Huurlingen bedreigen wereldvrede: ‘Stel je eens voor dat een terreurbeweging hen zou inhuren’

© iStock
Jelle Dehaen
Jelle Dehaen Medewerker Knack, historicus, filosoof, auteur

Oorlogen worden steeds meer geprivatiseerd. Dat is goedkoper, en overheden kunnen hun militaire campagnes daardoor langer geheim houden. Maar de explosieve groei van de huurlingenlegers zal de wereld onveiliger maken. ‘Als we niet ingrijpen, zal de wereld er over twintig jaar van vergeven zijn.’

In 2007 schoten werknemers van Blackwater, een privébewakingsbedrijf, in Bagdad zeventien onschuldige burgers dood. Later bleek dat maar het topje van de ijsberg te zijn.

Mensenrechtenactivisten verzamelden een waslijst aan klachten: Blackwater bleek wel vaker nodeloos geweld te gebruiken en Irakezen systematisch te vernederen.

Dat leidde tot grote internationale verontwaardiging en oproepen om de aanwezigheid van privébedrijven in oorlogsgebieden in te perken. Dat is niet gebeurd. Integendeel.

In de jaren negentig waren privébedrijven in de militaire sector goed voor een omzet van zo’n 200 miljoen dollar. Intussen is dat bedrag vertienvoudigd. Tijdens de Tweede Wereldoorlog bestond 10 procent van het Amerikaanse leger uit privéwerknemers, vandaag is dat in Irak en Afghanistan gestegen tot 75 procent.

En het zijn niet alleen overheden die steeds meer gebruik maken van private partners. Nationale marines, met hun zwaarbewapende maar logge schepen, bleken de afgelopen jaren amper in staat om Somalische piraten – die in kleine speedbootjes geïmproviseerde aanvallen ondernemen – af te houden. Daarom nemen steeds meer scheepvaartbedrijven bewakingsagenten in dienst, doorgaans voormalige soldaten uit de Britse of Amerikaanse zeemacht.

Zelfs ngo’s doen geregeld een beroep op huurlingen, bijvoorbeeld om hulpkonvooien in Afrika te bewaken.

Wie in een oorlogszone gewapend rondloopt, is in se een huurling

De explosieve groei van de private militaire industrie is de verantwoordelijkheid van de Verenigde Staten. In 2002, net voor de inval in Irak, zei de toenmalige Amerikaanse minister van Defensie Donald Rumsfeld: ‘De oorlog zal vijf dagen, vijf weken of misschien vijf maanden duren, maar zeker niet langer.’

Dat liep anders. ‘Amerika was niet voorbereid op oorlogen die al meer dan een decennium duren’, zegt Sean McFate, professor aan National Defense University en Georgetown University. Hij zit in verscheidene denktanks en schrijft bijdragen voor The Atlantic en The New York Times.

Daarnaast schreef hij The Modern Mercenary, een boek over de militaire privé-industrie. Daarbij put hij uit eigen ervaring. Ooit was McFate een elitepara bij het Amerikaanse leger. Daarna maakte hij de overstap naar DynCorp, een van de grootste private militaire bedrijven ter wereld.

‘Het Amerikaanse leger bestaat volledig uit soldaten die zich vrijwillig melden’, zegt McFate. ‘Toen de oorlogen in Irak en Afghanistan bleven aanslepen, bleken er niet genoeg vrijwilligers te zijn.

De overheid had drie opties. Ze kon zich terugtrekken uit Afghanistan en Irak, maar dat was onbespreekbaar. Ze kon opnieuw een algemene dienstplicht invoeren, maar dat zou politieke zelfmoord geweest zijn. Het enige overblijvende alternatief was het in dienst nemen van huurlingen.

In het begin ging het om een beperkt aantal troepen, maar ondertussen is Amerika strategisch afhankelijk van privébedrijven. Dat maakt het land bijzonder kwetsbaar.’

Een aanzienlijk deel van die privébedrijven leveren diensten die geen militair karakter hebben. Het gaat dan om administratief personeel, poetsers of cateraars.

Ook België werkt met een aantal van die private partners samen, zij het op beperkte schaal.

Hoewel die werknemers geen wapens vasthouden, werken ze natuurlijk in een oorlogszone. Meestal gaat het om lokale mensen die tegen veel lagere lonen werken. En dat maakt hen quantité negligable. McFate: ‘De Amerikaanse overheid zorgt voor een zekere mate van beveiliging, maar ze geeft minder om de veiligheid van buitenstaanders dan om die van Amerikaanse staatsburgers.’

De slechte reputatie van huurlingen op het vlak van mensenrechten is niet altijd terecht

Veel belangrijker zijn de private military companies (pmc). Dat zijn bedrijven die wel militaire taken vervullen, zoals konvooien bewaken, soldaten opleiden en inlichtingen verzamelen.

De grote bedrijven in de sector doen hun uiterste best om te beklemtonen dat zij geen huurlingen zijn. ‘Dat is niet meer dan marketing’, zegt McFate. ‘In werkelijkheid is het onderscheid tussen een zogenaamde defensieve bewakingsopdracht en een offensieve militaire taak heel warrig.

‘Wie in een oorlogszone gewapend rondloopt, is in se een huurling. Wie de kwaliteiten en het materieel heeft om een konvooi te bewaken of een soldaat op te leiden, kan ook zelf mensen doden en een oorlog voeren.’

Goedkoper en innovatiever

Huurlingen hebben een kwalijke reputatie. Helemaal terecht is dat niet. Om te beginnen zijn ze merkelijk goedkoper: volgens ramingen van het Amerikaanse Congres zijn pmc’s jaarlijks 10 procent minder duur dan een regulier leger. Bovendien kosten ze in vredestijd niets, want dan worden hun contracten beëindigd.

Dat zou pmc’s bijzonder interessant maken voor kleine landen met een beperkt budget, zoals België. Ons land spendeert ongeveer driekwart van het defensiebudget aan personeelskosten, wat structurele investeringen en innovatie moeilijk maakt.

Toch bestaan er geen plannen om de taken van het Belgisch leger uit te besteden. Voorlopig ontbreekt daarvoor zelfs het wettelijk kader.

Volgens McFate zijn pmc’s niet alleen goedkoper, vaak presteren ze ook beter. ‘Privébedrijven zijn veel flexibeler. Ze gaan minder gebukt onder bureaucratische rompslomp of de interne machtsspelletjes die bij veel legers bestaan. Daardoor kunnen ze veel sneller extra soldaten leveren. Daarnaast zijn ze veel innovatiever.

‘Hoewel Amerika miljarden dollars heeft geïnvesteerd in de opleiding van de Iraakse en Afghaanse veiligheidsdiensten stellen die nog altijd niets voor. Ze zijn vaak zelfs zo corrupt dat ze hun wapens aan de IS verkopen.

‘Toen ik bij DynCorp werkte, werden we ingehuurd om in Liberia, dat net een veertien jaar durende burgeroorlog achter de rug had, het leger op te leiden. We begonnen met een vernieuwend opleidings- en mensenrechtenprogramma, waardoor het Liberiaanse leger tot vandaag redelijk goed functioneert. Er zijn dus wel degelijk voorbeelden waar de privésector het beter doet dan het officiële leger.’

Huurlingen bedreigen wereldvrede: 'Stel je eens voor dat een terreurbeweging hen zou inhuren'
© iStock

‘Maar het belangrijkste is dat de slechte reputatie van huurlingen op het vlak van mensenrechten niet altijd terecht is’, gaat McFate verder. ‘Oké, het Belgische en Amerikaanse leger doen het op dat vlak goed. Maar je moet pmc’s ook vergelijken met de troepen van Wit-Rusland of El Salvador. Die legers zijn in het beste geval inefficiënt, maar vaak knappen ze het vuile werk van politici op of terroriseren ze de bevolking. Je bent beter af als je gevangengenomen wordt door Blackwater dan door het leger van Zimbabwe.’

Huurlingenlegers

Toch brengt de wildgroei aan private military companies grote gevaren met zich mee. Omdat ze goedkoper zijn, verlagen ze de drempel om een conflict te beginnen en kan dat langer gaande gehouden worden.

Bovendien zijn pmc’s minder transparant. Het Amerikaanse leger en inlichtingendiensten zoals de CIA moeten aan het Congres rapporteren. Maar pmc’s beweren al snel dat zij hun bedrijfsgeheimen niet hoeven prijs te geven.

Zo kan een overheid, zelfs voor haar eigen parlement, lang ontkennen dat het ergens militair actief is. Dat gebeurde al in Syrië. De voormalige Amerikaanse president Barack Obama beklemtoonde altijd dat hij niet veel troepen naar Syrië wou sturen, maar er zijn sterke indicaties dat de Amerikanen pmc’s inhuurden die in het land inlichtingen verzamelden.

Die troepen kwamen niet in de officiële statistieken voor, wat een oorlog veel beter verteerbaar maakte voor het grote publiek. Dat ligt ook minder wakker van dode huurlingen, en al helemaal als het geen Amerikanen zijn.

Er zijn tegenwoordig relatief weinig incidenten met grote pmc’s. Het zijn geen schimmige eenmansoperaties die vanuit een achterkamertje gerund worden door een ongeschoren eenzaat.

Het zijn beursgenoteerde multinationals die geleid worden door topmanagers die vooral bezig zijn met omzetcijfers. En aangezien ze daarvoor grotendeels afhankelijk zijn van de VS, durft geen enkele pmc de Amerikanen tegen de haren in te strijken.

Daarom waken de grote bedrijven er zorgvuldig over dat ze geen opdrachten aanvaarden die indruisen tegen de gevoeligheden van de Amerikaanse overheid of publieke opinie.

De vraag rijst of de Amerikaanse president Donald Trump binnenkort een oorlog tegen Iran of Noord-Korea zal beginnen. ‘Wat moeten die pmc’s doen als dat niet gebeurt en er geen grote, winstgevende oorlogen meer zijn?’ vraagt McFate zich af.

Werkloze huurlingen zullen Afrika, het Midden-Oosten en alle conflictzones overspoelen.

‘Ze zullen nieuwe klanten moeten zoeken. Of ze zullen veel personeel, dat vaak niet Amerikaans is, ontslaan. Die mensen zullen terugkeren naar hun eigen land, en daar misschien een eigen pmc oprichten.

Dat gebeurt nu al. Zo heeft Abu Dhabi Colombiaanse huurlingen ingehuurd om in Jemen te vechten. Die nieuwe bedrijven zullen absoluut niet zo voorzichtig zijn. Waarom zouden ze niet voor een of andere gekke oligarch of een drugskartel werken?

Huurlingen zijn bovendien meer dan mannen met een machinegeweer. Sommige bedrijven verhuren squadrons aanvalshelikopters. Stel je maar eens voor dat een terreurbeweging hen zou inhuren.’

‘Werkloze huurlingen zullen Afrika, het Midden-Oosten en alle conflictzones overspoelen’, gaat McFate verder. ‘Dat zal tot meer oorlogen leiden, want zonder kunnen huurlingen niets verdienen.

De geschiedenis leert ons dat dit niet onwaarschijnlijk is. In de middeleeuwen, toen huurlingenlegers courant waren, begonnen ze geregeld conflicten om zichzelf te onderhouden.

Vandaag zal dat niet tot een Derde Wereldoorlog leiden, maar tot een reeks kleine, lang aanslepende conflicten. En huurlingen die absoluut geen werk vinden, zullen misschien criminelen worden die dorpen en lokale heersers afpersen.’

Maar misschien is dat nog niet eens het worstcasescenario. De proliferatie van de huurling zou wel eens de hele wereldorde kunnen destabiliseren. Ook multinationals of rijke particulieren kunnen pmc’s inhuren.

Dat kan met de beste bedoelingen gebeuren. Enkele jaren geleden wilde actrice en filantrope Mia Farrow Blackwater inhuren om de genocide in Darfur te stoppen. Uiteindelijk trok Blackwater zich terug, uit angst voor de reactie van de Amerikaanse overheid.

Maar wat als zo’n bedrijf in de toekomst, onder druk van de dalende winsten, wel op zo’n verzoek ingaat? Stel dat een Amerikaanse miljonair een Amerikaanse pmc inhuurt om in Syrië tegen het overheidsleger – dat gesteund wordt door Rusland – te vechten? Zal de Amerikaanse overheid daarvoor verantwoordelijk gesteld worden? Volgens McFate zal zoiets onvermijdelijk gebeuren, en zal dat tot grote internationale crisissen leiden.

Een huurling is geen gewone crimineel die de politie kan arresteren, maar een goed bewapende soldaat. Hoe ga je zo iemand voor het gerecht brengen?

Van een sluitende internationale wetgeving is momenteel geen sprake. Pmc’s zijn innovatieve bedrijven die geregeld van strategie veranderen. Daardoor lopen internationale verdragen, als ze er al komen, vaak achter de feiten aan.

Niet dat een betere wetgeving zou helpen, geeft McFate toe. ‘Een huurling is geen gewone crimineel die de politie kan arresteren, maar een goed bewapende soldaat. Hoe ga je zo iemand voor het gerecht brengen? Gaan de Verenigde Naties troepen naar Irak of Nigeria sturen om huurlingen op te pakken? Natuurlijk niet. Daarom kunnen we beter de vrije markt laten spelen.

Als de VS of de VN een beroep doen op pmc’s kunnen ze alleen bedrijven met een goede staat van dienst inhuren. Dat zal bedrijven, zoals nu al gebeurt, dwingen om zich behoorlijk te gedragen. Ik besef dat het geen ideale oplossing is, maar iets beters hebben we niet.’

Toch is McFate pessimistisch. ‘De privatisering van de oorlog en de proliferatie van de huurling is een ingrijpende internationale verandering waar niemand aandacht aan besteedt. Nu kunnen we nog ingrijpen. Maar als we niets doen, zal de wereld over twintig jaar vergeven zijn van de huurlingenlegers. Dat zal de wereld veel onveiliger maken.’

Partner Content