Tussen liefde en machtsmisbruik: ‘Mijn relatie met die Afghaanse jongen heeft hem niet geholpen’

Sumita Shah: 'Sommige meisjes eisen bepaalde vluchtelingen helemaal op.' © ANNA PANTELIA

Het mag niet, als vrijwilliger iets beginnen met een vluchteling die afhankelijk is van je hulp. Maar het hart wil wat het hart wil, ook in de Griekse vluchtelingenkampen. ‘De vrijwilligsters zijn ver weg van huis en in de kampen hangen heel veel knappe jonge mannen rond die niks te doen hebben.’

De Griekse eilanden Lesbos, Chios en Samos liggen in de Egeïsche Zee, dicht bij het Turkse vasteland. Alle drie kregen ze een mooie rol toebedeeld in de Griekse mythologie, maar we kennen ze vandaag vooral van de beelden uit het nieuws, van de vluchtelingen die er soms meer dood dan levend aanspoelen in rubberen bootjes. Sinds het uitbreken van de vluchtelingencrisis in 2014 hebben zich tal van hulporganisaties gevestigd op de eilanden, van het Rode Kruis en de VN-vluchtelingenorganisatie UNHCR tot kleine burgerinitiatieven die door vrijwilligers uit de grond worden gestampt.

De 24-jarige Belgische Noémie* vertrok eind 2016 naar het enige vluchtelingenkamp op het eiland Samos. Ze werkte er nog niet lang als vrijwilliger toen ze een 20-jarige Afghaan leerde kennen. ‘Vanaf het moment dat ik hem zag, vond ik hem heel aantrekkelijk. Hij was beleefd en respectvol en toonde ook interesse voor mij. Aanvankelijk hield ik zijn avances af. Tot ik hem op een avond zag op café. In die omgeving dacht ik niet aan het kamp en de grenzen vervaagden. Dat was het beginpunt van onze geheime relatie.’

Ik heb het uitgemaakt met mijn advocate omdat er nog andere mannen in haar leven waren

Vluchteling Suleman

Twee maanden later werden Noémie en haar geheime Afghaanse liefde betrapt. Het gevolg? Noémie werd door de leiding uit het kamp gezet. Ze verhuisde naar Athene en ging als vrijwilligster aan de slag bij een lokale organisatie. Drie weken later werd haar vriend ook naar Athene overgeplaatst. ‘De sfeer was er veel losser, we konden onze relatie vrijer beleven. Maar ik had het ook druk met mijn vrijwilligerswerk. Voor mij was hij niet het middelpunt van mijn bestaan, maar ik was dat wel voor hem. Wanneer ik aan het werk was, deed hij niks anders dan op me zitten wachten. Hij stelde zich erg afhankelijk op en werd zelfs opdringerig. Toen ik afstand nam en het wilde uitmaken, accepteerde hij dat niet. Hij had nog nooit een relatie gehad en begon zich even dramatisch te gedragen als de personages in de Bollywoodfilms waar hij naar keek. Uiteindelijk heb ik alle contact verbroken.’

Noémie begrijpt heel goed waarom ngo’s geen relaties tussen vrijwilligers en vluchtelingen dulden. ‘Volgens mijn bazen ondermijnde ik het professionele imago van hun ngo. Dat is, achteraf bekeken, waar. Want ik zat in een machtspositie: ik kon gaan en staan waar ik wilde, terwijl hij sociaal, economisch en psychologisch kwetsbaar was en het land niet uit mocht. Ik ben na de relatie erg gaan twijfelen aan de keuzes die ik toen heb gemaakt. Ik ben vrijwilliger geworden vanuit het idee dat alle mensen gelijk zijn. Ik wilde iedereen op gelijke voet behandelen en vond dat al die regeltjes van bovenaf de verschillen net in stand hielden. Maar ik besef nu dat die afstand belangrijk is, toch als je je job goed wilt doen. Ik heb nu op een heel confronterende manier geleerd hoe het niet moet. Want dat ik een relatie met die Afghaanse jongen heb gehad, heeft hem helemaal niet geholpen.’

Vluchteling Suleman: 'Mijn vrouw ziet er geen graten in, het enige wat voor haar telt, is dat we officieel getrouwd blijven.'
Vluchteling Suleman: ‘Mijn vrouw ziet er geen graten in, het enige wat voor haar telt, is dat we officieel getrouwd blijven.’© ANNA PANTELIA

Gedragscode

‘Veel vrijwilligers komen zonder enige training aan in de vluchtelingenkampen, waar mensen vaak in bijzonder moeilijke omstandigheden leven’, vertelt Sumita Shah, een Britse experte die een Facebookgroep voor vrijwilligers in Athene beheert. ‘Vrijwilligers worden niet altijd goed ingelicht over wat ze ter plekke kunnen verwachten en hoe ze zich daar dienen te gedragen. De grotere ngo’s, zoals de UNCHR, hebben een duidelijke gedragscode, maar de kleinere organisaties vaak niet.’

En dus besloot Shah er zelf een te schrijven. Haar ontwerptekst ‘ Volunteering in Athens’ deelt ze met organisaties en onafhankelijke vrijwilligers. Er staat ook een passage in over seksuele relaties tussen vrijwilligers en vluchtelingen: ‘Vrijwilligers vertegenwoordigen de rol van hulpverlener, terwijl vluchtelingen afhankelijk zijn van hen. Er is dus sprake van ongelijkheid: het zijn de vrijwilligers die de macht in handen hebben. Het is ongepast om een seksuele relatie te ontwikkelen binnen deze omstandigheden, want die kan als seksueel misbruik worden geïnterpreteerd.’

De Canadese Molly Kraft, die van januari tot mei 2017 als vrijwilligerscoördinator in een Grieks vluchtelingenkamp in Ritsona werkte, legt uit waarom vrouwelijke vrijwilligers tegen beter weten in vaak hun hart volgen. ‘In een kamp voel je als vrijwilliger meteen een enorme liefde voor alle vluchtelingen, omdat ze ondanks hun moeilijke situatie zo veerkrachtig, vriendelijk en vergevingsgezind zijn. En sommigen gaan die liefde dan op één persoon projecteren. Als je als vrijwilliger of personeelslid beslist om een relatie aan te gaan, draag je een grote verantwoordelijkheid, want jij staat vanaf dat moment symbool voor stabiliteit, en voor een eventuele toekomst voor die man. Toch ben je dat niet, want na een bepaalde periode vertrek je weer. Bovendien zijn de achtergrond, ervaringen en verwachtingen van beide partijen vaak anders. Zo hebben de meeste 25-jarige westerse mannen al weleens seks gehad, of een relatie, maar de gemiddelde 25-jarige uit Damascus niet.’

De grotere ngo’s, zoals de UNCHR, hebben een duidelijke gedragscode, maar de kleinere organisaties vaak niet

Ook Kraft kreeg al een keer gevoelens voor iemand uit haar kamp. ‘Maar ik had thuis een relatie en zag in hoe complex de situatie was. Ik heb de vluchteling in kwestie verteld dat ik iets voor hem voelde maar gewoon vrienden wilde blijven. Ik snapte waar al die gevoelens vandaan kwamen, en dus zijn we er niet mee doorgegaan.’

‘In de kampen hangen heel veel knappe jonge mannen rond die niks te doen hebben’, zegt Luisa Firth, een Britse collega van Molly Kraft in Ritsona. ‘Ze zijn vaak getraumatiseerd en eenzaam en stellen zich ontvankelijk op voor alle aandacht die ze krijgen. Sommige meisjes gaan daar op in. Soms wordt het echt ongepast. Alsof de vrijwilligers een huisdier adopteren, zo’n sfeertje heerst er dan.’

‘Dat kan ik bevestigen’, zegt Kristina Alicia, een Belgische psychologe die in Athene woont en als onafhankelijke vrijwilligster werkt. ‘De meisjes eisen bepaalde vluchtelingen helemaal op. ” This is my case”, zeggen ze dan. “Voor deze jongen zorg ík.” Ze ontfermen zich over één specifieke vluchteling, omdat ze denken op die manier een verschil te kunnen maken. Het is erg om te zeggen, maar soms ontstaan er jaloerse scènes tussen de vrijwilligsters onderling.’

Favoritisme

Als hulpverlener kun je het verschil maken voor een vluchteling. Je kunt zijn kansen op een beter leven verhogen door huisvesting te regelen, financiële steun te bieden of zelfs rechtstreeks invloed uit te oefenen op zijn asielaanvraag.

Zo vertelt de 34-jarige Syrische vluchteling Suleman* hoe hij in 2016 een relatie begon met een Griekse advocate die voor UNHCR werkte. De vrouw was verantwoordelijk voor zijn asieldossier. Suleman had op zijn zestiende een verstandshuwelijk gesloten, waar drie kinderen uit waren voortgekomen. Zijn volwassen leven bracht hij grotendeels buiten Syrië door, weg van zijn familie. Daarbij had hij meerdere buitenechtelijke relaties. Uiteindelijk besloot hij met zijn gezin naar Griekenland te vluchten. ‘Ik communiceer er heel open over met mijn vrouw. We leven in een goede verstandhouding samen, als broer en zus. Zij ziet er geen graten in, het enige wat voor haar telt, is dat we officieel getrouwd blijven en dat het goed gaat met onze kinderen.’

Sulemans relatie met de advocate bleef niet duren. ‘Onze verhouding was behoorlijk dramatisch, met veel ups en downs. Ik heb het uitgemaakt omdat er nog andere mannen in haar leven waren. Maar ze heeft ons enorm geholpen met de asielaanvraag, met juridische kwesties en zelfs financieel. Daarvoor blijf ik haar ontzettend dankbaar.’

Het is erg om te zeggen, maar soms ontstaan er jaloerse scènes tussen de vrijwilligsters onderling

Vrijwilligster Kristina Alicia

Wie de Atheense pleintjes Victoria en Omonoia aandoet, komt er tal van jonge vluchtelingen tegen. Een van hen is Sami (26), een Afghaan met felblauwe ogen die sinds kort in het centrum van Athene woont. Hij had al relaties met verschillende vrijwilligsters in de vluchtelingenkampen, maar besloot op voorhand om zich aan niemand te hechten. ‘Mijn focus ligt nu niet op een relatie. Ik heb nog geen asiel, ik heb geen werk, ik moet zien dat ik eerst mijn eigen leven op orde heb. Maar intussen een leuke tijd beleven met die meisjes, waarom niet?’

Vorig jaar leerde Sami een Zweedse journaliste kennen die in Athene was voor een reportage. Hij benaderde haar op het strand, ze spraken af en sliepen een paar keer met elkaar. ‘Via Facebook hielden we contact en op een bepaald moment suggereerde ze dat, als ik naar Zweden wilde komen, ze wel met mij zou willen trouwen. Ik heb de boot afgehouden. Ze was wat ouder en ik denk dat ze vooral graag snel een gezin wilde. Maar ik voelde geen liefde voor haar, dus wilde ik er ook niet op ingaan.’

Geen slachtoffer

Een vluchteling is dus niet per se een slachtoffer. ‘Vluchtelingen hoeven niet betutteld te worden’, klinkt het wel vaker in het kamp van de vrijwilligers. ‘Ze zijn volwassen genoeg om zelf keuzes te maken.’ Zoals in het geval van de 21-jarige Masoud. ‘Toen ik pas in Griekenland was, nadat ik uit Afghanistan was gevlucht voor de taliban, leerde ik mijn eerste Griekse vriendin kennen’, vertelt hij in Athene. ‘Vooral psychologisch was die relatie een boost. Ik trok op met haar vrienden en we gingen op reis in Griekenland. Ze heeft veel betekend voor mijn integratie.’

Masoud begon te werken voor Save The Children, een hulporganisatie die zich op families en kinderen richt. Hij is er vandaag nog altijd cultural mediator, een soort brug tussen Afghaanse vluchtelingen en de Griekse autoriteiten. En hij heeft een nieuwe Griekse vriendin, de 27-jarige Myrto. Op het moment dat hij Myrto leerde kennen, was Masoud al een tijdje geen asielzoeker meer maar een erkende vluchteling met een job – en dus waren geen van beiden terughoudend. Myrto werkte als lerares Engels in een kamp in Elliniko, aan de rand van Athene. ‘Ik vond Masoud erg knap, maar ik wist dat hij een vriendin had. Pas toen het uit was, heeft een gemeenschappelijke vriendin hem verteld dat ik hem leuk vond.’

Myrto met haar vriend Masoud: 'Ik ben trots op hem dat hij hier dankzij een beurs zijn hogere studies voortzet.'
Myrto met haar vriend Masoud: ‘Ik ben trots op hem dat hij hier dankzij een beurs zijn hogere studies voortzet.’© ANNA PANTELIA

‘Maar dat wist ik al!’, lacht Masoud. ‘Doordat ik kleine aanpassingen in mijn Facebookprofiel heb geprogrammeerd, kan ik zien wie mijn profiel bekijkt . Myrto behoorde tot de actiefste bezoekers.’ Myrto moet ook lachen. ‘Masoud vroeg al op de eerste date of ik met hem wilde samen zijn. Ik had mijn twijfels, want ik ben 27 en hij 21. Maar we zijn nu zes maanden later en ondanks het leeftijdsverschil werkt het. Masoud is intelligent, optimistisch en sociaal en ik ben trots op hem dat hij dankzij een beurs zijn hogere studies voortzet, hier aan het American College of Greece.’

Meldingsplicht

Sinds het Oxfamschandaal in Haïti en Tsjaad – Britse medewerkers én een Belgische directeur van de ontwikkelingsorganisatie zouden daar seksfeestjes met prostituees en minderjarigen hebben gehouden – zit de schrik er in, ook bij Belgische ngo’s. Ze staan niet te springen om vragen over relaties tussen vrijwilligers en vluchtelingen te beantwoorden. Delphine Van Durme, woordvoerster van Artsen Zonder Grenzen, zegt ‘er geen informatie over te hebben’. Woordvoerster Ann Luyten van het Rode Kruis geeft aan dat de medewerkers die worden ingezet voor de opvang van asielzoekers in ons land zich aan strikte deontologische codes dienen te houden. ‘Maar we moeten eerlijk zijn. We zijn allemaal mensen’, gaat ze verder. ‘Wie toch een persoonlijke relatie begint, heeft bij het Rode Kruis een meldingsplicht. Als er dan sprake is van onprofessioneel handelen, wordt er opgetreden. Dat kan gaan van een persoonlijk gesprek tot ontslag. En ja, dat gebeurt. Binnen de opvang van asielzoekers worden er wel eens mensen op het matje geroepen.’

*Namen met een sterretje werden om privacyredenen aangepast.

Dit artikel verschijnt woensdag 21/2 in Knack.

Partner Content