In het boek The Germans and Europe neemt de Ierse journalist en schrijver Peter Millar zijn lezers mee op een fascinerende historische en geografische reis door Duitsland. Hij doet dat met humor én kennis van zaken. Al 35 jaar volgt hij de Duitse politieke en sociale ontwikkelingen op de voet.
...

In het boek The Germans and Europe neemt de Ierse journalist en schrijver Peter Millar zijn lezers mee op een fascinerende historische en geografische reis door Duitsland. Hij doet dat met humor én kennis van zaken. Al 35 jaar volgt hij de Duitse politieke en sociale ontwikkelingen op de voet.Peter Millar was nog een rookie toen hij in 1981 door het persbureau Reuters aangesteld werd als correspondent in Oost-Berlijn, toen de hoofdstad van de DDR - een kleine, beklemmende dictatuur in het hart van Europa. Vanaf 'de frontlijn van de Koude Oorlog' zag hij zijn woonplaats en bij uitbreiding het hele land fundamenteel veranderen. Duitsland werd herenigd, speelde min of meer noodgedwongen een voortrekkersrol in de muntunie, en zag zijn economische en politieke macht in Europa in snel tempo groeien. Het gevolg is dat het land vandaag machtiger is dan politici als Margaret Thatcher en François Mitterand in hun ergste nachtmerries durfden te dromen. Millar toont in zijn boek begrip voor die nooit helemaal verdwenen angst. Tegelijk noemt hij hem minstens 'for the time being' onterecht. Er bestaat in Duitsland vooralsnog geen uitgesproken politieke wil om Europa te domineren. Dankzij de grote decentralisatie van de macht via de deelstaten, en natuurlijk ook dankzij dat bijzonder beladen verleden, manifesteren nationalistische en/of anti-Europese tendensen - Millar noemt ze 'de kanker' - zich er minder uitgesproken dan in de omliggende landen. En dus besluit Millar zijn boek met de bedenking dat de Duitsers, 'in het volle bewustzijn van hun eigen, conflictgedreven geschiedenis', vandaag vooral goede kankerbestrijders zijn. Een niet onbelangrijk detail: The Germans and Europe verscheenin augustus van dit jaar. Dat wil zeggen: vóór de Duitse verkiezingen van 24 september. Dat die verkiezingen duidelijk hebben gemaakt dat ook Duitsers niet langer immuun zijn voor nationalistische of anti-Europese sentimenten, is Peter Millar niet ontgaan. 'In het licht van de woelige en bloedige geschiedenis is de huidige stabiliteit van Duitsland een relatief nieuw gegeven', vertelt hij aan de telefoon. 'En zoals ik in het nawoord van mijn boek ook schrijf: niets garandeert ons dat die stabiliteit voor eeuwig is. Ik sluit niet helemaal uit dat de huidige politieke crisis op een kantelmoment wijst. Ik hoop van niet, maar het zou kunnen.' Millar: 'Voor een artikel in The Sunday Times was ik laatst in Marzahn, een volkse wijk in Oost-Berlijn waar Alternative für Deutschland (AfD) een kwart van de stemmen heeft gehaald. Ik heb er veel met de mensen gepraat, en dat was soms toch even naar adem happen. Als het over Europa gaat, hoor je hier vaak dat Duitsland niet langer moet luisteren naar wat kleine landjes als Luxemburg en Litouwen dicteren. De mensen zeggen tegelijk hetzelfde als en het tegenovergestelde van wat anti-Europese stemmen buiten Duitsland zeggen: dat de Europese Unie een Duits speelgoedje is waarmee het land zijn wil kan opleggen aan de kleinere landen.' Millar stipt nog aan dat minstens voor een deel van de Duitsers het lidmaatschap van de EU een andere betekenis heeft gekregen. 'Aanvankelijk was dat lidmaatschap een manier om aan de andere lidstaten duidelijk te maken dat Duitsland geen bedreiging meer vormde. Die nederigheid lijkt te verdwijnen. Je hoort steeds meer Duitsers zeggen dat ze binnen de EU het land zijn met de meeste inwoners en de belangrijkste economie, en dat er niets is om zich voor te schamen. Ik vrees dat een slogan als - ik zeg maar wat - 'Make Germany great again' aardig wat Duitsers als muziek in de oren zou klinken.' Hebben de Duitse verkiezingen inderdaad een kantelmoment blootgelegd? Het hangt er maar van af hoe je het bekijkt. In het kamp van bondskanselier Angela Merkel en andere Europese leiders klonk aanvankelijk vooral opluchting over het resultaat. Ondanks fors verlies was Merkels CDU/CSU met bijna 33 procent van de stemmen veruit de sterkste politieke kracht in Duitsland gebleven. De Duitse kiezer had haar, ondanks twaalf jaar besturen, niet finaal afgestraft. Oef. Het betekende dat Merkel allicht gewoon kanselier zou blijven, en dat Duitsland zijn rol als stabiele haven in een woelig Europa zou blijven vertolken. Maar er was ook een tweede, meer dramatische interpretatie mogelijk. De regeringspartijen CDU/CSU en SPD hadden ten opzichte van de vorige verkiezingen ongeveer 13 procent van de stemmen verloren. Naar Duitse normen is dat een politieke aardverschuiving. Grote winst was er voor de AfD: de radicaal-rechtse partij haalde bijna 13 procent van de stemmen. Voor het eerst in de naoorlogse geschiedenis is die strekking daarmee vertegenwoordigd in de Bundestag, het Duitse parlement, en niet eens een klein beetje. Van dezelfde grootteorde was de winst voor de FDP, de Duitse liberalen die - aangevoerd door marketingboy Christian Lindner - met een rechts en eurokritisch programma in dezelfde electorale vijver hadden gevist. Dat de meer dramatische interpretatie weleens de meest accurate zou kunnen zijn, bleek op 19 november, een dag die in Duitsland ondertussen al 'Zwarte Zondag' is gedoopt. Op die dag trok Christian Lindner de stekker uit de formatiegesprekken. Wat hem precies bezielde, is nog altijd niet helemaal duidelijk. Maar allicht onbedoeld maakte hij zo wel duidelijk dat het ooit zo krachtige Duitse midden niet langer sterk genoeg is om in een handomdraai een sterke, stabiele nieuwe regering te vormen. Merkel heeft sinds de mislukte regeringsformatie nog drie opties, de ene al onstabieler dan de andere. Nu zowel de optie 'minderheidsregering' als de optie 'nieuwe verkiezingen' steeds minder worden genoemd, lijkt een voortzetting van de bestaande regering, de zogenoemde Grosse Koalition met de SPD van Martin Schulz, het meest realistische scenario. Maar zoals een politicoloog later in dit verhaal zal aanstippen: zo gross als de vorige zou deze coalitie natuurlijk niet meer zijn. Een dergelijke coalitie zal terdege rekening moeten houden met een nieuwe wind. Die wind komt van rechts, en zal krachtig in het nadeel van de regering blazen. Zo stabiel als de vorige regering zal de nieuwe in geen geval zijn. Denken over de Duitse stabiliteit is uiteraard ook denken over Angela Merkel. Twaalf jaar lang is de bondskanselier erin geslaagd om zich te profileren als de vleesgeworden stabiliteit. Dat is, om meer dan één reden, een enorme prestatie. Want anders dan haar voorzichtige en bedachtzame imago doet vermoeden, heeft Merkel haar land ingrijpend veranderd. Merkel was het die besloot om de kerncentrales te sluiten en ze zo snel mogelijk te vervangen door bronnen van duurzame energie. Zij was het die de dienstplicht afschafte. En het was natuurlijk ook Merkel die, aan het eind van de zomer van 2015, besloot om de Duitse grenzen open te houden voor honderdduizenden vluchtelingen. Ten onrechte wordt vaak beweerd dat zij die vluchtelingenstroom op gang heeft gebracht. De feiten spreken die bewering tegen. Wél klopt het dat ze hem heeft verlegd. Richting Duitsland. 'Net als zeer veel Duitsers denk ik dat Merkel een belangrijke inschattingsfout heeft gemaakt door zo veel asielzoekers uit te nodigen', zegt Peter Millar. 'Waarschijnlijk heeft ze op dat ogenblik teruggedacht aan een soortgelijke situatie, bijna dertig jaar geleden, toen West-Duitsland duizenden Oost-Duitse vluchtelingen uit de DDR opnam. Dat is begrijpelijk, maar ze heeft er te weinig rekening mee gehouden dat deze vluchtelingen uit een heel andere cultuur kwamen. Dat heeft veel Duitsers verontrust, ook de grote groep die in principe positief tegenover migratie staat.' Over Merkel en haar op rust en stabiliteit gerichte politiek ging het vorige week ook in Der Spiegel. In een bijzonder kritisch opiniestuk stelde schrijver en adjunct-hoofdredacteur Dirk Kurbjuweit dat die politiek op haar limieten is gestoten. Volgens hem heeft de bondskanselier twaalf jaar lang slechts twee doelen nagestreefd: 'stilte en stabiliteit'. Vandaag, schrijft hij, moet je vaststellen dat ze geen van de twee doelen heeft bereikt. 'De stilte werd al verbroken door de AfD, en sinds de mislukte formatie is het ook gedaan met de stabiliteit.' Kurbjuweit legt de schuld minstens ten dele bij wat hij Merkels 'Stabilitätsfanatismus' ('stabiliteitsfanatisme') noemt. Door twaalf jaar lang alle verschillen te willen opheffen, zou de kanselier elke ideologische tegenstem in de Duitse politiek hebben versmacht. Maar daarmee was de ideologie natuurlijk niet verdwenen. 'De politieke stromingen leefden verder, aanvankelijk in de onderaardse kanalen', schrijft Kurbjuweit. 'Vandaag, in de late fase van haar leiderschap, borrelen ze weer op. Het rechtse deel van de conservatieven vond al eerder een onderkomen bij de AfD, de sociaaldemocraten en de liberalen weigeren voorlopig met haar te reageren. Het einde van het merkelisme is bereikt, en mogelijk ook het einde van haar kanselierschap.' Der Spiegel is niet het enige medium dat de politieke crisis duidt als een historisch kantelmoment. Geregeld wordt er gesproken over een 'Stunde Null', een verwijzing naar het einde van de Tweede Wereldoorlog. Impliciet wordt daarmee gezinspeeld op het einde van het Merkel-tijdperk en gesuggereerd dat de 'chancellor of the free world' is uitgeregeerd. 'Dat lijkt me toch veel te voortvarend', zegt Michèle de Waard, jarenlang Duitsland-correspondent voor NRC Handelsblad en auteur van een eerder dit jaar verschenen politieke biografie van Merkel. 'Deze crisis wordt te fel gedramatiseerd. In haar essentie is ze een gevolg van de drukte op rechts. Het nieuwe zit vooral daarin. De CDU/CSU heeft het moeilijk omdat ze voor het eerst geconfronteerd wordt met twee echte concurrenten uit die hoek. Behalve de AfD - die ik graag als "extreemrechts" betitel, is er concurrentie van de FDP, een klassieke partij die onder leiding van haar boegbeeld Christian Lindner is verveld: ze heeft zich verjongd en stelt zich veel assertiever op dan vroeger. Daardoor krijg je drie partijen die allemaal in dezelfde vijver vissen, en dat maakt het politieke gevecht een stuk rauwer dan men in Duitsland gewend is.' Niet dramatiseren: het is ook de boodschap van Niko Switek, politicoloog aan de Universiteit Duisburg/Essen. Net als De Waard gelooft hij niet dat de Duitse politiek haar stabiliteit verloren heeft. 'Zo'n mislukte regeringsformatie zijn de Duitsers niet gewend. Dat verklaart waarom er vandaag een zeker onrust en onzekerheid heerst. Maar er is geen reden tot grote paniek. Het kan ook het begin zijn van iets nieuws en waardevols. Duitsland wordt vandaag geconfronteerd met de gevolgen van een tendens: het politieke landschap fragmenteert. Die tendens bestond al veel langer in omliggende landen en was ook al even in de Duitse deelstaten zichtbaar. Daar heb je al langer regeringen met verschillende, kleinere coalitiepartners. De zopas mislukte coalitie tussen CDU, Grünen en FDP bestaat bijvoorbeeld al in de deelstaat Schleswig-Holstein, en ze functioneert daar goed. De fragmentering kan dus ook voor een nieuwe vorm van stabiliteit zorgen.' Of er in de nieuwe politieke werkelijkheid nog plaats is voor Angela Merkel, is weer een andere vraag. 'Terecht of niet: de bondskanselier wordt mee verantwoordelijk gesteld voor het mislukken van de formatiegesprekken en het zware verlies van haar partij', stelt Switek. 'Vandaag komen er meer en meer signalen dat de SPD alsnog bereid zal zijn om met haar partij een regering te vormen. Maar de SPD zal daar zware voorwaarden aan koppelen. Eén voorwaarde zou het vertrek van Merkel als bondskanselier kunnen zijn. In de plaats zou dan een soort overgangskanselier kunnen komen, een ervaren politicus met het gewicht van Wolfgang Schäuble (de gewezen CDU-minister van Financiën, nvdr.). Hij kan het tijdelijk van Merkel overnemen, terwijl achter de coulissen de zoektocht kan starten naar een kanselier voor de toekomst.' Als deze crisis grote gevolgen zal hebben, zullen die volgens Switek vooral voelbaar zijn op het Europese niveau. 'Ik kan me moeilijk voorstellen dat de volgende Duitse regering dezelfde Europese koers zal blijven varen. Als Merkel kanselier blijft, zal ze de Frans-Duitse as verder willen versterken. Maar ze zal dat niet kunnen doen met hetzelfde krachtige mandaat. Gesteld dat ze opnieuw aan het hoofd komt te staan van een regering met de SPD, moet je er rekening mee houden dat die "grote coalitie" in feite geen grote coalitie meer is. De CDU/CSU en de SPD hebben nog nauwelijks een meerderheid in de Bundestag.' Wellicht, zo vertelt ook Michèle de Waard, zullen Duitsland en Angela Merkel enigszins verzwakt uit deze crisis komen. Maar voor de stabiliteit van Europa hoeft dat geen ramp te betekenen. Misschien zelfs integendeel. 'Merkel is altijd de stille leider van Europa geweest. Ze was het tegen wil en dank. Alleen al daarom was de verkiezing van Emmanuel Macron voor haar een grote opluchting. Nu er een sterkere leider is in het in Elysée, is de macht beter verdeeld en staat Merkel niet langer alleen als er moeilijke beslissingen moeten worden genomen over schuldverlichtingen en -verplichtingen in Zuid-Europese landen. Gesteld dat ze kanselier blijft, zal ze de samenwerking met Macron blijven zoeken, op de pragmatische, consensuszoekende manier die haar eigen is. Zo zal ze de Franse plannen voor een Europese minister van Financiën steunen, maar zich tegelijk verzetten tegen de plannen voor een eigen Europese begroting of een doorgedreven transferunie.' Grote revoluties zijn er volgens De Waard dan ook niet te verwachten, zelfs niet in de mentaliteit van de Duitse kiezer. 'In Duitsland wordt nog altijd enorme waarde gehecht aan stabiliteit. Duitsland is te belangrijk voor experimenten. Het gros van de kiezers is zich daarvan bewust, dat weet ook Merkel. Ze heeft eerder al gezegd dat ze nog liever nieuwe verkiezingen wil dan een minderheidsregering. Ze zegt dat omdat ze gelooft dat ze bij nieuwe verkiezingen stemmen zal terugwinnen, en dat Lindner, de man die minstens in de perceptie zijn verantwoordelijkheid heeft ontlopen, daarvoor zal afgestraft worden.' Of Merkels vertrouwen in de Duitse verantwoordelijkheidszin inmiddels niet achterhaald is, zal de nabije toekomst moeten uitwijzen. In 1957 trok kanselier Konrad Adenauer naar de verkiezingen met de legendarische slogan 'Keine Experimente!'. Hij verpletterde daarmee de tegenstand. Maar 1957 is zestig jaar geleden. Is er van dat oude Duitse verantwoordelijkheidsgevoel vandaag nog iets overgebleven? Zelfs Peter Millar is daar nogal gerust in. Tijdens de talrijke gesprekken die hij de afgelopen maanden met AfD-kiezers voerde, was hem opgevallen dat zelfs bij die gesprekspartners de afkeer voor experimenten nog minstens even ontwikkeld is als de afkeer voor het 'stabiliteitsfundamentalisme'. Millar: 'Als Brit die zich in de eerste plaats een Europeaan voelt, kon ik het in gesprekken met die AfD-kiezers niet laten om hun te vragen wat ze van de brexit vonden. Hun eerste reactie was telkens dezelfde: de brexit vonden ze prachtig. Maar als je hun vervolgens vraagt of ze het een goed idee zouden vinden mocht ook Duitsland uit de EU te stappen, zeggen ze nee. Aan een van mijn gesprekspartners vroeg ik of hij graag opnieuw zou willen betalen met de D-mark. Het antwoord was een lachje, en, na wat aarzelend gemompel, een duidelijke nee.'