Trippen tegen trauma’s: zijn psychedelica geneeskrachtig?

De vraag is: is de trip een bijwerking of net het therapeutische aspect? © XAVIER TRUANT
Ann Peuteman
Ann Peuteman Redactrice bij Knack

Er zijn sterke aanwijzingen dat mensen met een trauma, een angststoornis of een zware depressie gebaat kunnen zijn bij psychedelica. ‘Het lijkt erop dat zulke stoffen hun herstelproces kunnen versnellen of vergemakkelijken’, zegt onderzoeker Dimitri De Bundel.

Hier staat ingevoegde content uit een social media netwerk dat cookies wil schrijven of uitlezen. U heeft hiervoor geen toestemming gegeven.
Klik hier om dit alsnog toe te laten

‘Over de hele wereld worden vandaag studies opgezet om de impact van psychedelica op mensen met een zware angststoornis of depressie te onderzoeken’, zegt farmacoloog Dimitri De Bundel van het Center for Neuroscience van de Vrije Universiteit Brussel. ‘Sommige zijn best al vergevorderd en de resultaten zijn veelbelovend, maar er is nog veel meer onderzoek nodig voor die stoffen als geneesmiddel op de markt kunnen komen.’

Wat zijn psychedelica of hallucinogenen eigenlijk?

Dimitri De Bundel: Simpel gezegd zijn dat stoffen die hallucinaties kunnen veroorzaken. Volgens een veelgebruikte definitie is het verschil met andere drugs dat ze veranderingen in perceptie, gedachten en gevoelens teweeg kunnen brengen die mensen anders alleen in dromen of op momenten van religieuze extase ervaren. In grote lijnen zijn er drie soorten hallucinogenen. De meest tot de verbeelding sprekende zijn de klassieke psychedelica, zoals lsd en psilocybine. Daarnaast zijn er de zogenaamde empathogenen met als bekendste voorbeeld MDMA, het actieve bestanddeel van xtc. Ten slotte is er nog de groep van de dissociatieven, waartoe ketamine behoort. Die stof wordt in ziekenhuizen als narcosemiddel gebruikt, maar onder de naam Special K is het ook een populaire recreatieve drug. Er zijn steeds meer aanwijzingen dat psychedelica, in combinatie met psychotherapie, kunnen helpen bij de behandeling van ernstige psychische problemen. Uit een bevraging van meer dan 25.000 recreatieve gebruikers uit de Verenigde Staten is bijvoorbeeld gebleken dat depressie en suïcidaliteit bij hen minder voorkomen dan bij mensen die geen klassieke psychedelica gebruiken.

Er lopen onderzoeken waarbij lsd wordt gebruikt om de doodsangst van terminale kankerpatiënten weg te nemen.

Op termijn zullen patiënten een pilletje met psychedelische stoffen voor- geschreven kunnen krijgen?

De Bundel: Nu al is er in België een neusspray met esketamine op de markt voor mensen met een zware depressie die geen baat hebben bij andere behandelingen, zoals antidepressiva. In heel wat gevallen blijkt die spray snel een positief effect te hebben, maar er zijn ook patiënten die na een paar weken hervallen. Esketamine is geen klassiek psychedelicum, maar kan wel vergelijkbare ervaringen uitlokken. Voor psilocybine wordt nu volop onderzocht of het in combinatie met psychotherapie effectief is voor de behandeling van depressies. Maar er zijn nog veel meer toepassingen denkbaar. Zo experimenteert de Zwitserse psychiater Peter Gasser met lsd om de doodsangst van terminale kankerpatiënten weg te nemen.

Hoe komt het dat psychedelica zo’n positieve impact kunnen hebben op depressies of trauma’s?

De Bundel: Dat weten we nog niet. Het is goed mogelijk dat zo’n stof inwerkt op de verbindingen tussen de neuronen in het brein. De vraag is nu of de psychedelische effecten van zo’n middel louter bijwerkingen zijn, zoals in de bijsluiter van de neusspray met esketamine staat. Het kan ook dat net die acute psychedelische ervaring verantwoordelijk is voor het therapeutische effect. Of het is een combinatie van de twee. Er is dus nog heel wat onderzoek nodig om te achterhalen hoe psychedelica precies inwerken op een depressie of angststoornis.

Is dat wat u met uw eigen onderzoek hebt geprobeerd?

De Bundel: Ons onderzoek ging specifiek over het effect van psychedelica op cognitieve en affectieve processen. Meer bepaald over de rol van 5-HT2A-receptoren in de amygdala, een deel van de hersenen dat een belangrijke rol speelt bij de controle en expressie van emoties. Bij muizen hebben we onderzocht wat er gebeurt als die receptoren worden geactiveerd door de toediening van psychedelica. We konden duidelijk vaststellen dat hun angst daardoor heel sterk werd onderdrukt. Dat geldt zowel voor aangeboren angst – muizen zijn van nature bijvoorbeeld bang voor open ruimtes – als voor geconditioneerde angst.

Nu al is er in België een neusspray met esketamine op de markt voor mensen met een zware depressie die geen baat hebben bij andere behandelingen, zoals antidepressiva.

Psychedelica zouden ook kunnen helpen bij de behandeling van een posttraumatische stressstoornis (PTSS).

De Bundel: Klopt. Bij PTTS-patiënten werkt men soms met een zogenaamd extinctieproces. Dat wil zeggen dat ze keer op keer worden geconfronteerd met datgene waar ze bang voor zijn. Doordat ze geen negatieve gevolgen ervaren, zou die angst op den duur moeten afzwakken. De hypothese is dat het gebruik van psychedelische stoffen, en dan vooral van MDMA, dat proces kan versnellen. Ons onderzoek met muizen heeft dat niet meteen bevestigd, maar hun cognitieve processen zijn natuurlijk lang niet zo complex als bij mensen.

Wel is al aangetoond dat psychedelica kunnen helpen bij mensen die zo angstig of getraumatiseerd zijn dat ze niet in staat zijn om zich mentaal bloot te stellen aan wat hen zo bang maakt. Uit onderzoek blijkt dat MDMA er in sommige gevallen voor kan zorgen dat zo’n patiënt zijn trauma toch onder ogen durft te zien.

De vraag naar psychische hulp is vandaag veel groter dan het aanbod. Een middel dat de effecten van psychotherapie kan versnellen, zou wel heel welkom zijn.

De Bundel: Ja, maar voor er sprake kan zijn van terugbetaling van zulke middelen, zal moeten worden bewezen dat ze effectiever zijn dan de klassieke antidepressiva die vandaag worden voorgeschreven. Dat is niet eenvoudig. Onlangs werden de resultaten gepubliceerd van een vergelijkende studie naar de effecten van de hallucinogene stof psilocybine en van een conventioneel antidepressivum. De onderzoekers hoopten te kunnen aantonen dat het psychedelicum beter werkt, maar dat is ze niet gelukt. Al zou je het ook als een meerwaarde kunnen beschouwen dat een dosis van een psychedelicum maanden doorwerkt terwijl je een antidepressivum dagelijks moet slikken.

Sommige patiënten experimenteren vandaag zelf met psychedelica. Zangeres Selah Sue vertelde onlangs dat ze haar antidepressiva voor psychedelische truffels heeft ingeruild. Een goed idee?

De Bundel: Niet echt. De meeste klassieke psychedelica hebben een vrij lage toxiciteit. Als je ze in een correcte dosis gebruikt, zal je lichaam er in de meeste gevallen niet slecht op reageren. Iets anders is de psychedelische ervaring die je doormaakt. Het is best mogelijk dat je je dan heel vreemd gaat gedragen of een paniekaanval krijgt. Daarom moet een patiënt die een psychedelicum krijgt goed worden begeleid en mag hij niet alleen worden gelaten. Het best is er iemand in de buurt die weet wat er kan gebeuren, zoals een ervaren psychiater of psycholoog. Gebruik je thuis in je eentje een psychedelicum, dan bestaat het gevaar dat je in paniek raakt of een ongeluk krijgt.

Is er dan geen enkele risico wanneer je een pil krijgt voorgeschreven die je in het bijzijn van een zorgverlener slikt?

De Bundel: In de overgrote meerderheid van de gevallen niet. Wel moet men uitkijken voor interacties met andere middelen of mogelijke onderliggende aandoeningen. Zo kan een psychedelicum een acute psychose uitlokken, maar dan vooral bij mensen die al aanleg voor psychosen hebben. Daarnaast heeft 8 procent van de mensen nog ongeveer een week lang flashbacks naar hun psychedelische ervaring. Ze zien dan een soort aura of sneeuw. De meesten hebben daar weinig last van en het gaat ook vanzelf weer over. Meestal toch. In heel uitzonderlijke gevallen zouden die visuele storingen langer kunnen aanhouden. Maar ook dat moet nog verder worden onderzocht.

Dimitri De Bundel

– 1981 Geboren in Aalst

– Studeerde farmaceutische wetenschappen aan de VUB

– Sinds 2009 doctor in de farmaceutische wetenschappen

– Sinds 2014 onderzoeker aan het Center for Neurosciences (VUB)

Reageren op dit artikel kan u door een e-mail te sturen naar lezersbrieven@knack.be. Uw reactie wordt dan mogelijk meegenomen in het volgende nummer.

Partner Content