Wouter Beke: ‘Wij zijn niet de partij van de voortdurende campagnes en advertenties’

CD&V-voorzitter Wouter Beke © Dieter Telemans
Stavros Kelepouris
Stavros Kelepouris Journalist Knack.be

Wouter Beke verdedigde het ‘moedige midden’ in het openingscollege van UGent-politoloog Carl Devos. Knack voelde de CD&V-voorzitter na het debat aan de tand.

We beginnen met een quizvraag. Wie was de laatste CD&V’er die tijdens het openingscollege van Carl Devos mocht spreken?

WOUTER BEKE: Herman Van Rompuy?

Neen, uzelf, in 2012. U sprak toen over vijandsbeelden: ‘Er zijn partijen die zichzelf proberen te profileren door zich af te zetten van andere partijen. Het is de schuld van het groot kapitaal, van een slecht werkende overheid, de allochtonen, de Walen.’

Ik zou zeggen: op vijf jaar is er weinig veranderd.

BEKE: Dat is zo. Mijn analyse is ook nog steeds dezelfde, net als mijn remedies. Democratie is een georganiseerd meningsverschil, en mensen mogen stemmen voor wat hen ligt. Wij hebben een product op de markt dat de antipode is van die polarisering, van het zoeken naar een vijandsbeeld, van de voodoo-politics. Daarvoor kunnen kiezers bij ons terecht. Wij hebben dat allemaal niet nodig om ons verhaal te vertellen.

Dat was ook wat u in uw openingscollege meegaf: straffe uitspraken zijn niet altijd juiste uitspraken.

BEKE: Politiek gaat niet enkel over inhoud, maar ook over stijl. Dat zie je in de internationale politiek tussen de Verenigde Staten en Noord-Korea, en ook in de nationale politiek. Stijl is een belangrijk onderdeel van politiek, en wij kiezen voor een andere, verbindende stijl.

Er is de voorbije jaren te vaak stress geweest alsof er binnen veertig dagen verkiezingen zouden zijn. Tussenliggende campagnes, advertenties, en meer van dat.

Die stijlverschillen verklaren een deel van de wrevel in de federale regering, maar er is natuurlijk meer. Een jaar geleden stapte uw vicepremier Kris Peeters van de federale onderhandelingstafel. Sindsdien is de rust ver te zoeken in de federale coalitie.

BEKE: Het zomerakkoord was een belangrijk moment om een laatste groot akkoord mogelijk te maken voor de verkiezingen van 2018 en 2019. Daar is hard aan gewerkt, met tientallen maatregelen in de begroting en in hervormingen. Het is jammer dat nadien de discussie over de pensioen er is gekomen en dat sommigen een publieke discussie gevoerd hebben over de implementering van die effectentaks. Dat heeft het beeld getroebleerd van het belang en het momentum om nog twee jaar met verenigde krachten ertegenaan te gaan. Maar het was wel een momentum.

Er was ook het intussen bijna spreekwoordelijke Kumbaya-moment tussen u en N-VA-voorzitter Bart De Wever. Was dat nog zo’n sleutelmoment voor het federale werk?

BEKE: Inhoudelijk heeft dat Kumbaya-moment niks betekend. We hebben toen niet over begrotingen en maatregelen gesproken, maar het was wel belangrijk omdat vlak voordien staatssecretaris Zuhal Demir de Vlamingen wou waarschuwen voor CD&V. Toen heb ik gezegd: het is het één of het ander.

Ofwel is er een minimum aan vertrouwen in elkaar en laten we dit soort zaken achterwege, en dan kijken we hoe we de komende maanden belangrijke akkoorden kunnen sluiten. Ofwel is dat vertrouwen er niet, en is dat de ultieme overtuiging van hun partij. Maar dan konden we er beter meteen een streep onder trekken.

In die zin heeft het Kumbaya-moment bijgedragen tot een klimaat waarin het zomerakkoord mogelijk was.

Nog niet zo lang geleden zei u in een interview dat N-VA het discours van Vlaams Belang recycleerde. Knack-hoofdredacteur Bert Bultinck schreef toen in zijn edito: ‘Als Beke werkelijk denkt te regeren met Vlaams Belang-light, dan moet hij de stekker eruit trekken’.

BEKE: Ik heb geen enkel probleem om te verdedigen wat we in de regering beslissen. Er zijn ook veel dingen die we niet beslist hebben. Er is geen noodtoestand ingevoerd. Schengen is niet op de schop gegaan, ook al werd dat hier twee jaar terug plechtig aangekondigd. De Conventie van Genève is nooit herzien. De vrije meningsuiting is niet teruggeschroefd – en zo kan ik wel nog een tijdje doorgaan.

Iets anders is de stijl. Het gaat niet alleen over beleid, maar ook over woorden. Ik zal niet nalaten om duidelijk te maken dat de stijl van N-VA niet mijn stijl is. Ik denk ook dat het weinig bijdraagt wanneer een staatssecretaris verscheidene keren teruggefloten moet worden door de premier omdat zijn stijl niet is wat men mag verwachten.

CD&V-voorzitter Wouter Beke
CD&V-voorzitter Wouter Beke© Dieter Telemans

Bij het zomerakkoord heeft uw partij twee grote slagen thuisgehaald: een politiek akkoord rond het Arco-dossier, en een effectentaks als vorm van rechtvaardige fiscaliteit. Het duurde niet lang voor N-VA…

BEKE: (onderbreekt) Er zitten dertig maatregelen aan hervormingen van de arbeidsmarkt in het akkoord, die er door Kris Peeters gekomen zijn. Er zitten ook voorstellen van werkbaar werk in. U reduceert het zomerakkoord tot twee elementen.

Neen, maar Arco en de effectentaks zijn wel twee van de grootste pijlers in het akkoord, zeker voor uw partij. Het duurde maar enkele dagen voor N-VA in de media de Arco-regeling in twijfel trok, en minister van Financiën Johan Van Overtveldt ligt voortdurend dwars over de effectentaks die hij moet uitwerken.

Beke: Het is bijzonder vreemd dat een minister zelf de indruk geeft dat hij zijn eigen maatregelen moet torpederen. Dat komt doorgaans de geloofwaardigheid van de minister niet ten goede. Ik heb in het parlement gezien dat hij nu zegt: het zomerakkoord is een en ondeelbaar en zal uitgevoerd worden. Dat is ook wat afgesproken is. Met andere woorden: al die tussenliggende communicatie is nergens voor nodig geweest en heeft alleen maar veel zure oprispingen veroorzaakt die perfect vermeden hadden kunnen worden.

Het heeft ook een perceptie gecreëerd.

BEKE: Klopt, en ik denk dat die perceptie zijn partij ook niet ten goede komt als die perceptie is: N-VA vindt rechtvaardige fiscaliteit geen belangrijke zaak en rammelt er maar wat mee.

De campagnes richting de verkiezingen van 2018 en 2019 worden nu volop op gang getrokken. Dat creëert bij veel burgers en analisten het idee dat de regering, die sowieso al vaak openlijke ruzies uitvecht, nu geen grote beslissingen meer zal kunnen nemen.

BEKE: Diezelfde analyse werd in het voorjaar gemaakt, en het zomerakkoord heeft aangetoond dat de regering wel nog tot grote beslissingen kan komen. Het zal er nu op aankomen om die beslissingen ook goed uit te voeren en te zorgen dat iedereen zich aan de afspraken houdt.

Voor CD&V wordt het thema bij de lokale verkiezingen ‘levenskwaliteit’. Dat is een erg breed begrip.

BEKE: Zeker, maar het is ook heel concreet in te vullen. Levenskwaliteit gaat over werkbaar werk: langer werken, maar ook zorgen dat het doenbaar is. Het gaat over veiligheid in de buurten: veiligheid tegen de terreurdreiging, maar ook verkeersveiligheid, aanpakken van zwerfvuil, sociale controle in de eigen buurt. Levenskwaliteit heeft erg veel aspecten.

Met permissie: het klinkt ook erg soft in een politieke tijd waarin politici elke dag de toon willen zetten met straffe uitspraken op Twitter.

BEKE: Ik weet niet waarom dat soft zou klinken. Het is iets waar veel mensen volgens mij veel belang aan hechten. Zeker voor gemeenteraadsverkiezingen is de levenskwaliteit van de biotoop waarin we leven, onze kinderen opvoeden, ons cultureel manifesteren, een cruciaal thema.

Het zullen de eerste verkiezingen zijn sinds de samenvallende verkiezingen van 2014. Bedoeling daarvan was om de verkiezingsmodus een aantal jaar uit te kunnen zetten en de regeringen toe te laten maximaal te regeren. Is dat gelukt?

BEKE: Dat is maar ten dele gelukt. Laat me meteen zeggen dat ik geen voorstander ben van samenvallende verkiezingen. Ze zijn wat ze zijn, maar u weet ook dat wij de grondwet zo in elkaar hebben getimmerd dat die verkiezingen weer ontkoppeld kunnen worden. Ik ben trouwens ook geen voorstander van een val van de regering op dit moment, maar theoretisch zou dat kunnen.

Er is de voorbije jaren te vaak stress geweest alsof er binnen veertig dagen verkiezingen zouden zijn. Tussenliggende campagnes, advertenties, en meer van dat – terwijl het vijf jaar geen verkiezingen zouden zijn. Dat creëert natuurlijk ook een sfeer van actie-reactie, en heeft onnodig veel stress met zich mee gebracht.

Waar liggen de oorzaken voor die stress dan?

BEKE: Wel, wij hebben geen tussenliggende advertenties en campagnes gehad. En dus ook niet de indruk gewekt dat we in een voortdurende campagnemodus zitten. Ik denk niet dat het een goeie zaak is om dat te doen, maar elke partij maakt zijn eigen keuzes.

Partner Content