Vrije Tribune

‘Waarom we ook hier weerstand moeten bieden aan de plannen van Macron’

Vrije Tribune Hier geven we een forum aan organisaties, columnisten en gastbloggers

‘Als het regent in Parijs, dan druppelt het in Brussel’, schrijft Hans Elsen (ACV). ‘Het Frans verzet tegen de plannen van de nieuwe president gaat ook ons aan.’

Frankrijk dreigt een woelige septembermaand te beleven. Vakbonden, jongeren en middenveldorganisaties roepen op om op 12 september actie te voeren. Het moet de start zijn van een reeks acties en een stakingsgolf tegen het neoliberale beleid van president Emmanuel Macron. De strijd van de Fransen gaat ook ons aan. De maatregelen in Frankrijk illustreren een drieste drang naar flexibilisering die we ook bij sommige partijen en werkgeversorganisaties in België waarnemen. Als het regent in Parijs, dan druppelt het in Brussel.

President Macron vindt net als Medef – het Franse VBO – dat de arbeidswetgeving in Frankrijk te lastig is voor ondernemingen. Dat de arbeidswetgeving de Franse werknemers te sterk beschermt tegen de wetten van de vrije markt. De ‘code du travail‘ biedt werknemers in Frankrijk nog een aantal zekerheden en deze zekerheden zijn een doorn in het oog van de neoliberale beleidsmakers in Frankrijk. Dat zet een rem op de winsten van de Franse bedrijven en moet dus worden aangepakt. Macron kiest de kant van de grote bedrijven.

‘Waarom we ook hier weerstand moeten bieden aan de plannen van Macron’

Frankrijk heeft een sterk gecentraliseerd sociaal overleg Zo moeten werkgevers uit dezelfde bedrijfstak zich houden aan dezelfde loon-en arbeidsvoorwaarden. Concurrentie kan, maar niet ten koste van de loon -en arbeidsvoorwaarden van werknemers. Ook worden werknemers door de ‘code du travail’ beschermd tegen willekeurig ontslag. Een werkgever mag niet zomaar iemand ontslaan maar moet dit motiveren. Een rechtbank heeft het laatste woord bij onenigheid en beslist over de hoogte van de sanctie.

Het gecentraliseerde overlegmodel moet op de schop, vinden Macron en zijn regering. Bedrijven moeten uit de sectorakkoorden kunnen stappen en een afwijkend akkoord kunnen afsluiten. Dat zal een neerwaartse druk uitoefenen op de loon -en arbeidsvoorwaarden. Minimale sectorlonen worden dus onmogelijk.

Ook het beschermend kader tegen ontslag moet volgens Macron sneuvelen. Het moet mogelijk worden om werknemers aan te werven met een contract ‘voor een project’, in plaats van met een vast contract. Stopt het project, dan stopt ook het contract.

De Franse regering wil ook een plafond maken voor de schadevergoeding die een werknemer krijgt als hij onterecht wordt aan de deur gezet. Nu bepaalt de rechter het bedrag. Macron wil verder prutsen aan de manier waarop het sociaal overleg is georganiseerd. Hij wil het aantal overlegorganen verminderen. En ten slotte moet het aantal ambtenaren naar beneden, en moet er worden gesnoeid in de openbare dienstverlening.

Parlement buitenspel

Heel die operatie moet vooral snel verlopen, vindt Macron. Hij heeft het parlement zover gekregen dat het zichzelf buiten spel zet.

In 2016 was er vanuit de Franse samenleving al veel verzet tegen president François Hollande en tegen de wet waarmee één van zijn ministers, Myriam El Khomri, de arbeidswetgeving wilde ‘hervormen’. Tijdens de kiescampagne verkondigde Macron al dat ook hij de arbeidsregels wilde veranderen; tot deze zomer bleef hij wel vaag over zijn intenties. Toen de eerste teksten in juni uitlekten, reageerden diverse Franse vakbonden ontsteld. Het kostte weinig moeite om het ‘Front social’ te reactiveren en zo het verzet nieuw leven in te blazen. Op 12 september houdt het Front social een eerste actiedag. De vakbonden beloven dat het zeker niet bij één dag zal blijven.

Ook in België

Ook in België staat een deel van de politiek te popelen om het beschermend collectief kader voor werknemers aan te vallen. Regeringspartij N-VA wil af van het centraal overlegmodel. Minister van Werk Kris Peeters (CD&V) wil uitzendkrachten voor onbepaalde duur. Gwendolyn Rutten (Open VLD) houdt niet van collectieve arbeidsovereenkomsten (cao’s). Nachtwerk moet mogelijk worden zonder collectieve onderhandelingen. Mini-jobs worden gestimuleerd. Openbare dienstverlening wordt teruggeschroefd. Vaste benoemingen bij de overheid staan op de helling.

‘De regering-Michel en haar Zomerakkoord ademen heel sterk de geest van Macron en Co uit.’

De regering-Michel en haar Zomerakkoord ademen heel sterk de geest van Macron en Co uit. Ook onze regering wil een kader scheppen waardoor ondernemingen zoveel mogelijk winst kunnen binnenrijven. Veel rechten gunnen aan werknemers past daar niet bij. Zij spreken van een ‘modernisering van het arbeidsrecht’. De vakbond noemt dit juist sociale achteruitgang. Voor liberaal denkende politici is onzekerheid organiseren ‘modern’. De vakbond vindt het juist zeer modern om werknemers en mensen met een uitkering genoeg rechten te geven.

Ik zit geregeld met ceo’s in bedrijven te onderhandelen. Als ik hen moet geloven, knokken ze elke dag met hun Europese bazen om jobs in België te houden. Want: ‘In Frankrijk zijn werknemers minder duur, in Duitsland zijn ze minder veeleisend, in Nederland zijn ze flexibeler’. Deze ceo’s zeggen dat we in een ‘rat race’ zijn beland. Het is wij of zij. ‘Als de Fransen ook nog wat flexibeler gaan werken, zal België moeten volgen’, zie ik de ceo’s denken. ‘Anders zal dit bij ons banen kosten.’

In heel Europa is het in de mode om collectieve rechten van werknemers af te breken. Duitsland, Frankrijk, Nederland, Griekenland, voorbeelden bij de vleet. Het tempo verschilt, de tendens is dezelfde. Bij ons wil Peeters de 40-urenweek herinvoeren in plaats van met zijn allen 35 uur te presteren, zoals in Frankrijk. Overal wordt de arbeidswetgeving uitgehold onder het mom dat dit ‘jobs, jobs, jobs’ zou creëren.

Politici die deze toer opgaan, maken een keuze. Wat zij voorstellen, is géén wetmatigheid. Deze koers wordt ons opgelegd door de 1%. Hier moeten we samen tegen reageren. Europa is nu vooral één grote markt in de greep van multinationals met hun eigen agenda. Vakbonden, jongerenorganisaties en middenveld moeten dringend het krachtige signaal geven dat het anders kan én moet. Alleen samen kunnen we deze trend keren.

Hans Elsen is vakbondssecretaris bij de LBC-NVK (ACV) – logistiek en luchthaven. Hij is ook redacteur bij Voor Verbetering Vatbaar. Hij schrijft deze bijdrage in eigen naam.

Partner Content