Meer dan de helft van het gas is al verdwenen uit pijpleidingen, zegt Denemarken

Nord Stream 1. © Reuters

Meer dan de helft van het gas dat in de door onverklaarbare ontploffingen beschadigde aardgaspijpleidingen Nord Stream 1 en 2 zat, is al verdwenen in de atmosfeer. Dat hebben de Deense autoriteiten woensdag gemeld.

‘Een grote meerderheid van het gas is al verdwenen uit de pijpleidingen’, aldus de directeur van de Deense energieautoriteit Kristoffer Böttzauw. ‘We verwachten dat de rest tegen zondag verdwenen is.’ Het Deense ministerie van Defensie had woensdagochtend geschat dat het vanwege de grote lekken ‘een tot twee weken’ kan duren vooraleer de pijpleidingen geïnspecteerd kunnen worden.

Door de oorlog in Oekraïne waren de twee leidingen niet in gebruik, maar ze zaten om technische redenen wel nog vol gas. 

Volgens berekeningen van de autoriteit komt de impact van het lek overeen met zowat een derde van de jaarlijkse impact op het klimaat van Denemarken. Het gas dat vrijkomt bestaat vooral uit methaan. Het lekkende gas veroorzaakt geen concreet gezondheidsrisico voor de bevolking, klinkt het nog.

Deense en Zweedse autoriteiten detecteerden drie lekken in de onderzeese pijpleidingen tussen Rusland en Duitsland, allemaal ter hoogte van het Deense eiland Bornholm, in de Baltische Zee: één in Nord Stream 2 en twee in Nord Stream 1.

De twee landen, de Europese Unie en de NAVO vermoeden dat er sabotage in het spel is.

Partner Content