Wat ligt er in de toekomst op ons bord nu het VN-Klimaatpanel niet alleen onze CO2-uitstoot op de korrel neemt, maar ook onze vleesconsumptie en de manier waarop we de landbouw organiseren? Knack sprak met drie experts over wat er in de toekomst op ons bord ligt.
...

Wat ligt er in de toekomst op ons bord nu het VN-Klimaatpanel niet alleen onze CO2-uitstoot op de korrel neemt, maar ook onze vleesconsumptie en de manier waarop we de landbouw organiseren? Knack sprak met drie experts over wat er in de toekomst op ons bord ligt.Ooit was steak au poivre Tobias Leenaerts favoriete gerecht. Het kostte hem tien jaar om af te kicken van wat hij zijn 'verslaving' noemt: vlees. 'Waar de wereld écht beter van wordt, is van 3D-geprint kweekvlees', zegt hij. 'Ik juich de ontwikkeling van alternatieven voor dierlijke producten toe. Dan hoeven al die dieren niet meer geboren te worden voor een ellendig leven in de veehouderij. Uit cellen gekweekt vlees wordt een van de efficiëntste uitvindingen om het leed te verminderen.' De productie van kweekvlees loopt niet van een leien dakje. Het is duur en het zou nog minstens vijf tot tien jaar duren voor het op ons bord ligt. Tobias Leenaert: Er is een bedrijf dat het dit jaar op de markt hoopt te brengen. Maar er is nog een lange weg te gaan voor de prijs concurrentieel is met die van gewoon vlees. U hebt er geen ethische bezwaren tegen dat de mens door vlees te kweken zelf god speelt? Leenaert: Nee. Ik ben een transhumanist en heb er bijgevolg geen enkel bezwaar tegen dat de mens zichzelf technologisch probeert te verbeteren. Integendeel. Onze kleinkinderen zullen met medelijden aan ons terugdenken: 'Dat onze grootouders zo moesten lijden!' Net zoals wij nu compassie hebben met de middeleeuwer die zonder verdoving zijn been liet afzetten. Binnen afzienbare tijd zullen we ons geluk een flinke boost kunnen geven door een klein beetje aan onze hersenen te sleutelen. Ik ben een groot voorstander van dat soort ingrepen. Elke dag vermaalt de Zuid-Afrikaanse Leah Bessa kilo's insecten tot melk en ijs. 'Insectenzuivel is duurzaam, zoogdiervriendelijk, gezond en lekker.Leah Bessa: Met Gourmet Grubb, ons bedrijfje in Kaapstad, maken we zuivel van de larven van de zwarte soldatenvlieg. Ik heb voedingswetenschappen gestudeerd en voor mijn thesis voerde ik onderzoek naar insecten als alternatief voor vlees. Bij toeval ontdekte ik de mogelijkheid om de eiwitten van insecten te bewerken tot zuivel. Insectenmelk of entomelk is het beste alternatief voor mensen met een lactose-intolerantie. Want veel van de bestaande melkvervangers zijn minder gezond dan ze lijken. Via ons ijs hopen we de tongen en de harten van de mensen te veroveren. Want er is een grote aversie tegen het eten van insecten. Hoe smaakt entomelk? Bessa: Entomelk is minder zoet dan bijvoorbeeld koemelk. Melk van koeien bevat natuurlijke suikers die insecten niet hebben. Door haar hoge proteïnegehalte is entomelk zeer gezond. Er zitten drie keer meer proteïnen in dan in gewone melk. Onze melk is even vet, maar bevat meer zink, ijzer en calcium. Maar de belangrijkste reden om onze melk te drinken, is de duurzaamheid. De industriële melkveehouderij kampt met overbemesting en heeft een serieuze impact op het milieu. Je kunt je ook veel vragen stellen over de manier waarop het vee behandeld wordt. Bij insecten heb je die problemen niet. Ze stoten geen broeikasgassen uit en zijn kerngezond. Hoeveel larven moet u doden voor één glas melk? Bessa: Van 1 kilo insecten maken we 1 liter melk. Dat klinkt luguber, maar hun doodstrijd is heel kort. Ze kweken onvoorstelbaar snel, we zullen niet meteen zonder grondstof vallen. Ooit demonstreerde Mark Kulsdom als dierenrechten-activist tegen McDonald's. Vandaag maakt en verkoopt hij vanuit Amsterdam zijn eigen hamburgers, maar dan van zeewier. Twintig jaar geleden was Mark Kulsdom een echte carnivoor. 'Misschien ben ik dat diep vanbinnen nog een beetje', zegt hij. 'Alleen weet ik dat de toestand in de wereld dat niet langer toelaat. Er zijn vandaag heel goede redenen om geen vlees meer te eten, en dus ook geen hamburgers. Maar veel mensen zijn net zo gek op die burgers. Ik vroeg me af: hoe kunnen we hen ertoe verleiden om ze links te laten liggen? Dan moet je een betere plantaardige optie hebben. In 2012 gingen we op verkenning naar New York. We probeerden alle goede veganistische restaurants, op zoek naar de perfecte groene hamburger. Ik was toen nog documentairemaker en legde onze zoektocht vast op film.' 'Onze keuze viel op zeewier als basiselement. We wilden onze burger cool aan de man brengen. Iedereen moest hem dolgraag willen proeven. Dus dachten wij aan The Dutch Weed Burger, de zeewierburger uit Amsterdam, de bakermat van de wiet. (lacht) Dat maakt mensen nieuwsgierig. Dat willen ze wel eens proeven. We hebben ons uiterste best gedaan om van de broodjes, burgers en sauzen echte smaakbommen te maken.' Er zijn zoveel plantaardige burgers. Wat maakt uw zeewierburger zo speciaal? Mark Kulsdom: Een vlees- of viseter wil eiwitten. Wij gingen op zoek naar de beste plantaardige bron en kwamen zo uit bij zeewier uit de Oosterschelde. Zeewier is supergezond. Het bevat weinig calorieën, maar zit boordevol voedingsstoffen. Het is rijk aan calcium, jodium, magnesium, ijzer, omega 3 en B-vitaminen. En wier bulkt van de eiwitten. Veganburgers worden steeds populairder en de concurrentie rukt op. Veel producenten surfen mee op de hype, maar liggen niet wakker van de voedingswaarde. Dus verkopen ze gebakken appelmoes die eruitziet als een burger. Een Weed Burger is voeding, geen vulling. Wat is uw doel met The Dutch Weed Burger? De wereld veroveren? Kulsdom: Dat klinkt nogal imperialistisch, maar eigenlijk wel, ja. (lacht) Onze burgers worden nu al geserveerd op talloze festivals. Onze filosofie mag zeker de wereld rondgaan. Maar onze potentiële markt is West-Europa. We doen ons best om grondstoffen zo veel mogelijk uit Nederland te halen. Het zou nogal idioot zijn om vervolgens onze diepgevroren burgers met vliegtuigen over de rest van de wereld te gaan verdelen. Onze samenleving wordt door de klimaatverandering geconfronteerd met immense problemen. We moeten radicaal anders denken over transport, energie en voedsel. Wij vragen ons voortdurend af hoe we ons duurzame veganistische product nóg beter kunnen maken. 'Een beetje duurzaam' is niet genoeg, het hele plaatje moet kloppen.