Rutten looft werk van Van Quickenborne: ‘Je ziet Kortrijk de moderne tijd ingaan’

Vincent Van Quickenborne en Gwendolyn Rutten © Davy Coghe
Ilse Naudts
Ilse Naudts Journalist Krant van West-Vlaanderen

Krant van West-Vlaanderen schoof aan tafel met Gwendolyn Rutten en Vincent Van Quickenborne. Ondanks de lof van zijn partijvoorzitster wil hij zichzelf nog steeds geen kandidaat voor de burgemeesterssjerp noemen. ‘Als ik mij engageer als burgemeester, ben ik voor mijn partij niet beschikbaar in een uitvoerend nationaal mandaat.’

‘Het land heeft opnieuw goesting gekregen. Daar mogen we fier op zijn.’ Voorzitster Gwendolyn Rutten klonk euforisch tijdens de nieuwjaarsreceptie van Open VLD. Ambitieus ook. Een gebrek aan ambitie kan je liberalen nooit verwijten, maar alleen rastalenten maken het dan waar. In 2012 verbaasde Vincent Van Quickenborne door Stefaan De Clerck opzij te schuiven als burgemeester van Kortrijk. Gwendolyn Rutten slaagde er twee jaar later in om haar partij de Vlaamse regering in te onderhandelen. ‘We hebben een mirakelvoorzitter’, reageerde Van Quickenborne toen.

Het wederzijds respect is groot, want in haar nieuwjaarsspeech loofde Rutten de man die van Kortrijk ‘de ondernemingsvriendelijkste gemeente’ van Vlaanderen heeft gemaakt. Open VLD wil bij de gemeenteraadsverkiezingen van 14 oktober doorgaan op dat elan. ‘Alleen met de vingers aan de knoppen kun je het verschil maken’, vindt Van Quickenborne.

De voorbije maanden ontweek u telkens de vraag over uw toekomst. Nu is het verkiezingsjaar gestart. Stelt u zich nu kandidaat als burgemeester?

Vincent Van Quickenborne: ‘Daar zal ik in het voorjaar over beslissen. Ik vind dat een politicus zich alleen kandidaat mag stellen voor een belangrijke functie als hij het engagement ook ten volle aangaat. In dit geval dus voor zes jaar. Met andere woorden: als ik mij engageer als burgemeester, ben ik voor mijn partij niet beschikbaar in een uitvoerend nationaal mandaat. Je kan niet na een half mandaat zeggen: bedankt en tot ziens.’

Maar u kiest nog niet met zekerheid voor uw stad. Bent u dan niet graag burgemeester?

Van Quickenborne: ‘Natuurlijk wel. Maar deze legislatuur is nog niet ten einde. Als je je kandidaat stelt, begin je onvermijdelijk aan de campagne. Terwijl ik mij als zittende burgemeester wil concentreren op het beleid. Geloof me, de echte verkiezingskoorts begint pas een maand voor de verkiezingen. Nu zijn de mensen daar nog niet mee bezig, alleen politici.’

Gwendolyn Rutten: ‘En gazetten.’

Het lijkt erop dat u twijfelt. Is de knoop doorhakken zo moeilijk?

Van Quickenborne: ‘Ik twijfel niet. Ik wil gewoon een bewuste keuze maken.’

Mevrouw Rutten, geeft u hem dan goede raad als voorzitter?

Rutten: ‘In een liberale partij komt zo’n beslissing maar aan één persoon toe: het individu. Zo ken ik Vincent ook. Hij doet nooit half werk. Altijd voor de volle honderd procent. En weloverwogen. Als hij ervoor gaat, betekent dat dat hij een plan heeft voor de volgende zes jaar. Dat zouden we meer moeten hebben in de politiek: mensen met een plan die niet aan postjes denken. Ik ben ervan overtuigd dat Vincent goed bezig is.’

Waar zien jullie hem als partij het liefst? Wat zou voor Open VLD strategisch de beste keuze zijn?

Rutten: ‘Je kan hem nu eenmaal niet klonen. (lacht) Iedereen die in Kortrijk komt, ziet dat Vincent schitterend werk levert. Vorig jaar ben ik er zelf geweest tijdens de stedendag. Je ziet de stad de moderne tijd ingaan. Tegelijkertijd liggen er ook in het parlement hele zware dossiers op tafel. Vincent is voorzitter van de commissie Sociale Zaken, daar is hij voor de partij zeer belangrijk.’

Wanneer ik voor mijn streek en mijn stad iets wil doen, heb ik op nationaal niveau maar één telefoontje nodig.

Rutten: ‘In een liberale partij mag je nu eenmaal van mening verschillen. Maar het misverstand was heel snel uitgeklaard. Trouwens, als ik aan sociale zaken denk, denk ik niet alleen aan pensioenen. Kijk naar het verhaal over vijfhonderd euro onbeperkt bijverdienen. Ook daarin speelt Vincent voor ons een cruciale rol. Daarmee willen wij als partij het verschil maken. Als je in een gezin met twee gaat werken en handen tekort komt op woensdagnamiddag, is het een meerwaarde als je een gepensioneerde of geprepensioneerde kunt inschakelen als hulp. We hebben de expertise van Vincent nodig om door te wegen. We zullen wel zien welke keuze hij maakt. Er komen geen dictaten vanuit de partij.’

Kun je het burgemeesterschap combineren met andere mandaten? Mevrouw Rutten is schepen in Aarschot, een kleinere stad. We kunnen ons voorstellen dat een centrumstad zwaarder doorweegt.

Van Quickenborne: ‘Een parlementslid dat kan steunen op lokale ervaring zet makkelijker dingen in beweging. Als ik spreek over armoede, weet ik waarover ik het heb omdat ik het in mijn eigen stad zie en probeer aan te pakken. Omgekeerd geloof ik dat ik een betere burgemeester ben doordat ik nationaal actief ben. Ik heb veel ervaring en veel contacten. Wanneer ik voor mijn streek en mijn stad iets wil doen, heb ik op nationaal niveau maar één telefoontje nodig. Die rechtstreekse lijn maakt het verschil.

‘Denk aan het stationsproject. Een immens dossier. Als je een goede band hebt met de nationale politici, loopt dat allemaal net iets vlotter. Of dat nu binnen je eigen partij is, met andere partijen of in de private sector: je kan dingen in beweging zetten. En trouwens, je doet zoiets ook met een ploeg. Ik moet Kortrijk niet op mijn eentje draaiende houden. Mijn leven is interessanter doordat ik de beide kan combineren. Ik zou het moeilijk hebben om één van de twee te missen.’

Rutten: ‘Politiek deel je niet in dagen of blokjes op. Het is een engagement dat 24 uur op 24, en zeven dagen op zeven loopt. Noem het geen job. Het zit gewoon in je. En trouwens, die vraag stel je beter aan anderen. De voorzitter van de grootste partij van het land combineert zijn taak met het burgemeesterschap van de op een na grootste stad van het land. Dat is toch nog van een ander niveau, niet? Ik denk dat Vincent en ik onze beide functies goed doen en met volle overtuiging. Politiek is onze passie. En het oordeel van de kiezer is het enige wat telt.’

Vincent Van Quickenborne en Gwendolyn Rutten
Vincent Van Quickenborne en Gwendolyn Rutten© Davy Coghe

Je kan inderdaad passie hebben, maar is het als jonge ouder haalbaar om op jullie niveau aan politiek te doen? Bent u een goede vader, meneer Van Quickenborne?

Van Quickenborne: ‘Als burgemeester meer dan als staatssecretaris of minister, denk ik. Ik zit dichter bij huis. ’s Ochtends kan ik af en toe samen met mijn dochter opstaan om haar een flesje te geven. Ook ’s avonds tussen zes en acht probeer ik zoveel mogelijk tijd met Bo te spenderen en haar in haar bedje te steken. Dat kan je niet als minister want dan ben je weg van ’s morgens vroeg tot ’s avonds laat. Het burgemeesterschap maakt van mij dus een gelukkigere vader. Mijn dochter is nu bijna twee en ik zie haar elke dag opgroeien.’

Dus u blijft burgemeester?

Van Quickenborne: ‘Nogmaals: ik beslis pas later. Maar het speelt mee in mijn overweging. Of ik burgemeester blijf, beslist trouwens de kiezer, niet ik.’

Tijdens de Kortrijkse gemeenteraadszittingen komt er amper weerwerk vanop de oppositiebanken. Is dat omdat u zo goed bezig bent?

Van Quickenborne: ‘Ik vind dat we goed bezig zijn. Het is een compliment. Het wil zeggen dat onze ploeg draait. Maar dat betekent niet dat een goede oppositie geen meerwaarde zou betekenen.’

Jullie zijn allebei jonge ouders, vertolken een belangrijke stem in de partij en in de nationale politiek. Hoe moeten we jullie band zien?

Rutten: ‘Die band gaat al lang terug.’

Van Quickenborne: ‘Al van toen ik staatssecretaris voor Administratieve Vereenvoudiging was. Gwendolyn werkte achter de schermen op de kabinetten voor ze op het voorplan trad. Ook achter de schermen viel ze op door haar gedrevenheid.’

Rutten: ‘Dat was een interessante periode. Vincent was met zijn ‘Kafka-project’ grenzen aan het verleggen. En daarna hebben we het ook nog eens tegen elkaar opgenomen in de voorzittersverkiezingen van Open VLD.’

Het gerucht gaat dat Vincent Van Quickenborne straks voorzitter zou willen worden van Open VLD.

Van Quickenborne: ‘Ik ben daar nog niet mee bezig. Dat is pas in 2020. We hebben heel veel sterke figuren binnen de partij die daarvoor in aanmerking zouden kunnen komen. Je hebt daartussen nog verschillende verkiezingen, wat gebeurt er in 2018 of in 2019? Als we nu al met 2020 bezig zouden zijn, zijn we verkeerd bezig.’

Je zou ook kunnen stellen: een politicus die niet op lange termijn denkt, is verkeerd bezig.

Van Quickenborne: ‘Ik volg als het gaat over politieke visie, maar niet over posten. Persoonlijke ambities als voorzitter helpen de partij niet vooruit.’

Het voorzitterschap is toch meer dan een post? Vanuit die positie beslis je over de politieke visie van de hele partij. Je zet de lijnen uit voor de toekomst.

Rutten: ‘Inderdaad. Maar dat doe ik niet alleen, hoor. We denken voortdurend na over de toekomst. Alle verschillende meningen binnen de partij bepalen mee de richting die we uitgaan. Weet je wat het belangrijkste is: aan politiek doen met goesting. Is daar eigenlijk een West-Vlaams woord voor?’

Van Quickenborne:Jeunen. Het dialectwoord van het voorbije jaar zelfs.’

Rutten: ‘Wel je moet je jeunen in de politiek, en zorgen dat alle mensen zich jeunen.’

Wat is uw band met West-Vlaanderen, mevrouw Rutten?

Rutten: ‘Net als alle Vlamingen ga ik graag uitwaaien aan de kust. En vorig jaar is daar nog een dimensie bijgekomen. Ik wil alle Vlaamse gemeenten bezoeken. Omdat ik zelf van Brabant ben, ben ik iets verder van huis begonnen, bij Francesco Vanderjeugd in zijn kapperszaak in Staden. Daar heb ik een namiddag gewassen, geknipt en geschoren. Zo kom je in contact met de mensen. De West-Vlamingen hebben mij enorm verrast. Je hoort soms dat het een gesloten volk is, maar dat is echt niet waar. Zij zijn warm en genereus. Het zijn werkers die niet zeveren. Het moet vooruit gaan. Het gaat daar ook sneller. Men vroeg mij daar een jaar geleden al om oplossingen voor het tekort aan werkkrachten. Een tewerkstellingstrend die nu pas in de rest van Vlaanderen doordringt. West-Vlamingen lopen voor.’

Van Quickenborne: ‘Radicalisering is een probleem van de grote steden, dat is uitgedeind naar de rest van Vlaanderen. Maar je mag dat ook niet overdrijven. De realiteit is dat het over enkelingen gaat. Uit onze stad zijn twee Syriëstrijders vertrokken. Die waren niet verbonden met onze moslimgemeenschap of onze moskeeën. Dan is het gewoon een kwestie van de vinger aan de pols te houden. Je mag niet alles op een hoop gooien. Wij hebben dit nieuwe fenomeen samen met onze politie en stadsmedewerkers aangepakt. Je volgt mensen bij wie het probleem zich zou kunnen stellen. Bij sommigen werk je eerder gerechtelijk, bij anderen eerder sociaal. Kortrijk was de eerste stad in Vlaanderen die ook via het onderwijs probeerde om signalen op te vangen.’

Rutten: ‘Lokale voorbeelden kunnen de rest van Vlaanderen helpen. Als ik zie hoe de Kortrijkse administratie naar de wijken trekt, hoe de stad werkt met stadhuis op afspraak. Simpele dingen die een wereld van verschil maken. Zulke acties zijn moeilijker nationaal in gang te zetten. Maar een goed lokaal voorbeeld helpt. Als andere gemeenten zien dat een aanpak werkt, zijn ze wel te overtuigen om dingen te proberen. Ik hoop dat alle Open VLD-burgemeesters op een of andere manier pionier zijn.’

Vincent Van Quickenborne en Gwendolyn Rutten
Vincent Van Quickenborne en Gwendolyn Rutten© Davy Coghe

Van Quickenborne: ‘Een stad is een start-up. Een laboratorium waar je vernieuwende dingen kan uitproberen en zien of die werken. Dat werkt heel stimulerend. Ik denk dat elke inwoner van Kortrijk dat voelt. Een stad runnen als een bedrijf is geen slechte manier van besturen. Je moet je burger zien als een klant. Die betaalt iets, en krijgt iets terug. Dan betalen de mensen met plezier belastingen. Wij draaien in Kortrijk momenteel met 15 procent minder personeel, maar zijn performanter dan ooit.’

Weet u of uw aanpak als burgemeester werkt? Bent u populair?

Van Quickeborne: ‘Ik denk het wel. Als je tussen de mensen komt, voel je snel wat de temperatuur is. En ik ben voortdurend tussen de mensen. Ik denk dat de Kortrijkzanen fier zijn op hun stad. Natuurlijk is er hier en daar wrevel. De werken en de bereikbaarheid zijn nu ’talk of the town’. Ik geef dat ook toe. Maar we hebben dit jaar tiengrote openingen: vijf nieuwe pleinen, een politiecommissariaat, een sociaal restaurant, de verlaging van de Leieboorden, de deelgemeenten… Je ziet al resultaten en er gaan er alleen nog bijkomen.’

Wat moeten volgens jullie de thema’s worden van de lokale verkiezingen in oktober?

Rutten: ‘Elke stad en elke gemeente heeft eigen thema’s. Dat is het unieke van lokale politiek.’

Van Quickenborne: ‘Er zijn toch hier en daar thema’s die gemeenschappelijk zijn. West-Vlaanderen heeft bijvoorbeeld niet het voordeel van de ligging. Aarschot ligt centraal in Vlaanderen, West-Vlaanderen niet. Talentvolle jongeren vertrekken naar Gent of verder in het binnenland. Die trend moeten we proberen te keren door onze steden aantrekkelijker te maken: inzetten op ondernemerschap en horeca, zorgen dat er dingen te beleven zijn. Een stad waar veel horeca is, daar komen mensen graag naartoe.’

‘Ik denk dat we als provincie ook op energie moeten focussen. Wij kunnen daarin het verschil maken, we hebben plaats voor windmolens. Bart Tommelein en Philippe De Backer leveren uitstekend werk. Burgemeesters moeten mee aan de kar trekken. In Kortrijk gaan we in 15 jaar alle gebouwen klimaatneutraal maken. Met een startfonds van 1 miljoen euro. Met de energiebesparing na de uitvoering, kunnen we telkens weer het volgende gebouw aanpakken. Als iedereen niet praat, maar gewoon doet, dan hoef je zelfs niet te spreken over de kerncentrales.’

Ik hoor niemand meer spreken over die Turteltaks. Het gaat nu over Tommelein.

Kunt u daar ook de mensen van overtuigen?

Rutten: ‘Tuurlijk! Als je het voelt in je portemonnee, moet je gek zijn om niet mee te doen. Wie energie bespaart, geeft minder uit. Iedereen kan mee als de factuur omlaag gaat. Niet alleen uit principe of om zelf bij te dragen tot het milieu.’

Gaat het energiebeleid van Open VLD niet blijvend overschaduwd worden door de ‘Turteltaks’?

Van Quickenborne: ‘Ik hoor niemand meer spreken over die Turteltaks. Het gaat nu over Tommelein.’

Rutten: ‘Die Turteltaks is weg van 1 januari. Laat Bart Tommelein maar met volle goesting voortdoen. In West-Vlaanderen zal alleen het woord jeunen blijven hangen, geloof me.’

‘Toen ik Vincent daarnet hoorde praten over de horeca, volg ik helemaal. Want zo’n terrasje symboliseert onze hele partij. Wij zijn de partij van de mensen die graag een terrasje doen, maar ook van de mensen die dat terras moeten uitbaten. Iedereen wil een terrasje in de binnenstad. Maar als er geen juist economisch model is, dan lukt dat niet. En omgekeerd, als de mensen geen geld hebben om op dat terras te komen zitten, sta je ook nergens. Je moet als partij begrijpen hoe de economie werkt.’

In West-Vlaanderen haalden jullie bij de vorige verkiezingen 14 burgemeesters. Het beste resultaat ooit. Waar ligt de lat in oktober?

Rutten: ‘Hoger.’

De peilingen geven anders aan.

Van Quickenborne: ‘Wacht maar, wij gaan de mensen verbazen. Onze mensen zijn goed bezig. Een exact cijfer kan ik niet geven, maar er zijn steden en gemeenten die binnen ons bereik liggen.’

Welke?

Van Quickenborne: ‘Oostende. Terwijl de camera’s in 2012 op Kortrijk gericht waren, is dat nu op Oostende. De inzet is daar heel interessant. Willen de Oostendenaars na zoveel jaren meer van hetzelfde (de absolute meerderheid voor de stadslijst van Johan Vande Lanotte, nvdr.) of willen ze iets anders? Bart Tommelein heeft al gezegd: als ik echt het mandaat krijg van de mensen, dan ga ik ervoor. De dynamiek die Bart nu in het Vlaamse energiebeleid heeft gebracht, ik denk dat hij dat ook in Oostende kan. En die stad heeft nood aan vernieuwing. Het is dé stad aan zee, maar er is zoveel meer uit te halen.’

Rutten: ‘Je moet Oostende zijn fierheid teruggeven.’

Waar kunnen jullie nog het verschil maken? Zijn er andere steden en gemeenten die Open VLD kan veroveren?

Van Quickenborne: ‘In Ieper hebben we een kandidaat-burgemeester (Emmily Talpe, nvdr.). Dat is ook een kantelstad. Ieper is even erg als Kortrijk jarenlang gedomineerd geweest door een partij. Maar het kartel CD&V/N-VA is weg, Leterme is weg. Ieper ligt helemaal open. Mooi ook dat het bijna allemaal vrouwelijke lijsttrekkers zijn in Ieper, en ik geloof dat wij met Emmily Talpe een streepje voor hebben. Ook in het parlement toont ze haar talent. Ze is heel naturel. Ik denk verder nog aan Sabien Lahaye Battheu die het in Poperinge zeer goed doet, Anthony Dumarey die in Oudenburg 30 procent haalt en Lieven Cobbaert die in Ichtegem super bezig is. Wij hebben veel jong talent.’

Rutten: ‘We hebben het net ook over Francesco Vanderjeugd gehad. Nog zo’n supertalent, en de jongste burgemeester van Vlaanderen. We tonen op het veld dat we de change maker kunnen zijn. Als je wat anders wil, moet je voor ons kiezen. Zeker in West-Vlaanderen speelt dat. Want daar heb je heel vastgeroeste posities, of het nu in Oostende is met SP.A of in de rest van de provincie met CD&V.’

Over de provinciehoofdstad hebben we het nog niet gehad.

Van Quickenborne: ‘Brugge is de grootste stad van West-Vlaanderen. Met spijt in het hart moet ik zeggen dat wij de economische hoofdstad zijn. En dat bedoel ik niet cynisch. Brugge heeft met de haven een enorme troef. De stad moet die troef uitspelen. Ik denk dat onze ploeg met Mercedes Van Volcem en nieuwkomer Ann Soete klaarstaat om die Brugse troeven écht te benutten. Je hebt er bovendien Jasper Pillen op de tweede plaats. Hij is volgens mij dé coming man van Brugge.’

Waarom staat hij dan niet op nummer 1? Mercedes Van Volcem heeft het uiteindelijk nog nooit kunnen waarmaken.

Rutten: ‘Ik ken Mercedes heel goed. Ze zet een prima ploeg neer op het terrein. Jasper en zij zijn heel complementair. Haast elke dag komt er een nieuwe naam bij in de Brugse ploeg. Mercedes heeft haar drive teruggevonden. Ik weet dat ze het goed gaat doen.’

Van Quickenborne: ‘Het doel in Brugge is absoluut om mee te kunnen besturen. De stad heeft nood aan nieuwe gezichten. De Bruggelingen zijn niet tevreden. Dat hoor je bij de mensen.’

Dus Open VLD moet zich in Brugge in de coalitie proberen te wurmen, net zoals Vincent Van Quickenborne heeft gedaan in Kortrijk. Met welke coalitiepartner?

Rutten: ‘Dat beslist de kiezer. Wij willen mee in het beleid. Als Open VLD meedoet, ga je het zien bewegen.’

Van Quickenborne: ‘De kiezer legt de kaarten en om te besturen heb je een meerderheid nodig. Dat is alles wat telt. Kijk maar in Kortrijk. De kiezer zal oordelen wat we met die meerderheid hebben gedaan. Je moet als partij proberen om mee beleid te voeren. Alleen met de vingers aan de knoppen kan je het verschil maken.’

Wat zijn jullie sterke punten?

Rutten: ‘We hebben heel veel energie en we kunnen goed onderhandelen, maar we zijn ook verschillend. Ik krijg soms sms’en van Vincent met hele rake taal. Hij zegt waar het op staat. En omgekeerd gebeurt dat ook. Wij nemen tegen elkaar geen blad voor de mond.’

Waarin verschillen jullie dan van mening?

Rutten: ‘Ik ben absoluut ongelovig. Hij is een katholieke liberaal. Ik verdedig meer de seculiere staat. Mijn kinderen zijn niet gedoopt, alleen voor begrafenissen kom ik in de kerk. Maar ik zal de gelovigen nooit schofferen. Mijn grootmoeder is ook gelovig.’

Van Quickenborne: ‘Ik ben wel gedoopt, ben getrouwd voor de kerk, mijn dochter is gedoopt. Ik ben ‘lichtgelovig’. Ik zit niet elke zondag in de kerk, maar ik draag de katholieke waarden wel mee. Misschien heeft dat te maken met de streek waar ik ben opgegroeid en waar ik thuis ben. Maar ik vind wel dat godsdienst door de mensen privé moet worden betaald en niet door de staat.’

Rutten: ‘Daarover zijn we het dus wel eens.’

Op welke realisaties zijn jullie trots?

Van Quickenborne: ‘De kortere wachttijden bij de gemeentediensten. Shop&Go om kort en gratis te kunnen parkeren. Bedrijven mee helpen in hun zoektocht naar ruimte om te ondernemen. Op de hele kleine dingen die het verschil kunnen maken voor de mensen.’

Rutten: ‘Kijk naar de verlaging van de personenbelasting. Deze maand krijgen de mensen 50 tot 60 euro meer op hun rekening. Kijk naar de verlaging van de vennootschapsbelasting. Kijk naar de flexi-jobs waarvoor de horecamensen aan de kust ons op hun blote knieën danken. Deze zijn nu uitgebreid zodat ook bakkers, slagers en kappers er gebruik van kunnen maken. Ook gepensioneerden kunnen er nu mee aan de slag. Wij maken het verschil. En dat willen we ook doen met die 500 euro belastingvrij bijverdienen. Wij pakken de problemen aan.’

Dit stuk verscheen oorspronkelijk bij Krant van West-Vlaanderen.

Partner Content