Wisconsin werd vorige maand de eerste Amerikaanse staat die zich geforceerd zag om tijdens de coronacrisis verkiezingen te organiseren. Geforceerd, want gouverneur Tony Evers wilde de stembusgang eigenlijk uitstellen, maar het Hooggerechtshof van de Staat besloot dat dat onwettig was.
...

Wisconsin werd vorige maand de eerste Amerikaanse staat die zich geforceerd zag om tijdens de coronacrisis verkiezingen te organiseren. Geforceerd, want gouverneur Tony Evers wilde de stembusgang eigenlijk uitstellen, maar het Hooggerechtshof van de Staat besloot dat dat onwettig was.De verkiezingen van 7 april draaiden uit op een fiasco. Veel stemlokalen bleven dicht, omdat medewerkers het niet aandurfden om tijdens een pandemie aan de slag te gaan. Voor sommige stembureaus die wél open waren, stonden urenlange rijen. Tientallen mensen testten na de verkiezingen positief op het coronavirus, al zal nooit zeker zijn of zij besmet werden tijdens de stembusgang.Voor de verkiezingen deed een groot aantal inwoners van Wisconsin een aanvraag om per post te stemmen, maar de staat kon dat administratief niet aan. Duizenden stembiljetten werden niet verstuurd, kwamen op het verkeerde adres terecht, of arriveerden te laat. Hoeveel mensen daardoor niet konden stemmen, wordt nog onderzocht.Om zulke Wisconsin-achtige taferelen te voorkomen, beginnen veel deelstaten nu al met voorbereidingen voor de algemene verkiezingen van november. Omdat onzeker is of het normale leven dan weer zonder social distancing verder kan gaan, zal het aantal briefkiezers vermoedelijk een stuk groter zijn dan normaal. In een klein aantal staten worden de verkiezingen al helemaal of voor een groot deel per post gehouden, maar in de meeste staten stemt slechts een klein percentage van alle kiezers met een poststembiljet. Nevada wil de voorverkiezingen van volgende maand enkel via de post houden en stuurt alle geregistreerde kiezers een stembiljet toe. In Michigan besloot de regering aan alle 7,7 miljoen kiezers een formulier te sturen waarmee zij een poststembiljet kunnen aanvragen voor de algemene verkiezingen van november. Voor president Trump was dat een stap te ver. In een woedende tweet schreef hij dat dit 'illegaal' was en dreigde hij om federale overheidssteun aan de staat in te houden in aanloop naar de verkiezingen. Ook Nevada werd getrakteerd op een vergelijkbare tweet, met ongefundeerde verdachtmakingen over de 'fraude' die stemmen per brief in de hand zou werken.In een (eveneens getwitterde) reactie schreef Jocelyn Benson, Staatssecretaris van Michigan, dat 'elke geregistreerde kiezer in Michigan het recht heeft om per brief te stemmen. Ik heb de autoriteit en verantwoordelijkheid om ervoor te zorgen dat zij weten hoe zij dit recht kunnen uitoefenen.' Ze wijst erop dat Republikeinse collega's in verschillende staten hetzelfde hebben gedaan.Kayleigh McEnany, de woordvoerster van het Witte Huis, verwees woensdag naar een artikel van ProPublica over de risico's van stemfraude via de post. Maar het aantal daadwerkelijke gevallen van fraude met poststembiljetten lijkt zeer beperkt te zijn, en verschillende staten houden hun verkiezingen al jarenlang met succes via de post. Verkiezingsexperts Amber McReynolds en Charles Stewart III schreven vorige maand in The Hill dat er in de afgelopen twintig jaar 143 gevallen bekend zijn van fraude met briefstembiljetten. Dat had invloed op ongeveer 0,00006 procent van alle uitgebrachte stemmen. Het idee dat er sprake is van 'massale manipulatie', zoals Trump het woensdag verwoordde, is dus niet op feiten gebaseerd.Een groter probleem is de infrastructuur die door de staten moet worden opgebouwd om ineens miljoenen briefkiezers te bedienen. Als mensen handmatig een poststembiljet moeten aanvragen, moet er wel voldoende personeel zijn om al die aanvragen te verwerken. Voor staten die normaal met elektronische stemmachines werken, is het niet eenvoudig om op korte termijn miljoenen papieren stembiljetten en enveloppen te bestellen en versturen. Die moeten ook nog worden voorzien van duidelijke instructies in verschillende talen, zodat iedereen begrijpt hoe het proces precies werkt. Kiezers moeten kunnen verifiëren dat hun biljet is aangekomen op de bestemming, en dan moeten de biljetten nog geteld worden.Sommige staten 'kunnen het wel voor elkaar krijgen met voldoende voorbereidingstijd en de juiste middelen', zei Tammy Patrick van de ngo Democracy Fund onlangs tegen The Appeal. 'Maar in sommige rechtsgebieden moet elke enveloppe letterlijk met de hand worden geopend. Als je er dan honderdduizenden hebt, kan dat wel even duren.'Volgens Patrick kan de federale overheid helpen door de staten financiële steun te bieden om hun verkiezingen voornamelijk via de post te houden. Maar de tweets van Trump hebben duidelijk gemaakt dat de staten er alleen voor zullen staan.Stemmen is in Amerika geen vanzelfsprekendheid. Dat is al zo sinds het tekenen van de Onafhankelijkheidsverklaring in 1776. De geschiedenis van de Verenigde Staten is er één van worstelingen over het stemrecht, dat in eerste instantie voorbehouden was aan de rijkste witte mannen van het land. Pas in de jaren '60 van de vorige eeuw werd écht geregeld dat iedereen kon stemmen, met de Voting Rights Act. Die wet verbood rassendiscriminatie in verkiezingstijd en zorgde ervoor dat de federale overheid kon ingrijpen als staten zich niet aan de regels hielden. Tot die tijd was het in delen van het land nog doodgewoon dat met name arme en zwarte kiezers de toegang tot het stemlokaal bemoeilijkt werd, bijvoorbeeld met geletterdheidstesten en stembelastingen.Toch is stemmen ook nu nog relatief lastig voor veel Amerikanen. Ten eerste moeten burgers zich inschrijven om mee te doen aan de verkiezingen; wie niets doet, krijgt niet een automatische oproepingsbrief zoals dat in België zou gebeuren. Een kwart van de Amerikanen staat niet geregistreerd als kiezer; zij kunnen in veel staten niet last-minute besluiten om naar het stemlokaal te gaan, omdat men zich vaak al weken of maanden voor de verkiezingen geregistreerd moet hebben. Campagne voeren in Amerika draait daarom minstens zo veel om het registreren van aanhangers als om het overtuigen van kiezers.Bovendien proberen sommige staten om inactieve kiezersregistraties weer uit te wissen, bijvoorbeeld als kiezers in meerdere verkiezingen geen gebruik hebben gemaakt van hun stemrecht. Volgens de Republikeinse politici die hier doorgaans voor pleiten proberen zij fraude te voorkomen, maar volgens Democraten is dit een belemmering die ervoor moet zorgen dat de opkomst lager ligt. Dat is meestal in het voordeel van de Republikeinen, die vooral vertrouwen op oudere, loyalere kiezers, terwijl de Democraten het moeten hebben van een hoge opkomst onder etnische minderheden en andere groepen die niet even regelmatig naar de stembus gaan.En dan zijn er nog de Amerikanen die niet mógen stemmen, omdat ze hun stemrecht zijn kwijtgeraakt. In verschillende staten mogen veroordeelde criminelen levenslang niet meer stemmen. In 2016 waren er naar schatting 6 miljoen Amerikanen die vanwege hun strafblad geen stemrecht meer hadden. Via een referendum besloot Florida, goed voor ongeveer een kwart van dat aantal, in 2018 om het stemrecht voor ex-criminelen te herstellen. Op dit moment loopt echter nog een rechtszaak, die zal bepalen of het stemrecht ook zal gelden voor honderdduizenden ex-gedetineerden die nog niet al hun boetes en rechtbankkosten hebben afbetaald.De strijd over het organiseren van verkiezingen die grotendeels of helemaal per post zullen verlopen, is dus onderdeel van een lange reeks botsingen over het stemrecht in Amerika. Het plotselinge protest van Trump tegen postverkiezingen is des te opvallender, omdat de president in maart zelf per brief stemde in de voorverkiezingen van Florida. Bovendien zei Ronna McDaniel, leider van het Republikeins Nationaal Comité, maandag nog dat zij geen probleem heeft met het massaal versturen van aanvraagformulieren voor poststembiljetten.Een woordvoerder van het Witte Huis verklaarde later dat Trump vindt dat mensen per post mogen stemmen als zij een goede reden hebbben dat ze niet naar de stembus kunnen komen. In 34 van de 50 Amerikaanse staten kan iedere kiezer al een poststembiljet aanvragen, terwijl in de overige zestien staten een excuus als ziekte of een reis naar het buitenland nodig is. De vraag is of angst voor het coronavirus ook een geldig excuus zal zijn in deze zestien staten. Alleen New Hampshire heeft al besloten dat dit inderdaad het geval zal zijn, en in Texas besloot een rechter deze week dat iedereen via de post moet kunnen stemmen tijdens de pandemie.In bloemrijk proza schreef deze rechter dat 'Amerikanen nu streven naar een Leven zonder angst voor de pandemie, Vrijheid om hun leiders in een ziektevrije omgeving te kiezen, en de mogelijkheid om Geluk na te streven zonder onredelijke beperkingen', daarmee verwijzend naar de kernwoorden van de Amerikaanse Onafhankelijkheidsverklaring. 'Er zijn enkelen onder ons die, als het kon, die ambitieuze ideeën ongedaan zouden maken om terug te keren tot de niet zo idyllische en niet zo zinderende dagen van weleer van het Goddelijke Recht der Koningen.' De Texaanse procureur-generaal vecht de uitspraak nog aan in een hogere rechtbank.Texas zal vermoedelijk niet de enige staat zijn waar fundamentele vragen over de toegang tot de stembussen in de rechtbank zullen worden beantwoord. De meeste Amerikanen lijken het overigens geen probleem te vinden als iedereen in november per post zou stemmen: in een peiling van NBC News steunde meer dan tweederde van alle ondervraagden dat plan, terwijl 29 procent tegen was.Ook voor verkiezingskandidaten zal het lastig zijn om zich ronduit tegen postverkiezingen op te stellen. Dat blijkt wel uit een sms-bericht dat Republikein Randy Dickey, die in South Carolina in de staatssenaat hoopt te komen, aan zijn aanhangers stuurde. Dickey, die zich profileert als 'pro-Trump en pro-vuurwapens', 'steunt stemmen per post niet', klonk het in de sms. 'Maar als je niet naar de stembus kan komen, moet je stem nog wel gehoord worden. Vraag een poststembiljet aan op SCAbsentee.com.'