Opiniepeiler Lev Gudkov legt uit waarom de Russen nauwelijks meevoelen met de Oekraïners

©  isopix
Jeroen Zuallaert
Jeroen Zuallaert Redacteur Knack

In de winterse regen flaneren de inwoners van Moskou richting het Rode Plein, waar kraampjes en een schaatsbaan staan opgesteld. Op de tweede verdieping van een achttiende-eeuws pand, ver van de drukte, laat Lev Gudkov (76) computertabellen zien. ‘De eerste peilingen na het uitbreken van de oorlog waren een keerpunt’, zegt de directeur van het Lavada Centrum, het enige onafhankelijke Russische instituut voor opinieonderzoek. 68 procent van de ondervraagden steunde de aanval op Oekraïne. Tien maanden later is het beeld nog somberder geworden.

President Vladimir Poetin beweert nog steeds dat de ‘speciale operatie’ goed verloopt en alles onder controle is. Geloven de Russen hem?

Lev Gudkov: De staatspropaganda blijft erin slagen een brede consensus te creëren. Recent was een meerderheid van 53 procent van onze respondenten van mening dat de militaire operatie in Oekraïne een succes was.

Een minderheid vindt de invasie een mislukking. Wat zijn volgens hen de redenen?

Gudkov: Ze vinden dat de operatie te lang duurt, dat de situatie stagneert. Mensen zijn vooral bang voor een militaire nederlaag in eigen land en voor de chaos in het leger, met zijn incompetente leiders. Jarenlang werd hen verteld dat ze het sterkste leger hadden, dat Rusland over wonderwapens beschikte. Die mythe is aan diggelen geslagen.

Maar de oorlog zelf wordt niet ter discussie gesteld?

Gudkov: Nee, de aanvallen op Oekraïne en de moordpartijen spelen geen enkele rol. De Russen voelen nauwelijks mee met de Oekraïners. De Russische samenleving is amoreel. Men gedraagt zich onderdanig, passief. De oorlog heeft mechanismen in de samenleving blootgelegd die al sinds de Sovjettijd bestaan. Uit gewoonte identificeren de mensen zich met de staat. Om de situatie te rechtvaardigen, nemen ze de retoriek over van de vaderlandse strijd tegen het fascisme en nazisme, zoals in de Sovjettijd.

Had u dat verwacht?

Gudkov: Nee. Toen de oorlog pas begonnen was, hebben we een telefonische enquête gehouden. Ik verwachtte toen nog dat de reacties zeer kritisch zouden zijn. Ik had het mis. 68 procent was pro oorlog. En dat is intussen meer dan 70 procent geworden.

Volgens onafhankelijke Russische media zouden in deze oorlog meer dan tienduizend mannen zijn gedood, volgens westerse bronnen tienduizenden. Beseft de Russische bevolking dat?

Gudkov: Niet echt. We ervaren totale censuur. Facebook en Twitter zijn geblokkeerd. Vooral voor de oudere Russen is de staatstelevisie de enige gezaghebbende informatiebron.

Zijn de jongeren kritischer?

Gudkov: Van de 18- tot 24-jarigen steunde 59 procent de oorlog en was 34 procent tegen. Tegelijkertijd vond 65 procent van de jongeren dat de aanvallen in Oekraïne moeten worden stopgezet om onderhandelingen te beginnen. Dat toont de mentale tegenstrijdigheid van de mensen: enerzijds is er identificatie met de staat, anderzijds vrezen ze voor hun leven. Ze kunnen elk moment worden opgeroepen voor het leger. Een meerderheid van de bevolking gaat ervan uit dat Poetin liegt als hij het over ‘gedeeltelijke mobilisering’ heeft. 66 procent denkt dat hij zal blijven mobiliseren. Maar toch komen ze niet in opstand. Wie kritiek uit, kan worden opgepakt. Mensen zijn bang, voor de politie, voor repressie.

Hebben de westerse sancties effect op de Poetin-aanhangers?

Gudkov: Slechts 18 tot 20 procent van de Russen voelt de gevolgen direct. Dat is de stedelijke, rijkere middenklasse. De meesten zeggen dat ze er geen last van hebben. De armen zijn sowieso bezig met overleven. De sancties zijn iets wat ze op tv zien.

Wat doet dit alles met u persoonlijk?

Gudkov: Ik noem het een depressie. Een beroepsziekte. Ik blijf me afvragen: hoe kun je enquêtes houden in een totalitaire staat en tijdens een oorlog, als iedereen bang is om antwoorden te geven? En toch is onderzoek mogelijk. We doen grote inspanningen om de betrouwbaarheid van onze gegevens te controleren. We voeren niet langer korte telefoongesprekken, maar interviews die een uur duren. Onze onderzoekers bouwen eerst vertrouwen op, zodat de respondenten duidelijk weten waar het over gaat.

U bent in Rusland gebleven en uit zich publiekelijk zeer kritisch.

Gudkov: Dat is mijn plicht. De zin van mijn leven. En ik ben te oud om nog te verhuizen.

Bent u niet bang?

Gudkov: Het zou dom zijn om niet bang te zijn.

Der Spiegel

Reageren op dit artikel kan u door een e-mail te sturen naar lezersbrieven@knack.be. Uw reactie wordt dan mogelijk meegenomen in het volgende nummer.

Partner Content