Vechtende partijen in het oosten van Oekraïne hebben herhaaldelijk afspraken over een staakt-het-vuren geschonden en lieten vijandigheden escaleren, terwijl de oorlog inmiddels zijn vierde jaar is ingegaan, zo blijkt uit het rapport dat de periode van februari tot mei 2017 beslaat. De VN-waarnemingsmissie (HRMMU) constateerde in die tijd 36 oorlogsgerelateerde burgerdoden en 157 gewonden, een toename van 48 procent vergeleken met de vorige rapportage over de periode van november 2016 tot februari 2017.

In de afgelopen drie maanden was dagelijks sprake van gebruik van wapens. Aanvallen leidden tot schade aan kritieke infrastructuur, inclusief scholen, ziekenhuizen en waterfaciliteiten. Volgens de auteurs van het rapport zijn er serieuze zorgen over de veiligheid van burgers. Nu de zomer nadert, stellen zij, is het risico op verdere escalatie groot, zoals dat ook in de afgelopen jaren gebeurden.

Wanhoop en onzekerheid

Vanaf het begin van het conflict in april 2014 tot 15 mei 2017, kwamen meer dan tienduizend menen om, onder wie 2.777 burgers. Er vielen minstens 23.966 gewonden. Dat is een conservatieve schatting, gebaseerd op beschikbare data. De werkelijke aantallen liggen waarschijnlijk veel hoger.

Meer dan 1,6 miljoen mensen zijn hun huis ontvlucht en intern ontheemd, zo stelt het rapport nog. Ongeveer 3 miljoen mensen zijn achtergebleven in het oorlogsgebied. Volgens de auteurs is onder deze mensen sprake van groeiende wanhoop en onzekerheid.

Zo zijn er onder meer problemen met de uitbetaling van pensioenen, lange wachttijden bij checkpoints en bedrijven die stilliggen als gevolg van de oorlog. Ook verboden gewapende groepen humanitaire hulp aan mensen in de zelfuitgeroepen Volksrepubliek Donetsk.

Vechtende partijen in het oosten van Oekraïne hebben herhaaldelijk afspraken over een staakt-het-vuren geschonden en lieten vijandigheden escaleren, terwijl de oorlog inmiddels zijn vierde jaar is ingegaan, zo blijkt uit het rapport dat de periode van februari tot mei 2017 beslaat. De VN-waarnemingsmissie (HRMMU) constateerde in die tijd 36 oorlogsgerelateerde burgerdoden en 157 gewonden, een toename van 48 procent vergeleken met de vorige rapportage over de periode van november 2016 tot februari 2017.In de afgelopen drie maanden was dagelijks sprake van gebruik van wapens. Aanvallen leidden tot schade aan kritieke infrastructuur, inclusief scholen, ziekenhuizen en waterfaciliteiten. Volgens de auteurs van het rapport zijn er serieuze zorgen over de veiligheid van burgers. Nu de zomer nadert, stellen zij, is het risico op verdere escalatie groot, zoals dat ook in de afgelopen jaren gebeurden.Vanaf het begin van het conflict in april 2014 tot 15 mei 2017, kwamen meer dan tienduizend menen om, onder wie 2.777 burgers. Er vielen minstens 23.966 gewonden. Dat is een conservatieve schatting, gebaseerd op beschikbare data. De werkelijke aantallen liggen waarschijnlijk veel hoger.Meer dan 1,6 miljoen mensen zijn hun huis ontvlucht en intern ontheemd, zo stelt het rapport nog. Ongeveer 3 miljoen mensen zijn achtergebleven in het oorlogsgebied. Volgens de auteurs is onder deze mensen sprake van groeiende wanhoop en onzekerheid.Zo zijn er onder meer problemen met de uitbetaling van pensioenen, lange wachttijden bij checkpoints en bedrijven die stilliggen als gevolg van de oorlog. Ook verboden gewapende groepen humanitaire hulp aan mensen in de zelfuitgeroepen Volksrepubliek Donetsk.