel helemaal stop te zetten.

Vandaag opent het jachtseizoen op de patrijs. Twee maanden lang zijn de vogels vogelvrij. Binnen 46 wildbeheerseenheden (WBE’s), hoofdzakelijk in West- en Oost-Vlaanderen, mogen jagers de laarzen aantrekken om patrijzen af te schieten. Ondertussen besteden we miljoenen euro’s belastinggeld aan onderzoek naar de kwetsbaarheid van de patrijs en worden massaal subsidies verdeeld om de soort in stand te houden. Als de regering Jambon ondertussen jacht blijft maken op de patrijs, is al die moeite voor niets.

Net als bij het gros van de akker- en weidevogels staat de patrijzenpopulatie de jongste decennia behoorlijk onder druk. Een pijnlijk gevolg van de doorgedreven schaalvergroting in de landbouw die hun habitat laat verschralen. De knusse akkerranden die beschutting bieden verdwijnen. Het aantal hapklare insecten daalt omwille van de steriele monoculturen. Patrijzen zijn fascinerende dieren. Als geen ander zijn ze een indicator van biodiversiteit op ons platteland. Waar het goed leven is voor de patrijs, is het goed leven voor tal van diersoorten en vice versa. De overgebleven patrijzenpopulaties goed monitoren leert ons dus veel over hoe het in het algemeen gesteld is met de fauna en flora in de Vlaamse velden.

Dat heeft de regering Jambon ook begrepen. Tussen 2020 en vandaag spendeerde de Vlaamse Overheid een goeie 750.000 euro aan onderzoek rond de verspreiding van de patrijs. Daarnaast loopt er het Europese Partriche-project, goed voor een kleine 8 miljoen euro, waarvan pakweg 2,8 miljoen voor Vlaanderen gereserveerd is. Ruim 3,5 miljoen euro dus om te onderzoeken hoe het zit met de patrijzenpopulatie in Vlaanderen. En toch wordt er nog naar hartenlust jacht gemaakt op de vogel. 

Toegegeven, de regels zijn de jongste jaren strenger geworden. Voor er op patrijs mag gejaagd worden, moeten de WBE’s in het voorjaar al het veld intrekken om broedparen te inventariseren. Enkel wanneer er 3 of meer koppeltjes gevonden worden per 100 ha (1 km2) jachtgebied, kan de WBE in het najaar de jacht op de vogels openen. Sinds vorig jaar gebeurt die telling bovendien op een gestandaardiseerde manier. Tegelijk gingen onafhankelijke onderzoekers het terrein op om een tegenproef te doen. De telresultaten kwamen niet steeds overeen. Het gevolg is dat er, daar waar er tot voor een paar jaar nog binnen 116 WBE’s op de patrijs kon gejaagd worden, dat aantal voor het jachtseizoen 2022 is teruggebracht tot 46. Laten we hopen dat die terugval niet louter te wijten is aan een dramatische daling van het aantal patrijzenkoppels in Vlaanderen, maar vooral aan het overijverige, lukrake tellen in het verleden.

De striktere regels zullen er allicht toe leiden dat er in de komende twee maanden minder patrijzen zullen afgeschoten worden. In 2020, de jongste cijfers die te vinden zijn op de website van het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek INBO, telden we nog een kleine 10.000 slachtoffers van knaldrang. Dat is bijna een halvering ten opzichte van 10 jaar geleden, maar het blijft onzinnig veel voor een vogel die op de rode lijst van kwetsbare soorten staat. Rationele argumenten om de patrijs te bejagen zijn er immers niet. De patrijs woekert niet, levert geen overlast op – hij kraait niemand wakker- en veroorzaakt geen vraat- of andere schade voor de landbouw.  

Terwijl honderden landbouwers akkerranden inzaaien en hagen en houtkanten aanplanten en verzorgen om soorten als de patrijs terug welkom te heten in het landbouwlandschap, krijgen jagers vandaag opnieuw een vrijbrief om van de patrijs een schietschijf te maken. Ondertussen sloot de Vlaamse Landmaatschappij (VLM) al voor 4000 hectare beheersovereenkomsten af met landbouwers om hun landgebruik af te stemmen op de noden van vogels als de veldleeuwerik, geelgors of… patrijs. Met resultaat, zo bleek deze week nog uit een studie van de UHasselt, maar toch nog onvoldoende om de habitat van de akkervogels optimaal te beschermen.

Vanaf vandaag mogen die patrijzen die we – terecht – zo koesteren, dus weer bejaagd worden. Enkele duizenden waardevolle vogels, in elke betekenis van het woord, belanden straks op een gastronomisch wildbuffet. Het klinkt nog onzinniger dan het slachten van de kip met de gouden eieren. Het is hoog tijd dat de regering Jambon de patrijs schrapt van de lijst van bejaagbare soorten en de jacht op de patrijs, net zoals in veel van de ons omringende landen, definitief afblaast.


Partner Content