Wat is er aan de hand in Polen en Hongarije: ‘Ze willen de leiders worden van het Europa van morgen’

Naomi Skoutariotis
Naomi Skoutariotis Redactrice Knack.be

Hongarije en Polen raken steeds meer op ramkoers met de EU. ‘Ze gaan ervan uit dat de Europese Unie in haar huidige vorm in 2020 niet meer bestaat,’ zo verklaart de Hongaarse politicoloog Péter Krekó de strategie van de enfants terribles van de EU.

Het Europees Parlement debatteert vandaag over het onderzoek van de Europese Commissie naar de Poolse rechtsstaat. De Hongaarse politicoloog Péter Krekó legt aan Knack.be uit waarom het fout loopt met de democratie en wat de kloof tussen Oost- en West-Europa veroorzaakt. ‘Oost-Europese landen baseren hun politieke strategie op het idee dat de Europese Unie in haar huidige vorm in 2020 niet meer bestaat.’

Vandaag debatteert het Europees Parlement over het EU-onderzoek naar Polen, een procedure waarvan de uitslag in het uiterste geval kan zijn dat Polen haar stemrecht in de Europese Unie verliest.

Die procedure werd opgestart omdat de Poolse regering enkele controversiële maatregelen getroffen heeft in verband met het Grondwettelijk Hof en de openbare media. Er werden vijf rechters benoemd die de regeringspartij Recht en Rechtvaardigheid (PiS) gunstig gezind zijn en door een nieuwe mediawet kan de regering de directie en hoofdredactie van de openbare omroep zelf benoemen en ontslaan. Voorzitter van het Europees parlement Martin Schulz sprak over ‘een staatsgreep’.

Polen lijkt zo de weg op te gaan van het Hongarije van Viktor Orbán, dat nog forsere maatregelen heeft getroffen. Daarop is trouwens die Europese procedure in het leven geroepen.

Voor die verschuiving is een verklaring, legt de Hongaarse politicoloog Péter Krekó uit aan Knack.be: ‘Oost-Europese landen baseren hun politieke strategie op de verwachting dat de Europese Unie tegen 2020 niet meer zal bestaan zoals we die nu kennen. Het EU-budget voor de nieuwe lidstaten zoals Polen, ligt vast tot 2020. Die landen halen daar nog zo veel mogelijk uit, want ze schatten hun kansen om daarna nog geld te krijgen laag in.’

Ze zien dus geen voordeel meer in hun EU-lidmaatschap?

Krekó: Nee, daarom maken ze er op politiek vlak geen prioriteit van om een voorbeeldige lidstaat te zijn. Waarom zouden ze zich dan goed gedragen en proberen de noden van de mainstream politici te vervullen? Orbán en Jaroslaw Kaczynski hopen bovendien de leiders te zullen zijn van de Europese Unie van morgen. En dat zal er een zijn waarin de kernwaarden van de Europese Unie van vandaag afgewezen worden.

Orbán en Kaczynski hebben een les getrokken uit hun verkiezingsnederlagen na hun eerste legislaturen: ze waren toen te democratisch

Gelooft u ook dat de Europese Unie uit elkaar zal vallen?

Krekó: Ik denk dat we het Britse referendum moeten afwachten. De gevolgen van een Brexit zijn onvoorspelbaar. De EU kan een zinkend schip worden en Groot-Brittannië kan andere landen met zich mee trekken. Ik zou erom wedden dat Groot-Brittannië in de Europese Unie blijft, maar dat is op dit moment moeilijk te zeggen omdat de impact van de vluchtelingencrisis moeilijk in te schatten is.

Ik vrees meer voor het Schengenverdrag en de samenhang van de Europese Unie. Die zijn wél in gevaar. Europa zal tegen 2020 zwakker zijn. Misschien is het dan zonder Schengen en al zeker zonder ambities voor een ‘Verenigde Staten van Europa’, waar sommige politici nu voor pleiten.

In een interview met het dagblad Trouw waarschuwt u voor de opkomende trend van eenpartijregeringen, zoals in Hongarije. Waarom?

Krekó: Het gaat niet zozeer om het feit dat er maar één partij in de regering zit. Het gevaar zit er hem in dat regeringsleiders Orbàn en Kaczynski een les hebben getrokken uit hun verkiezingsnederlagen na hun eerste legislaturen: ze waren toen te democratisch, ze hadden toen al de instellingen naar hun hand moeten zetten. Dat willen ze nu rechtzetten.

Wordt de koers van die regeringen mee bepaald door het feit dat hun inwoners zich tweederangsburgers voelen in Europa?

Krekó: Het is er de algemene overtuiging dat de transformatie van communisme naar democratie een onrechtvaardige samenleving opgeleverd heeft. Terwijl mensen hoopten dat ze dankzij de democratisering dezelfde levensstandaard zouden hebben als mensen in West-Europa. Helaas is dat niet het geval en is er dus veel ontevredenheid over de democratie en de vrije markt.

Dat gevoel tweederangsburger te zijn, doet het Pools nationalisme oplaaien. Daarnaast is er ook het historisch vijandige gevoel tegenover zowel Duitsland als Rusland. Die negatieve gevoelens buiten politici succesvol uit om er een eurosceptische campagne mee te voeren tegen een sterk, dominant Europese Unie.

Polen heeft van Hongarije geleerd dat je eigenlijk alles kunt doen en zeggen in de Europese Unie

Ziet u een kloof tussen Oost- en West-Europa?

Krekó: Ja. Die zie je vooral aan de relaties binnen de Europese Unie. De vluchtelingencrisis is een goed voorbeeld. Ook al blijft het beleid van Orbán taboe, toch krijgt het na Parijs en Keulen steeds meer bijval.

Eigenlijk kun je zelfs spreken van een kloof tussen oude en nieuwe lidstaten. ‘Oude’ lidstaten zeggen dat ‘nieuwe’ lidstaten al te graag geld ontvangen en uitgeven, maar niet bereid zijn om opofferingen te maken en West-Europa te helpen met de migratiecrisis. En ze willen Oost-Europese lidstaten, die de maatregelen van de EU niet respecteren, straffen.

Een gevolg is dat Hongarije, Slovakije, Tsjechië en Polen een blok gaan vormen, een beetje zoals de Benelux, en zich gaan isoleren.

De Poolse president Andrzej Duda en zijn landgenoot en voorzitter van de Europese Raad Donald Tusk: tegenpolen.
De Poolse president Andrzej Duda en zijn landgenoot en voorzitter van de Europese Raad Donald Tusk: tegenpolen.© REUTERS

Wat kan de Europese Unie doen om dit probleem op te lossen?

Krekó: Wanneer een Oost-Europees land aangevallen wordt door Brussel omwille van kleingeestige maatregelen, verkopen de leiders dat als kritiek op hun natie. Zo maken ze van de Europese Unie een vijand. Het is dus belangrijk dat de Europese Unie veralgemeningen over de inwoners van die landen vermijdt.

In plaats van luid en publiekelijk kritiek te uiten, kunnen de Europese leiders beter in stilte druk uitoefenen. Als politici voelen dat ze veel te verliezen hebben, zullen ze twee keer nadenken over een maatregel. Kijk naar Orbán, die de doodstraf wilde herinvoeren maar stil werd toen de Europese Volkspartij (EVP) liet weten dat Hongarije dan geschorst zou worden.

Polen heeft van Hongarije geleerd dat je eigenlijk alles kunt doen en zeggen in de Europese Unie. In plaats van kritiek te geven, zouden Europese instellingen serieuze politieke stappen moeten ondernemen. Minder woorden, meer actie.

U bent pessimistisch over de democratie in Oost-Europa.

Krekó: In het oostelijke deel van Europa zijn democratie en vrije markt illusies, zeker sinds de economische crisis. Er is ook de trend dat er dominantere politieke leiders nodig zijn, omdat een sterke leider efficiënter is dan democratie.

Dat zie je overigens niet alleen in Oost-Europa, het is een Europese trend. De manier waarop de Franse en Italiaanse regering de Roma-zigeuners behandeld hebben, toont bijvoorbeeld aan dat niet enkel instellingen in Oost-Europa discrimineren. Of kijk naar de vluchtelingencrisis: niet alleen Hongarije wil de vluchtelingen weghouden, ook Groot-Brittannië heeft zijn deuren gesloten. En ook landen in Noord-Europa, die in het algemeen een open beleid voeren, sluiten stilaan de deuren.

Veiligheid zal door de vluchtelingencrisis het publieke discours domineren. Dat hebben we ook gezien in de Verenigde Staten, waar na de aanslagen op de WTC-torens in 2001 een Patriot Act en andere maatregelen die individuele vrijheden inperkten werden ingevoerd. Ook wij gaan opofferingen maken in ruil voor veiligheid, onder meer onze democratische waarden.’

Partner Content