Na de kernramp in het Oekraïense stadje Tsjernobyl, op 26 april 1986, werd de directe omgeving van de kerncentrale, de zogenoemde exclusiezone, ontoegankelijk verklaard. Fauna en flora kregen een zware klap. Maar uit recente berichten blijkt dat de natuur er opveert. Om na te gaan landbouw weer een kans maakt in de zone, trok de Britse milieuwetenschapper Jim Smith erheen, met in zijn zog een groep collega's.

Op een boerderij in een dorp nabij Tsjernobyl besloten de wetenschappers graan te verbouwen. Uit dat graan en grondwater uit een diepe bron in het dorp distilleerden ze vervolgens wodka. De drank werd door de Universiteit van Southampton getest op radioactiviteit. Het resultaat was negatief. 'Met besmette ingrediënten kun je dus producten kunt maken die geschikt zijn voor menselijke consumptie', zegt Smith.

De wetenschappers hebben een bedrijf opgericht, de Chernobyl Spirit Company, waarmee ze dit jaar nog 500 flessen van hun stralingvrije wodka willen verkopen -- het distillaat heeft de naam Atomic gekregen. Met de opbrengst willen ze de gemeenschappen rond de exclusiezone steunen en de plaatselijke economie stimuleren. 'Economische ontwikkeling is belangrijker dan de radioactiviteit', aldus Smith.