Astrofysicus Vincent Van Eylen: ‘We staan aan het begin van een sterrenkundige revolutie’

Michel Vandersmissen
Michel Vandersmissen Redacteur van Knack

Astrofysicus Vincent Van Eylen (31) Is hoofddocent sterrenkunde aan het Mullard Space Science Laboratory van University College London (UCL), een van de tien beste universiteiten ter wereld.

U bestudeert exoplaneten, planeten buiten ons zonnestelsel. Vanwaar die interesse?

Vincent Van Eylen: Die kwam er nadat ik als Erasmusstudent aan de universiteit van Aarhus in Denemarken een meeslepende lezing over exoplaneten had bijgewoond. Toen besefte ik dat we aan het begin van een sterrenkundige revolutie staan. De eerste exoplaneet werd in 1995 ontdekt. Ondertussen kennen we er al 5000. Het gaat dus ontzettend hard. Ik heb het gevoel dat ik elke dag iets totaal nieuws kan ontdekken.

U hebt zelf ook al enkele nieuwe exoplaneten gevonden?

Van Eylen: Een tiental. Vroeger concentreerden we ons op het speuren naar nieuwe planeten, nu eerder op het analyseren van wat we gevonden hebben. Zo leren we bijvoorbeeld dat er planeten zijn die totaal anders zijn dan de aarde.

In welke zin verschillen ze dan?

Van Eylen: Sommige exoplaneten draaien om twee sterren. Er zijn ook bijzonder hete planten – tot tweeduizend graden – die in twee dagen om hun ster wentelen. Als u daar zou wonen, was u om de twee dagen jarig.

Hoe bestudeert u planeten die haast onpeilbaar ver van ons verwijderd zijn?

Van Eylen: We beschikken over steeds krachtigere ruimtetelescopen die almaar verder kunnen kijken. Ik krijg bijvoorbeeld veel data van de Tess-satelliet die enkele jaren geleden door de NASA is gelanceerd.

Eind december werd de James Webb-ruimtetelescoop gelanceerd. Wat kunnen we straks leren van de data die hij zal doorsturen?

Van Eylen: Onder meer welke moleculen zich in de atmosfeer rond zo’n exoplaneet bevinden. Of er bijvoorbeeld methaangas of waterstof aanwezig is.

De verwachtingen zijn hooggespannen.

Van Eylen: Toch denk ik niet dat we via de data van James Webb en Tess een antwoord zullen krijgen op de vraag of er leven is elders in de ruimte. Dat antwoord komt mogelijk wel van hun opvolgers. Dat lijkt nog ver weg, maar ik hoop het zeker nog mee te maken.

Partner Content