Renaat Morel wacht al meer dan een maand af in zijn appartement. Al twintig jaar baat de Belg een restaurant uit in Peking. Sluiten deed hij zelden of nooit. Zelfs tijdens de SARS-epidemie in 2003 bleef zijn zaak als een van de enige open. 'Nu heb ik niet genoeg werknemers', zegt Morel.

De vakantieperiode rond Chinees Nieuwjaar is al enkele weken afgelopen, maar zijn personeel zit nog vast in de dorpen en steden buiten Peking. Twee van hen uit Wuhan zijn door het afsluiten van die stad niet in staat terug te komen. De anderen kunnen ook moeilijk hun woonplaats verlaten en moeten bij aankomst in Peking eerst nog twee weken in quarantaine. Dus besluit Morel zijn restaurant tijdelijk te sluiten.

Verlamd

De corona-epidemie verlamt al zes weken de Chinese economie. Nu bijna 100.000 mensen in meer dan 50 landen zijn besmet (5 maart 2020), lijkt de virusuitbraak ook de markten wereldwijd te ontwrichten. De fabrieksactiviteit in China zakte in februari naar een historisch dieptepunt. De niet-industriële sector wordt volgens het Chinese Bureau van de Statistiek zowaar nog zwaarder getroffen.

Kleine en middelgrote ondernemingen vormen de ruggengraat van de Chinese economie. Zij dragen voor meer dan 60 procent bij aan het bruto binnenlands product en zorgen voor 80 procent van de werkgelegenheid. In de steden gaat het onder meer over bruisende horecazaken, boekwinkels en kleine handelszaken.

Totdat het onverwachte virus in één klap het openbare leven in China lamlegde. Chinese burgers worden aangeraden vanuit huis te werken en publieke plaatsen te vermijden. Reisbeperkingen en wegblokkades op het platteland beletten arbeidsmigranten terug te keren naar de steden.

Overleven

Voor veel ondernemers dreigt een bloedbad. Volgens een recente peiling in opdracht van Horecavereniging Peking houdt 70 procent van de eethuizen de deuren dicht. De vereniging waarschuwt dat voor zaken met onvoldoende cashflow het einde wel eens snel nabij kan zijn.

'Voor tal van restaurants zal het aartsmoeilijk worden om te overleven', beaamt Morel. 'De meeste hebben weinig financiële reserve. En de huur ligt erg hoog'. In die situatie kunnen ze het hoogstens enkele maanden uithouden. Zelf kan Morel het nog wel aan. Toch is het verlies groot. 'De huur van mijn restaurant bedraagt 12.000 euro per maand, maar er komt geen geld binnen. Ik verlies makkelijk 2000 tot 3000 euro per dag.'

De huur van mijn restaurant bedraagt 12.000 euro per maand, maar er komt geen geld binnen. Ik verlies makkelijk 2000 tot 3000 euro per dag.

Renaat Morel.

Om aan de uitzichtloze situatie het hoofd te bieden, zoeken uitbaters naar creatieve oplossingen. 'Het is aanpassen of verdwijnen', zegt Ignace Lecleir, Belgische eigenaar van vier restaurants waaronder het vermaarde TRB Hutong, een voormalige tempel in het historische hart van de Chinese hoofdstad. Met slechts één restaurant geopend, is zijn omzet 95 procent gedaald. 'Toch blijf ik positief', zegt Lecleir. 'Om nieuwe inkomsten te krijgen, hebben we samen met ons personeel een eigen maaltijdbezorgingsdienst opgericht'.

Andere restaurants doen hetzelfde of bieden bereide maaltijden aan in geïmproviseerde standen langs de straatkant. Afhaalmaaltijden compenseren echter gedeeltelijk de verloren inkomsten. Want de besmettingsangst zet de Chinezen aan thuis zelf te koken.

Lees verder onder de foto

Om aan de uitzichtloze situatie het hoofd te bieden, zoeken uitbaters naar creatieve oplossingen. © Alderik Jacobs

Steun

De Chinese regering erkent de moeilijkheden waarmee kleine en middelgrote zaken te kampen hebben en lanceert plannen om de financiële druk te verlichten, gaande van uitstel van sociale zekerheidsbijdrage, kwijtschelden van huur tot het verlagen van de rente op leningen. Lecleir is ervan overtuigd dat de overheid wel een oplossing zal vinden om ondernemingen te ondersteunen.

Maar zolang de klanten wegblijven, brengen overheidsmaatregelen weinig zoden aan de dijk. 'De grote vraag is wanneer zij allemaal terugkomen', zegt Lecleir. 'Na de SARS-uitbraak duurde dat zes tot negen maanden'.

De Chinese regering herhaalt dat de impact van de virusuitbraak kort van duur is en dat de economische doelstellingen voor 2020 gehandhaafd blijven. Maar als de Chinese consument het laat afweten, voelt ook de economie het. Consumptie droeg in 2019 bij tot bijna zestig procent van de economische groei. Toen al hielden veel Chinezen, mede door de handelsoorlog met de Verenigde Staten, de hand op de knip.

'De virusuitbraak en de hoge inflatie van de voedselprijzen voorspellen dit jaar niet veel goeds voor het herstel van de consumptie', zegt Tommy Wu, hoofdeconoom bij Oxford Economics in Hong Kong. 'Pas als de hele economie zich herstelt, zal ook het consumentenvertrouwen weer toenemen.'

Herstel?

China lijkt de virusepidemie onder controle te krijgen. Buiten de provincie Hubei, epicentrum van het coronavirus, melden de meeste andere Chinese provincies niet langer nieuwe besmettingen. Ook het sterftecijfer daalt gestaag. Maar omdat in de komende weken meer en meer Chinezen terugkeren naar de grote steden om er hun werk te hervatten, vrezen autoriteiten voor een heropflakkering van infecties.

Komt daarbij de aankomst van internationale reizigers uit landen met nieuwe besmettingshaarden. Voor de lokale overheden wordt het een delicate evenwichtsoefening tussen economisch herstel en virusbestrijding.

Dayali, een populair Pekingeend-etablissement, is zelfs op een zaterdagavond volledig leeg. 'Elke dag bedien ik enkel vijf tafels', zegt de manager. 'Klanten hebben nog schrik en de overheid verbiedt met grote groepen te dineren'.

De eerste twee klanten doorbladeren de menukaart en staren elkaar aan. 'Is het wel veilig om Pekingeend te bestellen? Die eet je toch met je vingers?'

Renaat Morel wacht al meer dan een maand af in zijn appartement. Al twintig jaar baat de Belg een restaurant uit in Peking. Sluiten deed hij zelden of nooit. Zelfs tijdens de SARS-epidemie in 2003 bleef zijn zaak als een van de enige open. 'Nu heb ik niet genoeg werknemers', zegt Morel. De vakantieperiode rond Chinees Nieuwjaar is al enkele weken afgelopen, maar zijn personeel zit nog vast in de dorpen en steden buiten Peking. Twee van hen uit Wuhan zijn door het afsluiten van die stad niet in staat terug te komen. De anderen kunnen ook moeilijk hun woonplaats verlaten en moeten bij aankomst in Peking eerst nog twee weken in quarantaine. Dus besluit Morel zijn restaurant tijdelijk te sluiten.De corona-epidemie verlamt al zes weken de Chinese economie. Nu bijna 100.000 mensen in meer dan 50 landen zijn besmet (5 maart 2020), lijkt de virusuitbraak ook de markten wereldwijd te ontwrichten. De fabrieksactiviteit in China zakte in februari naar een historisch dieptepunt. De niet-industriële sector wordt volgens het Chinese Bureau van de Statistiek zowaar nog zwaarder getroffen. Kleine en middelgrote ondernemingen vormen de ruggengraat van de Chinese economie. Zij dragen voor meer dan 60 procent bij aan het bruto binnenlands product en zorgen voor 80 procent van de werkgelegenheid. In de steden gaat het onder meer over bruisende horecazaken, boekwinkels en kleine handelszaken. Totdat het onverwachte virus in één klap het openbare leven in China lamlegde. Chinese burgers worden aangeraden vanuit huis te werken en publieke plaatsen te vermijden. Reisbeperkingen en wegblokkades op het platteland beletten arbeidsmigranten terug te keren naar de steden.Voor veel ondernemers dreigt een bloedbad. Volgens een recente peiling in opdracht van Horecavereniging Peking houdt 70 procent van de eethuizen de deuren dicht. De vereniging waarschuwt dat voor zaken met onvoldoende cashflow het einde wel eens snel nabij kan zijn.'Voor tal van restaurants zal het aartsmoeilijk worden om te overleven', beaamt Morel. 'De meeste hebben weinig financiële reserve. En de huur ligt erg hoog'. In die situatie kunnen ze het hoogstens enkele maanden uithouden. Zelf kan Morel het nog wel aan. Toch is het verlies groot. 'De huur van mijn restaurant bedraagt 12.000 euro per maand, maar er komt geen geld binnen. Ik verlies makkelijk 2000 tot 3000 euro per dag.'Om aan de uitzichtloze situatie het hoofd te bieden, zoeken uitbaters naar creatieve oplossingen. 'Het is aanpassen of verdwijnen', zegt Ignace Lecleir, Belgische eigenaar van vier restaurants waaronder het vermaarde TRB Hutong, een voormalige tempel in het historische hart van de Chinese hoofdstad. Met slechts één restaurant geopend, is zijn omzet 95 procent gedaald. 'Toch blijf ik positief', zegt Lecleir. 'Om nieuwe inkomsten te krijgen, hebben we samen met ons personeel een eigen maaltijdbezorgingsdienst opgericht'. Andere restaurants doen hetzelfde of bieden bereide maaltijden aan in geïmproviseerde standen langs de straatkant. Afhaalmaaltijden compenseren echter gedeeltelijk de verloren inkomsten. Want de besmettingsangst zet de Chinezen aan thuis zelf te koken. Lees verder onder de fotoDe Chinese regering erkent de moeilijkheden waarmee kleine en middelgrote zaken te kampen hebben en lanceert plannen om de financiële druk te verlichten, gaande van uitstel van sociale zekerheidsbijdrage, kwijtschelden van huur tot het verlagen van de rente op leningen. Lecleir is ervan overtuigd dat de overheid wel een oplossing zal vinden om ondernemingen te ondersteunen.Maar zolang de klanten wegblijven, brengen overheidsmaatregelen weinig zoden aan de dijk. 'De grote vraag is wanneer zij allemaal terugkomen', zegt Lecleir. 'Na de SARS-uitbraak duurde dat zes tot negen maanden'. De Chinese regering herhaalt dat de impact van de virusuitbraak kort van duur is en dat de economische doelstellingen voor 2020 gehandhaafd blijven. Maar als de Chinese consument het laat afweten, voelt ook de economie het. Consumptie droeg in 2019 bij tot bijna zestig procent van de economische groei. Toen al hielden veel Chinezen, mede door de handelsoorlog met de Verenigde Staten, de hand op de knip. 'De virusuitbraak en de hoge inflatie van de voedselprijzen voorspellen dit jaar niet veel goeds voor het herstel van de consumptie', zegt Tommy Wu, hoofdeconoom bij Oxford Economics in Hong Kong. 'Pas als de hele economie zich herstelt, zal ook het consumentenvertrouwen weer toenemen.'China lijkt de virusepidemie onder controle te krijgen. Buiten de provincie Hubei, epicentrum van het coronavirus, melden de meeste andere Chinese provincies niet langer nieuwe besmettingen. Ook het sterftecijfer daalt gestaag. Maar omdat in de komende weken meer en meer Chinezen terugkeren naar de grote steden om er hun werk te hervatten, vrezen autoriteiten voor een heropflakkering van infecties. Komt daarbij de aankomst van internationale reizigers uit landen met nieuwe besmettingshaarden. Voor de lokale overheden wordt het een delicate evenwichtsoefening tussen economisch herstel en virusbestrijding.Dayali, een populair Pekingeend-etablissement, is zelfs op een zaterdagavond volledig leeg. 'Elke dag bedien ik enkel vijf tafels', zegt de manager. 'Klanten hebben nog schrik en de overheid verbiedt met grote groepen te dineren'. De eerste twee klanten doorbladeren de menukaart en staren elkaar aan. 'Is het wel veilig om Pekingeend te bestellen? Die eet je toch met je vingers?'