EVI COUNE (35) EN STEFFEN VAN ROOSBROECK (36) Pr-consultant en woordvoerder, Aarschot

Steffen: 'Wij zijn al zestien jaar samen en eigenlijk zijn kinderen nooit een thema geweest. We hebben er gewoon niets mee, cru gesteld. En we hebben allebei een veeleisende baan, dat speelt ook mee. Ik ben woordvoerder van CD&V en moet dus dag en nacht beschikbaar zijn. Het lijkt me niet simpel om aan kinderen uit te leggen dat hun dagje Plopsaland niet kan doorgaan omdat papa onverwacht moet werken. Nu is het makkelijk: als er plots tijd vrijkomt, is die helemaal voor onszelf. Soms voorspellen mensen dat we later spijt zullen krijgen, als we oud en eenzaam zijn. Maar in de woonzorgcentra zitten ook eenzame ouderen mét kinderen. Trouwens: ik zou liever spijt hebben van géén kinderen, dan van kinderen.'
...

Steffen: 'Wij zijn al zestien jaar samen en eigenlijk zijn kinderen nooit een thema geweest. We hebben er gewoon niets mee, cru gesteld. En we hebben allebei een veeleisende baan, dat speelt ook mee. Ik ben woordvoerder van CD&V en moet dus dag en nacht beschikbaar zijn. Het lijkt me niet simpel om aan kinderen uit te leggen dat hun dagje Plopsaland niet kan doorgaan omdat papa onverwacht moet werken. Nu is het makkelijk: als er plots tijd vrijkomt, is die helemaal voor onszelf. Soms voorspellen mensen dat we later spijt zullen krijgen, als we oud en eenzaam zijn. Maar in de woonzorgcentra zitten ook eenzame ouderen mét kinderen. Trouwens: ik zou liever spijt hebben van géén kinderen, dan van kinderen.' Evi: 'Dat laatste blijft een taboe, maar aan ons durven ouders dat soms toch toe te geven. Ze zeggen dat ze hun kroost doodgraag zien, maar toch niet opnieuw zouden beginnen. Het leven met kinderen is gewoon zo hectisch. Wij hebben veel minder structuur en veel meer me-time. Als we zin hebben om in de zetel te hangen of uit te slapen, kan dat. Al zijn kinderen voor veel koppels wel een bindende factor. Wij worden gedwongen om telkens weer heel bewust voor elkaar te kiezen.' Melanie: 'Toen ik Tobias elf jaar geleden leerde kennen, twijfelde ik nog. Ik was 29 jaar en dan voel je - zeker als vrouw - toch sociale druk om mama te worden. Maar Tobias vertelde meteen dat hij geen kinderen wilde. We hebben toen afgesproken dat we na een jaar zouden beslissen. Nadien heb ik er amper nog bij stilgestaan. En nu ben ik opgelucht. Bij vriendinnen zie ik hoe baby's hun leven totaal overhoop gooien: ze moeten veel on hold zetten en ook hun relaties staan onder druk. Ik heb tijd en vrijheid om me in te zetten voor meer dierenwelzijn, een heel bewust engagement.' Tobias: 'We zeggen heel vaak tegen elkaar hoe blij we zijn dat we geen kinderen hebben. Mijn broer heeft er drie en het is fijn om hen af en toe te zien, maar nadien zijn we uitgeput. Hoe doen ouders dat? Ik wist al dat ik kindervrij wilde blijven toen ik afstudeerde. Mijn belangrijkste argument was toen dat ik veel tijd wilde hebben voor activisme. Maar eigenlijk is het vooral een intuïtief gevoel: ik heb gewoon niet de behoefte om vader te worden. En ik voel me zeker niet beter of "groener" dan mensen met kinderen, maar ik wil wel de norm doorbreken. Zo opperde ik op Facebook ooit het idee van een "hoera, geen baby"-feestje. Sommige mensen noemen je dan een egoïst, maar dat is absurd: je benadeelt niemand door hem níét op de wereld te zetten.' Liesbeth: 'Als ik na het werk op de trein zit, op weg naar huis, en we nog maar eens vertraging hebben, zie ik rondom mij altijd veel mensen onrustig worden. Ouders die de crèche of opvang moeten verwittigen, oma's en opa's optrommelen... Op zulke momenten ben ik heel blij met onze keuze: wij hebben veel vrijheid en weinig zorgen. Ik heb ook nooit een "oerdrang" gevoeld om moeder te worden. En als je er rationeel over nadenkt, zijn er heel weinig goede argumenten om aan kinderen te beginnen. Iedereen heeft het altijd over de "eenzame" oude dag, maar ik zou het als kind niet fijn vinden om op de wereld gezet te worden met één doel: later voor mijn ouders zorgen.' Cisse: 'Ik geef les en heb dus elke dag 22 kinderen onder mijn hoede. Ik zie hen 's ochtends heel graag binnenkomen, maar ik geef ze ook met plezier weer af. Bij de ouders zie ik zo veel druk om alles "perfect" te doen. En eerlijk: ook voor kinderen is de druk veel groter dan dertig jaar geleden. Ik weet niet of ik vandaag graag kind zou willen zijn. Wat het voor ons vaak moeilijk maakt, is dat de meeste volwassenen daar anders over denken. Bijna al onze vrienden van vroeger hebben intussen wel kinderen en daardoor groeien we onvermijdelijk uit elkaar. Vroeger gingen we 48 uur feesten tijdens een weekend in de Ardennen, nu zien we elkaar van twee tot zes op de kinderboerderij.'