Energie-expert Mathieu Blondeel: ‘We moeten de enorme winsten van de fossielebrandstofreuzen afromen’

Een logo van Shell bij een tankstation in Buenos Aires, Argentinië, 12 maart 2018. © Reuters

Volgens energie-expert Mathieu Blondeel moet het Westen de enorme winsten van fossiele energiebedrijven afromen. ‘Dit valt niet meer te verantwoorden.’

60 miljard euro voor belastingen. Die duizelingwekkende winst boekte de Noorse energiereus Equinor in de eerste negen maanden van dit jaar. Sinds het begin van de grootschalige invasie in Oekraïne is Noorwegen de grootste exporteur van gas naar West-Europa geworden. Nog nooit exporteerde het land zo veel gas, nog nooit lagen de winsten zo hoog. Duitsland, dat door toedoen van de Russische president Vladimir Poetin in sneltempo van het Russische gas af moest, is met stip de grootste afnemer.

Equinor is niet de enige grootverdiener, vertelt Mathieu Blondeel, energie-expert verbonden aan de Warwick Business School in het Verenigd Koninkrijk. ‘Shell kan de eerste drie kwartalen van 2022 rekenen op een winst van 30 miljard dollar, voor het Amerikaanse Chevron en het Franse TotalEnergies gaat het om soortgelijke bedragen.’  

Zijn zulke woekerwinsten nog te verantwoorden?

Mathieu Blondeel: Nee. In deze oorlogscontext moeten ondernemingen de deuren sluiten en kunnen veel gezinnen de rekeningen steeds moeilijker betalen. De klimaatverandering grijpt om zich heen en duwt mensen in de armoede of dwingt hen te migreren. Tegen die achtergrond moeten we ingrijpen, wat de fossiele energiereuzen ook mogen beweren.

Europese regeringen vragen Noorwegen en de Verenigde Staten om lagere gasprijzen. ‘We zijn bondgenoten’, luidt het argument. Een terechte verzuchting?

Blondeel: Ja, maar ik verwacht niet dat die winsten volgend jaar plotseling een duik zullen nemen. De gasvoorraden moeten na de winter opnieuw gevuld worden, maar nu kunnen we niet meer rekenen op Russisch gas. En dat zal de prijzen hoog houden. De Noorse overheid verwacht volgend jaar maar liefst 132 miljard euro inkomsten uit gas en olie. Het is niet houdbaar om zo veel te blijven vragen. Het verbaast me dat Noorwegen niet beseft dat het zichzelf daar op termijn ook mee verzwakt. De allergrootste winsten worden weliswaar geboekt door de staatsbedrijven van onder meer Saudi-Arabië, de Verenigde Arabische Emiraten en Qatar. Met hen is het natuurlijk minder gemakkelijk onderhandelen.

Ook de Amerikaanse president Joe Biden verweet de Amerikaanse energiereuzen onlangs dat ze ‘profiteren van de oorlog’.

Blondeel: Dat is het juiste woord. Het komt voornamelijk door de oorlog dat de prijzen én de winsten de hoogte inschieten. Met het oog op de Congresverkiezingen over twee weken moet Biden natuurlijk een politiek signaal geven aan de kiezers, want ook de Amerikanen voelen de hogere prijzen aan de pomp.

Hij dreigt met een overwinstbelasting. Een goed idee?

Blondeel: Zeker, al wordt het niet makkelijk om dat snel door het Congres te krijgen, zelfs niet wanneer de Democraten de meerderheid in beide Kamers zouden behouden. De fossiele-energiebedrijven beweren dat zo’n overwinstbelasting noodzakelijke investeringen zal tegenhouden. Investeringen die volgens hen nodig zijn om de prijs te milderen. Maar dat argument gaat nauwelijks op, want het gros van de extra winsten gaat eenvoudigweg naar de aandeelhouders. Dat valt niet te verantwoorden. Bidens idee is dus goed en bovendien hebben ze in de VS ervaring met zulke ingrepen: na de oliecrisissen in de jaren zeventig voerde president Jimmy Carter ook een soort overwinstbelasting in. Als dat toen mogelijk was, moet dat vandaag ook kunnen. Het vereist vooral politieke wil.

Ook in de Europese Unie kijkt men naar overwinstbelastingen. Doen wij het dan beter dan de Verenigde Staten?

Blondeel: Nee, bij ons is de urgentie om de grote fossiele brandstofbedrijven te belasten totaal afwezig. En dat stuit toch tegen de borst. Midden september heeft de Europese Commissie onder meer een solidariteitsbijdrage van de fossiele energiereuzen voorgesteld. Die zou 25 miljard euro kunnen opbrengen. Bewust werd er niet over een overwinstbelasting gesproken, omdat die in tegenstelling tot een bijdrage eensgezindheid onder de 27 lidstaten vereist. Dat bleek al een teken aan de wand, want na de bijeenkomst van de Europese staatshoofden en regeringsleiders midden oktober was dat voorstel van de Europese Commissie nergens meer te bespeuren. Een gemiste kans.

Dit weekend begint in de Egyptische stad Sharm-el-Sheik de 27e klimaatconferentie van de Verenigde Naties. Hoe kijkt u daar tegen de achtergrond van de energiecrisis naar?

Blondeel: In zijn jaarlijkse Emissions Gap Report heeft het VN-milieuprogramma vorige week nog benadrukt dat we op weg zijn naar een klimaatopwarming van 2,6 graden Celsius deze eeuw. Meer dan een volledige graad boven wat in het klimaatakkoord van 2015 Parijs werd afgesproken. De VN waarschuwen terecht voor ‘catastrofale gevolgen’. Maar toch lijkt de urgentie niet helemaal door te dringen. Volgens de World Oil Outlook van de OPEC, de organisatie van de grootste olieproducerende landen, is er tegen 2045 nog steeds 12.000 miljard euro aan investeringen nodig om aan de vraag naar olie te voldoen. Volgens hen zal de vraag naar het zwarte goud zeker nog tot in 2045 blijven stijgen. Het Internationaal Energieagentschap spreekt daarentegen van een vraagpiek naar olie in 2035.

Fout opgemerkt of meer nieuws? Meld het hier

Partner Content