Ruslandkenner Mark Galeotti: ‘Het Westen ziet niet in hoe enorm machtig het is’

VLADIMIR POETIN: schaakgrootmeester, judoninja én beer? 'Als we dat denken, zijn we sneller geneigd om een deal te sluiten. Terwijl Rusland relatief zwak is.'
Jeroen Zuallaert
Jeroen Zuallaert Redacteur Knack

We moeten anders gaan denken over oorlog, stelt historicus en Ruslandkenner Mark Galeotti. Waar conflicten vroeger uitgevochten werden met invasies, zetten staten tegenwoordig alles in om hun wil op te leggen. Dat is een spel waaraan Europa maar al te graag meedoet, betoogt hij.

Het valt niet mee om de kalmte te bewaren wanneer het Russische leger meer dan honderdduizend soldaten aan de Oekraïense grens samenbrengt. De angst voor een grootschalige invasie, waarbij tanks door de straten van Kiev rollen, doet westerse landen oproepen om Oekraïne zo snel mogelijk te verlaten. Toch zijn grootschalige oorlogen tussen staten stilaan een ding van het verleden, betoogt historicus Mark Galeotti, een van Europa’s toonaangevende Ruslandexperts.

Galeotti bestudeert de Russische militaire doctrine, en onderzoekt onder andere hoe internationale criminele bendes ingezet worden door staten. In The Weaponisation of Everything, zijn laatste boek, focust hij niet op drones, langeafstandsraketten of nucleaire wapens, maar op de honderden manieren waarop staten vandaag conflicten uitvechten. Want of het nu over hacking, handelsakkoorden, internationale rechtbanken of ontwikkelingssamenwerking gaat, in essentie zijn het allemaal slagvelden in een permanente hybride oorlog. Televisiekanalen, internettrollen, Instagraminfluencers, blockbusters: zowat alles kan tegenwoordig ingezet worden om de publieke opinie te bespelen.

Het Verenigd Koninkrijk had met een atoombom op Brussel moeten dreigen. Wie weet hadden we dan een betere deal gekregen.

Galeotti benadrukt dat dit boek niet over Rusland gaat. ‘We hebben het idee dat hybride oorlogsvoering een Russische uitvinding is waarvan wij het slachtoffer zijn. Er bestaan hele analyses over hoe hybride oorlogsvoering en geniepige operaties bij de Russische volksaard passen. Dat is onzin. Rusland ligt in dit soort oorlogsvoering misschien voor op ons, maar iedereen zit op dezelfde curve.’

Wanneer is dat tijdperk begonnen?

Mark Galeotti: Het is een gevolg van het einde van de Koude Oorlog. Tijdens de Koude Oorlog had je een Grote Vijand aan de overkant. Het was dus logisch dat je je onderlinge geschillen aan de kant schoof, bondgenoten zocht en samenwerkte. Die globale orde bestaat vandaag niet meer. De Verenigde Staten zijn niet meer almachtig. China zal geen nieuwe hegemonie vestigen. Alle naties zijn vandaag min of meer vrij om hun belangen na te jagen.

En toch, zegt u, is oorlog in deze wereld nauwelijks nog een optie. Hoe komt dat?

Galeotti: Oorlog voeren is gewoon te duur geworden. Wapensystemen, uitrusting en training kosten veel meer geld dan vroeger. Ook de politieke kosten zijn hoger. Bevolkingen zijn minder bereid om opofferingen te maken. Zelfs autoritaire regimes maken zich tegenwoordig zorgen over wat hun bevolking denkt. Bovendien is de impact van een militair conflict tegenwoordig veel groter. In de middeleeuwen gingen rijke stedelingen bij een veldslag nog op de dichtstbijzijnde heuvel picknicken. Dat zou ik nu niet meer aanraden. En er is natuurlijk het feit dat we economisch enorm met elkaar verbonden zijn, waardoor de impact van zo’n oorlog veel groter is. Oorlog is gewoon een minder aantrekkelijke optie.

En toch is er meer spanning tussen staten dan ooit. Hoe verklaart u dat?

Galeotti: Lange tijd hebben we gedacht dat die interafhankelijkheid voor vrede zou zorgen. Dat is niet zo. Het is eerder omgekeerd: de hele wereld is een soort slagveld geworden, waarbij iedereen zijn belangen najaagt en de anderen probeert te beïnvloeden. In essentie is oorlog een manier om een land iets te laten doen wat het eigenlijk niet wil. Vroeger moest je daarvoor dat land binnenvallen. Vandaag heeft dat doorgaans weinig zin. Dat betekent niet dat gewapende conflicten nu tot het verleden behoren. Burgeroorlogen zullen blijven bestaan. En staten die wanhopig zijn, vinden nog altijd de middelen om ten oorlog te trekken. Maar het fenomeen van een land dat een ander land binnenvalt, is zeldzaam geworden.

Hebben landen die wel nog bereid zijn om ten oorlog te trekken een competitief voordeel?

Galeotti: Niet noodzakelijk. Conventionele militaire oorlogen zijn vaak niet de oorlogen die ertoe doen. De tijd dat je je economische macht kon meten aan het aantal steenkoolmijnen of de landbouwgrond op je grondgebied is voorbij. Je vergaart geen economische macht door Silicon Valley te bezetten.

Bewijst de Russische militaire omsingeling van Oekraïne niet dat militaire macht er wél nog toe doet?

Galeotti: Ik zal niet beweren dat het er niet meer toe doet, maar ook hier zie je dat je met een leger niet alles kunt doen. Er bestaat geen twijfel over dat Vladimir Poetin het Oekraïense leger kan vernietigen. Maar zelfs met dat ongelofelijke overwicht houdt hij zich in. Een militaire aanval is mogelijk, maar het is slechts plan B of plan C. Het is een optie die hij liever niet gebruikt. Het Russische leger kan Oekraïners doden en verwonden, maar het kan hen niet van mening doen veranderen.

Wat moeten we denken van de agressieve houding van de Russen?

Galeotti: Het is wat ik heavy metal diplomacy noem: het soort diplomatie waarbij je je tegenstander intimideert met militaire manoeuvres en oefeningen. Het is een strategie die China en Rusland vaak gebruiken om politieke conflicten te beïnvloeden. Toen in Zweden en Finland over NAVO-lidmaatschap gepraat werd, stuurde Rusland onmiddellijk straaljagers in de richting van de grens. Niet om die landen aan te vallen, maar om een punt te maken. Militaire macht wordt vandaag vooral ingezet als politiek instrument.

Opvallend genoeg speelt het Westen het hybride spel mee. De Amerikaanse inlichtingendiensten onthullen voortdurend mogelijke Russische invasieplannen.

Galeotti: (knikt) De vrees is dat Rusland een false flag wil organiseren, die hen de mogelijkheid geeft om een echte aanval te lanceren. Door daarover te communiceren, maak je het voor Rusland moeilijker om het te doen. Het is ook een manier voor de Amerikanen om de Europese landen op één lijn te krijgen.

Acht u die rapporten realistisch?

Galeotti: De mensen met wie ik spreek bij de inlichtingendiensten, zeggen dat er harde bewijzen bestaan. Ik sluit niet uit dat de onthullingen op degelijk inlichtingenwerk zijn gebaseerd, maar ik moet het nog zien.

Hebt u de indruk dat het een effectieve strategie is?

Galeotti: Als ik vanavond tot de zonnegod Ra bid, en de zon komt morgen op, kan ik beweren dat dat door mijn gebed komt. Bewijs maar eens dat het niet zo is.

Is het niet gevaarlijk om inlichtingendiensten zo veel aandacht te geven?

Galeotti: De aanpak heeft problematische neveneffecten. Het brengt Oekraïne economische schade toe en er is het risico op gewenning. Als je elke week roept dat er een bloederige oorlog uitbreekt, neemt niemand je nog ernstig. De Russen gebruiken het nu al in hun gesprekken met de Europeanen: ‘De Amerikanen liegen tegen jullie. Waarover zouden ze nog liegen?’ Veel Amerikaanse media gedragen zich als dienstmaagden voor de inlichtingendiensten. Zelfs Amerikaanse kwaliteitskranten publiceren voortdurend artikels op basis van anonieme bronnen bij de geheime diensten. In veel gevallen komt het erop neer dat je de bronnen maar op hun woord moet geloven. Dat is een groot probleem. Het Westen heeft nu al een enorme legitimiteitscrisis. Hoe wil je dat burgers aanvaarden wat overheden en politici zeggen, als je niet bereid bent om minstens een beetje transparant te zijn?

De voorbije weken werden de Oekraïense overheidsagentschappen geregeld platgelegd door hackers. Wat is daar het idee achter?

Galeotti: Eigenlijk heeft Poetin dat zelf min of meer aangekondigd: het is een manier om de druk op Oekraïne en de westelijke partners hoog te houden. Het is een vorm van pesten: kijk eens wat we allemaal kunnen. Soms zijn die aanvallen ook een cover voor operaties waarbij Russische hackers malware installeren op overheidsservers, die ze daarna kunnen platleggen. Vergelijk het met een bankoverval waarbij aan de voordeur een auto ontploft, terwijl je de kluis leeghaalt via de achterdeur.

In de westerse media bestaat de indruk dat Poetin altijd wint. Hoe komt dat?

Galeotti: De wereld is een complexe, snel veranderende plek. Het is een vorm van troost om Poetin als de grote zondebok te gebruiken. De brexit, de verkiezing van Donald Trump, de gele hesjes: het is allemaal de schuld van Poetin. Het erge is dat het hem in de kaart speelt. Als we echt denken dat Poetin de combinatie is van een schaakgrootmeester, een judoninja en een beer, zijn we sneller geneigd om een deal te sluiten. Terwijl Rusland relatief zwak is. Het heeft weinig instrumenten om zijn wil aan ons op te leggen. En toch beelden we ons voortdurend in dat we met een enorme vijand te maken hebben.

Een alliantie is zo sterk als de zwakste link. En wat contraspionage betreft doen weinig landen het slechter dan België.

U vindt dat we onszelf onderschatten.

Galeotti:(knikt) Dat is een van mijn grootste frustraties. We zien niet in hoe enorm machtig we zijn. Ja, we maken fouten, maar in technologische, economische en zelfs militaire termen zijn we gewoon sterker dan Rusland. Zelfs zonder de Amerikanen hebben de Europese NAVO-landen meer troepen dan Rusland. En toch maken we onszelf wijs dat we niets voorstellen. Het is een vorm van luiheid. We hebben geen zin om dingen te doen die complex zijn en lang duren.

Wat bedoelt u?

Galeotti: Ik vind het opmerkelijk dat we nu al vinden dat de onderhandelingen met Rusland niets opleveren. Het duurt nu eenmaal twee à drie jaar om een groot wapenverdrag te sluiten. Waarom verwachten we dat deze crisis in een week tijd wordt opgelost?

Waarom heeft het Westen het daar zo moeilijk mee?

Galeotti: Omdat onze bevolkingen niet accepteren dat er kosten verbonden zijn aan geopolitiek, en onze leiders geen pogingen ondernemen om dat duidelijk te maken. We zien Europa als een regulerende supermacht, en we denken dat internationale regels neutraal zijn. Dat is niet zo. De EU probeert een omgeving te creëren die in haar eigen belang is. Zelfs als dat niet per se ingaat tegen de belangen van de buurlanden, is het een kwestie van beïnvloeding: we proberen andere landen te laten doen wat wij willen.

Is het probleem niet dat de Europese Unie gewoon te verdeeld is om tot een consistent buitenlandbeleid te komen?

Galeotti: Ik vind het diep ironisch dat dezelfde Europese Unie die er maar niet in slaagt om een antwoord te vinden op Russische agressie, tegelijk zo sterk was in de brexitonderhandelingen. De EU heeft het Verenigd Koninkrijk alle hoeken van de kamer laten zien. (grinnikt) Londen had moeten dreigen om een atoombom op Brussel te gooien! Wie weet hadden we dan een betere deal gekregen.

Nochtans hebben Europa en Amerika wel economische en financiële sancties tegen Rusland genomen.

Galeotti: De meeste sancties zijn een vorm van luiheid. Het is gemakkelijk, comfortabel, en het levert eigenlijk niets op. We zeggen dat we harde sancties tegen Rusland willen, maar raken aan de gas- en olie- import vinden we lastig. En we slaan in paniek als Rusland als tegenreactie plots geen kunstmest meer wil uitvoeren. We willen allemaal strenge sancties, maar niemand wil de kosten dragen.

Gelooft u in persoonlijke sancties?

Galeotti: Daarvoor is het te laat. In 2014 was dat een goed idee. Tegenwoordig hebben de zwaargewichten van het Russische regime nauwelijks nog vastgoed in het Westen. Natuurlijk ben ik er helemaal voor te vinden om Russisch, Chinees, Nigeriaans of Belgisch misdaadgeld op te sporen en aan te pakken. Maar het is een waanidee dat je daarmee regimes in de problemen brengt.

U maakt zich zorgen over de manier waarop het internationaal recht wordt ingezet door autoritaire landen. Kunt u daarvan een voorbeeld geven?

Galeotti: Enkele jaren geleden leerde ik een rijke Rus in Groot-Brittannië kennen die problemen had met de Russische overheid. Hij werd via een Britse rechtbank aangeklaagd voor bepaalde zakendeals die hij in Rusland had gesloten. Op een bepaald moment verzuchtte hij: ‘Waarom zou je moordenaars gebruiken, als je ook advocaten kunt nemen?’ Hij had gelijk. Landen als Rusland of China dienen arrestatiebevelen in bij Interpol, of ze spannen processen aan wegens smaad om critici te intimideren. Het mist zijn effect niet, en het is betere pr dan een moordcomplot.

Ook cultuur beschouwt u als een nieuw soort slagveld. U hebt het onder andere over de bekende Hollywoodfilm Top Gun.

Galeotti: Ik zeg voor alle duidelijkheid niet dat Top Gun een soort geheim wapen is. Maar het is duidelijk een manier om macht uit te stralen. Top Gun is met voorsprong de meest succesvolle rekruteringscampagne voor de Amerikaanse marine en luchtmacht ooit. De film creëerde mee een politiek klimaat waarin Amerikaanse beleidsmakers obsceen veel geld in het leger konden investeren. En hij straalde uit dat Amerika bereid was om militair tussenbeide te komen, ook ver van huis.

Zijn veel van van uw voorbeelden niet puur symbolisch? Het is niet duidelijk hoe landen er überhaupt hun voordeel mee doen.

Galeotti: Politiek is in grote mate symboliek. Het hele punt van een wereld die in steeds grotere mate virtueel wordt, is dat symboliek er meer dan ooit toe doet. Niet alleen de grote landen hebben dat begrepen. Ook een land als Oekraïne daagt Rusland voortdurend voor inter- nationale rechtbanken omdat het vindt dat Rusland het internationaal recht schendt. Dat doet Oekraïne niet omdat het denkt dat het zo de Krim terugkrijgt. Het doet dat omdat het Rusland wil blijven neerzetten als een illegitieme en agressieve mogendheid. Het is een vorm van legitimatie, waarmee het Rusland ondanks alles onder druk zet.

België besliste onlangs om te investeren in defensie. Wat zouden we het beste doen met dat geld?

Galeotti: De generaals en kolonels zullen het niet leuk vinden, maar ik zou de raad geven om niet in militair materiaal te investeren. De extra militaire capaciteit die je met dit soort geld koopt, is relatief beperkt. België zou het geld beter spenderen aan contraspionage. Het is eigenlijk onwaarschijnlijk dat de hoofdstad van de Europese Unie en de plek waar de NAVO gevestigd is zó weinig doet om spionnen op te sporen. Een alliantie is zo sterk als de zwakste link. En wat contraspionage betreft doen weinig landen het slechter dan België.

Hebben bondgenootschappen nog zin als iedereen voortdurend met elkaar in concurrentie is?

Galeotti: Ik zeg niet dat we naar een wereld zonder bondgenoten gaan, maar er zijn grenzen aan de vriendschap. Zelfs landen met wie we overeen komen, proberen ons te beïnvloeden en ons beleid te ondermijnen om daar zelf wel bij te varen. Toen president Barack Obama zei dat bij een eventuele brexit het Verenigd Koninkrijk achter in de rij zou aanschuiven voor een handelsakkoord, zei hij dat niet zomaar. Dat was een beïnvloedingsoperatie. Maar zo werkt de wereld nu eenmaal.

Ondergraaft dat het idee van collectieve defensie niet? Hoe kun je militair samenwerken als je elkaar voortdurend een vlieg probeert af te vangen?

Galeotti: Collectieve defensie is sowieso moeilijker te organiseren in een online wereld. Als er een Russische tankdivisie over de grens rolt, is er geen discussie over wie de agressor is. Bij cyberaanvallen is dat minder duidelijk. Bovendien werken veiligheidsgaranties alleen als ze duidelijk en geloofwaardig zijn. Het beruchte artikel 5 van de NAVO is ondubbelzinnig: een aanval op een lidstaat is een aanval op alle lidstaten. Bij cyberaanvallen is dat gewoon moeilijker te definiëren. Hoe complexer de criteria, des te gemakkelijker wordt het om achterpoortjes te vinden om het toch maar niet te doen.

Bestaat het risico dat we helemaal paranoïde worden in een wereld waarin alles een wapen kan zijn?

Galeotti:(knikt) Het eerlijke antwoord is dat we hier gewoon mee moeten leren omgaan. Ik denk dat het helpt om te praten over wat er gebeurt, en niet te doen alsof het allemaal zo geheimzinnig en mysterieus hoeft te zijn. Het spreekwoord wil dat de waarheid ons zal bevrijden. Als het niet de waarheid is die ons bevrijdt, dan toch minstens de discussie.

We zouden bijna vergeten dat u al deze evoluties eigenlijk toejuicht.

Galeotti: Het heeft duidelijk voordelen. Het feit is dat oorlogen tussen staten minder frequent zijn, minder lang duren en minder bloederig zijn. Natuurlijk, het idee van een wereld waarin iedereen op een laag niveau met elkaar in conflict is, is angstaanjagend. Maar wat heb je het liefste: een beledigende meme in je Twitterfeed of een vijandige tank in je straat? Ik zou zeggen: omarm het permanente, bloedeloze conflict. Het is geen onaangename wereld om in te leven.

Ruslandkenner Mark Galeotti: 'Het Westen ziet niet in hoe enorm machtig het is'

Mark Galeotti

1965: geboren in Londen

1984-1987: geschiedenis aan de Universiteit van Cambridge

1988-1991: doctoreert in de politieke wetenschappen (London School of Economics) met proefschrift over de Russische Afghanistanoorlog

Professor internationale politiek aan de Universiteit van New York (2009-2016), de Karelsuniversiteit van Praag (2016-2018) en University College London (sinds 2019)

Auteur van onder meer De Vory (2018), We moeten het even over Poetin hebben (2019), Een kleine geschiedenis van Rusland (2020), The Weaponisation of Everything (2022)

Fout opgemerkt of meer nieuws? Meld het hier

Partner Content