We zijn nog steeds geschokt over de bestorming van het Amerikaanse Capitool. Maar vandaag geschokt zijn en morgen vergeten, mogen we niet.

Als voorstanders van de democratie, hebben we ons schuldig gemaakt aan nalatigheid en aan de naïeve overtuiging dat de democratie samen met haar waarden en vrijheden zichzelf zal verdedigen. We hebben zeer tastbare, maar tragische bewijzen dat dat niet zo is, en dat vele mensen het vertrouwen in democratische instellingen gewoonweg hebben verloren. We weten ook dat de digitale sfeer zowel kansen als enorme risico's creëert voor democratieën en dat het tijd is om orde te scheppen in hoe de democratie zich digitaal manifesteert. Feiten behoren iedereen toe; een mening is het eigendom van een individu. Dit onderscheid is echter niet langer intact en wat er in de VS is gebeurd, heeft ook in Europa zijn sporen nagelaten.

De aandacht gaat nu uit naar de rol van de Big Tech. Ja, ze hebben samenzweringstheorieën laten floreren. Ja, ze hebben geld verdiend aan desinformatie en hebben kwaadwillige actoren economische of politieke doelen laten nastreven. Ja, ze hebben verantwoordelijkheid en verantwoording vermeden, en ja, ze beïnvloeden ons democratisch debat of kunnen het zelfs beheersen. Het feit dat ze op basis van onduidelijke criteria en zonder toezicht een account van een zittende Amerikaanse president permanent kunnen verwijderen, kan gevaarlijk zijn voor de vrijheid van meningsuiting. Hoewel ik van mening ben dat de onverantwoorde aansporing tot geweld van president Trump actie verdiende, is het duidelijk dat we zo niet verder kunnen.

Wat kunnen we doen? Komen met een gelaagd en diepgaand antwoord, vrij van steekvlampolitiek.

Ten eerste hebben we behoefte aan strengere regelgeving, meer afdwingbare verplichtingen en een aangescherpte verantwoordelijkheidszin van de digitale spelers. We hebben onlangs de Wet inzake Digitale Diensten (Digital Services Act) voorgesteld, die de verantwoordelijkheid van onlineplatforms zal doen toenemen en de regels voor het verwijderen van illegale inhoud zal verduidelijken. Dit is een baanbrekend voorstel, maar er zal tijd overheen gaan, daar waar we eigenlijk nu moeten handelen.

Dit brengt me bij mijn tweede punt. We moeten onmiddellijk stappen zetten om hoe we digitaal aan de democratie deelnemen te reorganiseren; we moeten onszelf uitrusten met beter gereedschap om desinformatie en schadelijke inhoud aan te pakken. Het Europees actieplan voor de democratie is daarbij de leidraad. Een nieuw pact tegen desinformatie is nodig: bedrijven die verantwoording afleggen over hoe hun algoritmen opereren en die stoppen met improviseren, zodat ze deel gaan uitmaken van een voorspelbaar en transparant systeem, zijn deel van dat verhaal. Naast meer transparantie over de manier waarop die bedrijven beleid voeren, hebben wij ook toegang nodig tot voor de maatschappij relevante gegevens.

Regelgeving alleen zal - en mag, volgens mij - niet alle details van het digitale leven omvatten. We mogen de vrijheid van meningsuiting niet slachtofferen, en daarvoor is open ruimte nodig - online en offline. Maar we moeten een andere wending geven aan de filosofie van technische bedrijven en technische medewerkers. Architecten houden zich niet alleen aan de wet, maar ook aan ethische codes, om ervoor te zorgen dat de gebouwen die ze ontwerpen veilig zijn voor de mensen. Programmeurs en IT-specialisten zouden een soortgelijke aanpak moeten hebben bij het ontwerpen van hun algoritmen; iets wat ik zelden hoor bij de topmensen van tech-bedrijven.

Europa moet krachten bundelen met Joe Biden om nieuwe regels voor techbedrijven uit te werken.

Ten derde moeten we ophouden met te doen alsof de poortwachters - de Big Tech - vandaag de dag met concurrentie af te rekenen hebben. Vandaag de dag is dat niet zo. We kunnen niet op dezelfde manier tussen concurrerende platforms kiezen als we, bij wijze van spreken, tussen supermarkten kiezen. De situatie is meer alsof ik zou zeggen dat de snelweg tussen Brussel en Parijs me niet aanstaat, en dat ik er bijgevolg voor kies om een nieuwe aan te leggen. Het is daarom dat deze bedrijven onderhevig moeten worden aan speciale regels en verantwoordelijkheden, zoals de Commissie voorstelt in haar Digital Markets Act.

Tenslotte is het aan ons om te beseffen dat Trump niet alleen een oorzaak is, maar vooral een symptoom. Eens weg, zullen de onderliggende oorzaken van verdeeldheid, wantrouwen en frustratie niet verdwijnen. Het zijn stigmata die ook niet uniek zijn aan de Amerikaanse samenleving. We hebben ze ook hier bij ons, in Europa.

Daarom moeten we onze krachten bundelen met de nieuwe Amerikaanse president, Joe Biden, en als bondgenoten vormgeven aan gemeenschappelijke regels die onze democratische waarden weerspiegelen. Er is een groeiende consensus aan beide zijden van de Atlantische Oceaan dat Big Tech vragen oproepen die onze democratieën kunnen bedreigen en het zou zinvol zijn als we gemeenschappelijke oplossingen voor deze problemen zouden vinden.

Maar we kunnen ons niet alleen richten op platforms. We moeten ons onderwijs aanpassen aan de digitale realiteit. We moeten allemaal meer digitaal geletterd worden, de basisprincipes van wat er online gebeurt begrijpen, en inzien waarom we bepaalde inhoud zien. Dit zal ons in staat stellen om veilig online te navigeren.

We moeten stoppen met het accepteren van aanvallen op waarden, de rechtsstaat, onafhankelijke rechters en media, grondrechten en democratie als normaal. We moeten terugvechten. We moeten de mensen laten zien dat de risico's voor de democratie risico's zijn voor hun rechten en vrijheden.

We kunnen daarbij geen mensen achterlaten. Sinds de permanente excommunicatie van Trump zijn veel van zijn aanhangers verhuisd naar andere online ruimtes, waarbij ze zich opsluiten in nog hermetischer bubbels. We mogen ze niet vergeten. We moeten een manier vinden om hen weer deel te laten uitmaken van het democratische debat en het vertrouwen van de burgers in de democratie en in de kracht van democratische vernieuwing te herstellen.

Als iemand die afkomstig is uit een ex-communistisch land, Tsjecho-Slowakije, heb ik van het leven zonder democratie en gelijke rechten geproefd. Ja, democratie is niet perfect. Het is een weerspiegeling van wie we zijn, maar het grootste voordeel ervan is dat het op ons, de mensen en op ons vertrouwen in elkaar berust. En dus absoluut de moeite waard is om voor te vechten.

We zijn nog steeds geschokt over de bestorming van het Amerikaanse Capitool. Maar vandaag geschokt zijn en morgen vergeten, mogen we niet. Als voorstanders van de democratie, hebben we ons schuldig gemaakt aan nalatigheid en aan de naïeve overtuiging dat de democratie samen met haar waarden en vrijheden zichzelf zal verdedigen. We hebben zeer tastbare, maar tragische bewijzen dat dat niet zo is, en dat vele mensen het vertrouwen in democratische instellingen gewoonweg hebben verloren. We weten ook dat de digitale sfeer zowel kansen als enorme risico's creëert voor democratieën en dat het tijd is om orde te scheppen in hoe de democratie zich digitaal manifesteert. Feiten behoren iedereen toe; een mening is het eigendom van een individu. Dit onderscheid is echter niet langer intact en wat er in de VS is gebeurd, heeft ook in Europa zijn sporen nagelaten. De aandacht gaat nu uit naar de rol van de Big Tech. Ja, ze hebben samenzweringstheorieën laten floreren. Ja, ze hebben geld verdiend aan desinformatie en hebben kwaadwillige actoren economische of politieke doelen laten nastreven. Ja, ze hebben verantwoordelijkheid en verantwoording vermeden, en ja, ze beïnvloeden ons democratisch debat of kunnen het zelfs beheersen. Het feit dat ze op basis van onduidelijke criteria en zonder toezicht een account van een zittende Amerikaanse president permanent kunnen verwijderen, kan gevaarlijk zijn voor de vrijheid van meningsuiting. Hoewel ik van mening ben dat de onverantwoorde aansporing tot geweld van president Trump actie verdiende, is het duidelijk dat we zo niet verder kunnen. Wat kunnen we doen? Komen met een gelaagd en diepgaand antwoord, vrij van steekvlampolitiek. Ten eerste hebben we behoefte aan strengere regelgeving, meer afdwingbare verplichtingen en een aangescherpte verantwoordelijkheidszin van de digitale spelers. We hebben onlangs de Wet inzake Digitale Diensten (Digital Services Act) voorgesteld, die de verantwoordelijkheid van onlineplatforms zal doen toenemen en de regels voor het verwijderen van illegale inhoud zal verduidelijken. Dit is een baanbrekend voorstel, maar er zal tijd overheen gaan, daar waar we eigenlijk nu moeten handelen. Dit brengt me bij mijn tweede punt. We moeten onmiddellijk stappen zetten om hoe we digitaal aan de democratie deelnemen te reorganiseren; we moeten onszelf uitrusten met beter gereedschap om desinformatie en schadelijke inhoud aan te pakken. Het Europees actieplan voor de democratie is daarbij de leidraad. Een nieuw pact tegen desinformatie is nodig: bedrijven die verantwoording afleggen over hoe hun algoritmen opereren en die stoppen met improviseren, zodat ze deel gaan uitmaken van een voorspelbaar en transparant systeem, zijn deel van dat verhaal. Naast meer transparantie over de manier waarop die bedrijven beleid voeren, hebben wij ook toegang nodig tot voor de maatschappij relevante gegevens. Regelgeving alleen zal - en mag, volgens mij - niet alle details van het digitale leven omvatten. We mogen de vrijheid van meningsuiting niet slachtofferen, en daarvoor is open ruimte nodig - online en offline. Maar we moeten een andere wending geven aan de filosofie van technische bedrijven en technische medewerkers. Architecten houden zich niet alleen aan de wet, maar ook aan ethische codes, om ervoor te zorgen dat de gebouwen die ze ontwerpen veilig zijn voor de mensen. Programmeurs en IT-specialisten zouden een soortgelijke aanpak moeten hebben bij het ontwerpen van hun algoritmen; iets wat ik zelden hoor bij de topmensen van tech-bedrijven. Ten derde moeten we ophouden met te doen alsof de poortwachters - de Big Tech - vandaag de dag met concurrentie af te rekenen hebben. Vandaag de dag is dat niet zo. We kunnen niet op dezelfde manier tussen concurrerende platforms kiezen als we, bij wijze van spreken, tussen supermarkten kiezen. De situatie is meer alsof ik zou zeggen dat de snelweg tussen Brussel en Parijs me niet aanstaat, en dat ik er bijgevolg voor kies om een nieuwe aan te leggen. Het is daarom dat deze bedrijven onderhevig moeten worden aan speciale regels en verantwoordelijkheden, zoals de Commissie voorstelt in haar Digital Markets Act.Tenslotte is het aan ons om te beseffen dat Trump niet alleen een oorzaak is, maar vooral een symptoom. Eens weg, zullen de onderliggende oorzaken van verdeeldheid, wantrouwen en frustratie niet verdwijnen. Het zijn stigmata die ook niet uniek zijn aan de Amerikaanse samenleving. We hebben ze ook hier bij ons, in Europa. Daarom moeten we onze krachten bundelen met de nieuwe Amerikaanse president, Joe Biden, en als bondgenoten vormgeven aan gemeenschappelijke regels die onze democratische waarden weerspiegelen. Er is een groeiende consensus aan beide zijden van de Atlantische Oceaan dat Big Tech vragen oproepen die onze democratieën kunnen bedreigen en het zou zinvol zijn als we gemeenschappelijke oplossingen voor deze problemen zouden vinden. Maar we kunnen ons niet alleen richten op platforms. We moeten ons onderwijs aanpassen aan de digitale realiteit. We moeten allemaal meer digitaal geletterd worden, de basisprincipes van wat er online gebeurt begrijpen, en inzien waarom we bepaalde inhoud zien. Dit zal ons in staat stellen om veilig online te navigeren.We moeten stoppen met het accepteren van aanvallen op waarden, de rechtsstaat, onafhankelijke rechters en media, grondrechten en democratie als normaal. We moeten terugvechten. We moeten de mensen laten zien dat de risico's voor de democratie risico's zijn voor hun rechten en vrijheden. We kunnen daarbij geen mensen achterlaten. Sinds de permanente excommunicatie van Trump zijn veel van zijn aanhangers verhuisd naar andere online ruimtes, waarbij ze zich opsluiten in nog hermetischer bubbels. We mogen ze niet vergeten. We moeten een manier vinden om hen weer deel te laten uitmaken van het democratische debat en het vertrouwen van de burgers in de democratie en in de kracht van democratische vernieuwing te herstellen. Als iemand die afkomstig is uit een ex-communistisch land, Tsjecho-Slowakije, heb ik van het leven zonder democratie en gelijke rechten geproefd. Ja, democratie is niet perfect. Het is een weerspiegeling van wie we zijn, maar het grootste voordeel ervan is dat het op ons, de mensen en op ons vertrouwen in elkaar berust. En dus absoluut de moeite waard is om voor te vechten.