Opinie

Bert Bultinck

‘Durft iemand nog te zeggen wie er aan de winnende hand is in de oorlog in Oekraïne?’

Bert Bultinck Hoofdredacteur van Knack
Hier staat ingevoegde content die informatie op uw apparaat wil opslaan en/of openen. U heeft hiervoor geen toestemming gegeven.
Klik hier om dit alsnog toe te laten

Eind negentiende eeuw schreef de jonge Ierse dichter William Butler Yeats: ‘Talent perceives difference; genius, unity.’ Mensen met talent kunnen wel verschillen zien, maar alleen het ware genie kan er één verhaal van maken. Voor wie een helder zicht probeert te houden op de oorlog in Oekraïne is een goede synthese, of zelfs maar een helder overzicht, next level, zoals dat heet vandaag: een stevige uitdaging. In de eindeloze stroom van berichten, analyses, studies, fake news en regelrechte propaganda over de oorlog in Oekraïne wordt het steeds moeilijker om door de bomen het bos te zien. Durft iemand nog te zeggen wie er aan de winnende hand is? Gelooft iemand zonder meer de Oekraïense cijfers over de omgekomen militairen, laat staan die van de Russen?

Het optimisme over de sancties tegen Rusland is van een stelligheid die vragen oproept.

De recente berichten over de mogelijk verlamde rechterarm van de Russische president Vladimir Poetin – spoiler: zijn arm is niet verlamd – helpen niet. Onder de opmerkelijke kop ‘Beelden tonen hoe Poetin op vreemde manier naar mug rond zijn hoofd slaat’ kwamen Vlaamse populaire media dit weekend met een verslag van een bezoek van de president aan een museum nabij Sint-Petersburg. Op het bijbehorende filmpje – ‘Heeft Poetin een verlamde arm? Oordeel zelf’ – maakt Poetin inderdaad bijzondere bewegingen met zijn linkerarm, terwijl zijn rechterarm naast zijn lichaam lijkt te bungelen.

Die clickbait past in de veelkantige speculaties over de gezondheidstoestand van Poetin. Uiteraard is de gezondheid van een autocraat nooit een detail, ook al zullen Kremlinwatchers ons vertellen dat een exit van Poetin zeker niet betekent dat de oorlog ten einde is. Maar ook in Sint-Petersburg bleek het in elk geval geen goed idee om van een mug een olifant te maken. Andere, recentere beelden laten gewoon een Russische president zien die een blad omslaat of een kaars aansteekt in een kathedraal. Met zijn rechterhand.

Of neem het fameuze rapport van de universiteit van Yale waar vorige week zo veel over te doen was. Een team van de gerenommeerde Amerikaanse universiteit claimt – ‘als een van de eerste’ – diepgaand de doeltreffendheid van de westerse sancties tegen Rusland te hebben onderzocht. De wetenschappers voeren aan dat de sancties de Russen wel degelijk pijn doen, en veel meer dan tot nog toe werd aangenomen. Ze veroordelen de media – westerse media – die klakkeloos de valse data van de officiële Russische kanalen blijven overnemen, zoals het respectabele agentschap Bloomberg en CNN-analist Fareed Zakaria. Zelf vertrekken de academici niet, zo schrijven ze, van gedateerde Russische persberichten, maar steunen ze op contacten in de wereld van de multinationals, de haute finance en niet-publieke bronnen.

Met hun rapport bieden de onderzoekers van Yale een welkom tegengeluid. Maar ze zetten de boodschap meteen wel heel stevig aan: ‘De feiten zijn, hoe je ook wilt meten en op gelijk welk niveau, dat de Russische economie aan het wankelen is.’ Nog opvallender is dat de academici ook gratis beleidsadvies verstrekken, met een boodschap die vooral voor Duitsland bestemd lijkt: ‘Het is nu niet het moment om op de rem te gaan staan.’ Het optimisme is van een stelligheid die vragen oproept, niet minder vragen dan het pessimisme van Bloomberg en Zakaria.

In een recent Knack-interview bekritiseerde de vooraanstaande Russische Rusland-analiste Tatjana Stanovaja de weifelende, vage positionering van Europa: ‘Wil Europa verzoening met Rusland? Wil het de oorlog zo snel mogelijk beëindigen? Wil het Oekraïne redden? Ik snap niet goed welke strategische doelen Europa nastreeft.’ Die kritiek hoor je wel vaker, het is een variatie op het bekende thema van een besluiteloos Europa. En jawel: Brussel, Berlijn en Parijs zetten in op een maximale verdediging van Oekraïne tegen een minimale prijs, en dat is een moeilijk en soms dubbelzinnig compromis.

Maar de mist – de zogenaamde fog of war – is in Oekraïne zo dicht geworden dat er zelfs geen consensus is over de meest fundamentele feiten. In de tussentijd gedragen we ons zoals gewoonlijk: een koers die het midden houdt tussen de visies van de grote Europese landen. Met bijzonder veel ontzag voor Washington. Of dat de goede koers is, zal afhangen van het moment waarop we naar deze tijd zullen terugkijken. En van de inschatting van het genie dat er over een paar jaar één verhaal kan van maken.

Reageren op dit artikel kan u door een e-mail te sturen naar lezersbrieven@knack.be. Uw reactie wordt dan mogelijk meegenomen in het volgende nummer.

Partner Content